[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [woo/oo]←NIEUW! [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is opentk.nl?]

Jaarverslag Klimaatfonds 2025

Jaarverslag en slotwet Klimaatfonds 2025

Jaarverslag

Nummer: 2026D19209, datum: 2026-05-20, bijgewerkt: 2026-05-27 17:01, versie: 2 (versie 1)

Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (kst-36945-M-1).

Gerelateerde personen:

Onderdeel van kamerstukdossier 36945 M-1 Jaarverslag en slotwet Klimaatfonds 2025.

Onderdeel van zaak 2026Z08567:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


Tweede Kamer der Staten-Generaal 2
Vergaderjaar 2025–2026
36 945M Jaarverslag en slotwet van het Klimaatfonds 2025
Nr. 1

Jaarverslag van het Klimaatfonds (M) 2025

Ontvangen 20 mei 2026

Gerealiseerde uitgaven en ontvangsten

Het Klimaatfonds is een overhevelingsfonds van waaruit middelen worden overgeheveld naar departementale begrotingen. Het Klimaatfonds doet zelf geen uitgaven. Daardoor zijn de in 2025 gerealiseerde uitgaven en ontvangsten op de beleidsartikelen nihil.

A. Algemeen

1. Aanbieding van het jaarverslag en verzoek tot dechargeverlening

Aan de voorzitters van de Eerste en de Tweede Kamer van de Staten-Generaal.

Hierbij bied ik het jaarverslag met betrekking tot de begroting van het Klimaatfonds (M) over het jaar 2025 aan.

Onder verwijzing naar de artikelen 2.37 en 2.40 van de Comptabiliteitswet 2016 verzoek ik de beide Kamers van de Staten-Generaal de Minister van Klimaat en Groene Groei decharge te verlenen over het in het jaar 2025 gevoerde financiële beheer.

Voor de oordeelsvorming van de Staten-Generaal over dit verzoek tot dechargeverlening stelt de Algemene Rekenkamer als externe controleur op grond van artikel 7.14 van de Comptabiliteitswet 2016 een rapport op. Dit rapport wordt op grond van artikel 7.15 van de Comptabiliteitswet 2016 door de Algemene Rekenkamer aan de Staten-Generaal aangeboden. Het rapport bevat de bevindingen en het oordeel van de Algemene Rekenkamer over:

  1. het gevoerde begrotingsbeheer, financieel beheer, materiële bedrijfsvoering en de daartoe bijgehouden administraties van het Rijk;
  2. de centrale administratie van de schatkist van het Rijk van het Ministerie van Financiën;
  3. de financiële verantwoordingsinformatie in de jaarverslagen;
  4. de totstandkoming van de niet-financiële verantwoordingsinformatie in de jaarverslagen;
  5. de financiële verantwoordingsinformatie in het Financieel jaarverslag van het Rijk.

Bij het besluit tot dechargeverlening worden verder de volgende, wettelijk voorgeschreven, stukken betrokken:

  1. het Financieel jaarverslag van het Rijk over 2025;
  2. het voorstel van de slotwet dat met het onderhavige jaarverslag samenhangt;
  3. het rapport van de Algemene Rekenkamer over het onderzoek van de centrale administratie van de schatkist van het Rijk en van het Financieel jaarverslag van het Rijk;
  4. de verklaring van goedkeuring van de Algemene Rekenkamer over de in het Financieel jaarverslag van het Rijk, over 2025 opgenomen rekening van uitgaven en ontvangsten over 2025, alsmede over de saldibalans over 2025 (de verklaring van goedkeuring, bedoeld in artikel 7.14, tweede lid, van de Comptabiliteitswet 2016).

Het besluit tot dechargeverlening kan niet worden genomen, voordat de betrokken slotwet is aangenomen en voordat de verklaring van goedkeuring van de Algemene Rekenkamer is ontvangen.

De Minister van Klimaat en Groene Groei,

S.van Veldhoven - van der Meer

Dechargeverlening door de Tweede Kamer

Onder verwijzing naar artikel 2.40 van de Comptabiliteitswet 2016 verklaart de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal dat de Tweede Kamer aan het hiervoor gedane verzoek tot dechargeverlening tegemoet is gekomen door een daartoe strekkend besluit, genomen in de vergadering van

De Voorzitter van de Tweede Kamer,

Handtekening:

Datum:

Op grond van artikel 2.40, derde lid, van de Comptabiliteitswet 2016 wordt dit originele exemplaar van het onderhavige jaarverslag, na ondertekening van de hierboven opgenomen verklaring, ter behandeling doorgezonden aan de voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal.

Dechargeverlening door de Eerste Kamer

Onder verwijzing naar artikel 2.40 van de Comptabiliteitswet 2016 verklaart de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal dat de Eerste Kamer aan het hiervoor gedane verzoek tot dechargeverlening tegemoet is gekomen door een daartoe strekkend besluit, genomen in de vergadering van

De Voorzitter van de Eerste Kamer,

Handtekening:

Datum:

Op grond van artikel 2.40 van de Comptabiliteitswet 2016 wordt dit originele exemplaar van het onderhavige jaarverslag, na ondertekening van de hierboven opgenomen verklaring, doorgezonden aan de Minister van Financiën.

2. Leeswijzer

Deze leeswijzer bevat de volgende onderdelen:

  1. Opbouw jaarverslag
  2. Ondergrenzen toelichtingen
  3. Controlenormen financiële en niet-financiële gegevens
  4. Groeiparagraaf
  5. Grondslagen voor de vastlegging en de waardering

1. Opbouw jaarverslag

Dit jaarverslag bevat informatie over de maatregelen die voor 2025 aan alle departementen toegekend zijn en op de departementale begrotingen verantwoord worden.

De beleidsartikelen in dit jaarverslag zijn conform de Rijksbegrotingsvoorschriften opgesteld (https://rbv.rijksfinancien.nl). Elk beleidsartikel bevat een paragraaf algemene doelstelling, de rol en verantwoordelijkheid van de Minister van Klimaat en Groene Groei, de beleidwijzigingen, de tabel met de budgettaire gevolgen van beleid (hierna: budgettaire tabel) en de toelichting op de financiële instrumenten uit de budgettaire tabel.

Op 1 januari 2026 is de naam van het Klimaatfonds gewijzigd naar het Klimaat- en energiefonds. Vanaf 2026 wordt gesproken van het Klimaat- en energiefonds, gezien het jaarverslag de verantwoording van 2025 betreft spreken we in het jaarverslag nog van het Klimaatfonds.

De budgettaire tabellen in de beleidsartikelen bevatten, conform de Rijksbegrotingsvoorschriften, alleen informatie over middelen die in 2025 voor 2025 zijn toegekend, wat de nullen in de reeksen verklaart. Om een vollediger beeld te geven, is een uitgebreide bijlage (bijlage 1 Rijksbrede Klimaatfondsbijlage) bijgevoegd bij het jaarverslag. Deze bijlage geeft een beeld van de beschikbare Klimaatfondsmiddelen die rijksbreed aan alle departementen zijn toegekend. In het Meerjarenprogramma 2026 treft u ook een volledig beeld en omschrijving opgenomen van de uitgaven van het Klimaatfonds, inclusief een toelichting op de maatregelen.

De apparaatsuitgaven/-ontvangsten voor de uitvoering van het fonds zijn in 2025 opgenomen bij het moederdepartement het Ministerie van Klimaat en Groene Groei.

2. Ondergrenzen toelichtingen

Voor het toelichten van significante verschillen in de uitgaven, ontvangsten en verplichtingen in de realisatie versus de vastgestelde begroting 2025 zijn de ondergrenzen gehanteerd zoals opgenomen in de onderstaande tabel.

< 50 1 2
=> 50 en < 200 2 4
=> 200 < 1000 5 10
=> 1000 10 20

In sommige gevallen, namelijk waar politiek relevant, worden ook posten toegelicht beneden deze ondergrenzen.

3. Controlenormen financiële en niet-financiële gegevens

De in dit jaarverslag opgenomen financiële en niet-financiële gegevens zijn ontleend aan informatie van vakdepartementen over de besteding van KF-middelen en de financiële administratie van het Ministerie van Klimaat en Groene Groei.

De controle van die informatie is gebaseerd op de normen zoals deze voortvloeien uit de Comptabiliteitswet 2016 en de Regeling rijksbegrotingsvoorschriften 2026.

4. Groeiparagraaf

Gezien de eerste Klimaatfonds begroting in 2025 is gepubliceerd, presenteert KGG voor het eerst een jaarverslag Klimaatfonds. Deze voldoet aan de Rijksbegrotingsvoorschriften.

5. Grondslagen voor de vastlegging en de waardering

De verslaggevingsregels en waarderingsgrondslagen die van toepassing zijn op de in dit jaarverslag opgenomen financiële overzichten zijn ontleend aan de Comptabiliteitswet 2016 en de daaruit voortvloeiende regelgeving, waaronder de Regeling rijksbegrotingsvoorschriften 2026. Voor de departementale begrotingsadministratie wordt het verplichtingen- kasstelsel toegepast.

B. Beleidsverslag

3. Beleidsprioriteiten

Figuur 1 Overgehevelde middelen Klimaatfonds (x €1 mln). Totaal € 5 mld.

Ontwikkelingen Klimaatfonds in 2025

Het Klimaatfonds heeft als doel het financieren van additionele maatregelen die bijdragen aan het terugdringen van emissies van broeikasgassen tot de niveaus die zijn bedoeld in artikel 2 van de Klimaatwet. Deze maatregelen richten zich op de overgang naar een klimaatneutrale energievoorziening, economie en samenleving, rekening houdend met een rechtvaardige klimaattransitie. Het Klimaatfonds voorziet in financiële middelen voor drie specifieke doelen die ook zijn opgenomen in de Tijdelijke wet Klimaatfonds:

  1. Een broeikasgas-neutrale energievoorziening in 2050;
  2. Het stimuleren van de implementatie van technieken voor energie-efficiëntie en het stimuleren van de toepassing van hernieuwbare energie en overige broeikasgas-reducerende en circulaire technieken en maatregelen in het bedrijfsleven;
  3. Het stimuleren van de toepassing van technieken voor energie-efficiëntie, van hernieuwbare energie en van koolstofvastlegging in de gebouwde omgeving.

Het Klimaatfonds bevat specifiek zes percelen, die gedefinieerd zijn als: Kernenergie, CO2-vrije gascentrales, Energie-infrastructuur, Vroege fase opschaling, Verduurzaming industrie en innovatie mkb en Verduurzaming gebouwde omgeving. Jaarlijks wordt in het Meerjarenprogramma (hierna: MJP) toegelicht welke maatregelen middelen ontvangen uit het Klimaatfonds.

Het Klimaatfonds bevatte oorspronkelijk een bedrag van € 35 mld. Vooruit-lopend op de instelling van het Klimaatfonds is er via de (proeve van) begroting 2023, 2024 en 2025 respectievelijk € 3,9 mld, € 11,0 mld en € 4,7 mld toegekend vanuit het Klimaatfonds. In 2024 is daarnaast € 9,5 mld toegevoegd aan het Klimaatfonds voor kernenergie en is € 1,2 mld bezuinigd op de ontwikkeling van groene waterstof en batterijen waarvan € 1,0 mld verwerkt is op het Klimaatfonds en € 0,2 mld op de departementale begrotingen.

In het MJP26 is een volledig beeld en omschrijving opgenomen van de uitgaven van het Klimaatfonds, inclusief een toelichting op de maatregelen.

Er resteerde voor de begrotingsjaar 2025 en het MJP26 nog € 26 mld in het fonds. Met het MJP26 is totaal € 5 mld toegekend en overgeheveld naar diverse departementale begrotingen. Verder is er een korting van € 600 mln. doorgevoerd naar aanleiding van de politieke besluitvorming ter dekking van het generale beeld voor de Voorjaarsnota 2025. Na verwerking van het MJP26 resteerde er totaal € 21,2 mld waarvan € 7,6 mld voorwaardelijke toekenningen en reserveringen betreft en de vrije ruimte € 13,6 mld is. Het overgrote deel van de vrije ruimte is beschikbaar voor het perceel Kernenergie, namelijk ruim € 13,5 mld.

Totaaloverzicht Klimaatfonds
Budget bij aanvang 35.000.000
Toekenningen en overhevelingen urgente uitgaven 2022/2023 ‒ 3.973.350
Onttrekking - Dekking generaal beeld voorjaar 2022 ‒ 880.000
Toevoeging - Loon- en prijs bijstelling 2022 82.753
Stand ontwerpbegroting Klimaatfonds MJP 2024 30.229.403
Toekenningen en overhevelingen MJP 24 ‒ 11.006.796
Toevoeging - Ophoging voorjaarsbesluitvorming Klimaat 807.500
Onttrekking - Dekking generaal beeld voorjaar 2023 ‒ 806.613
Toevoeging - Loon- en prijs bijstelling 2023 1.867.024
Stand ontwerpbegroting Klimaatfonds MJP 2025 21.090.518
Toekenningen en overhevelingen MJP 25 ‒ 4.669.552
Tussentijdse overhevelingen (NJN en ISB) ‒ 207.300
Terugvloei van departementale begrotingen (VJN) 80.201
Toevoeging - Loon- en prijs bijstelling 2024 737.093
Hoofdlijnenakkoord - Ophoging perceel Kernenergie 9.500.000
Hoofdlijnenakkoord - Verlaging waterstof en batterijen ‒ 971.000
Onttrekking - Dekking generale beeld voorjaar 2023 441.000
Toevoeging - Loon- en prijs bijstelling 2023 24.700
Stand ontwerpbegroting Klimaatfonds MJP 2026 26.025.660
Toekenningen en overhevelingen ontwerp-MJP 26 ‒ 5.036.525
Terugboeking van departementale begrotingen 902.477
Afboeken eindejaarsmarge Klimaat- en energiefonds ‒ 148.417
Dekking generale beeld Voorjaarsnota 2025 ‒ 600.000
Onttrekking wegens wijzigingen in normeren en beprijzend beleid ‒ 424.000
Toevoeging - Loon- en prijs bijstelling 2025 516.925
Stand ontwerpbegroting Klimaatfonds MJP 2027 21.236.120
waarvan voorwaardelijke toekenningen en reserveringen 7.619.057
waarvan nog niet bestemd 13.617.063

Wet- en regelgeving

De Eerste Kamer heeft op 19 december 2023 ingestemd met de Tijdelijke wet Klimaatfonds. Hiermee is er een wettelijke grondslag voor het Klimaatfonds. In de wet is opgenomen dat het Klimaatfonds een overhevelingsfonds is van waaruit middelen kunnen worden overgeboekt naar departementale begrotingen. De tijdelijke wet biedt duidelijkheid over het doel van het fonds en de wijze waarop het beheer plaatsvindt. Tot slot is opgenomen dat er onafhankelijk advies wordt ingewonnen bij de totstandkoming van het MJP en dat er periodiek een evaluatie plaatsvindt over de doeltreffendheid van de wet.

In het MJP Klimaatfonds 2026 hoofdstuk ‘financiële spelregels’ treft u de belangrijkste spelregels van het Klimaatfonds.

3.1 Strategische Evaluatie Agenda

De Strategische Evaluatie Agenda is bedoeld om inzicht te krijgen in effecten van beleidsmaatregelen. Op deze wijze kunnen leerervaringen benut worden om het beleid tussentijds bij te sturen, als dat nodig blijkt.

Klimaatfonds ex-durante 2027 te starten Artikel 8 van de Tijdelijke Wet Klimaatfonds schrijft voor dat de Minister binnen vier jaar na de inwerkingtreding van deze wet een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van het Klimaatfonds naar de Staten-Generaal stuurt. M

4. Beleidsartikelen

4.1 Beleidsartikel 1 Kernenergie

A. Algemene doelstelling

Het eerste begrotingsartikel van het Klimaatfonds is bedoeld voor maatregelen voor kernenergie. De doelstelling van dit begrotingsartikel is als volgt:

  1. Het onderzoeken van het veilig en doelmatig verlengen van de levensduur van Borssele.
  2. Het voorbereiden van de bouw van vier nieuwe kerncentrales. Hierbij gaat het onder andere om: 

    1. Het bepalen van een (voorkeurs)locatie voor de eerste twee nieuwe kerncentrales en het bepalen van de techniek die gebruikt zal worden. Onderdeel hiervan is ook het opstellen van een milieueffectrapportage.
    2. Het uitwerken van een financieringsconstructie voor de bouw van de eerste twee nieuwe kerncentrales, in samenspraak met commerciële partijen.
    3. Het laten uitvoeren van de benodigde (haalbaarheids)studies voor de eerste twee nieuwe kerncentrales door relevante commerciële partijen en hier middelen voor beschikbaar stellen.
    4. Het uitwerken van een organisatiestructuur voor het uitvoeren van de overheidsrol bij de aanbesteding, bouw en exploitatie van de nieuwe kerncentrales.
    5. Het in kaart brengen van de benodigde extra te zetten stappen voor de realisatie van een derde en vierde kerncentrale.
  1. Het creëren van randvoorwaardelijk beleid voor de ontwikkeling van kernenergie in Nederland. Daarbij gaat het onder andere om:

    1. Het versterken van de nucleaire kennisinfrastructuur. Om als Nederland op een effectieve en veilige wijze nieuwe kerncentrales te bouwen, moet onze kennisinfrastructuur verbeterd worden.
    2. Het versterken van de Europese en internationale samenwerking en kennisuitwisseling.
    3. Het versterken van de Nederlandse en Europese waardeketen en brandstofcyclus.
  1. Het versnellen van de ontwikkeling van Small Modular Reactors (SMR’s) door te ondersteunen bij de overgangsfase van ontwerp naar realisatie:

    1. D.m.v. simulaties met stakeholders knelpunten en kansen rondom SMR’s inzichtelijk maken.
    2. In kaart brengen potentie en mogelijke inpassing SMR’s in het Nederlandse energiesysteem, evenals de randvoorwaarden.
    3. Daaruit voortvloeiende keuzes en doelen verder concretiseren in nationale visie op SMR’s.
  1. Zorgdragen voor voldoende uitvoeringscapaciteit bij het Rijk en decentrale overheden.

B. Rol en verantwoordelijkheid

De Minister van Klimaat en Groene Groei is als fondsbeheerder verantwoordelijk voor de begroting van het Klimaatfonds. Zij is daarmee primair verantwoordelijk voor het beheer en de uitvoering van het Klimaatfonds. Naast fondsbeheerder is de Minister van Klimaat en Groene Groei beleidsinhoudelijk verantwoordelijk voor kernenergie.

C. Beleidsconclusies

In 2025 zijn er vanuit het beleidsartikel ‘Kernenergie’ middelen beschikbaar gesteld voor de maatregelen Uitvoeringslasten KGG/medeoverheden, Nucleaire veiligheid IenW, stralingsbescherming RIVM, Nieuwbouw kerncentrales, Verlenging financiering Nucleair Academy 2026-2030 en Projectorganisatie NEO NL. Daarnaast is uit dit perceel naar aanleiding van de politieke besluitvorming € 400 mln ingezet ter dekking van het generale beeld voor de Voorjaarsnota 2025. Verdere toelichting over de beleidsconclusies van deze thema’s zijn opgenomen in de jaarverslagen van de betreffende begrotingen.

D. Budgettaire gevolgen van beleid

2021 2022 2023 2024 2025 2025 2025
Verplichtingen 0 0 0 0 0 0 0
Uitgaven 0 0 0 0 0 0 0
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken 0 0 0 0 0 0 0
Kernenergie onverdeeld 0 0 0 0 0 0 0
  1. Stand inclusief amendementen, moties en NvW.

Bovenstaande tabel bevat alleen informatie over middelen uit het Klimaatfonds die in 2025 voor het specifieke jaar 2025 zijn toegekend, wat de nullen in de reeksen verklaart. Om een vollediger beeld te geven, is de rijksbrede Klimaatfondsbijlage (bijlage 1) bijgevoegd bij het jaarverslag. Deze bijlage geeft een totaaloverzicht van de rijksbrede realisatie en toekomstige budgettaire reeksen van de toegekende Klimaatfondsmiddelen.

E. Toelichting op de instrumenten

Onderstaande verdiepingstabel geeft extra informatie over de overboekingen opgenomen onder D. Daarnaast vinden er ook technische mutaties plaats die hierna worden toegelicht.

Beschikbare middelen ontwerpbegroting 2025 0
Overhevelingen naar andere departementen
Uitvoeringslasten ‒ 750
Projectorganisatie NEO NL ‒ 4.800
Terugboeking Kernenergie 5.045
Terugboeking IenW 400
Terugboeking KGG 3.500
Technische verwerking
Kasschuiven 2.050
Onderuitputting ‒ 5.445
Beschikbare middelen Jaarverslag 2025 0

Met het MJP26 zijn vanuit Beleidsartikel kernenergie voor begrotingsjaar 2025 de maatregelen Uitvoeringslasten en Projectorganisatie NEO NL toegekend aan het Ministerie van Klimaat en Groene Groei. Daarnaast zijn meerdere technische mutaties verwerkt waaronder kasschuiven om overboekingen naar andere departementen mogelijk te maken en terugboekingen naar het fonds i.v.m. onderuitputting die doorschuift naar volgend jaar.

Conform de begrotingsregels vindt de verantwoording van deze uitgaven ook plaats in het jaarverslag van deze departementen.

4.2 Beleidsartikel 2 CO2-vrije gascentrales

A. Algemene doelstelling

Het tweede begrotingsartikel van het Klimaatfonds is bedoeld voor maatregelen voor CO2-vrije gascentrales. De doelstelling van dit begrotingsartikel is als volgt:

  1. Realisatie van voldoende omgebouwde gascentrales zodat bij passende beschikbaarheid van CO2-vrije energiedragers zoals hernieuwbare waterstof ten minste 0,5 tot 2 Mton CO2-reductie kan worden gerealiseerd.

B. Rol en verantwoordelijkheid

De Minister van Klimaat en Groene Groei is als fondsbeheerder verantwoordelijk voor de begroting van het Klimaatfonds. Zij is daarmee primair verantwoordelijk voor het beheer en de uitvoering van het Klimaatfonds. Naast fondsbeheerder is de Minister van Klimaat en Groene Groei beleidsinhoudelijk verantwoordelijk voor broeikasgasneutrale gascentrales.

C. Beleidsconclusies

Vanuit het Klimaatfonds zijn in 2025 geen middelen overgeheveld voor 2025.

D. Budgettaire gevolgen van beleid

2021 2022 2023 2024 2025 2025 2025
Verplichtingen 0 0 0 0 0 0 0
Uitgaven 0 0 0 0 0 0 0
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken 0 0 0 0 0 0 0
CO2-gasvrije gascentrales onverdeeld 0 0 0 0 0 0 0
  1. Stand inclusief amendementen, moties en NvW.

Bovenstaande tabel bevat alleen informatie over middelen uit het Klimaatfonds die in 2025 voor het specifieke jaar 2025 zijn toegekend, wat de nullen in de reeksen verklaart. Om een vollediger beeld te geven, is de rijksbrede Klimaatfondsbijlage (bijlage 1) bijgevoegd bij het jaarverslag. Deze bijlage geeft een totaaloverzicht van de rijksbrede realisatie en toekomstige budgettaire reeksen van de toegekende Klimaatfondsmiddelen.

E. Toelichting op de instrumenten

Er zijn in 2025 geen mutaties verwerkt op beleidsartikel 2 voor het jaar 2025.

Beschikbare middelen ontwerpbegroting 2025 0
Beschikbare middelen Jaarverslag 2025 0

4.3 Beleidsartikel 3 Energie-infrastructuur

A. Algemene doelstelling

Het derde begrotingsartikel van het Klimaatfonds is bedoeld voor maatregelen voor energie-infrastructuur. De doelstelling van dit begrotingsartikel is als volgt:

  1. Uitrol van infrastructuur die noodzakelijk is voor de energietransitie, zoals infrastructuur voor waterstof en warmte en laadinfrastructuur. Er wordt ex ante geen selectie gemaakt voor bepaalde technologieën of sectoren.
  2. Ondersteuning vanuit het fonds voor het oplossen van knelpunten in de niet-gereguleerde infrastructuur, en de gereguleerde infrastructuur op het gebied van netcongestie, die geen onderdeel zijn van de reguliere financiering van netbeheerders (waarmee investeringen in de fysieke infrastructuur zelf zijn uitgesloten).

B. Rol en verantwoordelijkheid

De Minister van Klimaat en Groene Groei is als fondsbeheerder verantwoordelijk voor de begroting van het Klimaatfonds. Zij is daarmee primair verantwoordelijk voor het beheer en de uitvoering van het Klimaatfonds. Naast fondsbeheerder is de Minister van Klimaat en Groene Groei beleidsinhoudelijk verantwoordelijk voor energie-infrastructuur.

C. Beleidsconclusies

In 2025 heeft het Klimaatfonds binnen het beleidsartikel ‘Energie-infrastructuur’ ten behoeve van meerdere maatregelen middelen ter beschikking gesteld. Hierbij gaat het om de maatregelen ’Garantieregeling Warmtenetten’, ‘WarmtelinQ+’, ‘Expertpool vliegende brigade’, ‘Elektrisch aangedreven Friese Waddenveren’, ‘Gebiedsinvesteringen voor ruimtelijk inpassen hoogspanningsnet’, ‘Normeren en stimuleren van slimme energie-intensieve apparaten’, ‘pakket noodmaatregelen netcongestie’, ‘projectaanpak netcongestie’, ‘Wind op Zee inpassingskosten en ‘Doordewind II’ en ‘Uitvoeringskosten provincies’. Ook zijn er middelen beschikbaar gesteld voor een kapitaalstorting bij EBN, zodat EBN kan deelnemen in zowel de Aramis transportinfrastructuur als in verschillende opslagvelden. Ook is naar aanleiding van de politieke besluitvorming € 42 mln uit dit perceel ingezet ter dekking van het generale beeld voor de Voorjaarsnota 2025. Verdere toelichting over de beleidsconclusies van deze thema’s zijn opgenomen in de jaarverslagen van de betreffende begrotingen.

D. Budgettaire gevolgen van beleid

2021 2022 2023 2024 2025 2025 2025
Verplichtingen 0 0 0 0 0 40.000 ‒ 40.000
Uitgaven 0 0 0 0 0 40.000 ‒ 40.000
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken 0 0 0 0 0 40.000 ‒ 40.000
Energie- Infrastructuur onverdeeld 0 0 0 0 0 40.000 ‒ 40.000
  1. Stand inclusief amendementen, moties en NvW.

Bovenstaande tabel bevat alleen informatie over middelen uit het Klimaatfonds die in 2025 voor het specifieke jaar 2025 zijn toegekend, wat de nullen in de reeksen verklaart. Om een vollediger beeld te geven, is de rijksbrede Klimaatfondsbijlage (bijlage 1) bijgevoegd bij het jaarverslag. Deze bijlage geeft een totaaloverzicht van de rijksbrede realisatie en toekomstige budgettaire reeksen van de toegekende Klimaatfondsmiddelen.

E. Toelichting op de instrumenten

Onderstaande verdiepingstabel geeft extra informatie over de overboekingen opgenomen onder D. Daarnaast vinden er ook technische mutaties plaats die hierna worden toegelicht.

Beschikbare middelen ontwerpbegroting 2025 40.000
Overhevelingen naar andere departementen
Normeren en stimuleren van slimme energie-intensieve apparaten ‒ 4.200
Pakket noodmaatregelen netcongestie ‒ 2.087
Projectaanpak netcongestie ‒ 1.000
Wind op Zee ‒ 590
Technische verwerking
Kasschuiven ‒ 47.638
Opboeking van perceel onverdeeld 15.539
Terugboeken loonbijstelling ‒ 24
Beschikbare middelen Jaarverslag 2025 0

Met het MJP26 zijn vanuit beleidsartikel energie-infrastructuur voor begrotingsjaar 2025 de maatregelen Normeren en stimuleren van slimme energie-intensieve apparaten, Pakket noodmaatregelen netcongestie, Projectaanpak netcongestie en Wind op zee toegekend aan het Ministerie van Klimaat en Groene Groei. Daarnaast zijn meerdere technische mutaties verwerkt waaronder kasschuiven om overboekingen naar andere departementen mogelijk te maken, herschikkingen tussen de percelen en terugboekingen naar het fonds i.v.m. onderuitputting die doorschuift naar volgend jaar.

Conform de begrotingsregels vindt de verantwoording van deze uitgaven ook plaats in het jaarverslag van deze departementen.

4.4 Beleidsartikel 4 Vroege fase opschaling

A. Algemene doelstelling

Het vierde begrotingsartikel van het Klimaatfonds is bedoeld voor maatregelen voor vroege fase opschaling van hernieuwbare energiedragers. De doelstelling van dit begrotingsartikel is als volgt:

  1. Het vergroten van de beschikbaarheid van innovatieve technologie met een schaalbare functie en belangrijke rol voor de Nederlandse klimaatneutrale samenleving, zodat het daardoor mogelijk wordt om verdere uitrol te bewerkstelligen door generiek beleidsinstrumentarium.
  2. Dit gaat in eerste instantie om technieken voor hoogwaardige hernieuwbare energiedragers die pas kosteneffectieve CO2-reductie kunnen faciliteren bij substantiële opschaling. Gestart wordt daarbij met innovatieve en kansrijke technieken op de terreinen elektrolyse, vergassing en pyrolyse wat bijdraagt aan de beschikbaarheid van 3 tot 4 GW waterstof in 2030 en de opschaling van groen gas.
  3. Binnen het perceel zal - uitgaande van realisatie van de doelstellingen voor hoogwaardige energiedragers - daarnaast ook ruimte zijn voor andere toekomstige technologieën, mits deze voldoen aan de voorwaarden dat deze schaalbaar zijn en bijdragen aan de klimaatneutrale samenleving. Welke technieken hiervoor in aanmerking komen wordt de komende tijd nader uitgewerkt.

B. Rol en verantwoordelijkheid

De Minister van Klimaat en Groene Groei is als fondsbeheerder verantwoordelijk voor de begroting van het Klimaatfonds. Zij is daarmee primair verantwoordelijk voor het beheer en de uitvoering van het Klimaatfonds. Naast fondsbeheerder is de Minister van Klimaat en Groene Groei beleidsinhoudelijk verantwoordelijk voor vroege fase opschaling.

C. Beleidsconclusies

In 2025 heeft het Klimaatfonds binnen het beleidsartikel ‘Vroege fase opschaling’ ten behoeve van meerdere maatregelen middelen ter beschikking gesteld. Hierbij gaat het om diverse maatregelen gericht op de ontwikkeling van waterstof ‘Elektrolyse onshore 500-1.000 MW’, ‘meetstandaard waterstof’ en ‘onderzoeksprogramma waterstof op zee’.

Ook wordt een ‘overbruggingskrediet voor plasticrecyclingbedrijven’ toegekend gericht op de ondersteuning van deze bedrijven. Daarnaast zijn middelen vrijgemaakt gericht op de ‘Normering en stimulering biobased bouwen’, het ‘Stimuleringsprogramma innovatie en vroege opschaling koolstofverwijdering’ en ‘Verbetering toezicht F-gassen’. Voor de verduurzaming van de mobiliteit zijn middelen vrijgemaakt voor de ’opschaling nieuwe aandrijftechnologieën luchtvaart’, ‘Normering lease per 2027’ en de ‘Mrb-gewichtscorrectie’. Ook worden middelen uit dit perceel ingezet voor de ‘Dekking diverse problematiek Wind op Zee’ - waarbij middelen uit het fonds beschikbaar zijn gesteld voor de wind op zee (WOZ)-tender. Daarnaast is uit dit perceel naar aanleiding van de politieke besluitvorming €72 miljoen ingezet ter dekking van het generale beeld voor de Voorjaarsnota 2025. Verdere toelichting over de beleidsconclusies van deze thema’s zijn opgenomen in de jaarverslagen van de betreffende begrotingen.

D. Budgettaire gevolgen van beleid

2021 2022 2023 2024 2025 2025 2025
Verplichtingen 0 0 0 0 0 365.332 ‒ 365.332
Uitgaven 0 0 0 0 0 362.157 ‒ 362.157
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken 0 0 0 0 0 362.157 ‒ 362.157
Vroege fase opschaling onverdeeld 0 0 0 0 0 362.157 ‒ 362.157
  1. Stand inclusief amendementen, moties en NvW.

Bovenstaande tabel bevat alleen informatie over middelen uit het Klimaatfonds die in 2025 voor het specifieke jaar 2025 zijn toegekend, wat de nullen in de reeksen verklaart. Om een vollediger beeld te geven, is de rijksbrede Klimaatfondsbijlage (bijlage 1) bijgevoegd bij het jaarverslag. Deze bijlage geeft een totaaloverzicht van de rijksbrede realisatie en toekomstige budgettaire reeksen van de toegekende Klimaatfondsmiddelen.

E. Toelichting op de instrumenten

Onderstaande verdiepingstabel geeft extra informatie over de overboekingen opgenomen onder D. Daarnaast vinden er ook technische mutaties plaats die hierna worden toegelicht.

Beschikbare middelen ontwerpbegroting 2025 362.157
Overhevelingen naar andere departementen
Subsidieregeling schone en emissieloze landbouwvoertuigen ‒ 500
Terugboeking IenW Plastic Hubs 15.877
Stimuleringsprogramma Innovatie ‒ 150
Terugboeking KGG 102.634
Terugboeking DEMO 1 54
Terugboeking LVVN 6.863
Terugboeking IenW 670
Technische verwerking
Afboeking onderuitputting ‒ 103.304
Kasschuiven ‒ 368.061
Afboeken middelen LVVN ‒ 6.863
Beschikbare middelen Jaarverslag 2025 9.377

Met het MJP26 zijn vanuit beleidsartikel vroege-fase opschalling voor begrotingsjaar 2025 de maatregel Subsidieregeling schone en emissieloze landbouwvoertuigen toegekend aan Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur en de maatregel Stimuleringsprogramma innovatie en vroege opschaling koolstofverwijdering toegekend aan het Ministerie van Klimaat en Groene Groei. Daarnaast zijn meerdere technische mutaties verwerkt waaronder kasschuiven om overboekingen naar andere departementen mogelijk te maken en terugboekingen naar het fonds i.v.m. onderuitputting die doorschuift naar volgend jaar.

Conform de begrotingsregels vindt de verantwoording van deze uitgaven ook plaats in het jaarverslag van deze departementen.

4.5 Beleidsartikel 5 Verduurzaming Industrie en innovatie mkb

A. Algemene doelstelling

Het vijfde begrotingsartikel van het Klimaatfonds is bedoeld voor maatregelen voor verduurzaming van de industrie en innovatie in het mkb. De doelstelling van dit begrotingsartikel is als volgt:

  1. Ondersteuning vanuit het fonds voor het verwezenlijken van groene industriepolitiek in het bijzonder via het maken van bindende maatwerkafspraken met de 10-20 grootste uitstoters, waarbij wederkerigheid het uitgangspunt is.
  2. Ondersteuning bij implementatie van innovatieve broeikasgasemissie reducerende technieken bij het mkb.
  3. Er is samenloop met de percelen energie-infrastructuur en vroege fase opschaling.
  4. De maatwerkaanpak is, in samenhang met de andere instrumenten voor verduurzaming van de industrie, van belang om de reductieopgave voor de industrie in 2030 te realiseren.
  5. Het kabinet Rutte IV heeft de reductieopgave voor de industrie verhoogd met 6,4 Mton additionele reductie per jaar in 2030.
  6. Naast bindende afspraken over de realisatie van extra CO2-reductie, wil het kabinet afspraken maken over de lange termijn verduurzamingsplannen voor klimaatneutrale en circulaire productie en grootschalige technologische doorbraakprojecten.

B. Rol en verantwoordelijkheid

De Minister van Klimaat en Groene Groei is als fondsbeheerder verantwoordelijk voor de begroting van het Klimaatfonds. Zij is daarmee primair verantwoordelijk voor het beheer en de uitvoering van het Klimaatfonds. De Minister van Klimaat en Groene Groei is beleidsinhoudelijk verantwoordelijk voor verduurzaming industrie en innovatie in het mkb.

C. Beleidsconclusies

In 2025 heeft het Klimaatfonds binnen het beleidsartikel ‘Verduurzaming Industrie en innovatie mkb’ voor meerdere maatregelen middelen ter beschikking gesteld. Het vollooprisico m.b.t. Aramis wordt deels afgedekt zodat Aramis eerder een definitief investeringsbesluit (FID) kan nemen. De middelen voor ‘Nationale Investerings-regeling Klimaatprojecten Industrie (NIKI)’ zijn toegekend, evenals de de voorgenomen maatregel voor ‘Ondersteuning cluster 6’.

Uit de maatregel ‘reservering maatwerkafspraken’ zijn de eerste middelen ingezet voor maatwerkafspraken met Cosun en AnQore. Ook zijn uitvoe-ringskosten voor maatwerk waaronder AVI’s beschikbaar gesteld. Verder zijn middelen toegekend voor fixteams voor bedrijven en de Indirecte kostencompensatie. Tot slot is besloten om middelen uit het Klimaatfonds in te zetten voor steun aan Avantium.

Verdere toelichting over de beleidsconclusies van deze thema’s zijn opgenomen in de jaarverslagen van de betreffende begrotingen.

D. Budgettaire gevolgen van beleid

2021 2022 2023 2024 2025 2025 2025
Verplichtingen 0 0 0 0 0 330.666 ‒ 330.666
Uitgaven 0 0 0 0 0 330.666 ‒ 330.666
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken 0 0 0 0 0 330.666 ‒ 330.666
Verduurzaming industrie onverdeeld 0 0 0 0 0 330.666 ‒ 330.666
  1. Stand inclusief amendementen, moties en NvW.

Bovenstaande tabel bevat alleen informatie over middelen uit het Klimaatfonds die in 2025 voor het specifieke jaar 2025 zijn toegekend, wat de nullen in de reeksen verklaart. Om een vollediger beeld te geven, is de rijksbrede Klimaatfondsbijlage (bijlage 1) bijgevoegd bij het jaarverslag. Deze bijlage geeft een totaaloverzicht van de rijksbrede realisatie en toekomstige budgettaire reeksen van de toegekende Klimaatfondsmiddelen.

E. Toelichting op de instrumenten

Onderstaande verdiepingstabel geeft extra informatie over de overboekingen opgenomen onder D. Daarnaast vinden er ook technische mutaties plaats die hierna worden toegelicht.

Beschikbare middelen ontwerpbegroting 2025 330.666
Overhevelingen naar andere departementen
Uitvoeringskosten maatwerkaanpak AVI's ‒ 300
Ondersteuning Cluster 6 ‒ 2.875
IKC ETS ‒ 167.400
Terugboeking Verduurzaming Industrie 733
Terugboeking Cluster 6 800
Georgetown ‒ 15.000
Technische verwerking
Loon- en prijsbijstelling tranche 2024 ‒ 733
Kasschuiven ‒ 145.891
Beschikbare middelen Jaarverslag 2025 0

Met het MJP26 is vanuit beleidsartikel verduurzaming industrie en innovatie mkb voor begrotingsjaar 2025 middelen toegekend voor de uitvoeringskosten maatwerkaanpak AVI's, ondersteuning Cluster 6 en IKC ETS aan het Ministerie van Klimaat en Groene Groei. Naar aanleiding van politiek besluitvorming zijn middelen toegekend aan Avantium (Georgetown). Daarnaast zijn meerdere technische mutaties verwerkt waaronder kasschuiven om overboekingen naar andere departementen mogelijk te maken en terugboekingen naar het fonds i.v.m. onderuitputting die doorschuift naar volgend jaar.

Conform de begrotingsregels vindt de verantwoording van deze uitgaven ook plaats in het jaarverslag van deze departementen.

4.6 Beleidsartikel 6 Verduurzaming gebouwde omgeving

A. Algemene doelstelling

Het zesde begrotingsartikel van het Klimaatfonds is bedoeld voor maatregelen voor verduurzaming van de gebouwde omgeving. De doelstelling van dit begrotingsartikel is als volgt:

  1. Het terugdringen van de energiebehoefte en uitstoot van broeikasgassen door isolatie en de toename van duurzame installaties zoals warmtepompen in de gebouwde omgeving. Dit betekent in ieder geval:

    1. Overstappen op duurzamere installaties of een warmtenet, waaronder 1 miljoen geïnstalleerde hybride warmtepompen en 500.000 nieuwe aansluitingen op een warmtenet in de bestaande bouw in uiterlijk 2030.
    2. Het isoleren van 2,5 miljoen woningen in uiterlijk 2030.
    3. De uitfasering van gebouwen met de slechtste energieprestaties in de utiliteitsbouw, waaronder maatschappelijk vastgoed.
  2. Binnen het perceel zal – uitgaande van realisatie van bovengenoemde doelstellingen voor verduurzaming van de gebouwde omgeving - daarnaast ook ruimte zijn voor andere doelen die bijdragen aan het realiseren van de benodigde broeikasgasreductie.

B. Rol en verantwoordelijkheid

De Minister van Klimaat en Groene Groei is als fondsbeheerder verantwoordelijk voor de begroting van het Klimaatfonds. De Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening is beleidsinhoudelijk verantwoordelijk voor de maatregelen waar middelen voor worden overgeheveld naar de begroting van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening gericht op het verduurzamen van de gebouwde omgeving.

C. Beleidsconclusies

In 2025 heeft het Klimaatfonds binnen het beleidsartikel ‘Verduurzaming gebouwde omgeving’ voor meerdere maatregelen middelen ter beschikking gesteld: ‘Voor de verduurzaming van woningen worden middelen beschikbaar gesteld voor het Nationaal isolatieprogramma’, ‘Stimulering van hybride warmtepompen bestaande bouw’ en ‘Continuering Nationaal Warmtefonds’. Voor de verduurzaming van maatschappelijk vastgoed wordt geld vrijgemaakt voor ‘Financiële instrumenten voor verduurzaming van MaVa’.

Verdere toelichting over de beleidsconclusies van deze thema’s zijn opgenomen in de jaarverslagen van de betreffende begrotingen.

D. Budgettaire gevolgen van beleid

2021 2022 2023 2024 2025 2025 2025
Verplichtingen 0 0 0 0 0 25.000 ‒ 25.000
Uitgaven 0 0 0 0 0 25.000 ‒ 25.000
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken 0 0 0 0 0 25.000 ‒ 25.000
Gebouwde omgeving onverdeeld 0 0 0 0 0 25.000 ‒ 25.000
  1. Stand inclusief amendementen, moties en NvW.

Bovenstaande tabel bevat alleen informatie over middelen uit het Klimaatfonds die in 2025 voor het specifieke jaar 2025 zijn toegekend, wat de nullen in de reeksen verklaart. Om een vollediger beeld te geven, is de rijksbrede Klimaatfondsbijlage (bijlage 1) bijgevoegd bij het jaarverslag. Deze bijlage geeft een totaaloverzicht van de rijksbrede realisatie en toekomstige budgettaire reeksen van de toegekende Klimaatfondsmiddelen.

E. Toelichting op de instrumenten

Onderstaande verdiepingstabel geeft extra informatie over de overboekingen opgenomen onder D. Daarnaast vinden er ook technische mutaties plaats die hierna worden toegelicht.

Beschikbare middelen ontwerpbegroting 2025 25.000
Overhevelingen naar andere departmenten
Warmtefonds ‒ 200
Technische verwerking
Kasschuiven ‒ 24.800
Beschikbare middelen Jaarverslag 2025 0

Met het MJP26 is vanuit beleidsartikel Verduurzaming van de gebouwde omgeving voor begrotingsjaar 2025 de maatregel Warmtefonds aan het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening toegekend. Daarnaast zijn kasschuiven verwerkt om overboekingen naar andere departementen mogelijk te maken.

Conform de begrotingsregels vindt de verantwoording van deze uitgaven ook plaats in het jaarverslag van deze departementen.

4.7 Beleidsartikel 7 Onverdeeld

A. Algemene doelstelling

Begrotingsartikel 7 Onverdeeld is opgesteld voor de financiële verwerking van toevoegingen aan- en onttrekkingen uit het Klimaatfonds.

B. Rol en verantwoordelijkheid

De Minister van Klimaat en Groene Groei is verantwoordelijk voor de begroting van het Klimaatfonds en treedt tevens op als fondsbeheerder. Zij is daarmee primair verantwoordelijk voor het beheer en de uitvoering van het Klimaatfonds.

C. Beleidsconclusies

Er zijn geen beleidsconclusies te noteren voor artikel 7.

D. Budgettaire gevolgen van beleid

2021 2022 2023 2024 2025 2025 2025
Verplichtingen 0 0 0 0 0 0 0
Uitgaven 0 0 0 0 0 0 0
Onverdeeld 0 0 0 0 0 0 0
Onverdeeld 0 0 0 0 0 0 0
  1. Stand inclusief amendementen, moties en NvW.

Bovenstaande tabel bevat alleen informatie over middelen uit het Klimaatfonds die in 2025 voor het specifieke jaar 2025 zijn toegekend, wat de nullen in de reeksen verklaart. Om een vollediger beeld te geven, is de rijksbrede Klimaatfondsbijlage (bijlage 1) bijgevoegd bij het jaarverslag. Deze bijlage geeft een totaaloverzicht van de rijksbrede realisatie en toekomstige budgettaire reeksen van de toegekende Klimaatfondsmiddelen.

E. Toelichting op de instrumenten

Er hebben in 2025 technische mutaties plaatsgevonden die hierna worden toegelicht.

Beschikbare middelen ontwerpbegroting 2025 0
Technische verwerking
Opboeken LPO 20.546
Verdelen LPO ‒ 20.546
Beschikbare middelen Jaarverslag 2025 0

Vanuit beleidsartikel Onverdeeld zijn er enkel technische mutaties verwerkt voor het op- en afboeken van de eindjaarsmarge en de herschikking hiervan tussen percelen.

Conform de begrotingsregels vindt de verantwoording van deze uitgaven ook plaats in het jaarverslag van het departementen.

5. Bedrijfsvoeringsparagraaf

In de bedrijfsvoeringparagraaf wordt verslag gedaan van relevante aandachtspunten in de bedrijfsvoering.

De informatie die is opgenomen in deze bedrijfsvoeringsparagraaf is tot stand gekomen vanuit het departementale management control-systeem van het Ministerie van Klimaat en Groene Groei en informatie uit audits van de Auditdienst Rijk (ADR).

Deze bedrijfsvoeringparagraaf omvat drie onderdelen:

  1. Rapportage voor de volgende verplichte onderdelen: (1) rechtmatigheid, (2) totstandkoming niet-financiële verantwoordingsinformatie, (3) begrotingsbeheer, financieel beheer en materiële bedrijfsvoering, (4) misbruik en oneigenlijk gebruik, (5) overige aspecten van de bedrijfsvoering en (6) fraude- en corruptierisico's;
  2. Rijksbrede bedrijfsvoeringonderwerpen;
  3. Belangrijke ontwikkelingen en verbeteringen in de bedrijfsvoering.

Conform de rijksbegrotingsvoorschriften 2026 worden in deze bedrijfsvoeringsparagraaf alleen de onderdelen rechtmatigheid en totstandkoming niet-financiële verantwoordingsinformatie uit onderdeel 1 toegelicht. Voor de overige onderdelen wordt standaard verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van het moederdepartement.

1. Rapportage voor de verplichte onderdelen

1. Rechtmatigheid

Het Klimaatfonds heeft geen eigen verplichtingen, uitgaven of ontvangsten en is een overhevelingsfonds. Dit wil zeggen dat vanuit het fonds budgetten worden overgedragen aan uitvoerende departementen. De ministers daarvan zijn verantwoordelijk voor het verder begroten, realiseren en verantwoorden van deze gelden. Dit is de reden dat de Auditdienst Rijk voor het KF geen controleverklaring verstrekt.

2. Totstandkoming niet-financiële verantwoordingsinformatie

Er zijn geen bijzonderheden te vermelden.

3. Begrotingsbeheer, financieel beheer en de materiële bedrijfsvoering

Hiervoor wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk XXIII Klimaat en Groene Groei.

4. Misbruik en oneigenlijk gebruik

Hiervoor wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk XXIII Klimaat en Groene Groei.

5. Overige aspecten van de bedrijfsvoering

Hiervoor wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk XXIII Klimaat en Groene Groei.

6. Fraude- en corruptierisico's

Hiervoor wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk XXIII Klimaat en Groene Groei.

2. Rijksbrede bedrijfsvoeringsonderwerpen

Voor de rijksbrede bedrijfsvoeringsonderwerpen wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk XXIII Klimaat en Groene Groei.

3. Belangrijke ontwikkelingen en verbeteringen in de bedrijfsvoering

Voor de belangrijke ontwikkelingen en verbeteringen in de bedrijfsvoering wordt u verwezen naar de bedrijfsvoeringsparagraaf in het jaarverslag van begrotingshoofdstuk XXIII Klimaat en Groene Groei.

C. Jaarrekening

6. Verantwoordingsstaat begrotingsfonds

De jaarrekening van het Klimaatfonds bestaat alleen uit een verantwoordingsstaat omdat er geen betalingsverplichtingen vanuit het fonds kunnen worden aangegaan, dit gebeurt vanaf de begroting waar de middelen naar zijn overgeheveld.

Beleidsartikelen 760.998 757.823 0 0 0 0 ‒ 760.998 ‒ 757.823 0
1 Kernenergie 0 0 0 0 0 0 0 0 0
2 CO2-vrije gascentrales 0 0 0 0 0 0 0 0 0
3 Energie-infrastructuur 40.000 40.000 0 0 0 0 ‒ 40.000 ‒ 40.000 0
4 Vroege fase opschaling 365.332 362.157 0 0 0 0 ‒ 365.332 ‒ 362.157 0
5 Verduurzaming industrie en innovatie mkb 330.666 330.666 0 0 0 0 ‒ 330.666 ‒ 330.666 0
6 Verduurzaming gebouwde omgeving 25.000 25.000 0 0 0 0 ‒ 25.000 ‒ 25.000 0
7 Onverdeeld 0 0 0 0 0 0 0 0 0
  1. Stand inclusief amendementen, moties en NvW.

7. Saldibalans

  1. Rijkshoofdboekhouding

Toelichting op de saldibalans

Algemeen

Vanuit het Klimaatfonds vinden er geen rechtstreekse betalingen plaats. De financiële processen vinden in andere begrotingshoofdstukken plaats. Daarom zijn er geen standen in de rubrieken van de saldibalans opgenomen.

D. Bijlagen

Bijlage 1: Rijksbrede Klimaatfondsbijlage

Deze bijlage geeft inzicht in de rijksbrede Klimaatfondsmiddelen die via Meerjarenprogramma’s zijn toegekend aan de verschillende departementale begrotingen. Dit jaarverslag toont voor de jaren 2024 en 2025 de kasrealisatie en voor de jaren 2026 en verder de actuele raming van de toegekende middelen van alle middelen uit het Klimaatfonds. De jaarverslagen van de departementale begrotingen geven inzicht in de realisatie van middelen in 2025, waar de Klimaatfondsmaatregelen onderdeel van zijn.

In het volgende jaarverslag zal de rijksbrede Klimaatfondsbijlage ook de standen van de ontwerpbegroting, de realisatie en onderuitputting duidelijker tonen zodat deze informatie op één centrale plek wordt gepresenteerd.

Rijksbreed Klimaatfonds uitgaven 1.462.152 2.179.725 3.368.599 3.196.259 3.370.086 2.408.843 3.273.683
Ministerie van Klimaat en Groene Groei 378.282 1.027.409 2.497.595 2.038.202 2.090.758 1.419.648 2.360.616
Ministerie van Economische Zaken 3.237 19.798 9.000 6.000 5.000 5.000 5.000
Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening 978.581 935.678 525.422 620.172 676.574 490.284 347.928
Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat 44.457 105.297 199.850 390.294 434.823 340.516 393.199
Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap 9.875 5.723 12.793 5.453 3.703 3.703 3.775
Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport 10.000 5.097 1.436 3.761 3.177 3.177 3.177
Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur 37.720 80.723 122.503 132.377 156.051 146.515 159.988
Tabel Klimaatfondsmiddelen op de begroting van het Ministerie Klimaat en Groene Groei (bedragen x € 1.000)
2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030
Uitgaven 378.282 1.027.409 2.497.595 2.038.202 2.090.758 1.419.648 2.360.616
Artikel Klimaatfondsmaatregel
Subsidies 264.927 831.866 2.051.601 1.819.260 1.892.663 1.210.843 2.173.946
Demonstratieregeling Energie- en Klimaatinnovatie (DEI+) Biopyrolyse 0 7.907 17.118 9.654 9.913 19.421
Flex (onderzoek voor bedrijven en industrie) en Flex (opschaling innovatieve flex) 0 9.996 6.662 6.665 2.654
Vergassing: stimulering projecten vergassing 1e en 2e fase 0 0 23.383 66.812 101.554 121.753 239.902
Continuering DEI+CE 3.864 30.583 26.367 8.226 4.162 4.413
Intensivering DEI+ 0 14.538 11.000 6.600 4.250
Projecten Klimaat en Energieakkoord Burgerforum 0 20 625 0 0
Klimaatcommunicatie 827 0 0
Wetenschappelijke klimaatraad 0 0 93 447 447 447 94
ISDE-regeling Nationaal Isolatieprogramma, ISDE, Energiebesparende maatregelen, Aanvulling ISDE indien nodig i.c.m. normering Cv-ketels en Stimulering van hybride warmtepompen bestaande bouw 117.917 473.058 449.639 425.252 418.109 356.796 283.643
Overige Subsidies EBN: versnellen onderzoek CCS 10.041 9.440 12.547 0
Randvoorwaarden technische arbeidsmarkt 0 0 68 0 0
VIVET 739 713 895 883 883 884 885
Vergassing: expertisecentrum, organisatie, haalbaarheidsstudies 0 0 8.676 8.100 0
Verbetering toezicht F-gassen 1.050 1.000 650 650 650
Opschalingsinstrument waterstof De-risken grootschalige waterstofopslag 235 129 133.606 0
Elektrolyse, onshore: 50 MW 2.626 2.533 78.192 21.949 22.064 15.079 86.240
Elektrolyse,onshore: 500-1.000 MW 0 12.000 181.822 193.569 274.572 245.955 245.313
Elektrolyse: kennisplatform offshore en ketenbrede consortia 160 0 633 633 124 125 0
H2Global, import van groene waterstof 2.050 0 0 139 30.149 30.149 246.239
Waterstofnetwerk op zee 39.100 0 72.635 58.810 4.670 4.738 4.841
Meetstandaard waterstof 1.824 8.147 2.527
IPCEI waterstof IPCEI Waterstof golf 2 0 34.683 192.354 289.740 95.481 30.424
IPCEI Waterstof golf 3 0 0 9.999 17.978 335.022 35.609 247
IPCEI Waterstof golf 4 0 0 41.604 34.421 20.217 29.185 2.843
MIEK Coördinatie MIEK-projecten 78 228 323 0 0
Warmtenetten investeringssubsidie (WIS) Nationale subsidieregeling warmtenetten 3.116 1.998 57.602 86.109 114.863 151.469 952.104
Geothermie (Klimaatfonds) Geothermie, hoge temperatuur 0 0 51.243 0 0
Geothermie, lage temperatuur 0 249 33.256 29.580 25.729 51
Subsidieregeling flexibiliteit Flex (onderzoek voor bedrijven en industrie) en Flex (opschaling innovatieve flex) 5.070 9.915 970
Correctieregeling duurzame warmte Correctieregeling duurzame warmte motie Grinwis – Erkens 20.348 426 0 0
Efficiëntere benutting elektriciteitsnetten Efficiëntere benutting elektriciteitsnetten 2.688 3.171 24.801 24.186 24.216 24.275 24.377
Realisatie Zon op Zee Realisatie van 3 GW zon op zee in 2030 0 0 0 0 0 0 0
Realisatie Zon op Zee 60 7.073 9.024 7.864 17
Verduurzaming industrie Uitvoeringskosten maatwerkafspraken 24.061 9.723 217.666 53.695 16.445 14.754 3.926
Indirecte kostencompensatie ETS IKC ETS 159.805 126.662 199.088 150.000
Investeringen Verduurzaming Industrie - Klimaatfonds NIKI 0 0 42.134 42.133 42.133 42.133 25.280
Topsector Energie Haalbaarheidsstudies 0 4.360 5.480 10.436 2.341
VEKI 29.306 56.750 135.994 97.334 43.786 19.750 6.817
Stimuleringsprogramma koolstofverwijdering (klimaatfonds) Stimuleringsprogramma innovatie en vroege opschaling koolstofverwijdering 0 3.500 5.200 8.500 9.400 8.250
Social Climate Fund Social Climate Fund – fixteams kwetsbare micro-mkb’ers 4.500 4.500
Flankerend beleid WOZ Wind op Zee 13.201 37.759 40.690 24.812 10.595 3.839 2.042
SDE + Wind op Zee inpassingskosten en Doordewind II (t/m 2030) 0 1.693 3.566 8.577 13.382 16.419
Subsidies WarmtelinQ WarmtelinQ+ 16.400 39.600 100.000 39.000
Subsidie Invest NL subsidie Invest NL 15.000
Leningen 0 0 18.581 16.546 19.132 0 0
Verduurzaming industrie Normering en stimulering biobased bouwen 0 0 12.081 9.546 12.632
Overbruggingskrediet voor plasticrecyclingbedrijven (circulaire plastics) 6.500 7.000 6.500
Opdrachten 41.351 37.932 131.294 75.763 46.850 42.070 35.094
Onderzoek & opdrachten RCR-projecten 1.914 727 2.104 602 584 0 0
Onderzoek K&E 1.251 294 0 0
Projectaanpak, wetgeving en beleid netcongestie 0 2.209 2.221 1.929 5.000 5.000
Normeren en stimuleren van slimme energie-intensieve apparaten 1.502 2.875 2.878 980 984
Programma Opwek Energie op Rijksvastgoed (OER) Programma Opwek Energie op Rijksvastgoed (OER) 7.071 17.830 20.935 14.808 2.453 2.577 0
Projecten Kernenergie Bedrijfsduur-verlenging Borssele 1.593 1.872 1.700 1.400 1.600 1.500 500
Kennisinfra 2.446 3.538 13.918 19.225 9.834 7.416 7.593
Ondersteuning ontwikkeling SMR's 133 1.210 19.724 12.357 7.869 5.395 5.040
Onderzoeken nieuwbouw kerncentrales 26.303 6.721 39.611 17.453 15.777 15.562 15.669
Neo NL 2.197 22.700
Verduurzaming industrie Ondersteuning cluster 6 640 2.041 5.518 4.819 5.824 3.636 1.292
Bijdragen Baten-lastendiensten 32.050 35.957 21.472 20.671 19.413 19.413 19.413
RVO Bijdrage RVO 29.345 28.180 12.294 12.179 12.179 12.179 12.179
Nea Bijdrage Nea 2.705 6.926 7.867 6.613 5.473 5.473 5.473
KNMI Bijdrage KNMI 0 0 201 137 125 125 125
RIVM Bijdrage RIVM 0 0 0 1.196 1.090 1.090 1.090
RWS Bijdrage RWS 0 851 1.110 546 546 546 546
Bijdragen aan ZBO/RWT 8.848 4.505 3.321 3.285 3.285 3.285 3.285
TNO kerndepartement Bijdrage TNO bodembeheer 4.818 4.505 3.321 3.285 3.285 3.285 3.285
TNO Energietransitie 4.030 0 0 0
Bijdragen aan mede-overheden 31.106 117.149 96.826 102.677 109.415 144.037 128.878
Regeling toezicht energiebesparingsplicht Verbeterd toezicht en handhaving aangescherpte energiebesparingsplicht 0 0 2.225 2.082 2.083 0 0
Uitvoeringskosten klimaat medeoverheden Toekomstbestendigheid energienetwerken (netcapaciteit) 0 0 1.179 1.190 0 0
Uitvoeringslasten 0 0 11.647 9.814 9.350 7.364 4.819
Projecten en aanpak netcongestie 0 0 9.762 9.783 9.828 9.896
Expertpool energie-infrastructuur: vliegende brigade 2.456 3.438 5.443 5.455 5.473
Gebiedsinvesteringen Netten op Zee 31.106 117.149 54.219 66.291 66.856 66.990 52.190
Gebiedsinvesteringen voor ruimtelijk inpassen hoogspanningsnet 25.100 10.100 15.900 54.400 56.500
Storting begrotingsreserve 174.500
Storting in begrotingsreserve Garantieregeling Warmtenetten Garantieregeling warmtenetten 174.500
Tabel Klimaatfondsmiddelen op de begroting van het (13) Ministerie van Economische Zaken (bedragen x € 1.000)
2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030
Uitgaven 3.237 19.798 9.000 6.000 5.000 5.000 5.000
Artikel/ Instrument Klimaatfondsmaatregel
02 Bedrijvenbeleid: innovatief en duurzaam ondernemen 3.237 19.798 9.000 6.000 5.000 5.000 5.000
Subsidies 3.000 8.932 8.000 5.000 5.000 5.000 5.000
Qredits duurzaamheid Ondersteuning mkb bij aangescherpte Energiebesparingsplicht 3.000 4.000 3.000
Actieplan Groene en Digitale Banen Randvoorwaarden technische arbeidsmarkt 0 4.932 5.000 5.000 5.000 5.000 5.000
Bijdragen aanZBO/RWT 237 10.568 800 800
Bijdrage aan TNO 237 10.568 800 800
Bijdragen aan (internationale) organisaties 298 200 200
Bijdrage aan Delatares 100
Toegepast onderzoek organisaties TO2 (excl.TNO) 198 200 200
Tabel Klimaatfondsmiddelen op de begroting van het (22) Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (bedragen x € 1.000)
2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030
Uitgaven 978.581 935.678 525.422 620.172 676.574 490.284 347.928
Artikel/ Instrument Klimaatfondsmaatregel
2 Energietransitie gebouwde omgeving en bouwkwaliteit 978.581 935.678 525.422 620.172 676.574 490.284 347.928
1 Energietransitie en duurzaamheid 969.875 922.860 514.184 612.766 670.862 490.284 347.928
1 Subsidies (regelingen) 254.257 435.683 414.769 495.599 582.592 415.915 263.915
11 Energiebesparing Koopsector Nationaal isolatieprogramma 15.250 25.250 2.000 27.269 31.969 36.969 36.969
12 Energietransitie en duurzaamheid Energiebesparende maatregelen 1.268 2.571 1.340 1.048 767 767 767
14 Maatschappelijk vastgoed fonds Maatschappelijk vastgoedfonds: dotaties 0 49.900 30.000 54.575 29.575 29.575 29.575
16 Nationaal Isolatie Programma Doe-het-zelvers en vouchers 0 0 980 966 966 966 966
17 Ontzorgen Vereniging van Eigenaren Ontzorging en ondersteuning verenigingen van eigenaren 1.373 6.257 7.259 5.687 5.260 3.029 3.029
19 SAH Warmtenetten investeringssubsidie 0 12.249 0 0 0 0 0
21 Verduurzaming Maatschappelijk Vastgoed Maatschappelijk vastgoed: subsidies 236.366 216.666 290.730 371.254 371.255 282.809 157.809
22 Warmtefonds Warmtefonds ophogen 0 122.790 82.460 34.800 142.800 61.800 34.800
3 Opdrachten 0 56 0 0 0 0 0
30 Energietransitie en duurzaamheid Energiebesparende maatregelen 0 56 0 0 0 0 0
31 Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie Gebouwde omgeving 0 0 0 0 0 0 0
14 Bijdrage aan medeoverheden 721.473 476.849 1.951 37.352 33.468 24.265 34.265
41 Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie Gebouwde omgeving 0 8.464 0 0 0 0 0
42 NIP (Lokale aanpak woningisolatie) Nationaal isolatieprogramma 656.060 466.638 0 0 0 0 0
43 NIP (Soortenmanagement) Nationaal isolatieprogramma 50.730 77 281 186 0 0 0
47 Verduurzaming Maatschappelijk Vastgoed Ondersteuning maatschappelijk vastgoed 14.683 0 0 13.496 9.798 595 10.595
52 Verduurzaming Groningen en Noord-Drenthe isolatie en ventilatie Gebouwde omgeving 0 1.670 1.670 23.670 23.670 23.670 23.670
17 Bijdrage aan agentschappen 2.025 10.272 3.833 2.184 2.356 1.760 1.760
70 Dienst Publiek en Communicatie Nationaal isolatieprogramma 2.025 1.802 1.760 1.760 1.760 1.760 1.760
76 RVO (Energietransitie en duurzaamheid) Energiebesparende maatregelen 0 0 1.028 240 0 0 0
77 RVO (Uitvoering Energieakkoord) Uitvoering energieakkoord 0 421 1.045 184 596 0 0
79 Verduurzaming Maatschappelijk Vastgoed Duurzaam rijksvastgoed 0 8.049 0 0 0 0 0
20 Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken ‒ 7.880 0 93.631 77.631 52.446 48.344 47.988
20 EGO (innovatie) Nationaal isolatieprogramma ‒ 7.880 0 4.920 4.920 4.920 4.920 4.920
23 Uitfaseren van slechte labels Uitfasering slechte energielabels utiliteitsbouw 0 0 1.000 0 0 0 0
24 Verduurzaming Maatschappelijk Vastgoed Duurzaam rijksvastgoed 0 0 87.711 72.711 47.526 43.424 43.068
2 Bouwregelgeving en bouwkwaliteit 8.706 12.818 11.238 7.406 5.712 0 0
1 Subsidies (regelingen) 8.706 12.818 11.238 7.406 5.712 0 0
10 Biobased bouwen Normering en stimulering biobased bouwen 8.706 12.818 11.238 7.406 5.712 0 0
Tabel Klimaatfondsmiddelen op de begroting van het (12) Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (bedragen x € 1.000)
2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030
Totaal uitgaven 44.457 105.297 199.850 390.294 434.823 340.516 393.199
Artikel/ Instrument Klimaatfondsmaatregel
HXII artikel 14 - Wegen en Verkeersveiligheid 23.643 79.386 131.340 237.424 201.388 118.912 148.324
Opdrachten 233 392 9.780 100.887 77.901 38.792 59.204
Laadinfra wegvervoer Laadinfra wegvervoer (incl. slimme laadinfra) 233 258 10.222 4.214 7.060 31.620
Laadinfra bouw Laadinfrastructuur bouw 7.948 88.083 72.023 31.400 27.584
Zero-emissie zones Laadinfra wegvervoer (incl. slimme laadinfra) 134 1.832 2.582 1.664 332
Subsidies 10.227 63.501 92.560 136.537 123.487 80.120 89.120
Laadinfra wegvervoer Laadinfra wegvervoer (incl. slimme laadinfra) 8.867 41.649 78.060 97.537 75.987 40.120 27.120
Laadinfra bouw Laadinfrastructuur bouw 1.360 7.190 7.500 14.000 17.500
SWIM Subsidie Waterstof in Mobiliteit (SWIM) 14.662 7.000 25.000 30.000 40.000 62.000
Bijdrage aan medeoverheden 13.183 15.493 29.000 0 0 0 0
Laadinfra Laadinfra wegvervoer (incl. slimme laadinfra) 13.183 15.493 29.000
HXII artikel 17 - Luchtvaart 105 704 6.239 28.950 47.516 41.556 38.338
Opdrachten 105 704 739 200 200 200 100
Luchtvaartverkeer energie Luchtvaartverkeer Energie op Zee 105 704 539 100 100 100 100
Alcohol-to-jet en Duurzame brandstoffen Alcohol-to-jet en Duurzame brandstoffen 200 100 100 100 0
Subsidies 0 0 5.500 28.750 47.316 41.356 38.238
Alcohol-to-jet Alcohol-to-jet 3.000 13.500 23.591 22.569 23.250
Duurzame luchtvaartbrandstoffen Duurzame luchtvaartbrandstoffen (E-fuels) 2.500 10.250 15.725 13.787 14.988
Aandrijftechnologieën Aandrijftechnologieën 5.000 8.000 5.000
HXII artikel 18 0 10.814 18.330 36.881 67.737 78.138 118.709
Opdrachten 0 169 1.480 1.875 1.560 1.560 2.626
Verduurzaming Zeevaart Verduurzaming Zeevaart 101 100 100 400
Verduurzaming Binnenvaart Verduurzaming Binnenvaart 68 1.480 1.875 1.460 1.460 2.226
Subsidies 0 10.645 16.850 35.006 66.177 76.578 116.083
Walstroom Walstroom Zeehavens 10.471 10.000 7.556 9.577 1.396 1.000
Verduurzaming Binnenvaart Verduurzaming Binnenvaart 174 3.550 16.310 38.410 44.502 73.176
Verduurzaming Zeevaart Verduurzaming Zeevaart 3.300 11.140 18.190 30.680 41.907
HXII artikel 21 4.444 6.493 17.897 14.884 16.940 8.327 7.167
Opdrachten 307 827 5.449 2.506 5.235 2.792 2.792
Circulair doen en gedrag Bevorderen circulair doen en gedrag 72 392 2.456 2.506 2.742 2.792 2.792
Plastics norm Ondersteuning van o.a. ketenvorming en recyclingtechnieken circulaire plastics 211 139
Biobased bouwen Normering en stimulering biobased bouwen 24 296 2.993 0 2.493 0 0
Subsidies 4.137 5.666 12.448 12.378 11.705 5.535 4.375
DEI+CE Continuering DEI+CE 0 1.270 7.738 9.768 7.825 2.025 1.125
Circulair doen en gedrag Bevorderen circulair doen en gedrag 1.009 4.118 2.610 2.610 3.560 3.510 3.250
Plastics norm Ondersteuning van o.a. ketenvorming en recyclingtechnieken circulaire plastics 3.128 224 2.000
Biobased bouwen Normering en stimulering biobased bouwen 54 100 320
HXII artikel 22 629 663 2.000 3.750 12.750 30.250 30.250
Opdrachten 629 663 2.000 3.750 12.750 30.250 30.250
NVS Nucleaire veiligheid en stralingsbescherming 629 663 2.000 3.750 12.750 30.250 30.250
HXII artikel 97 205 375 1.606 1.773 1.059 1.059 1.686
Opdrachten 205 375 1.606 1.773 1.059 1.059 1.686
Overige opdrachten Nucleaire initiatieven 205 375 1.606 1.773 1.059 1.059 1.686
Mobiliteitsfonds Klimaatfondsmaatregel 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030
Uitgaven MF fonds 5.400 3.600 19.700 64.000 85.000 60.000 48.725
MF artikel 11 0 0 19.700 24.000 24.000 28.000 29.000
Overige reserveringen Elektrificatie Friese Waddenveren 0 0 4.000 4.000 4.000 8.000 9.000
Opschalen duurzame infra-innovatietechnieken met launching customer programma 0 0 15.700 20.000 20.000 20.000 20.000
MF artikel 12 5.400 3.600 0 0 0 0 0
Onderhoud Geleiderail Zonnepark 5.400 3.600 0 0 0 0 0
MF artikel 13 0 0 0 20.000 36.000 27.000 15.000
Planning en studies personenvervoer Verduurzaming dieselspoorlijnen Zutphen-Oldenzaal, Almelo-Mariënberg 0 0 0 20.000 36.000 27.000 15.000
MF artikel 15 0 0 0 20.000 25.000 5.000 4.725
Planning en studies Wind op Zee 0 0 0 20.000 25.000 5.000 4.725
Deltafonds Klimaatfondsmaatregel 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030
Uitgaven MF fonds 10.031 3.262 2.738 2.632 2.433 2.274 0
DF artikel 3 8.509 2.001 1.563 1.459 1.775 1.876 0
Onderhoud zoetwatervoorziening Wind op Zee 8.509 1.726 1.563 1.459 1.775 1.876 0
Beheerautoriteit Wadden 275
DF artikel 5 1.522 1.261 1.175 1.173 658 398 0
Apparaatskosten RWS Wind op Zee 1.522 1.261 1.175 1.173 658 398 0
Tabel Klimaatfondsmiddelen op de begroting van het (08) Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (bedragen x € 1.000)
2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030
Totaal uitgaven 9.875 5.723 12.793 5.453 3.703 3.703 3.775
Artikel/ Instrument Klimaatfondsmaatregel
1 Primair onderwijs 0 1.596 600 600 0 0 0
Subsidies Maatschappelijk vastgoed: Ondersteuning maatschappelijk vastgoed 850 600 600
Bijdragen aan mede overheden Technical school SABA 746
3 Voortgezet onderwijs 0 145 50 0 0 0 0
Subsidies Techkwadraat 145 50
4 Beroepsonderwijs en volwasseneneducatie 0 200 7.100 100 0 0 0
Subsidies Subsidieregeling praktijkleren 0 7.000 0
Maatschappelijk vastgoed: Ondersteuning maatschappelijk vastgoed 200 100 100
14 Cultuur 0 1.164 4.425 4.135 3.415 3.415 3.415
Bekostiging Duurzame monumentenlening 484 3.415 3.415 3.415 3.415 3.415
Subsidies Maatschappelijk vastgoed: Ondersteuning maatschappelijk vastgoed 160 740 450 0 0 0
Opdrachten Maatschappelijk vastgoed: Ondersteuning maatschappelijk vastgoed 520 270 270 0 0 0
16 Onderzoek en wetenschapsbeleid 9.875 2.000 0 0 0 0 0
Bekostiging Horizon Europe Partnerschap Driving Urban Transition II 7.075 0
NWA-call Visserij 2.500
NWA-call Biodiversiteit Brazilië 300
Kernenergie 2.000
25 Emancipatie 0 288 288 288 288 288 360
Opdrachten Vrouwen in de techniek (gendergelijkheid) 288 288 288 288 288 360
95 Apparaat Kerndepartement 0 330 330 330 0 0 0
Eigen personeel Maatschappelijk vastgoed: Ondersteuning maatschappelijk vastgoed 330 330 330
Tabel Klimaatfondsmiddelen op de begroting van het (16) Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (bedragen x € 1.000)
2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030
Uitgaven 10.000 5.097 1.436 3.761 3.177 3.177 3.177
Artikel/ Instrument Klimaatfondsmaatregel
Bekostiging 0 1.283 0 0 0 0 0
Projectaanvragen Caribisch Nederland Maatschappelijk vastgoed: Ondersteuning maatschappelijk vastgoed 1.283
Bijdrage aan medeoverheden 0 628 0 0 0 0 0
Projectaanvragen Caribisch Nederland Maatschappelijk vastgoed: Ondersteuning maatschappelijk vastgoed 628
Subsidie 10.000 1.700 1.200 1.200 0 0 0
BOSA Maatschappelijk vastgoed: Ondersteuning maatschappelijk vastgoed 10.000
KIP MV Maatschappelijk vastgoed: Ondersteuning maatschappelijk vastgoed 1.700 1.200 1.200
Opdrachten 0 1.486 236 2.561 3.177 3.177 3.177
Ontzorgingstrajecten Maatschappelijk vastgoed: Ondersteuning maatschappelijk vastgoed 1.486 236 2.561 3.177 3.177 3.177
Tabel Klimaatfondsmiddelen op de begroting van het (14) Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (bedragen x € 1.000)
2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030
Totaal uitgaven 37.720 80.723 122.503 132.377 156.051 146.515 159.988
Artikel/instrument Klimaatfondsmaatregel
21 Land- en tuinbouw 13.234 29.756 76.332 85.043 100.290 105.185 123.658
Subsidies Subsidieregeling schone en emissieloze landbouwvoertuigen 0 9.500
EG-regeling
(Energie- efficiëntie
Glastuinbouw)
13.200 22.834 24.800 28.200 26.800 25.900 48.100
Distributienetten Glastuinbouw 34 4.984 34.832 47.843 65.490 76.285 73.558
Normering en stimulering biobased bouwen 261
Leningen Normering en stimulering biobased bouwen 1.305 7.200 9.000 8.000 3.000 2.000
Opdrachten Normering en stimulering biobased bouwen 372 0 0
22 Natuur, visserij en gebiedsgericht werken 21.047 44.494 44.764 47.051 55.761 41.330 36.330
Subsidies Wind op zee 19.257 6.978
Ecologisch impulspakket Wadden 3.494
Opdrachten Wind op zee 1.790 5.405 44.764 47.051 55.761 41.330 36.330
Ecologisch impulspakket Wadden 58
Bijdrage aan medeoverheden Wind op zee 28.559
23 Kennis en innovatie 3.439 4.010 1.407 283 0 0 0
Subsidies 2.371 2.941 336 262
Opdrachten 51 58 81 21
Bijdrage aan baten-lastendiensten 1.017 1.011 990
24 Uitvoering en toezicht 2.463 0 0 0 0 0
Bijdrage aan baten-lastendiensten 2.463