Brief van het Presidium over de aangenomen motie van het lid Dassen over een actieplan om het parlement te laten overstappen op Europese digitale initiatieven (Kamerstuk 26643-1481)
Informatie- en communicatietechnologie (ICT)
Brief Presidium
Nummer: 2026D19546, datum: 2026-04-22, bijgewerkt: 2026-04-24 10:07, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: A.A.H. van Campen, voorzitter van het Presidium (VVD)
Onderdeel van kamerstukdossier 26643 -1509 Informatie- en communicatietechnologie (ICT).
Onderdeel van zaak 2026Z08743:
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
26 643 Informatie- en communicatietechnologie (ICT)
Nr. 1509 BRIEF VAN HET PRESIDIUM
Aan de leden
Den Haag, 22 april 2026
Op 3 maart 2026 is de motie van het lid Dassen (Kamerstuk 26 643, nr. 1481) aangenomen waarin het Presidium gevraagd wordt om bij de Ramingsbehandeling in juni a.s. met een actieplan te komen om het parlement over te laten stappen op Europese digitale alternatieven.
Het Presidium onderschrijft het belang van digitale soevereiniteit en autonomie van de Nederlandse overheid. In de motie-Dassen constateert de indiener dat er Kamerbreed meerdere moties zijn aangenomen om digitale soevereiniteit te versterken en dat de voortgang daarvan als onvoldoende wordt ervaren. Het Presidium herkent deze zorg en ziet digitale soevereiniteit nadrukkelijk als een relevant en blijvend aandachtspunt voor de Nederlandse overheid en daarmee ook voor de organisatie van de Tweede Kamer. De verantwoordelijke bewindspersonen hebben in hun reactie op de moties over digitale autonomie aangegeven dat een (volledige) overstap op Europese alternatieven op korte termijn niet realistisch is. Het is een kwestie van een lange adem. Het vergt Europese samenwerking en het ontwikkelen van volwassen alternatieven. Digitale autonomie is immers geen absolute toestand, maar een geleidelijk proces van verminderde afhankelijkheden. Het Presidium wijst op de kwetsbaarheid als de Kamer van de één op de andere dag zou overstappen op een ander systeem.
Schaalgrootte van de Tweede Kamer en aansluiting bij nationale ontwikkelingen
De indiener van de motie is van mening dat de Kamer in dezen een voortrekkersrol dient te nemen. De Directie Informatisering heeft aangegeven bij de beheersing van de ICT- en IV-infrastructuur concreet oog te hebben voor het afwegen van Europese digitale alternatieven. Gelet op de schaalgrootte van de Tweede Kamer en haar IT-organisatie ligt het voor de hand dat de Tweede Kamer de Rijksoverheid volgt en zij sluit daarom aan bij rijksbrede en Europese ontwikkelingen, in het bijzonder bij de Nederlandse Digitaliseringsstrategie (NDS). Daarnaast is naar aanleiding van verschillende moties rijksbreed het nodige in onderzoek. Zo verzoekt de motie-Zwinkels c.s. (Kamerstuk 26 643, nr. 1472) de regering om in kaart te brengen welke alternatieven voor digitale dienstverlening in Europa beschikbaar zijn.
Deze benadering sluit aan bij de waarschuwingen uit de markt en de ervaringen van rijksbrede trajecten, namelijk: dat versnippering van oplossingen over overheidslagen ongewenst is en dat centrale kaders en gezamenlijke beweging noodzakelijk zijn om stappen te zetten richting meer autonomie. Ook in de beantwoording van eerdere moties door bewindspersonen is benadrukt dat individuele organisaties niet los van het geheel kunnen overstappen, maar dat dit gecoördineerd en binnen Europese kaders moet gebeuren.
Afweging op basis van het parlementaire proces
Bij de op dit vlak te maken keuzes staan voor het Presidium digitale veiligheid en het ongestoorde verloop van het parlementaire proces centraal. Continuïteit in het volwaardig functioneren van het parlement, ook in tijden van crisis, is van groot belang voor het Nederlandse democratische bestel. Dit bepaalt daarmee ook op welke terreinen soevereiniteit van belang is. Het uitvallen van die kritische processen raakt immers rechtstreeks de samenleving als geheel. Weerbaarheid tegen bijvoorbeeld verstoring van parlementaire processen bepaalt daarmee in belangrijke mate de processen en systemen die prioriteit moeten krijgen bij het bevorderen van onze soevereiniteit. Afwegingen voor de verwerving of vervanging van informatiesystemen zullen altijd integraal plaatsvinden, waarbij veiligheid, continuïteit, functionaliteit, toegankelijkheid, architectuur, duurzaamheid en kosten in onderlinge samenhang worden gewogen. Soevereiniteit hoort zeker in dat rijtje thuis, maar zal in balans met de andere criteria worden afgewogen.
Wat de Tweede Kamer al doet
De indiener van de motie verzoekt het Presidium om een actieplan om het parlement over te laten stappen op Europese digitale alternatieven. De Directie Informatisering werkt al langer actief aan het vergroten van autonomie en weerbaarheid van de organisatie van de Tweede Kamer binnen de bestaande kaders. De IV/IT-strategie en de bijbehorende IV-Routekaart zijn daarbij leidend. In die strategie is het afwegen van digitale soevereiniteit een randvoorwaarde voor informatievoorziening. In de routekaart zijn samenhangende maatregelen voorzien op het vlak van applicatieplatformen, beheersing van IV-risico’s, cloudstrategie en dataclassificatie.
Inmiddels zijn onder meer de volgende stappen gezet of in uitvoering:
Als onderdeel van digitale soevereiniteit hecht de Tweede Kamer grote waarde aan datasoevereiniteit. Zo worden kritische systemen en -data zo veel mogelijk binnen het eigen datacentrum of ten minste binnen Europa (EER) opgeslagen.
Investeringen in de modernisering van de Tweede Kamerinfrastructuur in het Overheidsdatacenter in Nederland en het beheer van applicaties vanuit Nederland.
Ontwikkeling van een flexibele cloud‑ en hostingstrategie, gericht op portable applicaties op de langere termijn.
Het classificeren van de mate van vertrouwelijkheid van documenten en data, aanvullend op het rubriceren van staatsgeheime informatie en (Kamer-) vertrouwelijke stukken.
Start van pilots met Europese alternatieven, onder andere voor plenaire vergaderondersteuning en voor AI-toepassingen, als alternatief voor generieke commerciële tools.
Implementatie van veilige e‑mail- en bestandsuitwisselingsoplossingen met Nederlandse leveranciers.
Deze stappen zijn in lijn met de bredere kabinetsreacties op moties waarin wordt benadrukt dat weerbaarheid, continuïteit en risicomanagement hand in hand moeten gaan met het streven naar meer autonomie.
Vervangingsmomenten IT-voorzieningen
De Directie Informatisering kiest ervoor om bij periodieke vervangingsmomenten van IT-voorzieningen telkens opnieuw een integrale afweging te maken. Daarbij wordt expliciet gekeken naar mogelijkheden om de afhankelijkheid van niet-Europese leveranciers te verkleinen, mits dit verenigbaar is met de eisen aan het parlementaire proces.
Deze aanpak sluit aan bij de lijn van bewindspersonen dat het bouwen aan Europese alternatieven tijd kost en alleen kans van slagen heeft wanneer dit stapsgewijs, gezamenlijk en binnen bestaande juridische kaders gebeurt. In dat licht blijft de Tweede Kamer de nationale en Europese ontwikkelingen volgen, door samen te werken met andere parlementen en door koers te houden op basis van de vastgestelde IV/IT-strategie en routekaart.
Concrete voorbeelden van recente vervangingen zijn de overstap naar een Europees alternatief bij het systeem voor de financiële administratie en de selectie van een Europese oplossing voor het digitaal parlementair vergaderen in crisistijd.
Ten slotte
Concluderend onderschrijven het Presidium en de Tweede Kamerorganisatie het belang van digitale soevereiniteit in relatie tot met name parlementaire kritische processen. De (inter)nationale ontwikkelingen op dit vlak worden op de voet gevolgd. Daarnaast is soevereiniteit een belangrijk aspect van de I-strategie van de Tweede Kamerorganisatie en weegt soevereiniteit van de organisatie mee bij de vervangingsmomenten van IT-voorzieningen.
Het Presidium geeft de Kamer in overweging deze brief te betrekken bij het wetgevingsoverleg over de Raming 2027.
Namens het Presidium,
De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal,
Van Campen