[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [woo/oo]←NIEUW! [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is opentk.nl?]

Reactie op Beleidsregel vervolg andere dag- en weekindeling

Werken in het onderwijs

Brief regering

Nummer: 2026D19825, datum: 2026-04-23, bijgewerkt: 2026-04-30 13:14, versie: 3 (versie 1)

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen: Bijlagen:

Onderdeel van kamerstukdossier 27923 -536 Werken in het onderwijs.

Onderdeel van zaak 2026Z08892:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


27923 Werken in het onderwijs

Nr. 536 Brief van de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 23 april 2026

Op 20 februari is de Beleidsregel vervolg andere dag- en weekindeling gepubliceerd.1 Hiermee wordt er een vervolg gegeven aan het experiment Andere dag- en weekindeling op scholen in de G5 (Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht en Almere), dat startte op 1 augustus 2020 en eindigt op 31 juli 2026. Naar aanleiding hiervan hebben de AOb, CNV en FvOv een brief gestuurd naar de commissie Onderwijs, Cultuur en Wetenschap waarin zij hun zorgen uiten over het experiment. Met deze brief ga ik in op de genoemde zorgen en punten uit de brief en kom ik tegemoet aan de toezegging die is gedaan tijdens het commissiedebat Leraren van 25 maart jl.

Goed opgeleide leraren zijn cruciaal voor de kwaliteit van het onderwijs. De demografische ontwikkelingen en aanhoudende schaarste op de arbeidsmarkt zetten deze kwaliteit onder druk. Dit vraagt om een toekomstbestendig en wendbaar onderwijssysteem, gericht op het waarborgen van de onderwijskwaliteit en de duurzame inzetbaarheid van onderwijspersoneel. Bovendien draagt het bevorderen van teamleren en samenwerking tussen alle personeelsleden bij aan beter onderwijs.

De personeelstekorten in de G5 zijn hoger dan in de rest van Nederland. Vanwege deze aanhoudende personeelstekorten krijgen scholen in de G5 met de verlenging van dit experiment de mogelijkheid om een deel van de onderwijstijd te laten verzorgen door andere professionals. Dit biedt hen meer stabiliteit in het personeelsbeleid en zorgt voor meer rust voor leerlingen. Daarbij is de kwaliteit van het onderwijs leidend. Daarom ligt de nadruk in de nieuwe beleidsregel op de kwaliteit van het onderwijs op school.

In de brief van de AOb, CNV en FvOV wordt verondersteld dat de waarborgen uit de voorgaande regeling rond de noodplannen in de betreffende steden en de betrokkenheid van de medezeggenschap zijn vervallen. De geïntensiveerde aanpak om het lerarentekort te verminderen en zorg te dragen voor voldoende en goed opgeleid onderwijspersoneel via de onderwijsregio’s blijft onverminderd van kracht.

Ten aanzien van de medezeggenschapsraad is ook in de nieuwe regeling vastgelegd dat het schoolplan ter instemming aan de medezeggenschapsraad moet worden voorgelegd. In artikel 7 van de beleidsregel is opgenomen dat een bewijs van instemming van de medezeggenschapsraad op het plan op schoolniveau een vereiste is voordat een school kan deelnemen aan het experiment. Het bevoegd gezag moet namelijk een melding maken bij het onderzoeksbureau voordat een school ander personeel mag inzetten voor maximaal 22 uur per maand. Die melding bevat in ieder geval een bewijs van instemming van de medezeggenschapsraad op het plan op schoolniveau.

Verder uiten de AOb, CNV en FvOv de zorg dat het experiment expliciet wordt gepositioneerd als mogelijke opmaat naar permanente regelgeving. Een experiment of pilot biedt de mogelijkheid om in een gecontroleerde en afgebakende setting te toetsen of, hoe en in welke mate een beleidsinterventie daadwerkelijk bijdraagt aan het oplossen van een concreet maatschappelijk probleem. Het is dus gericht op het verkrijgen van kennis die nodig is om te beslissen of en hoe structurele wetgeving kan worden ingevoerd, aangepast of juist achterwege moet blijven.

Een experiment gaat altijd gepaard met onderzoek. Uit de eindrapportage van het vorige experiment blijkt dat de – zelfgerapporteerde – impact van het experiment op de onderwijskwaliteit deels positief is.2 Door het experiment – en het bijbehorende onderzoek – te verlengen proberen we het leereffect uit deze situatie zo groot en betrouwbaar mogelijk te maken.

Zoals benoemd is goed onderwijs voor alle leerlingen, verzorgd door bevoegde leraren, mijn leidende uitgangspunt. Het is onze gezamenlijk opdracht om dit te kunnen blijven bieden, in nauwe samenwerking met de sectorraden, bonden, de beroepsgroep, opleiders, scholieren en ouders.

De staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

J.Z.C.M. Tielen


  1. wetten.nl - Regeling - Beleidsregel vervolg andere dag- en weekindeling - BWBR0052314↩︎

  2. Inzet van andere professionals voor de aanpak van het lerarentekort - SEO Economisch Onderzoek↩︎