[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [woo/oo]←NIEUW! [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is opentk.nl?]

Lijst van vragen over de update onderhoud cao-stelsel (Kamerstuk 29544-1304)

Arbeidsmarktbeleid

Lijst van vragen

Nummer: 2026D20587, datum: 2026-04-29, bijgewerkt: 2026-04-29 18:00, versie: 1

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen:

Onderdeel van zaak 2025Z18986:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


29544 Arbeidsmarktbeleid

nr. Lijst van vragen

Vastgesteld (wordt door griffie ingevuld als antwoorden er zijn)

De vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft een aantal vragen voorgelegd aan de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over de brief betreft de Update onderhoud cao-stelsel (Kamerstuk 29544, nr. 1304).

De daarop door de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid gegeven antwoorden zijn hierbij afgedrukt.

Voorzitter van de commissie,

Van der Lee

Adjunct-griffier van de commissie,

Van den Broek

Nr Vraag Bijlage Blz. (van) t/m
1 Wat is de stand van zaken ten aanzien van het proces? Is er eind 2025 een actieplan naar de Europese Commissie gestuurd dat nodig is omdat Nederland een collectieve arbeidsovereenkomst (cao-)dekkingsgraad onder de 80 procent heeft?
2 Hoe is de legitimiteit en representativiteit van cao-partijen geborgd in Scandinavische landen?
3 Op welke wijze is momenteel in wet- en regelgeving geborgd dat vakbonden onafhankelijk opereren bij het sluiten van cao’s?
4 Welke eisen gelden momenteel voor vakbonden om als cao-partij op te treden?
5 Welke rol speelt de tweejaarstermijn uit artikel 9.2 Wet op de ondernemingsraden (WOR) bij de positie van nieuwe vakbonden?
6 In hoeverre vormt deze termijn een belemmering voor nieuwe vakbonden om deel te nemen aan cao-onderhandelingen?
7 Acht het kabinet het wenselijk om de onafhankelijkheid van vakbonden expliciet wettelijk vast te leggen?
8 Bestaat er een verplichting voor werkgevers om vakbonden met aantoonbare leden in de onderneming uit te nodigen voor cao-onderhandelingen indien geen cao van toepassing is?
9 Bestaat er een verplichting voor werkgevers om algemene vakbonden toe te laten tot cao-onderhandelingen indien reeds een cao met bedrijfsvakbonden is gesloten? Zo nee acht u dat wenselijk?
10 Heeft u een concreet doel meegegeven aan de Stichting van de Arbeid die het op zich heeft genomen om het cao- en algemeen verbindend verklaard (avv-)stelsel actief onder de aandacht te brengen, en cao-partijen op te roepen om cao-afspraken in begrijpelijke taal op te schrijven?
11 Hoe vaak wordt dispensatie verleend van avv-cao’s aan werkgevers met een eigen cao?
12 Op basis van welke criteria wordt beoordeeld of een werkgever met een eigen cao in aanmerking komt voor dispensatie?
13 In hoeveel gevallen is dispensatie geweigerd en om welke redenen?
14 Wat is het beoogde tijdpad van de in de brief opgenomen wens om de huidige criteria voor dispensatie te verduidelijken en de dispensatieroute te vereenvoudigen?
15 Wordt bij de beoordeling van cao-bepalingen voor avv onderscheid gemaakt naar het karakter van bepalingen (minimum, standaard of maximum)?
16 In welke sectoren zou een avv-cao tot een substantiële stijging in dekkingsgraad kunnen leiden?
17 In het coalitieakkoord staat het voornemen om ‘het draagvlak voor cao’s te vergroten en het instrument te moderniseren’, ook is opgenomen dat de ‘dispensatiemogelijkheid knelt met nieuwe innovatieve bedrijfstakken’, kunt u toelichten op welke wijze dit wordt opgepakt danwel uitgewerkt?
18 Kunt u een overzicht geven van de ontwikkeling van de organisatiegraad van werknemersorganisaties in de afgelopen tien jaar, uitgesplitst naar sector, leeftijdsgroep en contractvorm? 2
19 Kunt u uiteenzetten welke onderzoeksvragen u met TNO verkent ten aanzien van de organisatiegraad van werkgevers, en of daarin ook onderscheid wordt gemaakt naar subsector, bedrijfsgrootte en type onderneming? 3
20 Kunt u toelichten welke concrete overwegingen voor en tegen het wettelijk opnemen van het onafhankelijkheidsvereiste van cao-partijen door het kabinet worden betrokken, en op welke punten de huidige praktijk volgens u wel of juist onvoldoende waarborgen biedt? 4
21 Hoe definieert u een niet-onafhankelijke vakbond en bestaat er inzicht in (de ontwikkeling van) het aantal niet-onafhankelijke vakbonden? 4
22 Op welke ontwikkelingen wordt gedoeld die aanleiding vormen om de onafhankelijkheid van cao-partijen te waarborgen? 4
23 Kunt u specificeren welke recente jurisprudentie aanleiding vormt om te onderzoeken of een nationaal wettelijk toetsingskader voor de onafhankelijkheid van cao-partijen wenselijk is? 5
24 Welke open normen worden gehanteerd in het dispensatieproces rond avv-verzoeken, en op welke manier leiden deze tot interpretatieverschillen en vertragingen in de besluitvorming? 5
25 Welke maatregelen verkent u om het dispensatietraject te vereenvoudigen, en hoe waarborgen deze dat concurrentie op arbeidsvoorwaarden wordt voorkomen? 6
26 Kunt u aangeven in welke sectoren of subsectoren de cao-dekkingsgraad het hardst daalt, in welke sectoren geheel geen cao aanwezig is en of inmiddels al een eerste beeld bestaat van de omvang van de zogenoemde “witte cao-vlek”? 7