Antwoord op vragen van het lid Bamenga over de snel verslechterde situatie in het oosten van Congo
Antwoord schriftelijke vragen
Nummer: 2026D24726, datum: 2026-05-26, bijgewerkt: 2026-05-26 14:57, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: S.W. Sjoerdsma, minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking (Ooit D66 kamerlid)
Onderdeel van zaak 2026Z09121:
- Gericht aan: S.W. Sjoerdsma, minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
AH 2029
Antwoord van minister Sjoerdsma (Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking) (ontvangen 26 mei 2026)
Vraag 1
Bent u bekend met recente signalen vanuit het maatschappelijk middenveld dat de situatie in het oosten van Congo in hoog tempo verslechtert, onder meer door het massaal terugtrekken van donoren als gevolg van sancties en afnemende financiering?1 Hoe beoordeelt u de acute humanitaire en economische gevolgen hiervan?
Antwoord
Ja, ik ben op de hoogte van de zorgelijke en voor de bevolking uiterst
ingrijpende situatie in het oosten van de Democratische Republiek Congo
(DRC). De signalen die wij ontvangen, onder meer vanuit het
maatschappelijk middenveld, zijn verontrustend. Het aanhoudende conflict
maakt beschikbaarheid van diensten en producten, zoals gezondheidszorg,
voedsel en onderwijs, drinkwater voor de lokale bevolking steeds
beperkter, met oplopende humanitaire noden tot gevolg. De huidige
volatiele situatie en beperkte humanitaire toegang maakt het voor
organisaties actief in het gebied moeilijk om hun werk uit te kunnen
voeren. Daarom maakt de EU zich hard voor verbeterde humanitaire
toegang. EU Commissaris Lahbib bracht hiertoe recent een bezoek aan de
regio en kondigde tevens extra humanitaire hulp aan. De EU is de
grootste humanitaire donor in de Grote meren regio.
Zie tevens het antwoord op vraag 2.
Vraag 2
Deelt u de zorg dat de bevolking in het oosten van Congo zich in de
steek gelaten voelt door zowel hun nationale overheid als de
internationale gemeenschap? Welke concrete stappen zet Nederland om de
bevolking in het oosten van Congo te ondersteunen?
Antwoord
De internationale gemeenschap spant zich middels lopende vredesprocessen in om tot een politieke oplossing van het conflict te komen. De EU verkent mogelijkheden om het vredesproces onder leiding van de Afrikaanse Unie te ondersteunen.
Naast de humanitaire bijdragen van de EU, spant ook Nederland zich in voor humanitaire dienstverlening aan de bevolking in het conflictgebied in de DRC, met een bijdrage van EUR 9 miljoen aan het landenfonds van de VN en EUR 8,6 miljoen aan de Dutch Relief Alliance voor programmering in 2026. Daarnaast geeft Nederland ook ongeoormerkte bijdragen aan hulporganisaties (VN, Rode Kruis) die ook in het oosten van de DRC werkzaam zijn. Zo is Nederland een van de grootste donoren van het Central Emergency Response Fund (CERF) van de VN, dat in 2025 bijna USD 50 miljoen aan hulp voor de DRC beschikbaar maakte.
Ook is Nederland in het gebied actief middels steun aan uitvoeringsorganisaties via het Grote Meren Programma. Tot eind 2027 worden met Nederlandse hulp projecten uitgevoerd die steun bieden op het gebied van toegang tot gezondheidszorg, met focus op SRGR, voedselzekerheid en water, en rechtsbijstand.
Vraag 3
Hoe beoordeelt u berichten dat de economie in delen van het oosten van
Congo vrijwel tot stilstand komt en dat lokale organisaties en
maatschappelijke initiatieven op omvallen staan? Wat betekent dit voor
de stabiliteit in de regio op korte en middellange termijn?
Antwoord
De berichten komen overeen met de analyse van lokale partners
van de ambassade in de DRC en internationale experts. Door het conflict
worden handelsroutes gehinderd, is de belastingdruk op ondernemingen
verhoogd, is de landbouwproductie afgenomen en zijn industrieën minder
gaan produceren. Hierdoor zijn veel mensen uitgeweken naar andere delen
in het land en de regio, en is de werkgelegenheid sterk gedaald. Het
conflict heeft een destabiliserend effect op de bredere Grote Meren
regio. Zonder een duurzame politieke oplossing is de verwachting niet
dat er op de korte of middellange termijn significante stabilisering
merkbaar zal zijn.
Vraag 4
Kunt u ingaan op signalen dat het gezondheidssysteem in het oosten van
Congo dreigt te bezwijken, onder meer door belemmerde import van
medische goederen en het wegvallen van leveringen van essentiële
medicijnen en vaccins vanuit Kinshasa? In hoeverre acht u deze berichten
betrouwbaar en wat is de Nederlandse inzet om verdere instorting te
voorkomen?
Antwoord
Het gezondheidssysteem staat onder druk in de DRC in het
algemeen, en in het oosten van de DRC in het bijzonder. De
gezondheidszorg binnen en buiten de door M23 bezette gebieden kent een
tekort aan personeel, medicijnen, materialen en financiële middelen.
Gezondheidscentra zijn daarnaast regelmatig het doelwit van aanvallen en
plunderingen door verschillende gewapende groepen, met als gevolg dat
ook medisch personeel moet vluchten of thuis moet blijven. Verder worden
humanitaire organisaties regelmatig de toegang tot gemeenschappen
ontzegd door gewapende groepen, of zijn de toegangswegen dusdanig slecht
dat de gemeenschappen niet meer te bereiken zijn. Ik acht deze berichten
daarom betrouwbaar.
Nederland steunt gezondheidscentra in de door M23 bezette gebieden op het gebied van hulp aan slachtoffers van geweld tegen vrouwen, en steunt programma’s voor verbeterde voeding voor kinderen en zwangere vrouwen. Deze steun, en die van andere donoren, helpen de nog functionerende gezondheidscentra om diensten te blijven aanbieden en contacten met hulporganisaties te behouden.
Vraag 5
Hoe beoordeelt u de sterke toename van seksueel en gender gerelateerd
geweld (SGBV) en de aanhoudende mensenrechtenschendingen in de regio,
mede in het licht van berichten dat communicatie hierover actief wordt
onderdrukt? Op welke wijze zet Nederland zich in voor bescherming van
burgers en het documenteren en adresseren van deze
schendingen?
Antwoord
De sterke toename van seksueel en gender gerelateerd geweld is zeer
zorgwekkend. Nederland steunt verschillende initiatieven in het oosten
van de DRC om slachtoffers van seksueel en gender gerelateerd geweld bij
te staan en hulp te leveren. Daarnaast steunt Nederland diverse actoren
die mensenrechtenschendingen documenteren. Verder steunt de activiteit
Defend Defenders mensenrechtenverdedigers, en werken
verschillende activiteiten van het Building Peaceful Societies
programma in de bezette gebieden onder meer aan het sensibiliseren van
strijdende partijen over het Internationaal Humanitair Recht.
Vraag 6
Klopt het dat Nederland inzet op een afbouw van activiteiten in de Grote
Meren regio in Afrika? Zo ja, hoe verhoudt deze strategie zich tot de
snel verslechterende situatie ter plaatse en bent u bereid deze inzet te
heroverwegen en te bezien welke rol Nederland nu en in de toekomst kan
en moet spelen in het oosten van Congo?
Vraag 7
Kunt u toezeggen, overwegende dat ondanks een eerdere Kamerbrief
over de breed gesteunde motie-Bamenga c.s. (Kamerstuk 36800-XVII, nr.
32) die verzoekt tot continuering van het Grote Meren Programma er nog
altijd geen duidelijkheid is over de wijze waarop deze continuering met
Nederlands ontwikkelingsgeld in deze regio wordt vormgegeven, om
succesvolle programma's binnen het Grote Meren Programma te continueren
en zo snel mogelijk met een brief te komen over de exacte uitvoering van
de motie-Bamenga c.s.?
Antwoord vraag 6 en 7
In de Kamerbrief betreffende het beleid van ontwikkelingshulp van 20
februari 20252 is uw Kamer geïnformeerd over het
voornemen tot beëindigen van het Grote Meren Programma (GMP). Ik zal de
Kamer voor het zomerreces informeren over de uitvoering van de
motie-Bamenga c.s. over voortzetten van succesvolle programma’s van het
GMP.
Vraag 8
Hoe kijkt u naar het bericht dat er een akkoord gesloten zou zijn tussen
de rebellen en de Congoleze overheid over het leveren van humanitaire
hulp?3 Wat betekent dit concreet voor de
Nederlandse inzet in de regio?
Antwoord
Het is van belang dat alle strijdende partijen bewust zijn van
hun rol en verplichtingen rond het zorgen voor vrije toegang van
humanitaire hulp aan getroffen gemeenschappen. Deze verplichtingen
vanuit het Internationaal Humanitair Recht zijn niet afhankelijk van
akkoorden en dienen altijd gerespecteerd worden. Daarom pleit Nederland
in Europees en internationaal verband voor het openen van humanitaire
corridors en het respecteren van het Internationaal Humanitair Recht,
waaronder ongehinderde humanitaire toegang. Akkoorden kunnen deze
verplichtingen benadrukken of faciliteren en kunnen in die zin
ondersteunend zijn, maar vervangen reeds bestaande internationale
verplichtingen niet.
Care, 24 april 2026, 'Agreements signed, crisis deepens. CARE highlights urgent needs in DRC ', https://www.care.org/media-and-press/agreements-signed-crisis-deepens-care-highlights-urgent-needs-in-drc/↩︎
Kamerstuk 36 180 nr. 133↩︎
NOS, 19 april 2026, 'Congo en rebellen sluiten akkoord over leveren van humanitaire hulp', (https://nos.nl/artikel/2611127-congo-en-rebellen-sluiten-akkoord-over-leveren-van-humanitaire-hulp)↩︎