Lijst van vragen over het Jaarverslag Mobiliteitsfonds 2025 (Kamerstuk 36945-A-1)
Lijst van vragen
Nummer: 2026D25264, datum: 2026-05-27, bijgewerkt: 2026-06-01 16:13, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: R.A. Huizenga, voorzitter van de vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat (D66)
- Mede ondertekenaar: M. Schukkink, griffier
Onderdeel van zaak 2026Z08452:
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat
- Stemmingen en besluiten:
- 2026-06-03 10:15 β Het behandelschema is reeds vastgesteld. (Besluit)
- 2026-05-27 14:00 β Inbreng geleverd. (Besluit)
- 2026-05-21 14:10 β Rondgezonden en gepubliceerd. (Besluit)
- 2026-05-21 14:10: Aanvang middagvergadering: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2026-05-27 14:00: Jaarverslag Mobiliteitsfonds 2025 (Inbreng feitelijke vragen), vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat
- 2026-06-03 10:15: Procedurevergadering Infrastructuur en Waterstaat (Procedurevergadering), vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat
- 2026-06-19 12:00: Verantwoordingsstukken IenW (Inbreng schriftelijk overleg), vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat
Preview document (π origineel)
Lijst van vragen
De vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat heeft een aantal vragen voorgelegd aan de minister van Infrastructuur en Waterstaat over het Jaarverslag Mobiliteitsfonds 2025 (Kamerstuk 36945-A, nr. 1).
De voorzitter van de commissie,
Huizenga
De griffier van de commissie,
Schukkink
| Nr | Vraag |
| 1 | Welke risicoβs ziet u in de forse toename van kosten voor onderhoud en exploitatie als gevolg van excessieve prijsstijgingen en welke budgettaire gevolgen verwacht u hiervan in de komende jaren? |
| 2 | Wat zijn de gevolgen van de stikstofproblematiek voor de totale doorlooptijd van hoofdwegprojecten binnen het Mobiliteitsfonds en welke aanvullende maatregelen overweegt u om verdere vertraging te voorkomen? |
| 3 | Hoe verklaart u dat bij meerdere verkeersveiligheidsprojecten middelen niet tot besteding komen en welke gevolgen heeft dit voor het behalen van verkeersveiligheidsdoelstellingen? |