36945-K Verslag houdende een lijst van vragen over Slotwet Defensiematerieelbegrotingsfonds 2025
Lijst van vragen
Nummer: 2026D25276, datum: 2026-05-27, bijgewerkt: 2026-06-01 16:36, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: J.M. Paternotte, voorzitter van de vaste commissie voor Defensie (D66)
- Mede ondertekenaar: N.E. Manten, adjunct-griffier
Onderdeel van zaak 2026Z08556:
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Defensie
- Stemmingen en besluiten:
- 2026-06-10 10:00 ⇒ Behandeld. (Besluit)
- 2026-05-27 14:00 ⇒ Inbreng geleverd. (Besluit)
- 2026-05-21 14:10 ⇒ Rondgezonden en gepubliceerd. (Besluit)
- 2026-05-21 10:45 ⇒ Agenderen voor wetgevingsoverleg Jaarverslagen, Slotwet en Verantwoordingsstukken Defensie 2025. (Besluit)
- 2026-05-21 10:45 ⇒ Inbrengdatum voor het stellen van vragen reeds vastgesteld op 27 mei 2026 om 14.00 uur. (Besluit)
- 2026-05-21 10:45: Procedurevergadering Defensie (Procedurevergadering), vaste commissie voor Defensie
- 2026-05-21 14:10: Aanvang middagvergadering: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2026-05-27 14:00: Slotwet Defensiematerieelbegrotingsfonds 2025 (Inbreng feitelijke vragen), vaste commissie voor Defensie
- 2026-06-10 10:00: Jaarverslag, Slotwet en verantwoordingsonderzoek 2025 (Wetgevingsoverleg), vaste commissie voor Defensie
- Geen datum: Jaarverslagen (Wetgevingsoverleg), vaste commissie voor Defensie
Preview document (🔗 origineel)
Verslag houdende een Lijst van vragen
De vaste commissie voor Defensie heeft een aantal vragen voorgelegd aan de minister van Defensie over de Slotwet Defensiematerieelbegrotingsfonds 2025 (36945-K).
De voorzitter van de commissie,
Paternotte
Adjunct-griffier van de commissie,
Manten
| Nr | Vraag |
| 1 | Welk aandeel van de geconstateerde onzekerheden houdt verband met het toepassen van uitzonderingsgronden binnen de aanbestedingswetgeving? |
| 2 | In hoeveel gevallen is in 2025 gekozen voor directe contractering bij Nederlandse of Europese leveranciers? |
| 3 | Welke concrete maatregelen zijn in 2025 genomen om de strategische afhankelijkheid van niet-Europese leveranciers te verminderen? |
| 4 | Welke materieelprojecten hebben in 2025 vertraging opgelopen als gevolg van leveringsproblemen of beperkte productiecapaciteit? |
| 5 | In welke mate voldoen de Nederlandse munitievoorraden ultimo 2025 aan de NAVO-normen? |
| 6 | Tot welke percentages is van het Defensiematerieelbegrotingsfonds de afgelopen 5 jaren, per jaar, daadwerkelijk uitgegeven? |
| 7 | Heeft in een van deze jaren onderbesteding of onderuitputting gedreigd? Zo ja: hoe verklaart u dit? Had u meer of anders geld uit het fonds willen besteden, maar mocht dit niet vanwege de beperkingen in de Wet defensiematerieelbegrotingsfonds (WDMF)? Zo ja: om welke bestedingssoorten ging dit? |
| 8 | Mag het fonds wettelijk gebruikt worden voor aankopen van bedrijven en bedrijfsmiddelen, om deze door te verkopen aan defensie-industriële bedrijven, met als doel het stimuleren van defensie-industriële productie? En zo ja: onder welke voorwaarden of met welke beperkingen? |
| 9 | Mag het fonds wettelijk gebruikt worden voor het betalen van kosten om productieprocessen van defensie-industriële bedrijven aan te passen (‘ombouwen’) om daarna wel defensiematerieel te kunnen produceren? En zo ja: onder welke voorwaarden of met welke beperkingen? |
| 10 | Mag het fonds wettelijk gebruikt worden voor het betalen van de bouw van de eerste productiefaciliteiten van geheel nieuwe defensie-industriële bedrijven? En zo ja: onder welke voorwaarden of met welke beperkingen? |
| 11 | Mag het fonds wettelijk gebruikt worden voor de inleg van gelden in een publiek-privaat investeringsfonds voor de uitbreiding van defensie-industriële productie? En zo ja: onder welke voorwaarden of met welke beperkingen? |
| 12 | Mag het fonds wettelijk gebruikt worden voor leningen aan en bankgaranties voor defensie-industriële bedrijven? En zo ja: onder welke voorwaarden of met welke beperkingen? |
| 13 | Mag het fonds wettelijk gebruikt worden voor betalingen of leningen aan internationale organisaties voor defensie-industriële productie? En zo ja: onder welke voorwaarden of met welke beperkingen? |
| 14 | Mag het fonds wettelijk gebruikt worden voor betalingen of leningen aan andere (NAVO-)landen met als doel dat meer producten voor Defensie kunnen worden gekocht? En zo ja: onder welke voorwaarden of met welke beperkingen? |
| 15 | Mag het fonds wettelijk gebruikt worden voor het betalen van militaire reservisten of burgerreservisten om als het nodig is in opdracht van Defensie te gaan werken voor defensie-industriële bedrijven, om de productie te helpen verhogen? En zo ja: onder welke voorwaarden of met welke beperkingen? |
| 16 | Mag het fonds wettelijk gebruikt worden voor tijdelijke compensatie van hogere energiekosten voor Nederlandse defensie-industriële bedrijven? En zo ja: onder welke voorwaarden of met welke beperkingen? |
| 17 | Mag het fonds wettelijk gebruikt worden voor bijdragen aan investeringen van Nederlandse defensie-industriële bedrijven voor duurzame energievoorziening? En zo ja: onder welke voorwaarden of met welke beperkingen? |
| 18 | Mag het fonds wettelijk gebruikt worden voor het financieren van belastingaftrek, bijvoorbeeld voor winsten uit of investeringen in Nederlandse defensie-industriële bedrijven? En zo ja: onder welke voorwaarden of met welke beperkingen? |
| 19 | Mag het fonds wettelijk gebruikt worden voor financiële bijdragen aan studiebeurzen, onderzoeken en kennisinstellingen om defensie-industriële productie, los van concrete projecten structureel en significant te verhogen? En zo ja: onder welke voorwaarden of met welke beperkingen? |
| 20 | Gelet op het feit dat in de Memorie van Toelichting bij de wet (Kamerstuk 35280, nr. 3 p.7) staat dat het fonds ‘veelal’ gebruikt moet worden voor langdurige verwervingsprojecten: kunt u aangeven hoeveel jaar u hanteert voor ‘langdurig’? En welk percentage voor ‘veelal’? Zou u het fonds meer willen gebruiken voor kortere verwervingsprojecten? Acht u hiervoor een wetswijziging nodig? |
| 21 | Heeft u overlegd met de Nederlandse defensie-industrie om te bepalen welke aanpassingen aan de WDMF hen zouden helpen? |
| 22 | Mag het fonds wettelijk gebruikt worden voor de uitgifte van speciale staatsobligaties (war bonds)? |
| 23 | Mag het fonds wettelijk gebruikt worden voor donaties, schenkingen en giften van particulieren, zowel bedrijven/organisaties als privépersonen? |
| 24 | Mag het fonds wettelijk gebruikt worden voor inkomsten uit leningen of beleggingen vanuit het fonds? |
| 25 | Mag het fonds wettelijk gebruikt worden voor andere inkomsten dan royalties uit ontwikkelingstrajecten waar Defensie een bijdrage aan heeft geleverd, zoals een deel van de winst uit verkoop van producten die samen met Defensie zijn ontwikkeld of kortingen op prijzen bij aanschaf door Defensie van producten die samen met Defensie zijn ontwikkeld? |
| 26 | Welke beperkingen uit artikel 2.11 van de Comptabiliteitswet 2026 zijn voor u voor uitgaven respectievelijk ontvangsten van het fonds relevant gebleken? Welke uitgaven wilde zij doen, maar mochten bij nader juridisch inzien niet? |
| 27 | In artikel 7 staat dat binnen 7 jaar de werking van de wet geëvalueerd moet worden; is dat al gebeurd? Zo ja: wat waren de uitkomsten hiervan? Zo niet: bent u bereid hier zo spoedig mogelijk aan te beginnen? |