Motie van het lid Van Ark over minder zware vergunningverplichtingen onderzoeken voor erkende werkmethoden bij laag-risicowerkzaamheden met asbest
Wijziging van de Arbeidsomstandighedenwet in verband met een nieuwe vergunningplicht bij bepaalde asbestwerkzaamheden ten behoeve van de implementatie van Richtlijn (EU) 2023/2668
Motie (kabinetsappreciatie: Oordeel Kamer)
Nummer: 2026D25337, datum: 2026-05-27, bijgewerkt: 2026-05-28 12:30, versie: 3 (versie 1, versie 2)
Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (kst-36843-11).
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: A.F.J. van Ark, Tweede Kamerlid (CDA)
Onderdeel van kamerstukdossier 36843 -11 Wijziging van de Arbeidsomstandighedenwet in verband met een nieuwe vergunningplicht bij bepaalde asbestwerkzaamheden ten behoeve van de implementatie van Richtlijn (EU) 2023/2668 .
Onderdeel van zaak 2026Z11153:
- Voortouwcommissie: TK
- 2026-05-27 15:30: Wijziging van de Arbeidsomstandighedenwet in verband met een nieuwe vergunningplicht bij bepaalde asbestwerkzaamheden ten behoeve van de implementatie van Richtlijn (EU) 2023/2668 (36843) (Plenair debat (wetgeving)), TK
- 2026-06-09 15:00: Stemmingen (Stemmingen), TK
Preview document (🔗 origineel)
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2 |
| Vergaderjaar 2025-2026 |
36 843 Wijziging van de Arbeidsomstandighedenwet in verband met een nieuwe vergunningplicht bij bepaalde asbestwerkzaamheden ten behoeve van de implementatie van Richtlijn (EU) 2023/2668
Nr. 11 MOTIE VAN HET LID VAN ARK
Voorgesteld 27 mei 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat het wetsvoorstel een vergunningsplicht introduceert voor bepaalde asbestwerkzaamheden en dat de vergunningscategorieën in lagere regelgeving worden uitgewerkt;
overwegende dat bescherming van werknemers tegen blootstelling aan asbest altijd voorop moet staan;
overwegende dat erkende werkmethoden bij aantoonbaar laag-risicovolle werkzaamheden kunnen bijdragen aan veilig werken en het voorkomen van onnodig zware verplichtingen;
verzoekt de regering te onderzoeken of en onder welke voorwaarden erkende werkmethoden bij aantoonbaar laag-risicovolle werkzaamheden kunnen leiden tot minder zware verplichtingen, mits werknemersveiligheid, toezicht, vakbekwaamheid en eindcontrole geborgd blijven;
verzoekt de regering dit te doen in overleg met sociale partners, sectorpartijen, het Validatie- en Innovatiepunt Asbest en de Nederlandse Arbeidsinspectie, en de Kamer hierover te informeren voor vaststelling van de onderliggende regelgeving,
en gaat over tot de orde van de dag.
Van Ark