Lijst van vragen over het Jaarverslag Ministerie van Asiel en Migratie 2025 (Kamerstuk 36945-XX-1)
Lijst van vragen
Nummer: 2026D25360, datum: 2026-05-27, bijgewerkt: 2026-06-02 14:21, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: P.C. (Peter) de Groot, voorzitter van de vaste commissie voor Asiel en Migratie (VVD)
- Mede ondertekenaar: M.C. Burger, griffier
Onderdeel van zaak 2026Z08472:
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Asiel en Migratie
- Stemmingen en besluiten:
- 2026-06-04 13:00 ⇒ Geagendeerd voor de feitelijke vragenronde op 27 mei 2026. (Besluit)
- 2026-05-27 14:00 ⇒ Inbreng geleverd. (Besluit)
- 2026-05-21 14:10 ⇒ Rondgezonden en gepubliceerd. (Besluit)
- 2026-05-21 14:10: Aanvang middagvergadering: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2026-05-27 14:00: Jaarverslag Ministerie van Asiel en Migratie 2025 (36945-XX-1) (Inbreng feitelijke vragen), vaste commissie voor Asiel en Migratie
- 2026-06-04 13:00: Procedurevergadering Asiel en Migratie (Procedurevergadering), vaste commissie voor Asiel en Migratie
Preview document (đź”— origineel)
Lijst van vragen
De vaste commissie voor Asiel en Migratie heeft een aantal vragen voorgelegd aan de minister van Asiel en Migratie over het Jaarverslag Ministerie van Asiel en Migratie 2025 (36945-XX, nr. 1).
De voorzitter van de commissie,
Peter de Groot
De griffier van de commissie,
Burger
| Nr | Vraag |
| 1 | Kunt u aangeven welke veronderstellingen in de raming van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) ten aanzien van capaciteit en uitgaven niet zijn uitgekomen, en op welke onderdelen (bijvoorbeeld instroom, duur opvang, uitstroom) de realisatie het sterkst van de raming afweek, gezien het jaarverslag vermeldt dat de instroom in 2025 lager uitviel dan het gehanteerde scenario in de Meerjaren Productie Prognose (MPP)? |
| 2 | Op welke wijze heeft de verhouding tussen meerjarige opvang en tijdelijke/noodopvang (circa 60:40 eind 2025) doorgewerkt in de totale uitgaven voor opvang, en hoe verhoudt dit zich tot de ramingen? |
| 3 | Was de realisatie in 2025 per hoofdpost binnen het Nationaal Programma OekraĂŻense Ontheemden (o.a. gemeentelijke opvang, regionale meld- en opvanglocaties, vergoedingen en overige uitvoeringskosten) hoger of lager dan geraamd, en wat zijn de belangrijkste oorzaken van deze verschillen? |
| 4 | In welke mate heeft de verschuiving van dure noodopvang naar meerjarige opvanglocaties in 2025 plaatsgevonden en welk besparingseffect heeft dit gehad ten opzichte van de geraamde uitgaven? |
| 5 | Welk deel van de in 2025 op artikel 37 verantwoorde uitgaven en ontvangsten hangt samen met door de EU (mede) gefinancierde projecten, hoe zijn deze geldstromen in de jaarrekening verwerkt en welke overwegingen lagen ten grondslag aan de keuze tussen nationale en Europese middelen? |
| 6 | Hoe zijn de aanvullende middelen voor de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND), onder meer voor de voorziening dwangsommen, in de jaarrekening verwerkt? Welk deel hiervan heeft een incidenteel karakter en in hoeverre wijkt dit af van de oorspronkelijke begrotingsopzet? |
| 7 | Op welke wijze zijn investeringen van de IND in digitalisering en biometrie in de jaarrekening geactiveerd en hoe verhoudt dit zich tot de beoogde besparingen of efficiëntievoordelen in de komende jaren? |
| 8 | Welke inhoudelijke oorzaken liggen ten grondslag aan de belangrijkste afwijkingen tussen begroting en realisatie 2025 bij personele lasten eigen personeel, externe inhuur en materiële programmakosten, en welke verschuivingen ten opzichte van 2024 springen eruit? |
| 9 | Hoe zijn de verlenging van de Richtlijn Tijdelijke Bescherming tot 2027 en de aangekondigde tijdelijke reguliere verblijfsvergunning voor OekraĂŻense ontheemden verwerkt in de meerjarenramingen, en welke bandbreedte wordt gehanteerd voor het aantal personen na 2027? |
| 10 | In welke omvang is de eigen bijdrage van OekraĂŻense ontheemden in 2025 ontvangen, hoe is dit in de ontvangsten verantwoord en in hoeverre wijkt dit af van eerdere ramingen? |
| 11 | Hoe heeft de lagere instroom in 2025 doorgewerkt in de uitgaven voor identificatie en registratie van vreemdelingen, en is sprake van een lineaire relatie tussen instroomvolume en kosten of van vaste kosten die minder meebewegen? |
| 12 | Welke nationale maatregelen zijn tijdelijk van aard? En welke nationale maatregelen zijn structureel van aard? |
| 13 | Hoeveel procesbeschikbaarheidslocaties zijn tot dusver gerealiseerd? |
| 14 | Wanneer komt de regelgeving voor het verhogen van het taalvereiste voor naturalisatie naar B1 naar de Kamer? |
| 15 | Hoeveel vreemdelingen die met een Machtiging Voorlopig Verblijf (MVV) naar Nederland kwamen hebben vervolgens een asielaanvraag ingediend? |