Tweeminutendebat Netcongestie en elektriciteitsnet (CD 22/4) (ongecorrigeerd)
Stenogram
Nummer: 2026D25386, datum: 2026-05-27, bijgewerkt: 2026-05-28 09:24, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Onderdeel van activiteiten:- 2026-05-27 10:45: Tweeminutendebat Netcongestie en elektriciteitsnet (CD 22/4) (Plenair debat (tweeminutendebat)), TK
Preview document (🔗 origineel)
Netcongestie en elektriciteitsnet
Netcongestie en elektriciteitsnet
Aan de orde is het tweeminutendebat Netcongestie en
elektriciteitsnet (CD d.d. 22/04).
De voorzitter:
Ik heropen de vergadering. We zijn toe aan het tweeminutendebat
Netcongestie en elektriciteitsnet. Ik heet de staatssecretaris van
Economische Zaken en Klimaat van harte welkom. Ik heet de leden welkom,
maar ook hun ondersteuning en anderen die dit debat volgen. Tien leden
hebben zich ingeschreven. Als eerste geef ik het woord aan de heer Van
den Berg namens JA21.
De heer Van den Berg (JA21):
Ik heb drie moties.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat netcongestie woningbouw in diverse regio's belemmert
en ontwikkelaars kan doen uitwijken naar locaties waar wel netcapaciteit
beschikbaar is;
constaterende dat netneutrale wijken kunnen helpen om woningbouw in
congestiegebieden toch door te laten gaan;
overwegende dat de meerkosten hiervan niet mogen worden afgewenteld op
woningzoekenden, gemeenten of lokale belastingbetalers;
verzoekt de regering om samen met decentrale overheden, netbeheerders en
marktpartijen de meerkosten van netneutrale woningbouw in beeld te
brengen, vast te stellen wie deze redelijkerwijs moet dragen en welke
bijdrage van het Rijk nodig is;
verzoekt de regering de Kamer voor Prinsjesdag 2026 verschillende
uitvoerings- en dekkingsopties voor te leggen, zodat de Kamer hierover
kan besluiten bij de behandeling van de rijksbegroting 2027,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Van den Berg en Grinwis.
Zij krijgt nr. 648 (29023) (#1).
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat circa 15.000 bedrijven en instellingen wachten op
transportcapaciteit;
constaterende dat prognoses van de elektriciteitsvraag direct doorwerken
in netcongestie, wachttijden, investeringsbeslissingen en
nettarieven;
constaterende dat het finale elektriciteitsgebruik volgens het CBS in
2024 rond 105 TWh lag, terwijl de KEV 2025 uitgaat van 136 TWh in 2030
en het TenneT-pad richting 2035 circa 190 TWh veronderstelt;
overwegende dat deze ramingen sterk uiteenlopen en daarom doorlopend
moeten worden getoetst aan feitelijk elektriciteitsgebruik, netcongestie
en beschikbare netcapaciteit;
verzoekt de regering om met ACM, TenneT, regionale netbeheerders, PBL en
Netbeheer Nederland prognoses en scenario's voor de elektriciteitsvraag
doorlopend bij te stellen en inzichtelijk te maken in hoeverre en
wanneer netbeheerders groeiende elektriciteitsvraag kunnen faciliteren,
inclusief de gevolgen voor nettarieven, netcongestie en
wachttijden;
verzoekt de regering hierover uiterlijk in Q4 2026 een concreet plan te
maken en de Kamer vervolgens periodiek te informeren,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Van den Berg, Grinwis en
Müller.
Zij krijgt nr. 649 (29023) (#2).
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat netcongestie leidt tot wachtrijen voor bedrijven,
instellingen en woningbouw, en dat cruciale transformator- en
hoogspanningsstations bepalend zijn voor het vrijspelen van
netcapaciteit;
overwegende dat vergunningen, ruimtelijke procedures, onderzoeken en
bezwaar- en beroepsprocedures de realisatie van deze projecten nog te
vaak vertragen;
verzoekt de regering, aanvullend op de reeds lopende generieke
versnellingsmaatregelen, binnen het wetgevingsprogramma Stroomlijnen
energieprojecten een aparte versnellingsroute uit te werken voor
uitbreiding, verzwaring en nieuwbouw van transformator- en
hoogspanningsstations die bijdragen aan het oplossen of voorkomen van
netcongestie;
verzoekt de regering daarbij te bezien hoe vergunningplichten kunnen
worden vereenvoudigd, gebundeld of vervangen door algemene regels, hoe
procedures parallel en sneller kunnen verlopen met behoud van
rechtsbescherming, en hoe cruciale stations als projecten van groot en
urgent maatschappelijk belang onder rijksregie of provinciale regie
kunnen worden gebracht;
verzoekt de regering de Kamer hierover uiterlijk 1 oktober 2026 te
informeren,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Van den Berg en Grinwis.
Zij krijgt nr. 650 (29023) (#3).
De heer Van den Berg (JA21):
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank. We gaan nu over naar de heer Grinwis. Hij voert het woord namens
de ChristenUnie. Ga uw gang.
De heer Grinwis (ChristenUnie):
Voorzitter, dank u wel. Vorige maand verscheen het rapport "Zoveel kan
met lokale flex!" Is de staatssecretaris bereid om een kabinetsreactie
op dit rapport te formuleren en dat met de Kamer te delen? Dat was mijn
eerste vraag.
Mijn tweede vraag: is er inmiddels een eenvoudige oplossing voor het
Prinsentheater in Delft gevonden? Zomaar een kleine, concrete
vraag.
Dan drie moties.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat een aansluitstop in de FGU-regio helaas niet volledig is
voorkomen en dat in de toekomst zo veel mogelijk voorkomen moet worden
dat dergelijke scenario's zich herhalen;
verzoekt de regering te evalueren hoe de huidige situatie de afgelopen
jaren kon ontstaan en hoe de daaropvolgende crisisaanpak is verlopen,
waarbij nadrukkelijk wordt ingegaan op de invulling van de rollen van
het Rijk, netbeheerders en medeoverheden, daarbij expliciet de geleerde
lessen en succesvolle maatregelen in kaart te brengen, en deze lessen
actief toe te passen bij de aanpak van netcongestie in andere
regio's,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Grinwis, Klos, Van den Berg en
Jumelet.
Zij krijgt nr. 651 (29023) (#4).
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat jaarlijks middels monitoren wordt gerapporteerd over
het geïnstalleerde vermogen van zon-PV en wind op land, maar dat er geen
monitor energieopslag bestaat;
verzoekt de regering om voor het einde van het jaar een monitor
energieopslag te ontwikkelen en te implementeren,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Grinwis, Klos, Van den Berg,
Müller en Jumelet.
Zij krijgt nr. 652 (29023) (#5).
De heer Grinwis (ChristenUnie):
Ten slotte.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de ACM al sinds 2020 achterblijvende investeringen bij
netbeheerders constateert, maar niet zodanige actie onderneemt richting
netbeheerders dat wordt geborgd dat netbeheerders voldoende investeren
en sneller meer transportcapaciteit realiseren;
overwegende dat de ACM wel degelijk netbeheerders zou kunnen instrueren
om verbeterplannen op te stellen om sneller te voldoen aan de vraag naar
transportcapaciteit en dat netbeheerders, ondanks externe beperkingen,
zelf maatregelen kunnen nemen om projecten sneller te realiseren,
bijvoorbeeld door toepassing van nieuwe technieken, optimalisatie van de
eigen werkprocessen en betere afstemming tussen TenneT en regionale
netbeheerders;
verzoekt de regering om de ACM te vragen investeringsplannen
nadrukkelijker te toetsen op onderinvesteringen, netbeheerders te
bevragen of alles op alles wordt gezet om zo snel mogelijk te voorzien
in benodigde transportcapaciteit en te monitoren dat de netbeheerders de
relevante verbeteringen en acties ook daadwerkelijk implementeren;
verzoekt de regering tevens om in overleg met de netbeheerders en de ACM
zo nodig acties hierover op te nemen in (lopende)
actieprogramma's,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Grinwis en Jumelet.
Zij krijgt nr. 653 (29023) (#6).
De heer Grinwis (ChristenUnie):
Tot zover. Hartelijk dank.
De voorzitter:
Hartelijk dank. Dan gaan we luisteren naar mevrouw Van Oosterhout. Zij
spreekt namens de fractie van GroenLinks-Partij van de Arbeid.
Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Dank. Van mij drie moties.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat netcongestie het verdienvermogen van Nederland
ondermijnt;
overwegende dat uitbreiding van opslagcapaciteit ertoe kan bijdragen dat
meer woningen en bedrijven een aansluiting kunnen verkrijgen;
constaterende dat nieuw batterijnoodvermogen op rijkslocaties kan helpen
netcongestie te verminderen;
verzoekt de regering om tegen Prinsjesdag budget vrij te maken voor
meerdere proefopstellingen met nieuw batterijnoodvermogen;
verzoekt de regering daarbij dat bijkomend vermogen prioritair in te
zetten om die regio's te ondersteunen die het zwaarst door netcongestie
getroffen zijn,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Van Oosterhout.
Zij krijgt nr. 654 (29023) (#7).
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat netcongestie is geconcentreerd in "slechts" 30% van de
tijd;
overwegende dat het voor de oplossing van netcongestie essentieel is
lokaal vraag en aanbod van alle energiebronnen, inclusief buffers en
integratie met warmte, beter op elkaar af te stemmen in samenwerking met
burgers en bedrijven;
overwegende dat energiescans voor een betere kennis van zowel vraag als
aanbod naar stroom en warmte op lokaal niveau een onmisbare voorwaarde
zijn voor gemeenten om gerichter energiebeleid te voeren;
verzoekt de regering provincies, gemeenten en netbeheerders opdracht te
geven tot het opstellen van energiebeelden waarin vraag, aanbod, opslag
en buffers van alle energiebronnen worden meegenomen,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Van Oosterhout.
Zij krijgt nr. 655 (29023) (#8).
Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Tot slot.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat energiebesparing ervoor zorgt dat minder elektriciteit
door het net moet en zo ruimte vrijgemaakt kan worden voor nieuwe
aansluitingen;
overwegende dat er in Nederland nog een groot onbenut potentieel aan
energiebesparing is;
verzoekt de regering energiebesparing integraal onderdeel te maken van
de weging van maatregelen voor de aanpak van netcongestie en hier
sterker op in te zetten in de communicatie richting ondernemers en de
gebouwde omgeving,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Van Oosterhout.
Zij krijgt nr. 656 (29023) (#9).
Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Dank u wel.
De voorzitter:
Hartelijk dank. Dan gaan we luisteren naar mevrouw Müller. Zij voert het
woord namens de VVD-fractie. Gaat uw gang.
Mevrouw Müller (VVD):
Voorzitter. De netcongestieproblematiek is enorm. Daar hebben we in het
commissiedebat uitgebreid bij stilgestaan.
Wat de VVD betreft heeft de Crisiswet netcongestie de allergrootste
prioriteit. De heer Klos zal daar straks een gezamenlijke motie over
indienen.
Ik heb zelf een motie over het beter benutten van het net, maar eerst
nog een vraag aan de staatssecretaris. Warmte-krachtkoppelingen,
installaties die zowel elektriciteit als warmte opwekken uit aardgas,
vormen een van de snelst beschikbare manieren om de netcongestie te
verlichten. Tegelijkertijd staan de warmte-krachtkoppelingen onder druk.
Welke stappen zet de staatssecretaris om ervoor te zorgen dat we de
huidige warmte-krachtkoppelingen in bijvoorbeeld de tuinbouw beter
benutten? Hoe staat het met de verkenning van het contracteren van
gasgestookte opwek? Kan hierin ook versneld worden?
Dan de motie.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat door beter gebruik te maken van flexibiliteit bij
industriële bedrijvigheid extra ruimte op het elektriciteitsnet kan
worden gecreëerd;
overwegende dat in de FGU-regio decentrale overheden een belangrijke rol
hebben gespeeld bij het identificeren en benaderen van geschikte
partijen om flexibiliteit beschikbaar te stellen;
overwegende dat de decentrale overheden hierbij onvoldoende concreet
inzicht hebben in de kansen en daadwerkelijke
contracteringsmogelijkheden bij bedrijven;
verzoekt de regering met de netbeheerders de beschikbare
flexibiliteitspotentie en de mogelijkheden voor contractering in kaart
te brengen;
verzoekt de regering om vervolgens met netbeheerders, decentrale
overheden en ondernemers samen te werken om zo veel mogelijk van de
beschikbare flexibiliteitspotentie daadwerkelijk te contracteren, de
(juridische) belemmeringen daarvoor weg te nemen, en de Kamer hier voor
het einde van het jaar over te informeren,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Müller, Klos, Jumelet, Van den
Berg en Grinwis.
Zij krijgt nr. 657 (29023) (#10).
Dank u wel. Dan gaan we luisteren naar de heer Kops. O, hij heeft nul
minuten spreektijd. Zonder bril had ik dat niet gezien, sorry.
De heer Vermeer is al bijna bij het spreekgestoelte. Hij voert het woord
namens de BBB-fractie.
De heer Vermeer (BBB):
Dank u wel, voorzitter. Twee moties.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat netbewuste nieuwbouw kan bijdragen aan het verlagen van
piekbelasting op het elektriciteitsnet;
constaterende dat onzekerheid over de beschikbaarheid en timing van
netaansluitingen een belangrijk knelpunt vormt voor
woningbouwprojecten;
overwegende dat het flexibel gebruik van het net als gevolg van
netbewuste bouw niet mag leiden tot extra ontwikkelrisico's voor
woningbouw;
verzoekt de regering om samen met ACM, netbeheerders, provincies,
gemeenten en marktpartijen te komen tot een systeem van vroegtijdige
capaciteitsreservering met aansluitzekerheid voor woningbouwprojecten en
experimenteerruimte voor netbewuste gebiedsontwikkelingen, gericht op
opschaalbare werkwijzen;
verzoekt de regering hierbij te zorgen voor duidelijke afspraken over
voorwaarden, fasering, beschikbare capaciteit, uitvoerbaarheid en
betaalbaarheid,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Vermeer.
Zij krijgt nr. 658 (29023) (#11).
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat netbewuste nieuwbouw vraagt om extra investeringen in
flexibiliteit, zoals opslag, slimme sturing en collectieve
systemen;
constaterende dat deze extra investeringen maatschappelijke baten
opleveren, maar niet altijd terug te verdienen zijn op projectniveau en
deze meerkosten zich moeilijk verhouden tot de politieke wens om meer
betaalbaar te bouwen;
verzoekt de regering om te komen tot een structurele financierings- of
stimuleringsregeling voor netbewuste nieuwbouw;
verzoekt de regering hierbij te borgen dat meerkosten voor flexibiliteit
niet volledig bij ontwikkelaars of bewoners terechtkomen, maar mede
worden gedragen vanuit de maatschappelijke systeembaten, zoals
efficiënter netgebruik, beperking van netverzwaring en versnelling van
woningbouw,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Vermeer.
Zij krijgt nr. 659 (29023) (#12).
De heer Vermeer (BBB):
Dank u wel.
De voorzitter:
Hartelijk dank. Dan gaan we nu luisteren naar de heer Klos. Hij voert
het woord namens de fractie van D66. Gaat uw gang.
De heer Klos (D66):
Dank, voorzitter. De file op het stroomnet is een nationale crisis. Het
ontzegt mensen een woning, dwarsboomt de groei van ondernemers en maakt
ons afhankelijk. Dit is niet het moment om nog eens een studie aan te
vragen, dit is het moment om door roeien en ruiten te gaan. Meer ruimte
op het net betekent meer schone energie van Nederlandse bodem, een
betaalbare energierekening en meer ruimte om op te staan in de wereld
voor onze waarden. Ik hoor vaak: het kan niet, het is ingewikkeld en het
duurt lang. Maar laten we vandaag juist zeggen: het kan wél en het kan
snel. Nederland is groot geworden door creativiteit, daadkracht en
samenwerking. Met de Crisiswet netcongestie kunnen we bouwen aan het
energienet van de toekomst. Daarom dien ik, mede namens mevrouw Müller,
de volgende motie in.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat netcongestie Nederland miljarden kost doordat
investeringen stilvallen, woningbouw vertraagt en bedrijven niet kunnen
verduurzamen;
constaterende dat snelle uitbreiding van de elektriciteitsinfrastructuur
noodzakelijk is voor een sterk, duurzaam en onafhankelijk
Nederland;
overwegende dat de Crisiswet netcongestie bedoeld is om doorbraken
mogelijk te maken en onnodige vertraging tegen te gaan;
verzoekt de regering de Crisiswet netcongestie uiterlijk deze zomer te
presenteren, met voorstellen voor onder andere versnelde
beroepsprocedures, ruimere mogelijkheden voor vergunningsvrije
activiteiten, het centraliseren van bevoegd gezag bij alle projecten van
nationaal belang en snellere implementatie van Europese wet- en
regelgeving, en daarbij ook de voor- en nadelen van het invoeren van een
lex silencio positivo (oftewel, wie zwijgt stemt toe) bij
vergunningsprocedures voor energie-infrastructuur inzichtelijk te
maken,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Klos en Müller.
Zij krijgt nr. 660 (29023) (#13).
Hartelijk dank. Dan gaan we luisteren naar mevrouw Moinat. Zij voert het woord namens de Groep Markuszower.
Mevrouw Moinat (Groep Markuszower):
Voorzitter. Ons elektriciteitsnet komt steeds verder in de knel. Op dit
moment wachten 14.000 bedrijven op een stroomaansluiting in Nederland.
Ondernemers die willen uitbreiden of starten, worden gewoon
tegengehouden. Dit is het handelsland Nederland onwaardig en daar moet
snel verandering in komen. Daarom de volgende motie.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat het elektriciteitsnet in Nederland vastloopt vanwege
een tekort aan regelbaar vermogen;
overwegende dat energiebronnen zoals wind- en zonne-energie afhankelijk
zijn van weersomstandigheden en daardoor niet continu beschikbaar
zijn;
overwegende dat stabiele en regelbare energiebronnen zoals kernenergie
noodzakelijk zijn om heel Nederland te kunnen voorzien van stabiele en
betaalbare stroom;
verzoekt de regering alleen te investeren in energiebronnen die niet
afhankelijk zijn van wind of zon en kunnen bijdragen aan het tekort aan
regelbaar vermogen, zoals kernenergie,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Moinat en Heutink.
Zij krijgt nr. 661 (29023) (#14).
Hartelijk dank. Dan is nu de beurt aan de heer Flach namens de fractie van de SGP. Hij is de een-na-laatste spreker in deze termijn.
De heer Flach (SGP):
Voorzitter, dank u wel. We kijken terug op een constructief debat en ik
onderstreep graag nog mijn waarschuwing die ik heb gedaan. Onze
verduurzamingsambities moeten passen bij wat het energiesysteem aankan,
anders rijden we op een muur af.
Ik heb gevraagd om juridische ruimte voor tijdelijke
flexibiliteitsoplossingen in congestiegebieden. De staatssecretaris
verwees naar concepten waar in de FGU-regio aan wordt gewerkt. Dat vind
ik te vaag en te mager. Daarom de volgende motie.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de ruimte om middels tijdelijke
flexibiliteitsoplossingen in congestiegebieden alsnog
woningbouwprojecten, bouwplaatsvoorzieningen of laadpleinen voor
transportbedrijven aan te sluiten op het net beperkt is;
overwegende dat flexibele contractvormen en groepscontracten nu niet
goed toepasbaar zijn op genoemde projecten, en dat geen ruimte gegeven
wordt voor het beoordelen van tijdelijke netondersteunende oplossingen,
zoals batterijen, wkk's of laadvoorzieningen, als congestiemaatregel in
plaats van een reguliere netaanvraag;
van mening dat alles op alles gezet moet worden om met behulp van
tijdelijke flexibiliteitsoplossingen ook in congestiegebieden
(woning)bouw- en verduurzamingsprojecten zo veel mogelijk door te kunnen
laten gaan, binnen en buiten de FGU-regio;
verzoekt de regering in overleg met ACM, netbeheerders en marktpartijen
te verkennen welke juridische knelpunten er zijn voor tijdelijke
flexibiliteitsoplossingen ten behoeve van woningbouwprojecten,
bouwplaatsvoorzieningen en laadpleinen in congestiegebieden, deze
knelpunten op te lossen zodat netbeheerders dergelijke flexibele en
netondersteunende oplossingen kunnen toelaten of contracteren, mits deze
aantoonbaar congestieverzachtend werken, en de Kamer hierover binnen
vier maanden te informeren,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Flach.
Zij krijgt nr. 662 (29023) (#15).
De heer Flach (SGP):
Voorzitter. Tot slot nog twee onbeantwoorde vragen. De flexcontracten
van TenneT richten zich nu op zodanige flexibiliteit dat de
storingsreserve vrijgehouden kan blijven worden. Je zou kunnen kiezen
voor contracten waarbij er alleen teruggeschakeld moet worden als er
daadwerkelijk sprake is van een storing. Nogmaals de vraag: wordt dit
opgepakt?
Tot slot wil ik opnieuw aandringen op versnelling van ruimtelijke
procedures. Hoe worden in de praktijk de krachten gebundeld om de
verschillende processtappen voor de bouw van transformatorstations zo
veel mogelijk parallel in plaats van achter elkaar af te lopen?
Dank u wel.
De voorzitter:
Hartelijk dank. Tot slot in deze termijn is het woord aan de heer
Jumelet namens de CDA-fractie.
De heer Jumelet (CDA):
Voorzitter. "Help, mijn man is klusser." Zo begon Remco de Boer van
Studio Energie zijn bijdrage in de technische briefing onlangs. Hij
verwees naar dat programma, maar hij had het ook over de staat van de
energietransitie. Zijn oproep was duidelijk: laten we voortgaan met de
verbouwing. Het is altijd goed om consistent te zijn en het resultaat
voor ogen te houden. Daarom heb ik vanochtend een praktische motie.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat het aanpakken van netcongestie de hoogste prioriteit
heeft;
overwegende dat soepele vergunningseisen kunnen zorgen voor versnelling
van energieprojecten en netcongestie sneller op kunnen lossen;
verzoekt de regering om vergunningsvrije netuitbreiding binnen de
grenzen van bestaande transformatorstations mogelijk te maken,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Jumelet, Müller, Klos en
Grinwis.
Zij krijgt nr. 663 (29023) (#16).
Hartelijk dank. Dat was de termijn van de Kamer. We gaan vijf minuten schorsen. Daarna krijgen we een appreciatie van de zestien ingediende moties. We zijn even vijf minuten geschorst.
De vergadering wordt van 11.02 uur tot 11.09 uur geschorst.
De voorzitter:
Ik heropen de vergadering. Aan de orde is de voortzetting van het
tweeminutendebat over netcongestie en het elektriciteitsnet. Ik geef het
woord aan de staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat.
Staatssecretaris De Bat:
Dank, voorzitter. Dank voor alle inbreng. Ik zal de moties als eerste
doorlopen. Daarna zal ik nog een aantal vragen beantwoorden.
De eerste motie, van de heer Van den Berg en medeondertekend door de
heer Grinwis, over het verzoek om met decentrale overheden de meerkosten
in beeld te brengen en voor Prinsjesdag uitvoeringopties op tafel te
leggen, geef ik oordeel Kamer. Dat is de motie op stuk nr. 648.
Datzelfde geldt voor de motie op stuk nr. 649, ook van de heer Van den
Berg. Wat betreft de inhoud: we moeten dat doen om onnodige wachtrijen
te voorkomen.
Aan de motie op stuk nr. 650, ook van de heer Van den Berg, geef ik wel
een kleine interpretatie. Als ik die motie als volgt mag interpreteren,
kan die oordeel Kamer krijgen. De interpretatie is dat u mij oproept om
het te verkennen. Dat staat wel bij het tweede verzoek. Daar staat
namelijk "te bezien". Bij het eerste verzoek staat "uit te werken", maar
als ik het in beide gevallen mag zien als "dat verkennen", dan zullen we
dat doen en komen we daarop terug. De motie kan dan oordeel Kamer
krijgen.
De voorzitter:
De heer Van den Berg knikt instemmend. Daarmee heeft de motie op stuk
nr. 650 oordeel Kamer.
Staatssecretaris De Bat:
De motie op stuk nr. 651, van de heer Grinwis, gaat over de leerlessen
van de FGU. Het lijkt me ontzettend waardevol om die leerlessen door te
vertalen, dus ik zeg graag: oordeel Kamer. We moeten dit namelijk
doen.
De motie op stuk nr. 652, ook van de heer Grinwis, verzoekt om voor het
eind van het jaar een monitor te presenteren. Die motie krijgt idem
oordeel Kamer. Energieopslag speelt een belangrijke rol in ons systeem,
dus laten we die zeker gaan monitoren. Ik geef 'm dus oordeel
Kamer.
De motie op stuk nr. 653, van de heer Grinwis, verzoekt om de ACM te
vragen wat te doen, het toetsen goed op te pakken en daarover in gesprek
te gaan. Waarom zouden we dat niet doen? Wat mij betreft krijgt die
motie dus ook oordeel Kamer.
De motie op stuk nr. 654, van mevrouw Van Oosterhout, gaat over een
proefproject met batterijnoodvermogen. Als ik de motie zo mag lezen dat
ik daarvoor mijn best moet doen, dan kan ik 'm oordeel Kamer geven. Het
vrijmaken van budget regel je natuurlijk niet even per motie, maar ik ga
er wel mijn best voor doen. Ik zoek daarnaar. Ik hoop vanzelfsprekend
ook iets te vinden. Als dat de uitleg en de interpretatie mag zijn, dan
kan ik 'm wat mij betreft oordeel Kamer geven.
De voorzitter:
Mevrouw Van Oosterhout knikt instemmend. De motie op stuk nr. 654 heeft
oordeel Kamer.
Staatssecretaris De Bat:
De andere motie van mevrouw Van Oosterhout, de motie op stuk nr. 655,
over de energiescan geef ik ook oordeel Kamer.
Over de motie op stuk nr. 656, over energiebesparing als onderdeel van
de aanpak van netcongestie, zeg ik: ja, want dat moeten we zeker doen.
Het begint bij besparen en daarna komt pas de vraag. Wat mij betreft
krijgt die dus ook oordeel Kamer.
De motie op stuk nr. 657, van mevrouw Müller, verzoekt de beschikbare
flexpotentie in beeld te brengen in het kader van de contractering en om
samen te werken met netbeheerders en decentrale overheden om die
potentie in te zetten. Die krijgt ook oordeel Kamer.
De motie op stuk nr. 658 gaat over de bevordering van netbewuste
nieuwbouw. Als we de motie iets eerder gekend hadden, dan hadden we
misschien tot een dictum kunnen komen waardoor we het eens konden zijn
met deze motie. Het gaat om het volgende. We pakken de
capaciteitsreservering nu anders aan. Het gaat meer over het op tijd
aanvragen van capaciteit. We zijn bezig met gemeenten en provincies om
dat goed te organiseren. De netbeheerders spelen daar ook een rol in.
Wat de motie nu vraagt, is om eigenlijk iets meer terug te gaan naar het
oude systeem. Ik moet de motie dan eigenlijk ontraden. Dat moet ik dus
ook doen, want dat is wat er nu staat. Maar als we daarover in gesprek
kunnen, denk ik wel dat we een deel van wat u vraagt, absoluut kunnen
doen.
De heer Vermeer (BBB):
Het is mij niet helemaal duidelijk waar de staatssecretaris een probleem
ziet in mijn verzoeken.
Staatssecretaris De Bat:
Waar het om gaat, is dat we een nieuw prioriteringskader van de ACM
hebben gekregen. Dat prioriteringskader geldt. Binnen het
prioriteringskader — dat is in categorie 3 — komt woningbouw aan de
orde. De gemeenten en provincies moeten nu tot aanvragen komen voor
projecten in de toekomst. Dat is hoe het systeem nu is, dus feitelijk
gebeurt dat al. Als je vroegtijdige capaciteitsreservering daarnaast
zet, ga je in tegen het geldende kader. Dat kan niet de bedoeling zijn,
want de ACM heeft dit nou eenmaal vastgesteld. De gemeenten en
provincies zorgen ervoor dat ze de aanvragen en de projecten kennen,
zodat ze bij de netbeheerders bekend zijn en aangesloten kunnen
worden.
De heer Vermeer (BBB):
Volgens mij staat dat hier, maar als de staatssecretaris dit zo
interpreteert, mag hij dat zo interpreteren. Het gaat er vooral om dat
er experimenteerruimte beschikbaar gesteld wordt. Volgens mij is dat nu
geen onderdeel van de hele prioritering.
Staatssecretaris De Bat:
We zijn het eens over het feit dat we woningbouw willen aansluiten zodra
we weten dat die projecten bestaan. Met het nieuwe prioriteringskader
verschuift er iets en moet er afgewogen worden. We vragen ontwikkelaars,
gemeenten en provincies om in beeld te brengen wat de projecten voor de
komende jaren zijn, zodat de netbeheerders daarop kunnen reserveren,
maar om de jaren daarna, dus tussen de vijf en tien jaar, ook in beeld
te brengen, zodat de netbeheerders weten welke projecten eraan komen. Zo
werkt het systeem op dit moment. Als je daar nog een systeem van
vroegtijdige capaciteitsreservering naast zet, dan maak je er een dubbel
systeem van. Volgens mij moeten we dat niet doen, want dan hebben we
twee systemen.
De voorzitter:
Goed ...
De heer Vermeer (BBB):
Helaas moet ik het dan zo interpreteren dat het vroegtijdig melden dan
geen zin heeft, omdat er geen capaciteit gereserveerd wordt. Als dit de
uitleg van de staatssecretaris is, dan blijven we dus dezelfde problemen
houden.
Staatssecretaris De Bat:
Volgens mij legde ik het positiever uit, namelijk dat we juist bezig
zijn om het systeem binnen het geldende prioriteringskader op orde te
brengen, zodat we weten welke projecten er zijn. We zorgen ervoor dat we
die projecten vroegtijdig kunnen aanmelden bij de netbeheerders, zodat
men, als men gaat bouwen, zeker is van stroom.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 658 is ontraden in deze vorm.
De heer Van den Berg (JA21):
Ik wil nog even kort terugkomen op de motie op stuk nr. 652 van de heer
Grinwis, die ik mede heb ondertekend. Ik wil daar toch eigenlijk een
verzoek bij doen. Een monitor energieopslag is natuurlijk uitstekend,
maar is het niet slim om daarin ook gelijk de mogelijkheden voor opwek
mee te nemen? Die zijn namelijk ook juist weer van toepassing op de
congestiemarkt.
Staatssecretaris De Bat:
Zeker, maar die monitoren we al. Die monitor bestaat al. Het gaat juist
om de vraag naar de toevoeging van opslag. Dat is een goede vraag.
De voorzitter:
Dan gaan we door naar de motie op stuk nr. 659.
Staatssecretaris De Bat:
De motie op stuk nr. 659, van de heer Vermeer, over netbewuste
nieuwbouw. Deze motie is eigenlijk ontijdig, in die zin dat het
ministerie van VRO op dit moment, ook in overleg met gemeenten, aan het
kijken is hoe ze dit kunnen doen en hier een oplossing voor kunnen
vinden. Ik zou u dus willen vragen om de motie nog even aan te houden
totdat VRO dit heeft uitgedacht en u hierover geïnformeerd heeft.
De heer Vermeer (BBB):
Ik vind die verschillende silo's van de verschillende ministeries, waar
we het in dit huis steeds over hebben, lastig. Feitelijk ondersteunt
deze motie hetgeen VRO naar op zoek is. Hoe kan iets ontijdig zijn als
ze nog aan het praten zijn? Als de Kamer dit signaal geeft en voor deze
motie stemt, dan is dat toch een ondersteuning van iets waar VRO mee
bezig is? Dat is dan toch een duidelijk signaal vanuit de Kamer? De
motie is dan juist supertijdig, want het heeft geen zin om dit te doen
als er al oplossingen en regelingen zijn bedacht.
Staatssecretaris De Bat:
Ja, maar de nuance is dat de rekening met deze motie volledig bij het
Rijk wordt gelegd. VRO zoekt naar hoe je de kosten van het hele systeem
van netbewust bouwen zodanig kan inrichten dat ook ontwikkelaars,
gemeenten en misschien zelfs provincies en het Rijk meebetalen aan het
geheel. Geef VRO dus even de tijd en ruimte om dat met al die partijen,
bouwende partijen en ontwikkelaars, te doordenken. Wij komen zeker nog
met brieven over netcongestie, ook nog voor de zomer. We gaan proberen
om dit dan ook specifiek mee te nemen in de brief voor de zomer over
netcongestie of in de eerste brief na de zomer over netcongestie.
De voorzitter:
Meneer Vermeer, bent u eventueel bereid om … Ja?
De heer Vermeer (BBB):
De staatssecretaris legt precies de vinger op de zere plek, want deze
motie roept juist op om de kosten niet bij bewoners en bedrijven neer te
leggen. Dan is de motie niet ontijdig, maar ontraadt de staatssecretaris
'm, denk ik. Maar dit is wel een signaal van wat de Kamer wil.
Staatssecretaris De Bat:
Het gaat niet alleen om ondernemers en bewoners; er zijn ook nog steeds
ontwikkelaars, gemeenten en provincies in dit land. Je wilt dat die
kosten op de plek terechtkomen waar ze het beste horen.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 659 krijgt het oordeel ontijdig.
Staatssecretaris De Bat:
Ja. Dan kom ik bij de motie op stuk nr. 660, over de Crisiswet
netcongestie. Daar hebben we over nagedacht, want het begrip "crisiswet"
heeft ondertussen een eigen betekenis gekregen. Ik geef de motie op dit
moment graag oordeel Kamer. We komen in de zomer terug met informatie.
De zomer duurt in ons land nog steeds tot 30 september, dus we hebben
enige tijd om dat op te lossen. Maar ik wil de verwachtingen daarbij
niet te hoog maken. Het proces dat we nu hebben ingericht, is een proces
waarin we met een wetgevingstraject komen. Dat zal heel snel leiden tot
ingrepen op bepaalde wetten, waarin nu de klem zit. Dan is een beetje de
gedachte "met één wet los je alles op", maar ik denk dat je juist
sneller tot resultaat zult komen met verschillende ingrepen op
verschillende plekken. Dat zullen we op dat moment, in september, bij u
neerleggen.
De voorzitter:
Volgens mij duurt de zomer tot 21 september, toch? Die duurt niet tot 30
september. Maar goed, dat maakt niet zoveel uit.
Staatssecretaris De Bat:
Ik kom uit Zeeland. Daar is de zomer altijd langer.
De voorzitter:
Ja, daar hebben ze lange zomers.
De heer Klos (D66):
Ik wil inderdaad geen debat over de duur van de zomer gaan voeren.
Volgens mij staat de kern overeind: voor de Kamer zou dit een prioriteit
moeten zijn en voor het kabinet ook. Dat betekent misschien ook dat je
ergens nog iets weg moet halen en prioriteiten van andere wetgeving af
moet halen om dit voor elkaar te krijgen, juist omdat het zo'n
flessenhals is voor eigenlijk alle andere problematiek. Zolang die kern
overeind staat en die urgentie wordt gevoeld — die proef ik ook wel bij
het kabinet — ben ik tevreden met deze uitleg.
Staatssecretaris De Bat:
Dat kan ik alleen maar bevestigen. Dit heeft de hoogste prioriteit.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 660 krijgt dus oordeel Kamer. De motie op stuk nr.
661.
Staatssecretaris De Bat:
De motie op stuk nr. 661 ontraad ik. Dit is in strijd met het beleid dat
we voeren. Wij denken genuanceerder over de brede energiemix.
De motie op stuk nr. 662 van de heer Flach krijgt oordeel Kamer, mits ik
die zo mag lezen dat we daar in oktober, als we weer een update over
netcongestie sturen in een Kamerbrief, over terugkoppelen. Dan gaat dat
lukken.
De voorzitter:
De heer Flach knikt instemmend. De motie op stuk nr. 662 krijgt oordeel
Kamer.
Staatssecretaris De Bat:
Dan de motie op stuk nr. 663 van de heer Jumelet, de laatste. Ook die
krijgt oordeel Kamer. Dat is inderdaad ook wat we graag willen: de
vergunningsvrije grenzen zo goed mogelijk oprekken om te zorgen dat we
tempo kunnen maken.
Dat waren de moties. Dan heb ik nog een aantal vragen. De appreciatie
van het onderzoek van CE Delft zullen we u zeker sturen, meneer Grinwis.
Dat doen we voor de zomer. Dat krijgt u dus.
Er is nog geen oplossing voor het theater. Er worden wel goede
gesprekken gevoerd. Daar zitten we bovenop. We hebben deze casus bijna
tot nationale proefcasus benoemd, dus in die zin zijn we er druk mee
bezig.
Dan de vraag van mevrouw Müller over de wkk's. Er is op dit moment een
sectorale aanpak op dit thema. We zijn daar heel druk mee. We zien
inderdaad op veel plekken waar een wkk is dat die ook echt helpt bij het
oplossen van netcongestie in dat gebied. We zijn het dus met u eens. We
zullen er alles aan doen om, daar waar het kan, de wkk's als onderdeel
van de oplossing te presenteren. In een van de volgende brieven zullen
we daar ook nog wat nader op ingaan, maar het is absoluut een route naar
de oplossing.
Dan de vraag van de heer Flach of er gekeken wordt naar de contracten
voor het benutten van de storingsreserve. Ja, ook daar kijken we naar.
We hebben daar wel het gesprek met netbeheerders en de ACM voor nodig,
want dan moet je een aantal criteria loslaten. Maar dat is nou net wat
we in dit traject vaker moeten doen: bestaande afspraken en grenzen net
even loslaten omdat je het wilt oplossen. Dus ja, we zijn ermee
bezig.
Dan de vraag over het versnellen van de ruimtelijke procedures. Dat is
ook een beetje wat in de motie op stuk nr. 663 werd gevraagd. We moeten
meer parallel doen. We moeten soms ook procedures gelijktijdig durven
voeren, bijvoorbeeld door het bevoegd gezag eerder vast te stellen, dan
al die ruimtelijke procedure te starten en in je ruimtelijke procedure
ook gelijk je aankoop- en aanbestedingsproces te starten. Dat zijn wel
manieren om parallel te versnellen. Daar kijken we absoluut naar.
Sterker nog, op een aantal plekken doen we dat nu ook al. Ik zie dat dus
ook als een oproep om daarmee door te gaan.
Ik heb alles beantwoord, voorzitter.
De voorzitter:
Dank voor uw inbreng.
De beraadslaging wordt gesloten.
De voorzitter:
We gaan volgende week dinsdag, op 2 juni, over de ingediende moties
stemmen. Ik schors een ogenblik en dan wisselen we van
bewindspersoon.
De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.