[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [woo/oo]←NIEUW! [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is opentk.nl?]

Wijziging van de Kernenergiewet ten behoeve van bedrijfsduurverlenging van kerncentrale Borssele (36847) (1e termijn Kamer) (ongecorrigeerd)

Stenogram

Nummer: 2026D25388, datum: 2026-05-27, bijgewerkt: 2026-05-28 09:33, versie: 1

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


Wijziging van de Kernenergiewet ten behoeve van bedrijfsduurverlenging van kerncentrale Borssele

Wijziging van de Kernenergiewet ten behoeve van bedrijfsduurverlenging van kerncentrale Borssele

Aan de orde is de behandeling van:

  • het wetsvoorstel Wijziging van de Kernenergiewet ten behoeve van bedrijfsduurverlenging van kerncentrale Borssele (36847).

De voorzitter:
Ik heropen de vergadering. We gaan door met een wetsbehandeling: de wijziging van de Kernenergiewet, ten behoeve van bedrijfsduurverlenging van kerncentrale Borssele. Wederom een welkom aan de staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat, aan de leden, de mensen in de zaal en iedereen die dit debat op afstand volgt.

De algemene beraadslaging wordt geopend.

De voorzitter:
Er zijn negen leden die zich hebben ingeschreven. Als eerste geef ik het woord aan mevrouw Van Oosterhout. Zij voert het woord namens de fractie van GroenLinks-Partij van de Arbeid. Ga uw gang.

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Dank u wel, voorzitter. Deze tijd stelt ons op de proef. Het dagelijks leven wordt onbetaalbaar. Onze aarde raakt uitgeput. En wat doet dit rechtse minderheidskabinet? Het vraagt vandaag om een blanco cheque te tekenen voor de kerncentrale Borssele. Ze weten niet wat het kost, ze weten niet wie betaalt, ze weten niet of het veilig is, en dan willen ze dat wij als Kamer, zonder dat wij de antwoorden hierop weten, ook nog instemmen. Dat is geen energiebeleid; dat is onverantwoord gokken met het geld van de Nederlandse belastingbetaler.

Voor PRO is de keuze duidelijk: een toekomst waarin gewone mensen betaalbare energie hebben, zonder dat ze zich zorgen moeten maken om hun gezondheid of de toekomst van onze prachtige planeet. Voor PRO betekent dat dat we kiezen voor goedkope wind en zon van eigen bodem, échte vooruitgang voor portemonnee en voor de planeet.

Volgens sommigen in deze Kamer is kernenergie de heilige graal, ondanks dat voorbeelden uit het buitenland bewijzen dat ze een dure fata morgana is, met torenhoge kosten waar de gewone mensen uiteindelijk voor opdraaien. Frankrijk heeft zijn begroting doen ontsporen om kernenergiebedrijf EDF te nationaliseren. België heeft het miljardenrisico van het opruimen van kernafval op zich genomen, zonder dat het precies weet hoeveel dat allemaal zal gaan kosten. Dure kernenergiesubsidies.

De heer Flach (SGP):
Best een cynisch begin van de woordvoerder van PRO in dit geval. Alle pijlen worden gezet op wind en zon, maar we weten dat we ook stabiele bronnen nodig hebben. Vervolgens gaat mevrouw Van Oosterhout naar het buitenland en noemt ze daar wat voorbeelden van. Zou zij ook eens willen reflecteren op hoe in Duitsland die keuzes zijn gemaakt, waar ze juist afscheid hebben genomen van de kerncentrales en waar nu bruinkoolcentrales gewoon volop moeten draaien om aan de energievraag te voldoen?

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Wat we heel duidelijk zien, is dat er in landen waar ze volop hebben ingezet op wind en zon duidelijk lagere energieprijzen zijn, zoals bijvoorbeeld in Spanje. Dat is de koers die wij ook voor ons zien voor Nederland.

De heer Flach (SGP):
Kernenergie is inderdaad niet de heilige graal, maar is wel een van de meest schone vormen van duurzame energie. En als je ziet dat Duitsland rücksichtslos die centrales gesloten heeft en daar nu eigenlijk een soort spijt van heeft omdat ze daar nu, met veel meer CO2-uitstoot bruinkool moeten verstoken, zou ik hopen dat, naast de prijs, toch ook de effectiviteit een criterium zou zijn voor mevrouw Van Oosterhout.

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Wat voor ons heel belangrijk is, is goedkope groene energie. Wat voor ons ook heel belangrijk is, is dat we goed kijken hoe we met ons belastinggeld omgaan. Wat voor ons ook belangrijk is, is veiligheid en de bescherming van de natuur. Dan kom je al snel uit bij zonne- en windenergie.

De heer Flach (SGP):
Mijn laatste vraag dan, voorzitter. Wat doen we dan in november, als de zon niet schijnt en er geen wind is?

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
In alle scenario's zie je dat opslag een hele belangrijke rol speelt. Je hebt ongeveer 200 uur per jaar waarin er dunkelflaute is, waarin de zon niet schijnt en de wind niet waait. Wat we moeten doen, is aan de ene kant ervoor zorgen dat we goede connecties hebben met andere Europese landen — er is altijd wel een land in Europa waar dat wel het geval is — en aan de andere kant ook volop investeren in opslag. In alle scenario's, ook in de scenario's waarin kernenergie wordt meegenomen, speelt opslag een hele belangrijke rol. Dat zijn dus de factoren waarop we moeten inzetten.

De heer Van den Berg (JA21):
Ik hoor mevrouw Van Oosterhout spreken over de lage energieprijzen in Spanje. Dat klopt inderdaad. Maar kan mevrouw Van Oosterhout mij dan vertellen wat de energiemix in Spanje is qua zon, wind en andere bronnen?

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Het klopt inderdaad dat kernenergie daar ook een onderdeel van is. Maar wat je heel duidelijk ziet, is dat ze daar de afgelopen jaren volop hebben ingezet op wind en zon, dat ze daarop echt een verdubbeling hebben ingezet. Dat is wat heeft geleid tot die enorme daling van de kosten, en dat is heel duidelijk wat we ook in Nederland zouden moeten doen.

De heer Van den Berg (JA21):
Nou, ik ben wel blij dat mevrouw Van Oosterhout erkent dat we hier ook minstens 20% kernenergie in de energiemix moeten hebben. En ik ben blij dat ze nu erkent dat Spanje inderdaad die kerncentrales heeft staan en dat die bijdragen aan dat systeem. Als mevrouw Van Oosterhout die lage energieprijs wil en die stabiliteit, en als we Spanje zouden moeten volgen, moeten wij dan niet veel meer inzetten op kernenergie?

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Als er iets is wat als een paal boven water staat, is het dat we heel duidelijk weten dat de kosten van wind en zon jaar, na jaar, na jaar, na jaar dalen. Als er iets is wat we ook weten, is het dat voor kernenergie de trend precies omgekeerd is. Wat we ook weten, is dat bij kernenergie elke centrale die je bouwt, vier keer zo duur is en de bouw drie keer zo lang duurt als gepland. Je hebt kernenergie niet nodig. Het is een politieke keuze om daarmee door te gaan.

De voorzitter:
Afrondend.

De heer Van den Berg (JA21):
Ik heb niet de illusie dat ik haar hier in één keer van standpunt kan doen veranderen, maar ik ga het toch proberen. Ook windenergie komt hier namelijk de afgelopen jaren niet meer van de grond. Windenergie wordt duurder. Het is lastig om te implementeren. Er komen subsidies bij. De netwerkkosten rijzen de pan uit. Er zijn allemaal beren op de weg die het een stuk lastiger maken. Ik wil gewoon aan mevrouw Van Oosterhout vragen om daar nou eens een keer eerlijk over te zijn. Een politieke keuze is het net zo goed, of je nou voor kernenergie bent of voor zon en wind. Volgens mij moeten wij veel meer kijken naar het uiteindelijk doel en energiebronnen zijn maar een middel. Kan ik mevrouw Van Oosterhout daarin vinden?

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Wat voor ons het uitgangspunt is — daar begon ik mee en dat zal ik nog een keer herhalen — is dat wij willen dat we goedkope, groene energie hebben van eigen bodem, zodat we ook onafhankelijk zijn, dat die energie veilig is en dat die energie schoon is. Kernenergie voldoet gewoon niet aan die voorwaarden. Het is niet zo dat ik dogmatisch ben; daar kom ik straks ook nog op. Maar het is wel zo dat wind en zon op dit moment de beste optie is. Wat betreft wind die niet van de grond zou komen: dat komt ook heel duidelijk doordat rechtse kabinetten niet de keuze hebben gemaakt om de industrie verder te elektrificeren. Dat is iets waar wij wel voorstellen voor hebben gedaan.

Mevrouw Müller (VVD):
Ik vind het toch een beetje lastig dat mevrouw Van Oosterhout doet voorkomen alsof kernenergie niet veilig en niet schoon is. Waarom niet?

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Er zitten nog altijd hele grote risico's aan, ook met het afval. We hebben gezien wat dat kan doen. Dat is dus zeker iets wat we moeten meenemen. Dat is ook iets wat ik vandaag in dit debat steeds aan de orde wil stellen. Het is iets wat we niet uit het oog moeten verliezen.

Mevrouw Müller (VVD):
De kerncentrales in Nederland horen bij de veiligste kerncentrales die we hebben in de wereld. Inzake het afval zetten we hele goede stappen. Ik begrijp gewoon niet waarom u doet voorkomen alsof kernenergie niet veilig is.

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Waar het debat vandaag over gaat, is de verlenging van Borssele. We weten niet wat dat gaat betekenen voor de veiligheid, want die onderzoeken lopen allemaal nog. Dat zijn allemaal onderzoeken waar we hopelijk straks nog veel meer over te weten komen van de staatssecretaris. Dat is wel heel belangrijk om mee te nemen, en ook wat het gaat kosten om ervoor te zorgen dat de veiligheid blijft zoals die is en zoals mevrouw Müller net schetste, of dat die misschien nog wel beter wordt. We hebben het hier immers wel over een sterk verouderde centrale.

De voorzitter:
Afrondend, mevrouw Müller.

Mevrouw Müller (VVD):
Mevrouw Van Oosterhout weet ook dat we het met deze wetswijziging alleen mogelijk maken om die centrale langer open te houden, maar dat de vergunning en de MER daarna nog moeten volgen. Alle zorgen die mevrouw Van Oosterhout aanstipt, worden gewoon in dat proces goed behandeld.

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Ik vind het een hele rare gang van zaken dat we hier eerst de einddatum uit de wet halen en dan pas gaan kijken of het veilig is, wat het gaat kosten, wat het precies gaat behelzen, wat de gevolgen zijn voor de natuur. Ik vind dat een hele vreemde volgorde en dat is ook iets wat de Commissie mer heeft vastgesteld. Daar kom ik straks in mijn bijdrage ook nog op.

De voorzitter:
Nee, nee, nee, mevrouw Müller. U heeft net drie interrupties geplaatst. We gaan mevrouw Van Oosterhout nog even aanhoren en dan mag u straks weer verder. Dit gaat anders veel te lang duren. Ja? Mevrouw Van Oosterhout vervolgt haar betoog.

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Voorzitter. Wij zijn niet tegen de technologie van kernenergie, als die veilig zou zijn, geen giftig afval achterlaat, niet de gezondheid of de natuur schaadt en als die betaalbaar is. Maar juist op dat punt lijkt het erop dat het kabinet niet weet waar het mee bezig is. Het is namelijk helemaal niet duidelijk hoeveel de verlenging van Borssele de belastingbetaler gaat kosten.

Voorzitter. Alleen al de kosten voor de haalbaarheidsstudies voor deze verlenging zijn geëxplodeerd van 11 miljoen naar 33 miljoen euro. 33 miljoen euro puur voor een onderzoek, en het antwoord kennen we nog steeds niet.

De heer Vermeer (BBB):
Mevrouw Van Oosterhout noemt een aantal voorwaarden en zegt: als die goed ingevuld zijn, dan ben ik vóór kernenergie. Dat gaf zij net aan, alleen twijfelt zij over de betaalbaarheid. Is dat het enige wat nog openstaat voor GroenLinks-PvdA?

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Er zijn nog een hele hoop voorwaarden. Daar kom ik straks in mijn bijdrage nog op.

De voorzitter:
Mevrouw Van Oosterhout vervolgt haar betoog.

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Het antwoord op de vraag naar de kosten van de haalbaarheidsstudies kennen we nog steeds niet, en dat mag geen verrassing zijn, want we weten uit Europa hoe dit gaat. Hinkley was begroot op 18 miljard pond, maar de kosten zijn nu al opgelopen naar 46 miljard, meer dan anderhalf keer ons hele Klimaatfonds. Flamanville in Frankrijk: begroot op 3 miljard, maar kwam uiteindelijk op 19 miljard uit. Dat is het patroon bij nucleaire projecten: de kosten lopen altijd op en uiteindelijk betaalt de gewone belastingbetaler. Heeft de staatssecretaris een kosten-batenanalyse gemaakt van de verlenging van Borssele en die vergeleken met alternatieven als zon, wind en opslag? Kan hij toezeggen van de verlenging af te zien als de financiële businesscase voor de alternatieven beter blijkt? Heeft hij een maximumbedrag vastgesteld waarbij automatisch een herbeoordeling volgt, zodat we niet in een sunk cost fallacy belanden, waarin we blijven doorgaan puur omdat we al begonnen zijn. Uiteindelijk is de belangrijkste vraag: is dit wel de meest verstandige manier om ons belastinggeld uit te geven? Hoe staat de uitbater tegenover een verdere verlening? Welke financiële verwachtingen hebben RWE en de Zeeuwse lokale besturen van het Rijk? Willen ze dat het Rijk de financiële verantwoordelijkheid voor de nodige investeringen op zich neemt? Hoe staat het met het financiële risico voor de berging van kernafval en de ontmanteling van de centrale? Hoe staat het met de plannen van het Rijk om de centrale over te nemen? Kan de staatssecretaris hier duidelijkheid over scheppen? Zo niet, kan de staatssecretaris dan toezeggen om de Kamer steeds transparant en zo snel mogelijk te informeren wanneer nieuwe informatie over het kostenplaatje van de kernenergiesubsidies beschikbaar is?

Los van de kernenergiesubsidies roept een verlenging van Borssele nog heel wat andere vragen op. Er is veel onduidelijkheid. Volgens de milieueffectrapportage doet aandeelhouder EPZ onderzoek naar de noodzakelijke modernisering van de centrale. Dat onderzoek is zes jaar geleden aangekondigd, maar we hebben nog geen resultaten gezien. Hans Mommaas, voorzitter van de Commissie mer, zegt dat het logisch is om eerst nut en noodzaak af te wegen en dan pas de wet te veranderen, en niet andersom. Kan de staatssecretaris daar duidelijkheid over verschaffen? In de memorie schrijft het kabinet dat er geen integrale visie komt op de samenhangende rijksprojecten in het Sloegebied. Zo'n visie is echter zeer noodzakelijk omdat de domino-effecten op externe veiligheid nog onvoldoende bekend zijn. Het kan dat de kerncentrale Borssele de gewenste ontwikkeling van bijvoorbeeld waterstof in de weg staat. Wat gaat de staatssecretaris hieraan doen? Zijn alle ambities van het Rijk in het Sloegebied wel onderling verenigbaar gezien de nodige ruimte?

Dan wil ik het hebben over de Borselse voorwaarden. Inwoners van de gemeente Borsele hebben 42 concrete voorwaarden opgesteld. Wat doet dit kabinet? Het schuift die voorwaarden opzij. De nota stelt dat de Borselse voorwaarden niet gelden voor de bedrijfsduurverlenging. Ze zouden alleen relevant zijn voor nieuwbouw. Wie de 42 voorwaarden leest, ziet dat die vrijwel allemaal ook rechtstreeks van toepassing zijn op een verlenging. Het gaat dan om bijvoorbeeld veiligheid, ruimte, overlast, natuur en gezondheid. Het is pijnlijk om te lezen hoe deze staatssecretaris voorwaarden behandelt als een wensenlijstje waaruit naar believen geshopt kan worden. De staatssecretaris komt zelf uit Zeeland. Hij weet als geen ander wat het betekent als Den Haag over de hoofden van Zeeuwen heen beslissingen neemt. Toch schuift hij de voorwaarden van zijn eigen streekgenoten opzij. Ik zou van hem verwachten dat hij juist de eerste is die opstaat voor die voorwaarden en niet de eerste is die ze wegstreept. Kan de staatssecretaris per voorwaarde en met een reden uitleggen welke hij wel en welke hij niet zal inwilligen voor de bedrijfsduurverlening?

Kernenergie is niet per definitie uitgesloten als de problemen rondom onder andere afval, gezondheid en milieu worden opgelost en de kosten niet exploderen. Zolang dit kabinet niet kan aantonen dat Borssele goedkoper en veiliger is dan de alternatieven, zie ik echter niet in waarom we dit nu overhaast zouden moeten besluiten. Voor PRO is het duidelijk: wij kiezen voor zon en wind van eigen bodem. Dat is betaalbaar voor gewone mensen, veilig voor onze kinderen en een echt eerlijke koers. Zo kan iedereen vooruit.

Dank u wel.

De voorzitter:
Dank u wel. Dan krijgt u nog een interruptie van de heer Van den Berg.

De heer Van den Berg (JA21):
Ik wil toch nog even terugkomen op de wetswijziging die we hier vandaag behandelen. Het proces is simpelweg zo dat de ANVS geen vergunningsvraag in behandeling kan nemen zolang wij de wet niet aangepast hebben. Alle zorgvuldige stappen die zij moeten doorlopen, zoals die wat betreft milieu, de MER en de veiligheid van de centrale, kunnen zij vervolgens ook niet doorlopen. Ik hoor mevrouw Van Oosterhout het punt maken dat dat zo belangrijk is en dat het raar is dat we hier dan deze wetswijziging behandelen, maar volgens mij zorgt precies dat ervoor dat aan al die voorwaarden wordt voldaan. Hoe kijkt mevrouw Van Oosterhout daarnaar?

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Ik herhaal wat de voorzitter van de Commissie mer daarover zegt: "Het is logisch om eerst nut en noodzaak goed af te wegen en dan pas de wet te veranderen, en niet andersom". Dat is ook hoe wij ertegen aankijken. Het is heel raar om eerst het jaartal eruit te halen en dan pas duidelijkheid te krijgen over überhaupt een bandbreedte van wat het gaat kosten, überhaupt een idee van de veiligheid en überhaupt een idee van de impact op de natuur. Daar gaat het wat ons betreft over.

De heer Van den Berg (JA21):
Maar nut en noodzaak is toch heel iets anders dan veiligheid, milieu of de ruimte daar? Nut en noodzaak is evident aanwezig. We hebben een centrale die volgens mij al 60 jaar draait. Die kan nog doordraaien. Die levert CO2-vrije elektriciteit en regelbaar vermogen. Die staat er. Volgens mij is het goed dat we in het energiesysteem juist een centrale hebben die dit kan blijven doen. Dat is het nut en de noodzaak. We gaan daarna kijken naar de randvoorwaarden en of het ook echt kan.

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Als je kijkt naar nut en noodzaak, dan is het wel degelijk belangrijk om het financiële kostenplaatje ook mee te wegen: is dit wel het beste dat we kunnen doen met ons belastinggeld, dat we toch maar één keer kunnen uitgeven? Je moet je afvragen of er andere alternatieven meegewogen kunnen worden. Dat weten we op dit moment niet, omdat de kosten-batenanalyse er gewoon nog niet ligt.

De voorzitter:
Afrondend.

De heer Van den Berg (JA21):
Ja, afrondend. Ik blijf het gewoon proberen, al duurt het vier of tien jaar. Volgens mij staat hier een centrale, die 60 jaar geleden gebouwd is, die al elektriciteit aan het netwerk levert. Er is toch niets duurzamers dan die centrale te laten staan en te laten doorproduceren? Dat is toch duurzamer dan iets nieuws bouwen, zoals windturbines? Het is toch bizar als we dat zouden doen?

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
We moeten heel duidelijk kijken wat het gaat kosten als we die centrale moeten vernieuwen. Omdat die centrale er al zo lang staat, moeten we extra stappen nemen en investeringen doen om ervoor te zorgen dat die nog een tijdje meekan. Zonder duidelijkheid over de kosten, het afval en alle andere zaken waar ik het net over had, moeten we als Kamer heel duidelijk een afweging maken.

De heer Van Duijvenvoorde (FVD):
Ik hoor steeds allerlei argumenten over de kosten, een aantal miljoen hier en een aantal miljoen daar, maar als je kijkt wat de windturbines hebben gekost, dan zie je dat we al ver de miljarden in gaan. Het is ook risicovol, omdat we niet weten of die turbines kunnen voldoen. We zitten natuurlijk met een enorm elektriciteitsprobleem. Ik vraag me af welk bedrag acceptabel zou zijn om door te blijven investeren in kernenergie.

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
We vragen heel duidelijk om een kosten-batenanalyse van de staatssecretaris. Geef ons nou dat overzicht. Laat nou zien hoe verlenging van de kerncentrale opweegt tegen al die andere alternatieven. Pas dan kunnen we die afweging maken. Het is belangrijk om daarin mee te nemen dat we weten dat de kosten van kernenergie alleen maar stijgen. Daar staat tegenover dat de kosten van wind en zon jaar na jaar na jaar dalen. Het is belangrijk om dat allemaal mee te wegen in dit verband.

De heer Van Duijvenvoorde (FVD):
Al zou dat zo zijn, we weten wel zeker dat de zekerheid van kernenergie toeneemt en dat we daarmee gewoon geen elektriciteitsproblemen meer krijgen, terwijl dat bij wind- en zonne-energie veel onzekerder blijft. We moeten op een gegeven moment toch gewoon een innovatieve economie zijn? Het moet open kunnen en bedrijven moeten kunnen innoveren. We kunnen dit toch naast elkaar blijven onderzoeken?

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Dat argument van die onzekerheid hoor ik vaak, maar het gaat echt om een heel beperkt aantal uren dat de wind niet waait of de zon niet schijnt. Daar moeten we inderdaad een oplossing voor vinden. Dat is opslag. Dat zie je ook heel duidelijk terug in de scenario's waarin kernenergie een prominente rol speelt. Daarnaast moeten we investeren in het uitbreiden van het netwerk met andere Europese landen, zodat we als de zon bij ons niet schijnt, maar in een ander land wel, dat met elkaar kunt uitwisselen.

De voorzitter:
Afrondend, meneer Van Duijvenvoorde.

De heer Van Duijvenvoorde (FVD):
Ik vind het zonde dat we voor een enorm grote opgave staan, waarvan de toekomst hoogst onzeker is. Ik had graag gehad dat ook PRO zou erkennen: laten we een breed investeringsklimaat creëren om dit echt te onderzoeken en alle energiebronnen te gebruiken die we kunnen gebruiken in de toekomst. In plaats daarvan wordt kernenergie eigenlijk al weggeschoven en wordt er ingezet op zo'n onzeker netwerk.

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Volgens mij ben ik heel duidelijk geweest over onze positie wat betreft kernenergie. Ik heb daar verder niks aan toe te voegen.

De heer Vermeer (BBB):
Mevrouw Van Oosterhout wijst al meerdere keren op het belang van de opslag van energie. Wil zij aangeven hoeveel uren die energie met de huidige technieken opgeslagen kan worden?

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Ik heb dat exacte getal niet paraat.

De heer Vermeer (BBB):
Nou, een exact getal is er ook niet, maar de beschikbare opslag zal op dit moment ergens rond een uurtje of zes zijn. Ik heb ook zonnepanelen. Als de salderingsregeling vervalt, kan ik de energie helaas niet in de zomer opslaan en in de winter pas gebruiken. Dat gaat niet. Dus hoe kan mevrouw Van Oosterhout opslag als een oplossing bieden en vervolgens kritiek hebben op de betaalbaarheid van kernenergie, omdat de toekomstige kosten niet bekend zijn? De kosten van opslag zijn ook helemaal niet bekend. Er is nog helemaal niet bekend of dat überhaupt kan voor lange tijd. Dat is alleen bekend van waterstof, maar daar is ook geen kostenberekening van en ook nog geen enkel goedlopend project met voldoende volume in Nederland.

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Wat als een paal boven water staat, is dat opslag, ook in scenario's met kernenergie, een hele prominente rol gaat spelen. Ik zeg dat we daarnaast ook moeten investeren in dat net, zodat we ook de uitwisseling met andere Europese landen kunnen bevorderen. Ik heb net ook al een paar keer aangegeven dat we zien dat de kosten van wind en zon jaar na jaar dalen en dat die van kernenergie steeds stijgen. Wat mijn fractie betreft, kiezen wij liever voor the winning team, waarvan we zeker weten wat het kostenplaatje gaat zijn.

De heer Vermeer (BBB):
Wat mevrouw Van Oosterhout zegt, is echt, echt ridicuul en flauwekul. De kosten van de opwekking zelf dalen als je een steeds grotere windmolen maakt, maar de kosten die daar voor het netwerk bij komen om subsidies te geven, om het überhaupt rendabel te maken en om in SDE te voorzien, rijzen uit de pan. Dat blijkt, want er moet elk jaar geld bij. Voor het komende jaar gaat dat om nog weer 8 miljard om wind op zee te stimuleren. Dan kan mevrouw Van Oosterhout toch niet zeggen dat die kosten dalen? Die zijn juist aan het stijgen. We weten nog helemaal niet waar we gaan eindigen, behalve dan dat er al minimaal 200 miljard in het netwerk geïnvesteerd moet worden.

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Die investering in het netwerk moeten we sowieso doen, los van wat we met de kerncentrales doen. Wat belangrijk is, is dat de problemen rondom wind op zee, waar de heer Vermeer op wijst, met name komen door onzekerheid tussen vraag en aanbod. Er zijn enorm veel private investeerders en private bedrijven die windenergie willen gaan aanbieden. Alleen, de afname is een onzekerheid. PRO heeft een hele hoop voorstellen gedaan om dat beter bij elkaar te brengen en om de markt ook zekerheid te geven dat die industrie goedkope energie heeft, zodat zij ook verder kunnen en competitief kunnen blijven.

De voorzitter:
Meneer Vermeer, u heeft al drie interrupties gedaan. Ik stel voor dat mevrouw Van Oosterhout gaat zitten. Ik dank haar voor haar inbreng. Dan gaan we luisteren naar de tweede spreker. Dat is de heer Van den Berg. Hij voert het woord namens JA21. Gaat uw gang.

De heer Van den Berg (JA21):
Voorzitter, leden van de Staten-Generaal, mensen op de publieke tribune en kijkers thuis, vandaag spreken we over de wijziging van de Kernenergiewet. Op papier lijkt dat technisch, één artikel, één centrale en dus één juridische belemmering, maar politiek gaat dit debat over iets veel groters. Het gaat over de vraag of Nederland eindelijk weer durft te kiezen voor gezond verstand in het energiebeleid of dat we blijven hangen in angstbeelden uit het verleden. Het gaat over de vraag of we vooruit durven kijken met feiten, techniek en betrouwbaarheid als uitgangspunt.

Borssele is geen experiment en dus ook geen vergezicht; Borssele staat er en levert al sinds 1973, ruim 50 jaar lang, betrouwbare, stabiele en vrijwel CO2-vrije elektriciteit. Nu spreken we over de mogelijkheid om die centrale ook na 2033 open te houden. Dat gebeurt niet automatisch, niet zonder voorwaarden en niet zonder toetsing, maar wel met de mogelijkheid om een vergunning aan te vragen, met een geactualiseerd veiligheidsrapport, met onderzoek naar milieugevolgen en met toetsing door de ANVS.

Voorzitter. Dat is precies zoals het hoort. Dit wetsvoorstel is geen vrijbrief. Dit wetsvoorstel haalt een politieke blokkade weg die ooit in de wet is gezet omdat men van kernenergie af wilde, niet omdat Borssele onveilig was, niet omdat de techniek niet deugde, maar omdat de politiek destijds emotie boven de feiten plaatste. Daar moeten wij nu mee afrekenen. Want als een centrale na 50 jaar nog steeds veilig kan draaien, als die jaarlijks bijna 4 terawattuur aan stabiele elektriciteit levert, als die bijdraagt aan leveringszekerheid, betaalbaarheid en CO2-reductie, dan is de meest duurzame keuze heel simpel: gooi niet weg wat werkt. Dat zou de basis van duurzaamheidsbeleid moeten zijn.

Voorzitter. Jarenlang is Nederlanders verteld dat kernenergie gevaarlijk zou zijn. Maar wie naar de cijfers kijkt, ziet iets heel anders. Het gebruiken van kernenergie behoort tot de veiligste manieren om elektriciteit op te wekken. Precies daarom is het zo vreemd dat sommige partijen bij wind, zon en biomassa blind vertrouwen hebben in vergunningen, procedures en toezichthouders, maar bij kernenergie ineens doen alsof de politiek op de stoel van de nucleaire veiligheidsexpert moet gaan zitten. Dat is niet consequent; dat is ideologisch. Als veiligheid vooropstaat, hoort de beoordeling te liggen bij de onafhankelijke toezichthouder, bij de ANVS, en niet bij een Kamermeerderheid die op dinsdagmiddag op basis van onderbuikgevoelens bepaalt wat technisch wel of niet veilig is. De wet die vandaag voorligt, doet precies dat: een politiek besluit over het openzetten van die mogelijkheid. De ANVS beslist vervolgens of het veilig kan. Dat is de juiste taakverdeling.

Voorzitter. Dan de betaalbaarheid. Jarenlang horen we dat kernenergie te duur is. Maar voor 1 gigawatt aan vermogen vanuit wind op zee spreken we over 4 miljard euro subsidie. Daar krijgen we dan misschien twintig jaar lang energie voor. Bij een kerncentrale spreken we misschien wel over 80 jaar lang energievoorziening. Dat is vier keer zo lang. Voor netverzwaring, balancering, opslag en back-upcapaciteit praten we ook over enorme kosten. Alleen, die verdwijnen vaak in andere tabellen, andere begrotingen en andere posten. Zodra we spreken over kernenergie, doen sommige partijen alsof alleen die kosten meetellen. Dat is boekhouden met oogkleppen op. Een kerncentrale levert niet alleen stroom, maar ook voorspelbaarheid, stabiliteit en vermogen op momenten dat de zon niet schijnt en de wind niet waait. Borssele staat er al. De goedkoopste, betrouwbare CO2-arme stroom is vaak de stroom uit infrastructuur die we al hebben. Daarom vraag ik aan partijen die kernenergie steeds "te duur" noemen: wat vindt u nu precies te duur? De stroom, de betrouwbaarheid of het feit dat kernenergie niet past in uw oude ideologische plaatje?

Voorzitter. Dan het afval. Laten we daar eerlijk over zijn. Ja, kernafval bestaat. Ja, daar moeten we zorgvuldig mee omgaan. Ja, dat vraagt opslag, beheer en verantwoordelijkheid. Maar het beeld dat daarmee vaak wordt opgeroepen, klopt gewoon niet. We hebben het over zeer kleine volumes, zeker vergeleken met de enorme hoeveelheden afval, materialen en ruimtebeslag van andere energiebronnen. COVRA heeft de opslagcapaciteit, maar bovendien kan een deel van wat wij vandaag "afval" noemen, in de toekomst mogelijk weer een grondstof worden voor nieuwe reactoren. Kernenafval is dus geen reden om een goed functionerende centrale te sluiten. Het is een beheersbaar vraagstuk, en Nederland is daar uitstekend toe in staat.

Voorzitter. Ik wil graag nog een extra punt aankaarten. Het vakantietreinabonnement, dat we te danken hebben aan GroenLinks-Partij van de Arbeid, wordt mogelijk betaald uit middelen die bestemd waren voor onderzoek naar de berging van kernafval. Ik zou graag concreet van de staatssecretaris willen weten welke gevolgen dit heeft. Is dit eigenlijk conform de begrotingsregels? De Algemene Rekenkamer was vorige week vernietigend over het feit dat middelen uit het Klimaatfonds voor andere, niet-gerelateerde doeleinden worden gebruikt. Is dat niet juist wat we nu dankzij GroenLinks-Partij van de Arbeid gaan doen? Klimaatgeld moet naar klimaatbeleid. Nucleaire middelen moeten naar nucleaire veiligheid, kennis en afvalbeheer, en niet naar symboolpolitiek.

Voorzitter. Dan de ruimte. Nederland is klein en onze ruimte is schaars. We hebben woningbouw, industrie, landbouw, natuur en infrastructuur nodig en daarbovenop leggen we nu een enorme energietransitie. Dorpen worden geconfronteerd met windmolens, polders met zonnevelden, het elektriciteitsnet kraakt en elke vierkante meter is onderwerp van strijd. Dan is het toch ronduit onverstandig om een technologie te negeren die juist ontzettend veel energie kan leveren op een relatief klein oppervlak? Kerncentrales zijn compact, leveren stabiel, zetten geen hele landschappen vol, vermoorden geen vogels, leggen geen dorpen in de slagschaduw, verblinden geen piloten en vragen geen zeeën van ruimte aan zonnevelden. Als we de balans opmaken van veiligheid, leveringszekerheid, betaalbaarheid, ruimtegebruik en klimaat, dan staat het niet 1-0, maar 5-0 voor kernenergie.

Voorzitter. Dan duurzaamheid. Uiteindelijk is dat namelijk de reden dat we dit allemaal willen doen. We willen van fossiel af, we willen de CO2-uitstoot terugdringen, we willen een betrouwbare energievoorziening zonder afhankelijk te zijn van grillige regimes of weersomstandigheden. Kernenergie is daarin geen vijand van duurzaamheid; kernenergie ís duurzaamheid, maar dan zonder wensdenken. Wie serieus klimaatbeleid wil voeren, kan kernenergie niet blijven wegzetten als probleem. Kernenergie is onderdeel van de oplossing. Kijk naar Frankrijk. Kijk naar landen die dankzij kernenergie veel schonere elektriciteit produceren dan landen die zichzelf "groen" noemen, maar ondertussen afhankelijk blijven van gas, kolen of geïmporteerde stroom.

Voorzitter. Dan het argument dat kernenergie te lang zou duren. Daar zit een kern van waarheid in, maar niet om de reden die vaak wordt genoemd. Het bouwen van kerncentrales duurt niet lang omdat de techniek niet werkt; het duurt in Nederland vooral lang omdat wij van vergunningverlening, bezwaarprocedures en bestuurlijke versnippering een nationale hobby hebben gemaakt. Voordat er überhaupt een schop de grond in kan, zijn we jaren verder. Dat is niet alleen bij kernenergie zo. We zien het ook bij woningbouw, infrastructuur, defensie en energieprojecten. Nederland is niet traag omdat we niets kunnen; nee, Nederland is traag omdat we onszelf voortdurend klemzetten. Daarom wil ik van de staatssecretaris weten hoe wordt voorkomen dat Borssele straks in dezelfde procedurele mode belandt. Hoe zorgen we dat technische studies, MER-procedures, vergunningverlening en eventuele aanpassingen niet onnodig na elkaar worden gezet, maar waar mogelijk parallel lopen? Hoe zorgen we dat de ANVS voldoende capaciteit heeft om haar werk zorgvuldig en tijdig te doen? Partijen die vandaag zeggen dat kernenergie te lang duurt, moeten straks niet tegen voorstellen gaan stemmen die de vergunningstrajecten juist versnellen.

Voorzitter. Daarom kom ik met moties om de procedures te stroomlijnen, niet om de veiligheid te verlagen en niet om de inspraak weg te drukken, maar om te zorgen dat Nederland niet opnieuw tien jaar verliest met papieren rondjes, bestuurlijke mist en politieke koudwatervrees.

Dan nog één punt: het convenant. De Raad van State heeft terecht gewezen op het Convenant Kerncentrale Borssele uit 2006, waarin nog altijd staat dat EPZ de centrale uiterlijk per 31 december 2033 buiten bedrijf stelt. Als wij deze wetswijziging aannemen, maar het convenant niet wordt aangepast of beëindigd, blijft er alsnog een juridische en bestuurlijke hobbel liggen. Daarom vraag ik aan de staatssecretaris: wat is hierbij de stand van zaken? Wanneer komt er duidelijkheid voor de aandeelhouders over EPZ, over het convenant en over de afspraken die nodig zijn om bedrijfsduurverlenging daadwerkelijk mogelijk te maken? Deze Kamer moet niet alleen een wetswijziging aannemen. Deze Kamer moet ook kunnen controleren of het kabinet de uitvoering op orde heeft.

Dan tot slot. Borsele bewijst al meer dan 50 jaar dat kernenergie betrouwbaar, compact, veilig en schoon kan zijn. Deze centrale levert precies wat Nederland nodig heeft: stabiele energie, dag en nacht, onafhankelijk van het weer. De vraag vandaag is dus niet of we blind moeten tekenen voor verlenging. De vraag is of we de mogelijkheid openhouden om een goed werkende centrale langer te benutten als dat veilig kan. Voor JA21 is het antwoord helder. Wij kiezen voor feiten boven angst. Voor techniek boven ideologie. Voor leveringszekerheid boven wensdenken. En voor betaalbare, betrouwbare en schone energie boven politieke symboolbaatregelen. Daarom zal JA21 volmondig voor deze wetswijziging stemmen. Laten we werk maken van de bedrijfsduurverlenging van Borssele. En laten we eindelijk weer trots durven kiezen voor kernenergie in Nederland.

Ik dank u wel.

De voorzitter:
Dank u wel voor uw inbreng. Er is een interruptie van de heer Klos.

De heer Klos (D66):
"Leveringszekerheid boven wensdenken." Dat deed mij denken aan de situatie waarin de leveringszekerheid voor kernenergie toch ook enigszins in gevaar is, omdat een deel van het proces nog in Russische handen is. Het kabinet schrijft dat een Russische onderaannemer onderdeel is van dat proces en dat daar ook geen alternatief voor is voor de kerncentrale in Borssele. Hoe kijkt JA21 daarnaar?

De heer Van den Berg (JA21):
Ik vind dat een terecht punt. Dat is mij ook opgevallen in de stukken. Ik heb overwogen daar wellicht nog een motie over in te dienen, maar ik heb er ook al een paar in voorbereiding. Ik zou wel aan de staatssecretaris willen vragen of de staatssecretaris er alles aan kan doen om zich er in ieder geval voor in te spannen dat die afhankelijkheid verdwijnt. Uiteindelijk gaat het mij en JA21 om leveringszekerheid. Leveringszekerheid is ook gebouwd op onze infrastructuur en op onze stromen van materialen. Dat geldt uiteindelijk ook voor kernenergie.

De heer Klos (D66):
Dus stel, er zou in de Tweede Kamer een voorstel worden gedaan om die afhankelijkheid af te bouwen, dan zou JA21 daar positief tegenover staan?

De heer Van den Berg (JA21):
Dan gaan we natuurlijk een politiek spel spelen, zeg ik voor de mensen thuis. Zoals ik zei: ik heb daar zeker interesse in. Maar als meneer Klos van D66 een voorstel doet, ga ik natuurlijk heel kritisch kijken of daar niet weer wensdenken in zit en of het wel realistisch is en past bij de leveringszekerheid. Dan komen alle JA21-punten vanzelf weer naar voren. Zoals u weet, meneer Klos, sta ik zeer open voor samenwerking.

De voorzitter:
Dank, nogmaals. We gaan luisteren naar mevrouw Müller. Zij voert het woord namens de VVD-fractie.

Mevrouw Müller (VVD):
Voorzitter. Wat de VVD betreft had deze wetswijziging vandaag een hamerstuk mogen zijn. Het standpunt van mijn fractie over kernenergie is al jaren zo helder als glas. Kernenergie is een onmisbaar fundament onder een robuust, schoon en toekomstbestendig energiesysteem. Het is een betrouwbare, CO2-vrije energiebron, die ons land minder afhankelijk maakt. Kernenergie maakt Nederland veiliger, duurzamer en economisch sterker. De VVD pleit dan ook al langer voor het openhouden van de kerncentrale in Borssele. Dat dit nu mogelijk wordt gemaakt met deze wetswijziging, is goed nieuws voor onze leveringszekerheid en voor ons klimaat. Met Borssele kunnen wij een eigen, stabiele stroomvoorziening behouden. Bovendien draagt het openhouden ervan bij aan het behoud van specifieke nucleaire kennis en ervaring in Nederland. Kennis die wij in de toekomst keihard nodig hebben. Mijn fractie zal deze wet dan ook vol overtuiging steunen.

Maar, voorzitter, voor het uiteindelijk langer openhouden is er natuurlijk meer nodig dan deze wet. Ik vraag de staatssecretaris daarom ook om een update van de gesprekken over de aandelen van ZEH Energy BV. Is het nog steeds de inzet om voor de zomer tot een akkoord te komen?

Het langer openhouden van Borssele gaat over het veiligstellen van wat we hebben. De echte winst voor de toekomst zit in wat we gaan bouwen. We moeten vooruit. De VVD is er dan ook trots op dat in het coalitieakkoord is afgesproken dat we doorwerken aan de bouw van ten minste vier nieuwe kerncentrales, zowel conventionele als modulaire reactoren, de SMR's. Daarom spoor ik de staatssecretaris vandaag aan tot maximaal tempo. Voor de conventionele centrales heeft toenmalig minister Hermans de afgelopen tijd veel voorbereidend werk gedaan. Daarop moet nu worden voortgebouwd, met als belangrijke mijlpaal de locatiekeuze in september. Maar ik wil ook maximaal tempo op de SMR's. De VVD zet zich hier al jaren voor in. Met moties, amendementen en een gezamenlijke actieagenda met het CDA hebben wij het kabinet steeds aangespoord om concrete stappen te zetten. Mijn fractie is dan ook blij met de SMR-strategie die er nu ligt en blij dat ook de Europese Commissie inmiddels een eigen strategie heeft gelanceerd. We kijken dan ook met veel belangstelling uit naar de plannen die de staatssecretaris half juni naar de Kamer stuurt om hier invulling aan te geven. Hoewel het verleidelijk is om hier vandaag al op vooruit te lopen, bewaren we het inhoudelijke debat graag voor het commissiedebat in juli.

Ik wil vandaag toch vast één grote zorg op tafel leggen. Dat gaat om de vergunningverlening voor de SMR's. We zien nu al dat de procedures voor reguliere energieprojecten in Nederland jaren in beslag nemen. Keer op keer vragen we ons af hoe we die stroperigheid kunnen doorbreken. Mijn grote vrees is dat de vergunningverlening voor innovatieve technologieën zoals de SMR's straks nog langer gaat duren, terwijl de Europese Unie juist oproept tot versnelling en landen als het VS en het Verenigd Koninkrijk echt tempo maken. We moeten oppassen dat we de boot niet missen. Dat zou doodzonde zijn, want we hebben in Nederland prachtige, innovatieve bedrijven die willen en kunnen investeren.

Ik heb daarom een viertal concrete vragen aan de staatssecretaris. Is er op dit moment voldoende capaciteit en specifieke expertise bij de ANVS om deze nieuwe SMR-technologieën snel en adequaat te toetsen? Ligt er voldoende capaciteit bij de provincies om deze complexe trajecten soepel te laten doorlopen? Is de staatssecretaris bereid om vol in te zetten op de standaardisatie van vergunningsaanvragen en beoordelingskaders om zo voorspelbare trajecten te borgen? En hoe gaat het ministerie van Klimaat en Groene Groei de provincies hierin actief ondersteunen en ontlasten? We hebben nú de kans om snelle, zorgvuldige en voorspelbare trajecten voor te bereiden. Wat de VVD betreft zetten we daarom vroegtijdig in op het aantrekken van extra capaciteit bij de diensten die de vergunningen moeten beoordelen en verlenen.

Voorzitter, afrondend. Het verlengen van Borssele is een cruciale en terechte stap, maar laten we zorgen dat het de opmaat is naar meer. Laten we de procedures stroomlijnen en vol gas vooruitgaan. Ik hoor graag de reactie van de staatssecretaris.

Dank u wel.

De voorzitter:
Hartelijk dank voor uw inbreng. We gaan nu luisteren naar de heer Kops. Hij voert het woord namens de PVV-fractie.

De heer Kops (PVV):
Dank u wel, voorzitter. In artikel 15a van de Kernenergiewet is momenteel geregeld dat de vergunning voor de centrale Borssele per 31 december 2033 komt te vervallen. In hetzelfde artikel is ook geregeld dat een aanvraag voor een vergunning na de genoemde datum niet in behandeling zal worden genomen. Dit voorstel wijzigt de wet waardoor de exploitant van kerncentrale Borssele de mogelijkheid krijgt een aanvraag te doen bij de Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming voor wijziging oftewel verlenging van de vergunning en daarmee de bedrijfsduur. Die aanvraag wordt vervolgens ook in behandeling genomen.

Voorzitter. Enerzijds klinkt dat natuurlijk ontzettend goed. De PVV is immers groot voorstander van kernenergie: stabiel, goed voor de leveringszekerheid, betrouwbaar, in ieder geval niet weersafhankelijk, zoals windturbines en zonnepanelen, en, voor de liefhebbers, ook nog eens CO2-neutraal. Een feest voor iedereen. De PVV wil dat er nieuwe centrales worden bijgebouwd, ook kleine reactoren, en steunt ook de bedrijfsduurverlenging van Borssele. Anderzijds wordt met dit wetsvoorstel eigenlijk alleen maar geregeld dat er een aanvraag tot verlenging gedaan kan worden en dat die aanvraag wordt behandeld. Meer is het eigenlijk niet, technisch gezien. Tegelijkertijd gaat het natuurlijk wel over iets cruciaals, namelijk onze energievoorziening van de toekomst, het openhouden van de enige kerncentrale die we nu, op dit moment, hebben.

In de nota naar aanleiding van het verslag van 6 mei schrijft de staatssecretaris: "Het is aan de exploitant om te bepalen wanneer — na inwerkingtreding van het wetsvoorstel — een eventuele vergunningsaanvraag wordt ingediend." Op zich is dat natuurlijk logisch, maar dan toch: wanneer verwacht de staatssecretaris dat dit wetsvoorstel in werking treedt en wanneer verwacht hij dan die vergunningsaanvraag? Hij schrijft namelijk letterlijk: "eventuele vergunningsaanvraag". Dat roept de vraag op: wat gebeurt er nu als de exploitant om wat voor reden dan ook geen aanvraag voor verlenging van de vergunning doet? Wat is dan het plan of het alternatief van de staatssecretaris? Graag een reactie.

Voorzitter. Momenteel voert de exploitant allerlei studies uit naar de beoogde bedrijfsduurverlenging. De staatssecretaris schrijft dat de resultaten daarvan bekend moeten zijn op het moment dat de exploitant de aanvraag doet. Hoelang duren die studies eigenlijk? Wanneer verwacht de staatssecretaris die resultaten? Uiterlijk wanneer moeten die studies, de resultaten en de aanvraag eigenlijk helemaal gereed en goedgekeurd zijn om de centrale vanaf 1 januari 2034 daadwerkelijk draaiende te houden? Stel dat die aanvraag, heel hypothetisch, pas op de allerlaatste dag zou worden ingediend. Dat schiet dan natuurlijk niet op.

Voorzitter. Ik stel die vragen, omdat de staatssecretaris schrijft dat de exploitant voldoende tijd nodig zal hebben om, na het doorlopen van de vergunningsprocedure, eventueel benodigde werkzaamheden uit te kunnen voeren. Welke werkzaamheden dan zoal? Hoeveel tijd kost dit? Waarmee wordt rekening gehouden? Is het denkbaar dat er in een later stadium, dus na het doorlopen van die vergunningsprocedure, onvoorziene en vertragende werkzaamheden nodig blijken te zijn? Wat nu als dat allemaal niet op tijd gereed zal zijn? Wat is dan het plan? Hoe lang zal de kerncentrale na 2033 open kunnen blijven als dat allemaal geregeld is? Ik verwacht geen exacte datum, maar om en nabij.

De staatssecretaris schrijft: "Het is aan de exploitant van de kerncentrale om aan te tonen voor welke periode de centrale veilig langer in bedrijf kan blijven." Hij schrijft ook: "De voorziene levensduur is op dit moment nog niet bekend." Ja, dat zal zo zijn, maar toch is het wel iets te makkelijk. Natuurlijk is het enerzijds aan de exploitant, maar anderzijds is het idee van überhaupt meer kernenergie in de eerste plaats een politiek besluit. Dat gaat over onze energievoorziening voor minimaal de komende decennia. De staatssecretaris erkent dat eigenlijk ook. Hij zegt namelijk: het is aan de Kamer en politiek om te bepalen of kernenergie in de mix gewenst is. Wat zijn dan nu precies de verwachtingen van de staatssecretaris zelf?

Temeer: wie is die exploitant eigenlijk? Dat is EPZ. Daarvan is 70% van de aandelen in handen van ZEH Energy BV. De Staat is momenteel op de achtergrond in onderhandeling over overname daarvan. In de schriftelijke beantwoording is de staatssecretaris er heel summier over, omdat het allemaal vertrouwelijk is. Maar toch vraag ik me af hoe het hier nu mee staat. Kan de staatssecretaris een update verstrekken? Kan de staatssecretaris dan ook de zojuist gestelde vragen beantwoorden alsof ZEH al door de Staat overgenomen zou zijn? Welk materieel verschil treedt daar dan op als die overname daadwerkelijk gebeurt, zeker wat betreft de toekomst van kerncentrale Borssele? Dank u wel.

De voorzitter:
Hartelijk dank. Dan gaan we nu luisteren naar de heer Flach. Hij voert het woord namens de fractie van de SGP. Ga uw gang.

De heer Flach (SGP):
Voorzitter, mijn bijdrage is mede namens de ChristenUnie. Mijn achternaam deed het wellicht al vermoeden: mijn verre voorvaderen woonden in Duitsland, een land waar ik als energiewoordvoerder soms met enige jaloezie naar kijk, bijvoorbeeld als het gaat om de lage nettarieven. Soms kijk ik ook met grote vraagtekens, vooral wat de Atomausstieg betreft: kerncentrales dicht, terwijl je vanuit geopolitiek perspectief minder afhankelijk wilt zijn. Kerncentrales dicht, terwijl bruinkoolcentrales overuren draaien: dat is niet bepaald goed voor de CO2-uitstoot. Die kant moeten we hier niet op.

Daarom ben ik blij met het voorliggende wetsvoorstel, waarmee de sluitingsdatum voor de huidige kerncentrale in Borssele uit de wet wordt gehaald en er een mogelijkheid wordt geboden voor een verlenging van de levensduur. De huidige kerncentrale produceert al vele jaren zonder subsidie CO2-vrije stroom. Het zorgt voor een betrouwbare basislast in ons energiesysteem. Daar hadden we er meer van moeten hebben. Ik hoor graag hoe de staatssecretaris de rol van de kerncentrale bij Borssele waardeert, ook in het toekomstige energiesysteem.

Verlenging van de bedrijfsduur vraagt investeringen. Dat zijn trajecten die tijd nodig hebben. EPZ, de exploitant, moet daarom snel weten waar zij aan toe is. Gaat het lukken, vraag ik aan de staatssecretaris, om voor de zomer een onderhandelaarsakkoord te sluiten over overname van de regionale publieke aandelen in EPZ? Wat zou de staatssecretaris graag zien dat er gaat gebeuren met het convenant met EPZ bij bedrijfsduurverlenging? De vorige minister heeft aangegeven dat er alleen sprake kan zijn van de overname van aandelen als de Staat doorslaggevende zeggenschap krijgt over het besluit tot bedrijfsduurverlenging. Maar in de nota naar aanleiding van het verslag is ook aangegeven dat de regering, als de vergunningsaanvraag voor bedrijfsduurverlenging is ingediend, niet meer kan besluiten deze vergunning in te trekken. Ik hoor graag hoe de verschillende rollen van het Rijk inzake de besluitvorming over bedrijfsduurverlenging zich tot elkaar verhouden.

Verlenging van de bedrijfsduur van de bestaande centrale lijkt eenvoudiger en kosteneffectiever dan het bouwen van een nieuwe centrale. Toch is het nog geen uitgemaakte zaak en moet onderzoek uitmaken wat er aan investeringen nodig is en of het uit kan. Hoe waardeert de staatssecretaris vanuit kostentechnisch perspectief de bedrijfsduurverlenging ten opzichte van de nieuw te bouwen centrales waar het kabinet flink in wil investeren? Hieruit mag overigens niet de conclusie worden getrokken dat wij geen voorstander zouden zijn van het bouwen van nieuwe kerncentrales. Integendeel, die zien we graag liever vandaag dan morgen van start gaan. Gaat hij er met betrokken partijen de schouders onder zetten om ervoor te zorgen dat de centrale in Borssele door kan draaien?

Het Internationaal Atoomenergie Agentschap is positief over de veiligheidsstatus van de huidige centrale in Borssele. Klopt het dat de seinen voor bedrijfsduurverlenging technisch gezien op groen staan en er geen grote verrassingen te verwachten zijn? We willen met elkaar het nucleaire kenniscluster verder uitbouwen. Op welke wijze kan bedrijfsduurverlenging van Borssele hieraan bijdragen?

Tot slot. Of de centrale in Borssele nu doorgaat of niet, hij moet een keer ontmanteld worden. Daar wordt voor gespaard, maar de onzekerheden over het benodigde budget zijn groot. Wat zijn de laatste inzichten hierover? Hoe wordt gezorgd voor voldoende grip op deze kostenpost, mede gelet op eventuele aandelenovername?

Tot zover, voorzitter.

De voorzitter:
Hartelijk dank. U krijgt nog een interruptie van de heer Van den Berg.

De heer Van den Berg (JA21):
Goed betoog van de heer Flach. Ik heb er met interesse naar zitten luisteren, zeker ook naar het verhaal over Duitsland en hoe je dus juist visie moet tonen. Ik zie dat we heel vaak overeenkomsten hebben in deze Kamer met de SGP op energievlak, maar wat is volgens de SGP nou eigenlijk het ideale energiesysteem waar we heen moeten bewegen in 2050?

De heer Flach (SGP):
Dat moet je opbouwen vanuit de werkelijkheid die er nu is. Dat zal een mix zijn, waarbij wind en zon een rol spelen, want die hebben we nu eenmaal. Wij zijn absoluut geen fan van windenergie. Dat mag duidelijk zijn. Het is een foeilelijke aantasting van ons landschap en ook een aantasting van de vrije ruimte op zee. Zodra we daarvan af kunnen, zouden windmolens dus uit onze energiemix verdwijnen. Kernenergie neemt daar een belangrijke rol in, dus de stap van het kabinet om daar echt in te gaan investeren steunen wij van harte. De heer Van den Berg zei het zelf ook al: natuurlijk zit daar het afvalvraagstuk bij. Maar we zien dat de techniek doorgaat en dat er mogelijk centrales aankomen die dat afval als grondstof kunnen gaan gebruiken. Als we nog eens verder denken over de levensduur van een kerncentrale, dan mogen we ervan uitgaan dat die techniek doorgaat en dat er ook daadwerkelijk oplossingen voor worden gevonden, nog los van het feit dat het volume van dat afval, zoals u zelf al zei, heel beheersbaar is.

De voorzitter:
Nogmaals dank aan de heer Flach voor zijn inbreng. We gaan nu door naar Klos. Hij spreekt namens de D66-fractie.

De heer Klos (D66):
Dank u wel, voorzitter. Nederland en Europa zijn kwetsbaar door onze afhankelijkheid van fossiele energie. Als Poetins oorlog in Oekraïne dat niet duidelijk had gemaakt, dan wel die van Trump en Netanyahu in Iran. Diezelfde fossiele energie is een ernstige bedreiging voor het gematigde klimaat, waarin mensen veilig en comfortabel kunnen en willen leven. We bouwen daarom met grote urgentie aan een divers, robuust systeem met schone energie. De kerncentrale in Borssele is daar al sinds 1973 onderdeel van. Hij levert betrouwbaar CO2-arme stroom en bespaart daarmee jaarlijks bijna een megaton CO2-uitstoot. Toen sluiting van Borssele ter discussie stond in de eerste jaren van deze eeuw, zei de kernfysicus Jan Terlouw: "De gevaren van klimaatverandering zijn veel groter dan die van kerncentrales." Volgens hem was het "onverantwoord om een veilige kerncentrale te sluiten". Op dat standpunt stelt mijn fractie zich nu ook. Wij hebben na lezing van de beantwoording van dit kabinet nog wel enkele vragen.

Voorzitter. Het langer openhouden van de kerncentrale is gericht op een grotere onafhankelijkheid van onbetrouwbare landen, wiens oorlogseconomieën gebaat zijn bij de verkoop van grond- en brandstoffen. Kernenergie zou niet alleen moeten behoren tot de categorie schone energie, zoals ik zojuist zei, maar ook tot de categorie schone energie van eigen bodem. Het kabinet schrijft echter dat we voor de toelevering van nucleaire brandstof nog steeds afhankelijk zijn van een Russische onderaannemer. Al in 2023 kondigde het kabinet aan om deze afhankelijkheid te gaan doorbreken. Waarom is dat dan nog niet gelukt? Wat is er eigenlijk sindsdien gebeurd met dat onderzoek? Kan de staatssecretaris toezeggen dat hij die bedrijfsduurverlenging alleen zal toestaan bij onafhankelijkheid van Rusland?

Voor iedere keuze die wij maken in de energietransitie zijn voor- en nadelen te noemen. Een nadeel van het bouwen en verbouwen van kerncentrales is dat het in het begin een hele kostbare bezigheid is. Wij lazen dat we de subsidiebeschikking voor de voorbereidende studies nu moeten verdriedubbelen ten opzichte van de planning. Dat is een terugkerend patroon bij grote kernenergieprojecten in heel Europa. Het kabinet geeft aan dat nog onbekend is welke investeringen nodig zijn om de centrale na 2033 veilig open te houden, wat dat betekent voor de kostprijs van de elektriciteitsproductie en of daar uiteindelijk ook publieke steun voor nodig is. Is de staatssecretaris bereid in dat geval de Tweede Kamer te betrekken bij de besluitvorming en daarbij de mogelijke overschrijdingen in kaart te brengen, zodat mensen een realistische verwachting hebben van de besteding van het geld dat wij samen opbrengen?

En dan tot slot. Ik was iets meer dan een week geleden in Borssele. In 1969 is besloten dat we het wilden bouwen. In 1973 was het er. Kan de staatssecretaris nog iets zeggen over wat er veranderd is van toen naar nu, waardoor dat toen in vier jaar kon en nu ten minste twintig jaar moet duren? Welke lessen trekken we daar nou uit?

Dank u wel.

De voorzitter:
Hartelijk dank. U krijgt nog een interruptie van de heer Van den Berg.

De heer Van den Berg (JA21):
Wat ik mij nog afvraag bij D66, is het volgende. Volgens mij staat er in hun verkiezingsprogramma dat we altijd een bepaalde flexibiliteit moeten hebben. Als andere energiebronnen in de toekomst goedkoper zouden worden, zouden we uiteindelijk toch moeten kunnen kiezen om bijvoorbeeld de kerncentrales weer te gaan sluiten. Klopt dat?

De heer Klos (D66):
In algemene zin zou ik zeggen dat het belangrijk is om voorspelbaar en stabiel energiebeleid te voeren. Een investering in een kerncentrale doe je echt voor langere tijd. Borssele is daar het bewijs van. Het zou dus ook zonde zijn om daar zigzagbeleid in te voeren. Anderzijds is het natuurlijk ook zo dat je altijd voor de goedkoopste optie wilt kiezen. Zon en wind worden inderdaad steeds goedkoper, omdat het producten zijn. Kerncentrales zijn projecten en worden op dit moment nog niet goedkoper. De ontwikkeling van small modular reactors lijkt daarin veelbelovend te zijn, omdat die misschien wel goedkoper kunnen worden naarmate de tijd verstrijkt. Maar dat moeten we nog zien.

De heer Van den Berg (JA21):
U voelt hem al een beetje aankomen, maar zou die redenering ook de andere kant op kunnen werken? Wat nou als nucleaire energie, waar ik trouwens al sterk in geloof, goedkoper zou zijn dan zon en wind? Kunnen we dan ook het roer omgooien naar volledig nucleair volgens D66?

De heer Klos (D66):
Volgens mij is het zaak om naar zo veel mogelijk duurzame bronnen te gaan, ook om dat energiesysteem divers en robuust te houden. Ik zie in de prognoses van het kabinet — die vind ik verstandig — dat zelfs in het maximale scenario van de realisatie van kernenergie nog steeds 90% uit wind en zon bestaat. Dat is ook logisch, want die werken gewoon heel goed. Dus ik denk dat je je nooit op één bron gaat verlaten.

De heer Flach (SGP):
Best wel een heel realistisch betoog van de heer Klos over kernenergie. Volgens mevrouw Van Oosterhout is het onderdeel van een rechts kabinet dat dit wil doordrukken, maar ik noem het vooral een realistische insteek. Ik ken D66 ook als een partij die behoorlijk wil investeren in de kwaliteit van onze natuur en onze leefomgeving. Neem bijvoorbeeld de transitie van stikstof: 20 miljard. Als we kijken naar de impact van windmolens op onze leefomgeving en natuur, dan moeten we toch met elkaar constateren dat investeren in een kleine kernreactor veel minder impact heeft op onze natuur en leefomgeving dan al die foeilelijke windmolens.

De heer Klos (D66):
Ik vind windmolens mooi en ik ben er trots op. Ik denk ook dat ze allemaal een symbool zijn van onze Europese en nationale onafhankelijkheid. Dus die mening deel ik absoluut niet. Ik denk wel dat we altijd naar de milieu-impact moeten kijken van alle bronnen die we aanboren om energie-onafhankelijk en klimaatneutraal te worden. Daar moet je realistisch in zijn. Daarin moet je altijd afwegen wat het beste is. Ik zie inderdaad ook nadelen van windmolens. Ik zie ook nadelen van kerncentrales. Dus laten we elkaar daar geen vliegen over afvangen en dit debat gewoon op waarde en realisme voeren.

De heer Flach (SGP):
Ik denk dat over smaak niet te twisten valt. Daar worden we het dan niet over eens. Maar we moeten met elkaar ook de nuchterheid betrachten dat volledig onafhankelijk zijn op het gebied van energie niet zal lukken. Het zal niet lukken om alles van eigen bodem te halen. We hebben ook uranium nodig uit de rest van de wereld. We hebben mineralen nodig voor die windmolens en zonnepanelen. We zullen nooit helemaal onafhankelijk zijn van het buitenland. Dat moeten we met elkaar ook gewoon vaststellen. Het is volgens mij veel belangrijker dat we als Nederland voldoende wederzijdse afhankelijkheden hebben ingebouwd, waardoor landen ook afhankelijk zijn van ons. In die stabiliteit kunnen we volgens mij best vooruit met de energietransitie. Maar helemaal onafhankelijk zal toch niet lukken. Daar is de heer Klos het denk ik wel mee eens.

De heer Klos (D66):
Wat mij betreft is strategische autonomie inderdaad echt iets anders dan autarkie. Een deel van de groene waterstof zal je bijvoorbeeld toch moeten blijven importeren. Dus die illusie dat je alles van eigen bodem kunt halen, heb ik zeker niet. Ik vind wel dat we dat zo veel mogelijk moeten doen, omdat dat ook onze positie in de wereld versterkt. Hoe onafhankelijker we zijn, hoe beter we onze waarden kunnen uitdragen op het wereldtoneel. Ik vind inderdaad dat premier Sánchez daar wel een goed voorbeeld van is. Die durft zijn eigen mening te voeren, ook omdat hij een eigen energiebeleid heeft. Als wij dat willen doen, moeten we zo snel mogelijk af van fossiele energie, want die gaat nu niet door de Straat van Hormuz.

De voorzitter:
Nogmaals dank aan de heer Klos. We gaan nu luisteren naar de heer Jumelet. Hij voert het woord namens de CDA-fractie. Ga uw gang.

De heer Jumelet (CDA):
Voorzitter. Voor het CDA hadden we dit ook een hamerstuk kunnen laten zijn. Toch is het denk ik wel goed om een bijdrage te leveren, want dit is een belangrijk onderwerp.

Als Nederland zijn klimaatdoelen wil halen en leveringszekerheid wil behouden, dan moeten we inzetten op een mix van de energiebronnen zonne-, wind- en kernenergie. Daarom is het logisch dat Nederland niet alleen kijkt naar de bouw van nieuwe kerncentrales, maar ook naar het langer openhouden van de kerncentrale Borssele. Borssele speelt al decennialang een belangrijke rol in onze energievoorziening. In 2010, toen het beleid nog gericht was op het beëindigen van kernenergie, is besloten dat de vergunning voor elektriciteitsproductie op 31 december 2033 vervalt. De huidige Kernenergiewet staat daarmee bedrijfsduurverlenging in de weg. Dit wetsvoorstel haalt die blokkade weg. Met deze wijziging ontstaat de mogelijkheid voor de vergunninghouder om verlenging aan te vragen. Dat betekent niet dat Borssele automatisch langer openblijft; daarvoor zijn nog technische beoordelingen, veiligheidstoetsen en investeringsbeslissingen nodig. Pas daarna kan er een definitief besluit volgen.

Met de motie van Kamerleden Agnes Mulder en Harbers heeft de Kamer de regering al in 2020 gevraagd om deze wetswijziging voor te bereiden. Sindsdien is ook nog eens een keer de wereld veranderd: de urgentie van klimaatverandering is toegenomen, de vraag naar betrouwbare energie groeit en Europa heeft ervaren hoe kwetsbaar energieafhankelijkheid kan zijn. Tegen die achtergrond is het belang van Borssele alleen maar groter geworden. Bovendien levert Borssele stabiele stroom. Onafhankelijkheid van het weer en stabiliteit zijn in een energiesysteem waarin zon en wind een steeds grotere rol spelen van grote waarde.

Daarnaast gaat het om kennis en ervaring. Ik wil daar ook graag aandacht voor vragen. Als Nederland meer kernenergie wil inzetten, moeten we beschikken over mensen met praktijkervaring, technische expertise en kennis van nucleaire veiligheid. Door Borssele langer open te houden, behouden we die kennis in eigen land. Dat is essentieel voor de bouw en exploitatie van nieuwe kerncentrales. Voor het CDA geldt vanzelfsprekend dat verlenging alleen aan de orde kan zijn als dit veilig gebeurt.

Nu mijn vragen aan de staatssecretaris. Kan de staatssecretaris toelichten hoe wordt geborgd dat de centrale ook in de toekomst aan alle veiligheidseisen blijft voldoen? En wanneer verwacht het kabinet duidelijkheid over de investeringen die nodig zijn om de centrale na 2033 veilig te laten functioneren?

Voorzitter. Er lopen ook gesprekken over de eigendomsstructuur van de centrale. Mijn vraag is dan ook: wanneer verwacht de staatssecretaris meer duidelijkheid te kunnen geven over de onderhandelingen met de aandeelhouders van EPZ? Welke risico's ziet het kabinet als deze onderhandelingen niet tot overeenstemming leiden? Wat betekent dat voor de mogelijkheid om Borssele daadwerkelijk langer open te houden?

Deze wetswijziging, waar het CDA mee kan instemmen, is geen eindpunt, maar een verstandige en noodzakelijke tussenstap; een stap die bijdraagt aan onze klimaatdoelen, onze energiezekerheid versterkt en ervoor zorgt dat Nederland nucleaire kennis en ervaring behoudt voor de toekomst.

Dank u, voorzitter.

De voorzitter:
Dank u wel. We gaan zo luisteren naar de heer Van Duijvenvoorde. Ik heb eerst nog even een mededeling over de orde van vandaag. Er waren drie wetsvoorstellen en drie tweeminutendebatten ingepland. Er zijn er twee bij gekomen vanwege de Europese Raden, waar we na de lunch over moeten stemmen. Om het schema beheersbaar te houden, heb ik in overleg met de Griffie besloten dat de voortzetting van dit debat na uw eerste termijn naar volgende week doorschuift, naar woensdagavond. Anders komen we totaal in de problemen vandaag.

Nu krijgen de heer Van Duijvenvoorde en de heer Vermeer nog het woord. Daarna schorsen we voor de lunch. Na de lunch gaan we dan verder met de stemmingen en de rest van het schema. Dit debat wordt dus volgende week woensdagavond vervolgd.

Ga uw gang, meneer Van Duijvenvoorde.

De heer Van Duijvenvoorde (FVD):
Dank, voorzitter. Een wetswijziging waarin de wettelijke blokkade wordt weggenomen die verhindert dat de centrale Borssele na 2033 een vergunningsaanvraag kan doen, zodat deze centrale betrouwbare stroom kan blijven leveren en kostbare kennis in Nederland bewaard kan blijven. Uiteraard zullen wij dat steunen. Het debat dat hieronder schuilgaat, is natuurlijk veel breder. Welke rol wil en kan Nederland spelen in de energie-innovatie? We kunnen een voorloper worden, een herhaling van Philips in de 21ste eeuw, een nieuwe ASML — of stilstaan en kijken hoe we voorbij gerend worden door wel moedige landen. Gelukkig is het zo dat het kabinet en een meerderheid van deze Kamer weer oog heeft voor deze energiebron. Dat is veel te lang anders geweest, getuige de opname van artikel 15a in 2010, het artikel dat nu aan de orde is in dit debat. Toegevoegd door een kabinet dat onze kernenergieproductie helemaal wilde beëindigen. Het kan verkeren, zeg maar.

Voorzitter. Het is bekend dat FVD anders aankijkt tegen het onderwerp klimaat en energietransitie. Wat ons betreft kan de hele klimaatneutrale ambitie van tafel. Wij blijven vertrouwen in fossiele brandstoffen als energiebron, maar in kernenergie — het is al vaker gezegd door collega's — zouden voorstanders van klimaatbeleid en klimaatsceptici elkaar toch moeten kunnen vinden. In de zoektocht naar klimaatneutraliteit 2050 mikt ons energiebeleid op dit moment op wind, zon en daarnaast nog een klein beetje op kernenergie. Wij vinden dat, ook gezien vanuit de voorstanders van het klimaatbeleid, niet uit te leggen. Investeringen in kernenergie zouden de basis moeten zijn van een vernieuwende energietransitie. Een land als Frankrijk haalt 70% van zijn elektriciteit uit kernenergie, terwijl dat in Nederland ongeveer 3% of 4% is. Kortom, we hebben nog veel in te halen.

Voorzitter. Nu is het uitgelezen moment voor die inhaalslag, want uit de Nederlandse bodem springen ontwikkelingen die de energiewereld fundamenteel kunnen veranderen. Dan heb ik het over gesmoltenzoutreactoren. Deze nieuwe generatie reactoren werkt fundamenteel anders dan de kernenergie die wij tot nu toe kennen. Ze gebruiken vloeibaar zout als koelmiddel en deze reactoren slaan bij oververhitting vanzelf af, zonder menselijk ingrijpen. Deze reactoren kennen intrinsiek veiligere eigenschappen dan conventionele ontwerpen. Door het gebruik van vloeibaar zout en passieve veiligheidssystemen is het risico op escalatie aanzienlijk kleiner.

Voorzitter. In Nederland wordt aan deze technologie gewerkt. Thorizon heeft concrete ontwerpen, voortbouwend op al die nucleaire kennis die wij hier hebben ontwikkeld. Dat is een bedrijf dat in Europa serieus wordt genomen, zoals wij ook lezen in het rapport-Wennink, waar Thorizon genoemd wordt als flagshiponderneming van de toekomst. Maar dit soort start-ups zijn voor hun slagen wel afhankelijk van de politieke wil om ook hierin te investeren. Stel je eens voor dat Nederland in de jaren zestig had gezegd: "Die transistor is interessant, maar we wachten even af of andere landen of andere bedrijven er iets mee gaan doen. We zien het wel." Dat hadden we onszelf echt nooit vergeven.

Voorzitter. Kernenergie zou voor onze energievoorziening kunnen betekenen wat de transistor was voor onze informatietechnologie. En het zaadje voor deze doorbraak ligt nu in Nederlandse handen. Wij hebben daardoor een unieke positie, maar de brede nucleaire strategie van het kabinet blijft financieel gezien achter. Uit de Voorjaarsnota blijkt dat IPCEI Nuclear deze ronde niet wordt gefinancierd. Sterker nog, het kabinet geeft aan dat IPCEI uit hetzelfde kernenergieperceel zou moeten komen als de conventionele kerncentrales zoals de centrale Borssele, en dat er onvoldoende middelen zijn om alle nucleaire ambities volledig te realiseren, terwijl de regering zelf stelt dat het van belang is dat nucleaire kennis en ervaring behouden moeten worden in Nederland.

Voorzitter. Daarom is het juist van belang dat Nederland middelen geeft aan IPCEI Nuclear en daarmee aan nucleaire innovatie voor de toekomst. Mijn vragen zijn daarom als volgt. Welke concrete financieringsroute ziet de staatssecretaris of de minister voor nucleaire innovatie waaronder IPCEI Nuclear, nu dit niet uit het huidige kernenergieperceel wordt bekostigd? Kan hij de Kamer voor het commissiedebat over kernenergie op 2 juli daarover informeren? Ziet de staatssecretaris gesmoltenzoutreactoren en andere advanced modular reactor-technologieën als een strategische kans voor Nederland om een leidende positie op te bouwen in de Europese nucleaire keten? Zo ja, welke concrete stappen worden de komende jaren gezet om te voorkomen dat deze kennis en bedrijven naar het buitenland zouden verdwijnen? De regering spreekt over het behoud van nucleaire kennis, nieuwe centrales en innovatie. Nogmaals, uit de Voorjaarsnota blijkt tegelijkertijd dat niet alle nucleaire ambities kunnen worden gefinancierd. Wat is nu eigenlijk de prioritering van het kabinet? Welke onderdelen van de nucleaire agenda dreigen zonder de aanvullende middelen te vertragen of af te vallen?

Tot slot. Met een beetje moed, en een klein beetje goede wil, kan Borssele over 20 à 30 jaar meer zijn dan alleen een plek van een kerncentrale. Het kan een nieuwe nucleaire hub zijn waar bedrijven als Thorizon, kennisinstellingen en nieuwe technologie elkaar verstrekken. Dan hebben we én onze energieproblemen opgelost én het probleem opgelost van de krimpende bevolking van Zeeland.

Voorzitter, dank u wel.

De voorzitter:
Hartelijk dank voor uw inbreng. Ik geef tot slot in de eerste termijn van de Kamer het woord aan de heer Vermeer. Hij voert het woord namens de BBB-fractie. O, sorry, meneer Flach, heeft u nog een interruptie? U wil een punt van orde maken.

De heer Flach (SGP):
Ik zou een punt van orde willen maken. U overviel ons net even met het feit dat het debat wordt geknipt. Zouden we toch nog kunnen kijken naar een alternatief? Dat zou ik willen voorstellen. Ik heb geen idee hoelang de staatssecretaris nodig heeft, maar als hij zich wat beperkt in zijn uitleg zal het wel wat uitlopen, maar we hebben onszelf allemaal redelijk ingehouden qua spreektijd. Daarom denk ik dat het mogelijk moet zijn om het debat vandaag af te ronden. Dit verzoek doe ik ook in het kader van efficiënt omgaan met elkaars tijd. We weten allemaal dat er volgende week weer iets is wat voor kan gaan. Ik zou dus een punt van orde willen maken om met enige zelfdiscipline toch te proberen om dit debat vandaag voortvarend af te ronden.

De voorzitter:
Ja, maar ik heb daarnaar gekeken en er overleg over gevoerd met de Griffie. Kijk, het probleem is dat de plenaire agenda iedere keer behoorlijk overbelast is. Vorige week is er een debat toegevoegd dat er toen weer vanaf ging. Dat debat is gisteren gehouden en tot diep in de nacht doorgegaan. Met de overvolle agenda van vandaag, waar ook nog eens twee tweeminutendebatten bij kwamen, gaan we weer door tot diep in de nacht. Dat zouden we niet moeten willen met elkaar. We hebben een gelegenheid. Ik snap dat het op korte termijn is, maar het is wel volgende week woensdag al. Ik zou toch willen blijven bij het voorstel, want anders moeten alle andere afspraken van vandaag allemaal verzet gaan worden, wat het nodeloos complex maakt.

De heer Flach (SGP):
Ik heb het wat dat betreft te doen met uw rol als voorzitter, maar de vraag is wel waarom dit debat dan verplaatst moet worden. We zouden ook kunnen kijken of we het debat van vanavond, dat nog niet is aangevangen, kunnen verplaatsen. Het in tweeën knippen van een debat is nooit ideaal. Daarom wil ik mijn ordevoorstel toch voorleggen aan de collega's.

De voorzitter:
Als het een ordevoorstel is, moet ik iedereen de gelegenheid geven om daarop te reageren.

De heer Van den Berg (JA21):
Inderdaad, voorzitter. Volgens mij heeft de heer Flach het recht om een ordevoorstel te doen. Het draait voor mij wel om een punt van frustratie. U zegt het eigenlijk zelf al, voorzitter: juist door debatten zoals dat van gisteren loopt de inhoud elke keer achter op de dagelijkse brandjes. Ik heb het gisteravond gezien en ik vond het een schande, want we hebben het hier alleen maar over elkaar en over elkaars woorden. Ik wil dat echt gezegd hebben. Ik vind het zo jammer dat we dit als Kamer doen. Dit is het perfecte voorbeeld van het gevolg daarvan. Ik zou eigenlijk iedereen hier ertoe willen oproepen — de rest zit er niet — om hier een beetje zorgvuldig mee om te gaan zodat we bij de inhoud kunnen blijven. Ik wil het voorstel van de heer Flach dus wel steunen.

De voorzitter:
Ik kijk even naar de andere leden.

De heer Kops (PVV):
Volgende week woensdag is prima, voorzitter.

De heer Jumelet (CDA):
Ik vind het wel jammer dat we het debat op deze manier in tweeën opknippen. Volgens mij hebben we ons inderdaad beperkt in spreektijd en gepoogd om hier effectief te zijn, zeker wat betreft het debat. Ik zou me dus kunnen voorstelen dat we het voortzetten, maar ik zie ook het dilemma. Ik kijk u maar even aan met de vraag of het niet toch door kan gaan, maar dat is mijn inzet.

De voorzitter:
Sorry dat ik even reageer, maar we hebben nu de mogelijkheid gecreëerd om het zo te doen. Als u zegt dat het anders moet, dan moeten we kijken welk ander debat verplaatst kan worden of op korte termijn in tweeën voortgezet kan worden. Ik weet niet of dat lukt in korte tijd. Dat maakt het dus nog complexer. Ik geef dat alleen maar even mee. Ik laat iedereen even aan het woord. Volgens mij was eerst de heer Klos aan de beurt en daarna mevrouw Van Oosterhout.

De heer Klos (D66):
Ik had het graag in één keer gedaan, maar ik heb alle begrip voor uw positie. Als het zo moet vanwege de agenda van de Kamer, dan is dat voor mij oké.

Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Ik vind het prima om het volgende week voort te zetten. Ik zou het jammer vinden als we het nu moeten afraffelen.

De heer Van Duijvenvoorde (FVD):
Voor mij geldt hetzelfde. Het is prima om het volgende week te doen. Ik denk dat het een belangrijk debat is en daar neem ik graag echt de tijd voor.

Mevrouw Müller (VVD):
Ik kan leven met beide opties.

De voorzitter:
Volgens mij is er dan geen meerderheid om het per se nu te doen. Ik snap uw frustratie, maar ik moet er wel bij zeggen dat er ook twee tweeminutendebatten …

De heer Vermeer (BBB):
Ik vind het ook prima, voorzitter.

(Hilariteit)

De voorzitter:
Sorry, meneer Vermeer. Ik vergeet u helemaal.

Er zijn twee tweeminutendebatten bij gekomen over Europese Raden. Daar moet vandaag over gestemd worden. Ook dat is niet altijd te voorzien. Voor beide debatten geldt eigenlijk dat ze heel laat zijn aangemeld. Daardoor is het heel moeilijk om daar van tevoren rekening mee te houden. Maar goed, nogmaals dank voor uw begrip. Ik geef de heer Vermeer het woord voor zijn inbreng. Daarna schorsen we het debat.

De heer Vermeer (BBB):
Dank u wel, voorzitter. Ik denk dat alle Kamerleden eens in hun fractie zouden moeten bespreken welke debatten we nog op de rol hebben staan, welke debatten op dit moment als zeer urgent gevoeld worden en van welke debatten op dit moment misschien gedacht wordt: dat was toen wel urgent, maar nu niet meer. Laten we de lijst met debatten ook eens opschonen, want we debatteren hier soms over dingen waarvan we denken "waar gaat het ook alweer over?", omdat we alweer in de volgende hype terechtgekomen zijn.

Voorzitter. Dit debat gaat over de wijziging van de Kernenergiewet ten behoeve van bedrijfsduurverlenging van kerncentrale Borssele. Laat ik beginnen met waar het voor BBB om draait: Nederland heeft behoefte aan betrouwbare, betaalbare en schone energie. In dat verhaal is kernenergie gewoon de basis, niet als ideologisch doel, maar omdat het werkt. Er is sprake van een stabiele productie, een extreem lage CO2-uitstoot — dat is alleen maar in het stukje onderhoud, bouw en eventuele afbraak het geval — en een belangrijke bijdrage aan leveringszekerheid.

Voorzitter. Dus ja, BBB kijkt in de basis positief naar dit wetsvoorstel. Het is logisch dat we onderzoeken of de kerncentrale in Borssele ook na 2033 een rol kan blijven spelen in ons energiesysteem. Tegelijkertijd vinden wij het ook onze taak om goed te kijken hoe we dat doen. Wat dit voorstel namelijk doet, is niet het verlengen van de levensduur van de centrale zelf, maar het mogelijk maken dat er überhaupt een vergunning kan worden aangevraagd. De echte afweging van veiligheid, milieu en kosten komt pas later. Dat kan procedureel verstandig zijn, omdat de wet dit nou eenmaal zo vraagt, maar het vraagt wel om helderheid van het kabinet over de volgorde der dingen. Meerdere collega's hebben dat ook al aangestipt. Kan het kabinet nog eens in eigen woorden uitleggen — dat wordt dan volgende week — waarom ervoor gekozen is om die grote, inhoudelijke afwegingen niet voor maar na deze wetswijziging plaats te laten vinden?

Voorzitter. Een tweede punt waar BBB graag duidelijkheid over wil, is het convenant uit 2006. Daarin is afgesproken dat Borssele uiterlijk in 2033 sluit. De Raad van State zegt dat als dat convenant niet wordt aangepast, deze wet daar niets aan verandert. Dat roept bij ons een heel praktische vraag op: hoe ziet het kabinet de toekomst van het convenant? Wanneer wordt dat aangepast en met wie? Hoe wordt geborgd dat afspraken met de regio en andere stakeholders netjes worden meegenomen in deze nieuwe fase? Juist in een regio als Zeeland is draagvlak namelijk cruciaal. Daar komen meerdere grote energieprojecten samen. Mensen moeten niet alleen het gevoel hebben, maar ook ervaren dat er eerlijk wordt omgegaan met hun leefomgeving.

Voorzitter. BBB hecht ook veel waarde aan duidelijkheid over veiligheid. We weten natuurlijk dat het grootste veiligheidsincident in Borssele een activist op de koepel was. De Raad van State wijst erop dat met het loslaten van het convenant ook onduidelijk wordt welk concreet veiligheidsniveau straks richtinggevend is. Kan de staatssecretaris daarom expliciet maken welke normen leidend zijn na 2033? Hoe garandeert hij dat die normen niet alleen juridisch kloppen, maar ook begrijpelijk en controleerbaar zijn voor omwonenden?

Voorzitter. Dan het punt van de milieueffecten. Het kabinet kiest bewust voor een aanpak in twee stappen: eerst een verkennend beeld en later een meer gedetailleerde analyse bij de vergunning. BBB snapt die keuze. Tegelijkertijd lezen we ook dat op onderdelen zoals natuur en water nog niet alles helemaal scherp is en dat nader onderzoek nodig is. Dat is overigens ook aan de orde bij windturbines en zonnepanelen. Hoe gaan we bijvoorbeeld al dat afval verwerken? De vraag aan de staatssecretaris is daarom: hoe wordt geborgd dat die tweede fase echt leidend is in de uiteindelijke besluitvorming?

Voorzitter. Als BBB zijn wij voorstander van kernenergie, juist omdat het past in een nuchtere energiemix. Maar dat betekent ook dat we het hele verhaal moeten vertellen. We moeten dus niet alleen de voordelen benoemen; we moeten ook eerlijk zijn over kosten, afhankelijkheden en keuzes die gemaakt moeten worden. We lezen bijvoorbeeld dat er nog onzekerheid is over investeringen en dat die afhankelijk zijn van lopende studies. Is het niet zo dat juist door al die onzekerheid en studies de kosten ook weer verder oplopen? De inflatie is namelijk voor een burger al nauwelijks bij te houden, laat staan voor de overheid bij dit soort investeringen. Kan de staatssecretaris aangeven wanneer de Kamer daar meer inzicht in krijgt? Uiteindelijk gaat het namelijk ook om de vraag wat dit betekent voor de energierekening van mensen en bedrijven.

BBB staat positief tegenover de richting die het kabinet hier kiest, maar we vinden dat dit vooral zorgvuldig en transparant moet gebeuren. Dus: geef de Kamer duidelijkheid over het convenant, over veiligheid en over de vervolgstappen. Dan kunnen we er samen voor zorgen dat kernenergie een solide plek krijgt in onze energievoorziening van de toekomst. Dat is namelijk echt wel nodig. Martien Visser is heel goed in het publiceren van statistieken. Even een bloemlezing van de afgelopen week: 50% van het aardgas dat we in Nederland importeren is voor Duitsland, het elektriciteitsverbruik van de industrie zit weer op het niveau van 1990 en het gasverbruik daalt ook, en in mei exporteerde Nederland naar België bijna 20% van de totale Belgische stroomvraag. In de afgelopen week is er 20% meer gas verbruikt dan vorig jaar. Waarom? Omdat er minder wind was. We kunnen een fulltime economie en maatschappij niet voorzien van parttime stroom. Daarom is kernenergie een must, zeker als wij van aardgas af willen of als dat op raakt.

Dank u wel.

De voorzitter:
Hartelijk dank voor uw inbreng. Dat was de eerste termijn van de Kamer. Misschien is het een goede suggestie voor de staatssecretaris om een deel van de vragen schriftelijk te beantwoorden voorafgaand aan het debat volgende week. Dan kunt u nog beter voorbereid met elkaar het debat voeren. Nogmaals dank voor uw begrip. Ik vind het ook jammer dat het zo loopt, maar soms gebeurt dat.

De algemene beraadslaging wordt geschorst.

De voorzitter:
We gaan nu schorsen tot 14.00 uur. Daarna gaan we stemmen en daarna vervolgen we met de rest van de agenda, zoals die al is aangekondigd. We zijn geschorst.

De vergadering wordt van 13.20 uur tot 14.00 uur geschorst.