Motie van het lid Ceulemans over de termijn voor gelijke behandeling tussen Nederlanders en niet-Nederlanders bij uitlevering niet verkorten
Goedkeuring van het op 18 december 2023 te Rabat tot stand gekomen Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko inzake uitlevering (Trb. 2024, 1)
Motie (kabinetsappreciatie: Geen (expliciete) appreciatie)
Nummer: 2026D25517, datum: 2026-05-28, bijgewerkt: 2026-05-29 12:12, versie: 3 (versie 1, versie 2)
Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (kst-36688-13).
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: S. Ceulemans, Tweede Kamerlid (JA21)
Onderdeel van kamerstukdossier 36688 (R2205)-13 Goedkeuring van het op 18 december 2023 te Rabat tot stand gekomen Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko inzake uitlevering (Trb. 2024, 1) .
Onderdeel van zaak 2026Z11224:
- Voortouwcommissie: TK
- Stemmingen en besluiten:
- 2026-05-28 10:16 ⇒ Ingetrokken. (Besluit)
- 2026-05-28 10:16: Goedkeuring van het op 18 december 2023 te Rabat tot stand gekomen Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko inzake uitlevering (Trb. 2024, 1) (36688-(R2205)) (Plenair debat (wetgeving)), TK
- 2026-06-09 15:00: Stemmingen (Stemmingen), TK
Preview document (🔗 origineel)
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2 |
| Vergaderjaar 2025-2026 |
36 688 Goedkeuring van het op 18 december 2023 te Rabat tot stand gekomen Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko inzake uitlevering (Trb. 2024, 1)
Nr. 13 MOTIE VAN HET LID CEULEMANS
Voorgesteld 28 mei 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat Nederland in een interpretatieve verklaring kenbaar gemaakt heeft dat vreemdelingen die «geheel geïntegreerd zijn in de Nederlandse samenleving» voor uitlevering gelijk worden behandeld aan Nederlanders;
constaterende dat het criterium hiervoor vijf jaar rechtmatig verblijf in Nederland is;
overwegende dat deze termijn kan samenhangen met de termijn van een tijdelijke verblijfsvergunning;
verzoekt de regering de termijn voor gelijke behandeling tussen Nederlanders en niet-Nederlanders bij uitlevering niet te verkorten, parallel aan het verkorten van de termijn van de tijdelijke verblijfsvergunning,
en gaat over tot de orde van de dag.
Ceulemans