Antwoord op vragen van het lid Westerveld over het bericht 'Problemen op asielboot Rotterdam houden aan, ook steeds meer kinderen in zorgelijke omstandigheden: 'Lopen blijvende schade op''
Antwoord schriftelijke vragen
Nummer: 2026D25543, datum: 2026-05-28, bijgewerkt: 2026-05-28 14:18, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: G. van den Brink, minister van Asiel en Migratie (Ooit CDA kamerlid)
Onderdeel van zaak 2026Z07355:
- Gericht aan: G. van den Brink, minister van Asiel en Migratie
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
AH 2054
Antwoord van minister Van den Brink (Asiel en Migratie) (ontvangen 28 mei 2026)
Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025-2026, nr. 1800
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht van EenVandaag 'Problemen op asielboot
Rotterdam houden aan, ook steeds meer kinderen in zorgelijke
omstandigheden: ‘lopen blijvende schade op’'? 1)
Antwoord op vraag 1
Ja, ik ben bekend met het bericht van EenVandaag.
Vraag 2
Bent u het eens met de verpleegkundige en arts dat de schepen geen
geschikte plek zijn voor kinderen?
Antwoord op vraag 2
Rotterdam heeft met het COA en het Rijk bestuurlijk afgesproken dat op de MS Silja uitsluitend statushouders worden opgevangen. De plaatsing van bewoners vindt plaats door het COA, die verantwoordelijk is voor de opvang en begeleiding.
Nederland kampt momenteel met een tekort aan (nood)opvangplekken. Tegelijkertijd is er sprake van een toenemende instroom van nareisgezinnen met een verblijfsstatus. Omdat de MS Silja is aangewezen voor statushouders, worden deze gezinnen in combinatie met het landelijke tekort aan opvangplekken veelal op deze locatie geplaatst.
Verblijf in noodopvang, waaronder scheepsaccommodaties, is niet wenselijk, in het bijzonder voor kinderen, en geen structurele oplossing. Daarbij moet wel opgemerkt worden dat er verschillen zijn in de diverse noodopvanglocaties op het gebied van geboden voorzieningen, en niet elke noodopvanglocatie onderdoet voor een reguliere locatie. Zolang er landelijk onvoldoende reguliere opvangplekken beschikbaar zijn, blijft het COA afhankelijk van noodopvang - ook voor kinderen. Ik zet mij, onder meer via uitvoering van de Spreidingswet, onverminderd in voor het realiseren van voldoende duurzame en reguliere opvangplekken, zodat kinderen in de toekomst niet langer in noodvoorzieningen hoeven te worden opgevangen.
Na eerdere signalen is door alle samenwerkingspartners extra inzet gepleegd op de Silja om de situatie voor kinderen, gezinnen en jonge vrouwen te verbeteren. Zo zijn er extra partijen ingezet voor begeleiding en welzijn, zijn specifieke ruimtes per leeftijdscategorie ingericht en is personeel met pedagogische expertise ingezet. Ook is het activiteitenaanbod uitgebreid, onder meer via een welzijnspartij. Daarnaast is een peutergroep gestart en is de aansluiting op voorschoolse educatie verbeterd.
De toeleiding naar onderwijs is versterkt, waardoor er inmiddels vrijwel geen wachttijden meer zijn voor plaatsing in het primair en voortgezet onderwijs. Voor kinderen die nog niet direct kunnen starten, zijn voorbereidende activiteiten ingericht. Verder worden er extra binnen- en buitenspeelvoorzieningen gerealiseerd.
Vraag 3
Hoe is het überhaupt mogelijk geweest om kinderen op deze locaties te
plaatsen waar zij verblijven in kamers zonder ramen en zij zonder hun
ouders slapen? Is dit in het belang van het kind, zoals omschreven in
artikel 3 van het Kinderrechtenverdrag?
Antwoord op vraag 3
Door het structurele tekort aan opvangplekken in het hele land
is het COA afhankelijk van noodopvanglocaties waar helaas ook kinderen
worden opvangen. Op de Silja verblijft de helft van de bewoners in
inpandige hutten die geen ramen hebben. Doordat het tweepersoons hutten
zijn, kunnen niet alle kinderen bij hun ouders slapen. De ouders slapen
wel altijd in de directe nabijheid van hun kinderen.
Vraag 4
Worden er nog andere artikelen uit het Kinderrechtenverdrag
geschonden?
Antwoord op vraag 4
Het kabinet is gehouden aan internationale verplichtingen,
waaronder het VN-Kinderrechtenverdrag. Mochten er signalen binnenkomen
dat hier mogelijk niet (volledig) aan wordt voldaan, zal ik dit zeer
serieus nemen en zal dit altijd worden onderzocht.
Vraag 5
Is het uitlegbaar dat kinderen onnodige mentale problematiek oplopen en
zelfs permanente schade kunnen oplopen door langere tijd opgevangen te
worden op de boot?
Antwoord op vraag 5
Ik erken dat langdurig verblijf op noodopvanglocaties, zoals de
Silja, niet bevorderlijk is voor het psychisch welzijn van kinderen. Het
verblijf op dergelijke locaties betreft een tijdelijke noodmaatregel om
te voorkomen dat mensen zonder opvang en onderdak komen te zitten.
Daarbij is er op dit schip helaas sprake van situaties waarin verblijf
langer duurt dan wenselijk is, in verband met de moeizame doorstroom van
deze mensen met een verblijfsvergunning naar vervolghuisvesting.
Ik zet mij, in samenwerking met het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, de medeoverheden en corporaties, ervoor in dat statushouders zo snel mogelijk kunnen uitstromen naar huisvesting in de gemeente. Voor de uitstroom van statushouders zijn en worden maatregelen genomen, waaronder tijdelijke financiële ondersteuning voor gemeenten bij huisvesting van statushouders. Gemeenten kunnen gebruikmaken van verschillende stimuleringsregelingen van het Rijk die (al dan niet ten dele) zijn gericht op het beter benutten van de huidige woningvoorraad of het toevoegen van nieuwe woningvoorraad om zo huisvesting van statushouders te stimuleren. Daarnaast wordt ingezet op opschaling van verschillende vormen van alternatieve huisvesting zoals flexwoningen en woningdelen, op permanente of tijdelijke locaties. De minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening wil hier voor de zomer afspraken maken met gemeenten en corporaties in een convenant.
Vraag 6
Op welke manier werkt u eraan om kinderen zo snel mogelijk van deze
boten te halen en in geschiktere locaties op te vangen waar zij de
nodige zorg kunnen krijgen?
Vraag 7
Hoe strookt deze gang van zaken met aangenomen motie Westerveld
(Kamerstuk 9637, nr. 3515)? Hoe staat het met de uitvoering van deze
motie?
Antwoord op vraag 6 en 7
De situatie in de asielopvang is momenteel zeer gespannen. Er is sprake van een aanzienlijk tekort aan opvangplekken, dat naar verwachting de komende maanden verder zal toenemen. Tegen die achtergrond is het op korte termijn helaas niet mogelijk om plaatsingen van kinderen in noodopvang volledig te beëindigen. Dat blijft echter wel het doel waar naartoe wordt gewerkt.
Het kabinet zet zich, onder meer via uitvoering van de Spreidingswet, in om het aantal duurzame en reguliere opvangplekken uit te breiden. Zodra er binnen de opvangcapaciteit meer ruimte ontstaat en het COA meer flexibiliteit krijgt in het plaatsingsbeleid. Hierbij heeft het beëindigen van de plaatsing van kinderen en andere kwetsbare mensen in noodopvanglocaties hoge prioriteit.
Vraag 8
Worden er extra maatregelen getroffen om infectieziekten tegen te gaan
op de boot? Is de locatie geschikt voor kwetsbare groepen? Waarom
verblijven zij nu wel op deze boot?
Antwoord op vraag 8
Het COA doet het maximale om de hygiëne op het schip zo goed
mogelijk te houden, zo wordt het schip elke week helemaal gereinigd. Op
het schip is verder een huisartsenpost aanwezig en de
Jeugdgezondheidszorg ziet kinderen voor bijvoorbeeld inentingen. Bij
constatering van infectieziekten worden maatregelen getroffen al dan
niet in samenwerking met de GGD.
Helaas moet het COA binnen de huidige capaciteitsproblematiek soms kwetsbare groepen plaatsen op het schip. Voor een deel van de kwetsbare asielzoekers is opvang op het schip niet geschikt en daarvoor wordt een andere oplossing gevonden.
Vraag 9
Waarom worden zwangere vrouwen op deze boten geplaatst tegen medisch
advies in?
Antwoord op vraag 9
Ik herken niet dat zwangere vrouwen tegen medisch advies in
geplaatst worden op opvanglocaties in de vorm van een boot. Zwangere
vrouwen kunnen verblijven op de Silja, behalve als er een
waterpokken-uitbraak is. Zij worden getest of ze immuun zijn. Zijn ze
niet immuun, dan verhuizen ze naar een andere opvanglocatie.
Vraag 10
Hoe kan het dat er na de brandbrief vanuit artsen die werkzaam zijn op
het schip geen maatregelen zijn getroffen? Is er iets veranderd nadat
zij deze brief schreven?
Antwoord op vraag 10
Zoals ook toegelicht in vraag 2, naar aanleiding van de
signalen en zorgen die vorig jaar zijn geuit zijn deze uiterst serieus
genomen en er is door alle samenwerkingspartners extra inzet gepleegd om
de situatie voor kinderen, gezinnen en jonge vrouwen te verbeteren. Zo
zijn er extra partijen ingezet voor begeleiding en welzijn, zijn
specifieke ruimtes per leeftijdscategorie ingericht en is personeel met
pedagogische expertise ingezet. Ook is het activiteitenaanbod
uitgebreid, onder meer via een welzijnspartij. Daarnaast is een
peutergroep gestart en is de aansluiting op voorschoolse educatie
verbeterd.
De toeleiding naar onderwijs is versterkt, waardoor er inmiddels vrijwel geen wachttijden meer zijn voor plaatsing in het primair en voortgezet onderwijs. Voor kinderen die nog niet direct kunnen starten, zijn voorbereidende activiteiten ingericht. Verder worden er extra binnen- en buitenspeelvoorzieningen gerealiseerd.
Daarnaast is extra aandacht voor de fysieke en mentale gezondheid van bewoners, waaronder kinderen en zwangere vrouwen. Er wordt laagdrempelige toegang tot zorg geboden en waar nodig wordt specialistische zorg ingeschakeld. Signalering van medische en psychosociale problematiek vindt continu plaats en wordt meegenomen in de gezamenlijke overleggen.
Er vindt doorlopend intensief ambtelijk overleg plaats tussen de verschillende samenwerkingspartners. Ook is er frequent overleg op operationeel, tactisch en bestuurlijk niveau. De gemeente is daarnaast structureel aanwezig op de Silja. In deze overleggen worden de leefomstandigheden, zorg, veiligheid en de situatie van kinderen en gezinnen continu gemonitord. Verbeterpunten worden gezamenlijk besproken en waar nodig uitgevoerd.
Vraag 11
Wat zijn de gevolgen voor de samenleving als potentiële burgers van ons
land allerlei mentale problemen oplopen op deze asielboten?
Antwoord op vraag 11
Langdurig verblijf in noodopvanglocaties, waaronder boten, is
onwenselijk en kan negatieve gevolgen hebben voor het welzijn en de
ontwikkeling van bewoners.
Het kabinet zet zich daarom in om de opvangomstandigheden te verbeteren, de inzet van noodopvang terug te dringen een het aantal reguliere opvanglocaties te vergroten door inzet van de Spreidingswet. Tegelijkertijd wordt ingezet op toegang tot onderwijs, zorg en passende begeleiding om de nadelige effecten van het verblijf op noodopvanglocaties zoveel mogelijk te beperken.
1) EenVandaag, 26 maart 2026, 'Problemen op asielboot Rotterdam houden aan, ook steeds meer kinderen in zorgelijke omstandigheden: 'Lopen blijvende schade op'', https://eenvandaag.avrotros.nl/artikelen/problemen-op-asielboot-rotterdam-houden-aan-ook-steeds-meer-kinderen-in-zorgelijke-omstandigheden-lopen-blijvende-schade-op-163140