Antwoord op vragen van het lid Faber over de toepassing van snelrecht bij Azc-demonstrant en niet bij A12-bezetter
Antwoord schriftelijke vragen
Nummer: 2026D25585, datum: 2026-05-28, bijgewerkt: 2026-05-28 16:38, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: D.M. van Weel, minister van Justitie en Veiligheid
Onderdeel van zaak 2026Z09126:
- Gericht aan: D.M. van Weel, minister van Justitie en Veiligheid
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
AH 2060
Antwoord van minister Van Weel (Justitie en Veiligheid) (ontvangen 28 mei 2026)
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht ‘Azc-demonstrant snel berecht, A12-bezetter niet: wanneer wordt supersnelrecht ingezet’? 1)
Antwoord op vraag 1
Ja.
Vraag 2
Hoe vaak werden er in de afgelopen drie jaar strafzaken afgedaan via snelrecht of supersnelrecht? En voor verdenking van welke strafbare feiten werd (super)snelrecht ingezet?
Antwoord op vraag 2
In de afgelopen drie jaar zijn in totaal 25181 zaken afgedaan via
(super)snelrecht. Het gaat hierbij om vermogensdelicten, misdrijven
tegen openbare orde en gezag, geweldsdelicten, verkeersdelicten,
drugsdelicten, wapenmisdrijven, overige misdrijven uit het Wetboek van
strafrecht en misdrijven uit andere wetten.
Vraag 3
Waarom worden strafzaken tegen azc-demonstranten wel afgedaan via het (super)snelrecht en niet bij A12-bezetters? De zes bestuurders die de A12 blokkeerden leenden zich toch ook voor (super)snelrecht nu zij op heterdaad werden betrapt? En hoe zit dat met de A12-bezetters, zij werden door de politie verwijderd van de snelweg, dan was het bewijs toch ook direct voorhanden?
Antwoord op vraag 3
De inhoud van de boodschap van demonstranten speelt geen rol bij de
wijze van afdoening van strafbare feiten. (Super)snelrecht is een
versnelde wijze van afdoen waarbij de verdachte al binnen enkele dagen
voor de rechter verschijnt. Deze vorm van afdoeding wordt gebruikt voor
eenvoudige zaken (als bedoeld in art 368 Wetboek van Strafvordering)
waarbij het bewijs snel beschikbaar moet zijn. Daarnaast moet het
dossier voldoende duidelijk, eenvoudig én compleet te zijn. Alhoewel de
verdachte niet hoeft in te stemmen met de toepassing van
(super)snelrecht, moeten de rechten van de verdachte in voldoende mate
worden gewaarborgd. Voor de toepassing van (super)snelrecht moet dus aan
een aantal voorwaarden zijn voldaan. Daarom kan het voorkomen dat bij
sommige voorvallen (super)snelrecht wél en bij andere (vergelijkbare)
voorvallen (super)snelrecht niet kan worden toegepast. Zelfs komt het
voor dat ten aanzien van verdachten die allen betrokken zijn bij
hetzelfde voorval, voor de ene verdachte (super)snelrecht wél mogelijk
is en voor de andere niet.
Vraag 4
Deelt u de mening dat het er sterk op lijkt dat het Openbaar Ministerie en de rechter de azc-demonstraties de kop wil indrukken, aangezien (super)snelrecht voornamelijk wordt ingezet voor het maken van een statement?
Antwoord op vraag 4
Zoals in het antwoord op vraag 3 is toegelicht, is de toepassing van
(super)snelrecht afhankelijk van de omstandigheden. Het OM en de rechter
behandelen personen die strafbare feiten plegen niet verschillend op
basis van het onderwerp van de demonstratie.
1) De Telegraaf, 29 april 2026, Azc-demonstrant snel berecht, A12-bezetter niet: wanneer wordt supersnelrecht ingezet? (Https://www.telegraaf.nl/binnenland/azc-demonstrant-snel-berecht-a12-bezetter-niet-wanneer-wordt-supersnelrecht-ingezet/150008028.html).