[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [woo/oo]←NIEUW! [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is opentk.nl?]

Gewijzigd amendement van het lid Claassen ter vervanging van nr. 15 over aanvullende waarborgen ten aanzien van gegevensverwerking

Wijziging van een aantal wetten op het terrein van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport om de grondslagen voor gegevensverwerking te verstevigen en enkele andere wijzigingen (Verzamelwet gegevensverwerking VWS II.b)

Amendement (gewijzigd/nader/vervangend)

Nummer: 2026D25635, datum: 2026-05-28, bijgewerkt: 2026-05-28 16:08, versie: 1

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen:

Onderdeel van kamerstukdossier 36621 -18 Wijziging van een aantal wetten op het terrein van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport om de grondslagen voor gegevensverwerking te verstevigen en enkele andere wijzigingen (Verzamelwet gegevensverwerking VWS II.b).

Onderdeel van zaak 2026Z11275:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


TWEEDE KAMER DER STATEN-GENERAAL 2
Vergaderjaar 2025-2026
36 621 Wijziging van een aantal wetten op het terrein van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport om de grondslagen voor gegevensverwerking te verstevigen en enkele andere wijzigingen (Verzamelwet gegevensverwerking VWS II.b)
Nr. 18 gewijzigd AMENDEMENT VAN HET LID claassen ter vervanging van dat gedrukt onder nr. 15
Ontvangen 28 mei 2026
De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

I

In artikel II wordt na de aanhef een onderdeel ingevoegd, luidende:

0A

In artikel 2.2.4, eerste lid, vervalt “voor ingezetenen”.

II

Artikel II, onderdeel D, wordt als volgt gewijzigd:

1. In de aanhef wordt “wordt een artikel” vervangen door “worden de volgende artikelen”.

2. Het voorgestelde artikel 5.2.5b wordt als volgt gewijzigd:

a. In het eerste lid wordt voor de punt aan het slot ingevoegd “, tenzij door een betrokkene bezwaar is gemaakt tegen de gegevensverstrekking. Artikel 465 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek is in dit verband van overeenkomstige toepassing”.

b. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

7. De voordracht voor een krachtens het zesde lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.

3. Er wordt een artikel toegevoegd, luidende:

Artikel 5.2.5c

1. Het college of de gemeentelijke gezondheidsdienst aan wie gegevens als bedoeld in artikel 5.2.5b zijn verstrekt is belast met het beheer van een verstrekkingsregister.

2. Het college of de gemeentelijke gezondheidsdienst neemt in het verstrekkingsregister alle gegevens op die op grond van artikel 5.2.5b aan hem zijn verstrekt, waaronder in ieder geval:

a. de datum waarop de gegevens aan hem zijn verstrekt;

b. de gegevens van de zorgaanbieder, bedoeld in artikel 12, eerste lid, van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg;

c. de krachtens artikel 5.2.5b, eerste lid, verstrekte gegevens; en

d. het doel waarmee zorg, bedoeld in artikel 5.2.5b, tweede en derde lid, is verleend.

3. Het college of de gemeentelijke gezondheidsdienst informeert een persoon die medisch noodzakelijke zorg heeft ontvangen en geen zorgverzekering heeft over de gegevens die hij krachtens artikel 5.2.5b, eerste lid, over deze persoon heeft ontvangen en wijst de betrokken persoon op zijn rechten dienaangaande. Het college of de gemeentelijke gezondheidsdienst verstrekt aan die betrokken persoon op zijn verzoek voorts kosteloos een afschrift van zijn gegevens.

4. De gegevens, bedoeld in artikel 5.2.5b, eerste lid, worden door het college of de gemeentelijke gezondheidsdienst uitsluitend verwerkt voor het doel omschreven in artikel 5.2.5b, eerste lid.

5. De krachtens artikel 5.2.5b verstrekte gegevens worden vernietigd indien deze betrekking hebben op een kwetsbare persoon als bedoeld in artikel 5.2.5b, derde lid, en deze persoon de hem geboden hulp niet heeft aanvaard.

III

Na artikel V wordt een artikel ingevoegd, luidende:

ARTIKEL VA

Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport zendt binnen vijf jaar na de inwerkingtreding van artikel II, onderdeel D, van deze wet aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van de artikelen 5.2.5b en 5.2.5c van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 in de praktijk.

IV

In artikel VIA wordt “zesde” vervangen door “zevende” en wordt “vijfde” vervangen door “zesde”.

Toelichting

I. Algemeen

Dit amendement voorziet in een aantal aanvullende waarborgen voor cliënten die op grond van het voorgestelde artikel 5.2.5b Wmo 2015 betrokken raken bij de verstrekking van persoonsgegevens — waaronder gegevens over de gezondheid en het burgerservicenummer — door zorgaanbieders aan het college van burgemeester en wethouders of de gemeentelijke gezondheidsdienst, ten behoeve van het bieden van openbare geestelijke gezondheidszorg (OGGZ) aan onverzekerden. Het wetsvoorstel voorziet voor deze verstrekking in een wettelijke uitzondering op de geheimhoudingsplicht van artikel 7:457 BW. De indiener acht het tegenwicht voor de cliënt, zoals dit thans uit het wetsvoorstel volgt, onvoldoende en stelt een samenhangend pakket aan waarborgen voor, alsmede een redactionele wijziging in artikel 2.2.4 Wmo 2015.

De Autoriteit Persoonsgegevens heeft over de evenredigheid van deze verstrekking fundamentele bezwaren geuit (advies van 17 oktober 2023, kenmerk z2023-00615, paragraaf 7). De AP wijst onder meer op de open verbinding tussen “onverzekerd-zijn” en ongerelateerde doeleinden zoals schuldhulpverlening en (arbeids)participatie, en adviseert in de wettekst een verwijderclausule op te nemen voor gevallen waarin bemoeizorg niet wordt aanvaard. Aan deze aanbevelingen is in de Nota van Wijziging niet tegemoetgekomen; dit amendement komt daar alsnog aan tegemoet.

Verhouding tot de Algemene verordening gegevensbescherming

De Nota van Wijziging baseert de verstrekking door de zorgaanbieder op artikel 6, eerste lid, onder c, juncto artikel 9, tweede lid, onder h, AVG. Het bezwaarrecht van artikel 21 AVG ziet naar vaste lijn uitsluitend op verwerkingen op grond van artikel 6, eerste lid, onder e of f. Aan de verstrekkende zijde is dat bezwaarrecht na de Nota van Wijziging dus niet inroepbaar; aan de zijde van het college en de GGD (sub e) bestaat het wel, maar werkt het pas ná verstrekking en is het daarmee onvoldoende om de doorbreking van het beroepsgeheim ongedaan te maken. Dit amendement repareert die asymmetrie via lidstatelijk recht op grond van artikel 6, tweede en derde lid, en artikel 9, vierde lid, AVG. Het betreft geen verdubbeling van AVG-rechten, maar een concretisering op een punt waar de wetgever zelf de werking van de AVG-norm heeft beperkt.

Wetsystematisch sluit het amendement bovendien aan bij artikel IV, onderdeel A, van ditzelfde wetsvoorstel, dat aan artikel 6b Wet publieke gezondheid een achtste en negende lid toevoegt. Het negende lid regelt voor de verstrekking door de uitvoerder van het Rijksvaccinatieprogramma aan het RIVM een wettelijk bezwaarrecht naast de AVG, met overeenkomstige toepassing van artikel 7:465 BW. Het amendement volgt voor de onverzekerdenroute eenzelfde figuur.

II. Onderdeelsgewijs

Onderdeel I — artikel 2.2.4 Wmo 2015 (cliëntondersteuning)

In artikel 2.2.4, eerste lid, Wmo 2015 wordt het woord “ingezetenen” geschrapt. Daarmee wordt zekergesteld dat de in dat artikel geregelde kosteloze cliëntondersteuning ook toegankelijk is voor personen — zoals de doelgroep van artikel 5.2.5b — wier ingezetenenstatus niet eenduidig vaststaat. De wijziging is wetstechnisch beperkt maar materieel van belang voor de uitoefening van de in dit amendement opgenomen rechten door cliënten die daartoe niet zelfstandig in staat zijn.

Onderdeel II, onder 2, subonderdeel a — bezwaarrecht in artikel 5.2.5b, eerste lid

Aan het eerste lid van het voorgestelde artikel 5.2.5b wordt toegevoegd dat de verstrekking niet plaatsvindt indien de betrokkene daartegen bezwaar heeft gemaakt. Voor wilsonbekwame cliënten is artikel 7:465 BW van overeenkomstige toepassing, in lijn met de figuur die de regering in artikel 6b, negende lid, Wpg hanteert. De cliënt krijgt hiermee op het niveau van de verstrekking — en daarmee van de doorbreking van het beroepsgeheim — de zeggenschap die hem onder de huidige redactie ontbreekt.

Onderdeel II, onder 2, subonderdeel b — voorhang amvb krachtens artikel 5.2.5b, zesde lid

De algemene maatregel van bestuur op grond van artikel 5.2.5b, zesde lid, wordt gedurende vier weken voorgelegd aan beide Kamers der Staten-Generaal voordat zij in werking treedt.

Onderdeel II, onder 3 — verstrekkingsregister (nieuw artikel 5.2.5c, eerste en tweede lid)

In een nieuw artikel 5.2.5c wordt geregeld dat het college of de GGD een verstrekkingsregister bijhoudt, waarin per verstrekking ten minste worden opgenomen: (a) de datum waarop de gegevens door het college of de GGD zijn ontvangen; (b) de aanduiding van de zorgaanbieder — in de praktijk veelal een rechtspersoon, zoals een ziekenhuis, GGZ-instelling of huisartsenmaatschap, en bij solopraktijken een natuurlijke persoon; (c) de categorieën verstrekte gegevens, te weten de drie in artikel 5.2.5b, eerste lid, genoemde categorieën: persoonsgegevens, gegevens over de gezondheid en het burgerservicenummer; en (d) het doel waarmee de zorg is verleend, bedoeld in artikel 5.2.5b, tweede en derde lid. Een fijnmazigere uitwerking, waaronder bewaartermijnen, kan worden voorzien bij algemene maatregel van bestuur op grond van artikel 5.2.5b, zesde lid.

Onderdeel II, onder 3 — informatieplicht door het college of de GGD en afschriftrecht (nieuw artikel 5.2.5c, derde lid)

Het college, dan wel de GGD, informeert de cliënt over de op grond van artikel 5.2.5b ontvangen gegevens en over de rechten van de cliënt. De nadere invulling — vorm, moment, taalniveau en de feitelijk uitvoerende functionaris binnen de gemeentelijke organisatie — wordt overgelaten aan een ministeriële regeling, dan wel de algemene maatregel van bestuur op grond van artikel 5.2.5b, zesde lid. Dit biedt uitvoeringsruimte voor verschillen in de doelgroep (laaggeletterdheid, anderstaligheid, dakloosheid) zonder dat de wettekst onuitvoerbaar gedetailleerd wordt. Juridisch concretiseert deze bepaling de “passende maatregelen” die artikel 14, vijfde lid, onder c, AVG vereist om de informatieplicht-uitzondering te kunnen inroepen.

De cliënt heeft kosteloos recht op een afschrift van zijn gegevens uit dit register. Dit recht vormt geen verdubbeling van het verwerkingsregister op grond van artikel 30 AVG of het inzagerecht van artikel 15 AVG, maar concretiseert — naar het model dat de wetgever bij artikel 15e Wabvpz voor logging in zorginformatiesystemen heeft gehanteerd — een audit trail die specifiek ziet op verstrekkingen onder doorbreking van het beroepsgeheim.

Onderdeel II, onder 3 — doelvergrendeling en verwijderclausule (nieuw artikel 5.2.5c, vierde en vijfde lid)

De op grond van artikel 5.2.5b verstrekte gegevens worden door het college of de GGD uitsluitend verwerkt voor het doel omschreven in het eerste lid van dat artikel. Verwerking voor andere doeleinden — in het bijzonder voor handhaving van inkomensafhankelijke regelingen of rijksbelastingen, voor uitvoering van de Vreemdelingenwet 2000, of voor commerciële profilering — is uitgesloten. Voor opsporing geldt een uitzondering uitsluitend voor zover een specifiek wettelijk voorschrift verstrekking dwingend voorschrijft.

De indiener onderkent dat de verstrekkingsgrondslag op grond van het eerste lid reeds een doelbeperking bevat. Aanvullende explicitering op het niveau van de verdere verwerking door het college of de GGD (artikel 5.2.5b, vijfde lid) is evenwel aangewezen, omdat zowel de memorie van toelichting (p. 13) als de Nota naar aanleiding van het verslag ruimte laten voor doorgeleiding naar schuldhulpverlening, (arbeids)participatie en het leiden van de onverzekerde naar een zorgverzekering. De Autoriteit Persoonsgegevens heeft die koppeling in paragraaf 7 van haar advies uitdrukkelijk geproblematiseerd. Een uitdrukkelijke negatieve opsomming operationaliseert het doelbindingsbeginsel van artikel 5, eerste lid, onder b, AVG naar een uitvoeringsrechtelijk afdwingbare norm.

Aanvullend wordt voorzien in een verwijderclausule: indien de aangeboden bemoeizorg niet wordt aanvaard, worden de op grond van artikel 5.2.5b verstrekte gegevens verwijderd. Dit volgt een uitdrukkelijke aanbeveling van de AP die in de Nota van Wijziging niet is overgenomen.

Onderdeel III —evaluatie (nieuw artikel VA)

In een nieuw artikel VA wordt voorzien in een evaluatie van de werking van de in de artikelen 5.2.5b en 5.2.5c geregelde verstrekking en verwerking, uiterlijk vijf jaar na inwerkingtreding.

Claassen