Kabinetsreactie op het advies van het Nationaal Burgerberaad Klimaat
Kabinetsaanpak Klimaatbeleid
Brief regering
Nummer: 2026D25916, datum: 2026-05-29, bijgewerkt: 2026-06-01 08:27, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: S. van Veldhoven-van der Meer, minister van Klimaat en Groene Groei (Ooit D66 kamerlid)
- Mede ondertekenaar: V.P.G. Karremans, minister van Infrastructuur en Waterstaat
- Mede ondertekenaar: A.W.H. Bertram, staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat
- Mede ondertekenaar: P.E. Heerma, minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (Ooit CDA kamerlid)
- Mede ondertekenaar: J. van Essen, minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
- Nationaal Burgerberaad Klimaat Reactie van het kabinet op het advies
- TNO Gedragsreflectie beleidsmaatregelen Burgerberaad Klimaat
- Reflectie op instrument burgerberaad
- TNO Quick scan Rechtvaardigheidsaspecten van de aangenomen aanbevelingen van het Nationaal Burgerberaad
- Beslisnota bij Kamerbrief Kabinetsreactie op het advies van het Nationaal Burgerberaad Klimaat
Onderdeel van kamerstukdossier 32813 -1564 Kabinetsaanpak Klimaatbeleid.
Onderdeel van zaak 2026Z11403:
- Volgcommissie: vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat
- Volgcommissie: vaste commissie voor Binnenlandse Zaken
- Volgcommissie: vaste commissie voor Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Klimaat en Groene Groei
- Stemmingen en besluiten:
- 2026-06-02 15:45 ⇒ Rondgezonden en gepubliceerd. (Besluit)
- 2026-06-02 15:45: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2026-06-16 17:00: Procedurevergadering Klimaat en Groene Groei (Procedurevergadering), vaste commissie voor Klimaat en Groene Groei
Preview document (🔗 origineel)
Geachte Voorzitter,
Nederland heeft een lange traditie van er samen uitkomen. Soms pakken we dat groots aan. Denk aan de bouw van de Deltawerken of ons sterke sociale stelsel. Soms is het juist heel klein. Zoals samen de buurttuin mooier maken of een duurzaamheidsplan maken binnen je eigen vve. Want hoewel we allemaal verschillen van elkaar, is er ook veel wat ons bindt. We willen een Nederland waar bestaanszekerheid én keuzevrijheid is. Een land waar een bloeiende economie en zorg voor onze aarde hand in hand gaan. Dat kan alleen als we gebruik maken van alle goede ideeën die Nederlanders te bieden hebben. Zodat plannen niet alleen goed zijn op papier, maar ook in de praktijk. Daarom heeft het kabinet – in samenwerking met de Tweede Kamer - besloten een bijzonder democratisch experiment aan te gaan. Voor de eerste keer sinds 2006 is er een nationaal burgerberaad georganiseerd in Nederland.
Op 18 januari 2025 kwamen 175 mensen samen voor de allereerste bijeenkomst van het Nationaal Burgerberaad Klimaat (hierna: burgerberaad). Samen vormen ze een representatieve afspiegeling van Nederland: van jong tot oud, uit stad en dorp, met verschillende achtergronden en uiteenlopende meningen over het klimaatbeleid. In zeven weekenden hebben zij een antwoord gezocht op de vraag hoe we als Nederland kunnen eten, spullen gebruiken en reizen op een manier die beter is voor het klimaat. Op 1 december 2025 hebben zij hun advies aangeboden aan de Tweede Kamer en het kabinet.
Een zorgvuldig advies verdient ook een zorgvuldig antwoord. Het kabinet heeft bij de start van het burgerberaad aangegeven om binnen zes maanden na overhandiging van het advies te reageren1. In deze brief – en de bijlagen -geeft het kabinet een reactie. We geven per aanbeveling van het burgerberaad aan wat we wel en wat we niet overnemen. Ook geven we aan over welke aanbevelingen later nog een beslissing genomen moet worden. Verder gaan we in deze Kamerbrief in op het instrument burgerberaad en hoe we nu verder gaan. Omdat het advies van het burgerberaad gaat om eten, reizen en spullen gebruiken, ondertekenen wij – de minister van Klimaat en Groene Groei, de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelatie, de minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur en de minister en staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat - deze brief gezamenlijk. Omdat het advies aanbevelingen bevat over ruimtelijke ordening en het onderwijs, geven wij deze reactie mede namens de minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening en de staatssecretaris van Onderwijs en Emancipatie.
Wat gaat het kabinet doen
We beginnen gelukkig niet bij nul. De afgelopen jaren heeft Nederland al plannen gemaakt voor een duurzame samenleving in 20502. We werken aan het halen van de klimaatdoelen en aan de verduurzaming van ons energiesysteem en de mobiliteitssector. Dat is niet alleen goed voor het klimaat; het maakt Nederland ook onafhankelijker en schoner. We gaan aan de slag met een sterke en toekomstbestendige agrarische sector en het structureel verbeteren van de natuur. Hiervoor nemen we maatregelen om de veeteelt, land- en tuinbouw te verduurzamen. En we nemen regie op de ruimtelijke ordening, want alleen door duidelijke keuzes maken we Nederland klaar voor de toekomst.3 Veel voorstellen van het burgerberaad sluiten hier mooi bij aan of zijn een waardevolle toevoeging voor nieuw beleid. Daarbij kijkt het kabinet voor de uitvoering van de aanbevelingen van het burgerberaad over grenzen heen. Waar we gezamenlijk met andere Europese landen kunnen optrekken, doen we dat.
We nemen de helft van de voorstellen van het burgerberaad over. Met ongeveer een kwart van de voorstellen gaan we nog aan de slag en op zoek naar mogelijkheden.
Een paar voorbeelden van de stappen die het kabinet meteen zet:
We maken elektrisch rijden toegankelijker. Bijvoorbeeld met een subsidie in de vorm van een inruilregeling om je oude benzine- of dieselauto in te ruilen voor een tweedehands elektrische auto. Ook zetten we stappen in de verduurzaming van het spoor. We maken het kopen van duurzame producten makkelijker en reparaties toegankelijker: er komt een Europees duurzaamheidslabel voor producten en we gaan onderzoeken hoe we de kosten van reparatie kunnen verlagen voor burgers. Daarvoor kijken we naar de Uitgebreide Producentenverantwoordelijkheid (UPV). Om meer reparaties te stimuleren, implementeert het kabinet de Europese reparatierichtlijn Right to Repair. Ook willen we stappen zetten om voedselverspilling tegen te gaan: door duidelijke houdbaarheidsicoontjes op voedsel en door te verkennen hoe we binnen de EU de regels voor het bewaren van voedsel kunnen aanpassen. Met het ontwikkelen van een lobbyregister zet dit kabinet een extra stap in eerlijke belangenafweging.
Er is ook een aantal voorstellen van het burgerberaad waar later een beslissing over genomen moet worden. Omdat er bijvoorbeeld nog een besluit over de financiën genomen moet worden of omdat de uitvoering afhankelijk is van een andere (internationale) beslissing. Een voorbeeld: de inzet van het kabinet is om voor de zomer in de Ministeriële Taskforce Landbouw, Natuur en Stikstof te besluiten of meer geld beschikbaar wordt gesteld voor boeren die een overstap willen maken naar een duurzame(re) vorm van landbouw. Als er over een voorstel later een keuze gemaakt moet worden, geven we het aan en geven we een tijdspad mee. Zo is het overzichtelijk wanneer er een besluit genomen wordt of een volgende stap gezet wordt. Met deze voorstellen gaat het kabinet aan de slag en op zoek naar mogelijkheden. Er zijn ook voorstellen die het kabinet niet overneemt. Bijvoorbeeld omdat er praktische bezwaren zijn of internationale afspraken waar we ons aan moeten houden. Een voorbeeld: het burgerberaad stelt een heffing voor op geïmporteerd recyclaat van buiten Europa. Het invoeren van een soortgelijke heffing is in strijd met de regels van de Wereldhandelsorganisatie en kan daarom niet worden toegepast. Per aanbeveling geven we aan waarom we iets niet gaan doen en of we wellicht alternatieven zien.
In de bijlage vindt u de volledige inhoudelijke reactie op de aanbevelingen. Hier gaat het kabinet ook in op de rode draden die het burgerberaad heeft opgeschreven en op de tien niet-aangenomen aanbevelingen van het burgerberaad. Het kabinet heeft daarnaast TNO gevraagd te kijken naar de rechtvaardigheidsaspecten en de gedragseffectiviteit van de maatregelen die het kabinet wel en niet neemt. U vindt de rapporten van TNO in de bijlage.
Het instrument burgerberaad
De basis van onze democratie is dat iedere stem telt, wat je achtergrond, kennis of vaardigheid ook is. Dit is ook het uitgangspunt van het burgerberaad. Voor Nederland was dit tegelijkertijd een vernieuwende manier om burgers te betrekken bij beleid dat invloed heeft op ons dagelijks leven. We willen van dit democratisch instrument leren. Daarom hebben we het burgerberaad laten evalueren door onderzoekers van de Radboud Universiteit, De Haagse Hogeschool en Tilburg University. Tot nu toe zijn drie deelrapportages van dit onderzoek afgerond. Deze gaan over de voorbereiding, de opzet en het verloop van het burgerberaad. Het najaar wordt het laatste deel opgeleverd met daarin een reflectie op de opvolging en wat dit betekent voor de samenleving. Het hele onderzoek zal in september met uw Kamer gedeeld worden. Voorafgaand aan het burgerberaad hebben het kabinet en de Kamer 10 randvoorwaarden opgesteld waar een burgerberaad aan moet voldoen4. In het onderzoek is gekeken naar deze randvoorwaarden en of het gelukt is om deze in de praktijk uit te voeren. De onderzoekers stellen vast dat de projectorganisatie erin is geslaagd een zeer diverse groep burgers op constructieve wijze met elkaar in gesprek te laten gaan en breed gedragen aanbevelingen te laten doen. Daarnaast schrijven ze dat het proces zorgvuldig en inclusief is verlopen en dat deelname heeft geleid tot meer begrip voor andere opvattingen. Dit is een waardevolle democratische opbrengst.
Ook het burgerberaad zelf heeft zijn voortgang steeds gedeeld, daarbij lessen vastgelegd en deze nu ook verzameld in een procesverslag5. Al die inzichten vormen een goede basis om verder het gesprek over te voeren. De lessen, opbrengsten zijn behulpzaam voor de toekomstige inzet van het burgerberaad als democratisch instrument. In een aparte bijlage geeft het kabinet een eerste reflectie over het burgerberaad als instrument.
Hoe nu verder
Het kabinet vindt het belangrijk open te communiceren met de deelnemers van het burgerberaad en de samenleving over de opvolging van de aanbevelingen. Bij de start van het burgerberaad is het kabinet een ‘motiveringsplicht’ aangegaan6. Dit betekent dat we hebben afgesproken op elke individuele aanbeveling van het burgerberaad een beargumenteerde reactie te geven. Dat is de kabinetsreactie die nu voor u ligt. Tijdens de hele duur van het burgerberaad is de Tweede Kamer betrokken geweest. De volgende stap is aan hen. In een debat zullen het kabinet en de Tweede Kamer het advies van het burgerberaad en de reactie van het kabinet bespreken (de ‘besprekingsplicht'7).
Daarnaast hebben we afgesproken met de deelnemers van het burgerberaad dat er een jaar na de overhandiging van het advies een slotbijeenkomst komt8. Dit is het moment waarop het kabinet samen met de deelnemers terugkijkt op wat het kabinet heeft gedaan met het advies van het burgerberaad. Om voor iedereen in Nederland inzichtelijk te maken hoe het staat met de opvolging van de adviezen van het burgerberaad zal het kabinet de komende twee jaar in de jaarlijkse Klimaat- en energienota in september een update geven. Deze update zullen we ook delen op het dashboard klimaatbeleid9.
Afsluitend willen wij graag namens het hele kabinet onze dank uitspreken aan de deelnemers van het burgerberaad en aan alle mensen die hard hebben gewerkt om dit mogelijk te maken. Het burgerberaad is Nederland in het klein: een plek waar mensen er samen uitkomen. Ondanks dat ze hele verschillende opvattingen hebben. De deelnemers hebben laten zien dat we verschillen kunnen overbruggen en tot een advies kunnen komen voor de toekomst van Nederland.
Door goed naar elkaar te luisteren. En door te kijken naar wat ons bindt, niet naar wat ons verdeelt.
Stientje van Veldhoven-van der Meer
Minister van Klimaat en Groene Groei
Pieter Heerma
Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Jaimi van Essen
Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
Vincent Karremans
Minister van Infrastructuur en Waterstaat
Annet Bertram
Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat
Dit is vastgelegd in het Instellingsbesluit. Artikel 10, lid 2.↩︎
Zie het Klimaatplan 2025-2035. ↩︎
Het kabinet heeft haar plannen opgeschreven in de Nota Ruimte en in de NOVEX-aanpak. ↩︎
Dit is vastgelegd in het Instellingsbesluit. Artikel 10, lid 2.↩︎
Democratie versterken in de praktijk! Hoe ontwerp en organiseer je een nationaal burgerberaad | Burgerberaad klimaat↩︎
Kamerstukken II 2022/23, 32 813, nr. 1232↩︎
Kamerstukken II 2022/23, 32 813, nr. 1232↩︎
Dit is vastgelegd in het Instellingsbesluit. Artikel 10, lid 3.↩︎
U kunt dit online raadplegen op www.dashboardklimaatbeleid.nl↩︎