De deelnemerslijst van een NAVO-aangelegenheid
Schriftelijke vragen
Nummer: 2026D25946, datum: 2026-05-29, bijgewerkt: 2026-06-03 18:33, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (kv-tk-2026Z11367).
Krijg melding als deze vragen beantwoord worden:
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: P. van Houwelingen, Tweede Kamerlid (FVD)
Onderdeel van zaak 2026Z11367:
- Gericht aan: D. Yeşilgöz-Zegerius, minister van Defensie
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2 |
| Vergaderjaar 2025-2026 | Vragen gesteld door de leden der Kamer |
Vragen van het lid Van Houwelingen (FVD) aan de Minister van Defensie over de deelnemerslijst van een NAVO-aangelegenheid (ingezonden 29 mei 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met de beantwoording die u op 26 mei 2026 naar de Kamer heeft gestuurd?1
Vraag 2
Waarom bent u, hiernaar gevraagd, blijkbaar niet in staat de Kamer met zekerheid te laten weten of er Nederlandse militairen wel of niet (ja of nee dus) bij de bewuste gesprekken tussen de NAVO en de televisie- en filmproducenten aanwezig waren? Dit kunt u toch vrij simpel (via de NAVO bijvoorbeeld) met zekerheid verifiëren? Gaat u dit alsnog doen? Zo nee, waarom niet?
Vraag 3
Waarom schrijft u in uw beantwoording aan de Kamer dat Nederland niet in het bezit is van de deelnemerslijst, aangezien dit een NAVO-aangelegenheid betreft, in plaats van die deelnemerslijst op verzoek van de Kamer gelijk op te vragen bij de NAVO, waar Nederland zoals u ongetwijfeld weet lid van is en dus als lid ook informatie zou moeten kunnen opvragen? Waarom is ditzelfde (blijkbaar) niet gebeurd voor de gespreksverslagen waar ook naar is gevraagd? Waarom is dit idem dito niet gebeurd voor de beschrijving van de «drie afzonderlijke projecten» waar ook om is verzocht?
Vraag 4
Bent u bereid dit alles alsnog zo snel mogelijk te doen en de door Nederland dus bij de NAVO opgevraagde deelnemerslijst, gespreksverslagen en omschrijving van de drie genoemde projecten zo spoedig mogelijk naar de Kamer door te sturen? Zo nee, waarom niet?
Vraag 5
Kunt u de bovenstaande vragen afzonderlijk en binnen uiterlijk drie weken beantwoorden?
Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025–2026, nr. 2035↩︎