Amendement van het lid Dobbe over middelen voor een noodfonds mondzorg
Wijziging van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (XVI) voor het jaar 2026 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota)
Amendement
Nummer: 2026D26146, datum: 2026-06-01, bijgewerkt: 2026-06-02 13:10, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: S.E.M. Dobbe, Tweede Kamerlid (SP)
Onderdeel van kamerstukdossier 36915 XVI-8 Wijziging van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (XVI) voor het jaar 2026 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota).
Onderdeel van zaak 2026Z11470:
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
| TWEEDE KAMER DER STATEN-GENERAAL | 2 | |
| Vergaderjaar 2025-2026 | ||
| 36 915 XVI | Wijziging van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (XVI) voor het jaar 2026 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota) | |
| Nr. 8 | AMENDEMENT VAN HET LID dobbe | |
| Ontvangen 1 juni 2026 | ||
| De ondergetekende stelt het volgende amendement voor: | ||
De begrotingsstaat wordt als volgt gewijzigd:
I
In artikel 2 Curatieve zorg worden het verplichtingenbedrag en het uitgavenbedrag verlaagd met € 800 (x € 1.000).
II
In artikel 2 Curatieve zorg worden het verplichtingenbedrag en het uitgavenbedrag verhoogd met € 2.000 (x € 1.000).
III
In artikel 3 Langdurige zorg en ondersteuning worden het verplichtingenbedrag en het uitgavenbedrag verlaagd met € 600 (x € 1.000).
IV
In artikel 4 Zorgbreed beleid worden het verplichtingenbedrag en het uitgavenbedrag verlaagd met € 600 (x € 1.000).
Toelichting
Dit amendement regelt dat er in 2026 €2 miljoen wordt vrijgemaakt voor een noodfonds mondzorg.
Doordat de tandarts niet vergoed wordt uit het basispakket zijn er veel mensen die mondzorg mijden vanwege de kosten. Uit onderzoek van het CBS bleek dat het gaat om zo’n 23% van de Nederlanders.1 Hierbij zijn bovendien grote verschillen tussen inkomensgroepen. Zo gaat het bij de Nederlanders in de laagste inkomensgroep om wel 33%. De gevolgen van zorgmijding kunnen bovendien groot zijn. Onbehandelde gebitsproblemen kunnen lijden tot veel pijnklachten, gezondheidsproblemen buiten de mond, arbeidsverzuim en sociale isolatie. Daarom is het volgens de indiener noodzakelijk om de (financiële) toegankelijkheid van de mondzorg te verbeteren, door in ieder geval zo snel mogelijk een noodfonds mondzorg in te stellen.
Vanuit het Ministerie van VWS zijn vorig jaar een aantal scenario’s uitgewerkt om de financiële toegankelijkheid van mondzorg te verbeteren.2 Het noodfonds vormt hiervan de minst vergaande. De indiener is dan ook van mening dat er tegelijkertijd meer moet worden gedaan om mondzorg écht voor iedereen toegankelijk te maken. Desalniettemin is het noodfonds voor de korte termijn een essentiële maatregel om de mensen te helpen die nu het hardst worden geraakt door de bestaande drempels voor mondzorg. Daarom regelt dit amendement dat er dit jaar al €2 miljoen wordt vrijgemaakt voor een noodfonds mondzorg. Op basis van de doorrekening van de kosten3 zou dit voor het resterende deel voldoende moeten zijn voor een noodfonds voor alleen zorgmijders of voor de groep mensen met een inkomen tot 120% van het sociaal minimum, afhankelijk van de precieze invulling.
De dekking voor dit amendement wordt voor €0,8 miljoen gevonden in de in de vrij besteedbare middelen op artikel 2 Curatieve Zorg, voor €0,6 miljoen in de in de vrij besteedbare middelen op artikel 3 Langdurige Zorg en ondersteuning en voor €0,6 miljoen in de in de vrij besteedbare middelen op artikel 4 Zorgbreed Beleid.
Dobbe