Ontwerp van de Tijdelijke subsidieregeling versneld onderwerken graanresten 2026
Luchtvaartbeleid
Brief regering
Nummer: 2026D26440, datum: 2026-06-01, bijgewerkt: 2026-06-04 14:55, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: V.P.G. Karremans, minister van Infrastructuur en Waterstaat
- Ontwerpuitvoeringsovereenkomst versneld onderwerken graanresten 2026
- Ontwerpregeling Tijdelijke subsidieregeling versneld onderwerken graanresten 2026
- Beslisnota bij Kamerbrief Ontwerp van de Tijdelijke subsidieregeling versneld onderwerken graanresten 2026
Onderdeel van kamerstukdossier 31936 -1295 Luchtvaartbeleid.
Onderdeel van zaak 2026Z11592:
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat
- Stemmingen en besluiten:
- 2026-06-03 13:05 ⇒ Rondgezonden en gepubliceerd. (Besluit)
- 2026-06-03 13:05: Aanvang middagvergadering: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2026-06-18 14:00: Procedurevergadering Infrastructuur en Waterstaat (Procedurevergadering), vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat
Preview document (🔗 origineel)
31936 Luchtvaartbeleid
Nr. 1295 Brief van de minister van Infrastructuur en Waterstaat
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 1 juni 2026
Hierbij bied ik u aan het ontwerp van de Tijdelijke subsidieregeling versneld onderwerken graanresten 2026 en de bijbehorende uitvoeringsovereenkomst. Voor de inhoud van de ontwerpregeling wordt u verwezen naar de ontwerptoelichting.
Het ter kennis brengen van het ontwerp aan de Kamer geschiedt in het kader van de wettelijk voorgeschreven procedure van artikel 4.10, zesde lid, van de Comptabiliteitswet 2016. De regeling zal niet eerder dan 30 dagen (recesdagen niet meegeteld) na de datum van toezending van het ontwerp aan de Kamer worden vastgesteld.
De minister van Infrastructuur en Waterstaat,
V.P.G. Karremans
Ter griffie van de Tweede Kamer der
Staten-Generaal ontvangen op 1 juni 2026.
De wens om over de voorgenomen voordracht
voor de vast te stellen ministeriële regeling
nadere inlichtingen te ontvangen kan door
ten minste dertig leden van de Kamer te
kennen worden gegeven uiterlijk op 1 juli 2026.
De voordracht voor de vast te stellen ministeriële
regeling kan niet eerder worden gedaan dan op
2 juli 2026 dan wel binnen veertien dagen na
het verstrekken van de in de vorige volzin bedoelde
inlichtingen.