Aanpak van gezondheidsrisico’s rondom geitenhouderijen
Toekomst veehouderij
Brief regering
Nummer: 2026D26788, datum: 2026-06-02, bijgewerkt: 2026-06-02 18:31, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: S.T.M. Hermans, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (Ooit VVD kamerlid)
- Mede ondertekenaar: S.P.A. Erkens, staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (Ooit VVD kamerlid)
Onderdeel van kamerstukdossier 28973 -299 Toekomst veehouderij.
Onderdeel van zaak 2026Z11751:
- Volgcommissie: vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
- Stemmingen en besluiten:
- 2026-06-03 13:05 ⇒ Rondgezonden en gepubliceerd. (Besluit)
- 2026-06-03 13:05: Aanvang middagvergadering: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
Preview document (🔗 origineel)
Geachte voorzitter,
Hierbij sturen wij u, mede namens de minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening en de staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, de beantwoording van de vragen van de vaste commissie voor Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur in het kader van het schriftelijk overleg over gezondheidsrisico’s voor omwonenden van geitenhouderijen d.d. 4 mei jl.
Naast de beantwoording van de vragen, geven wij hieronder graag een stand van zaken en planning van het beleidstraject omtrent de aanpak van gezondheidsrisico’s rondom geitenhouderijen.
Impactanalyse
Het kabinet vindt het van groot belang om de gevolgen, de mogelijkheden en consequenties van maatregelen in samenhang te kunnen bezien en te wegen. Momenteel wordt gewerkt aan een brede impactanalyse, waarbij gevoelige functies en woningbouwplannen in nabijheid van geitenhouderijen en de (economische) gevolgen van potentiële maatregelen in kaart worden gebracht. Deze informatie is met name cruciaal voor de uitwerking van de afstandsnorm en de aanpak prioritaire locaties, beide onderdeel van het voorgenomen maatregelenpakket1. De impactanalyse en de nadere uitwerking van het pakket aan maatregelen wordt, conform toezegging, voor het zomerreces aan de Kamer gestuurd.
Emissiereducerende maatregelen
Over de afgeronde eerste fase van het onderzoek van Wageningen
University & Research (WUR) is de Kamer op 18 februari jl.2 geïnformeerd. Uit dit onderzoek kwam
geen ideale maatregel3, maar werden wel aangrijpingspunten
voor maatregelen geïdentificeerd. Momenteel wordt het vervolgonderzoek
met
meetcampagne en ontwikkelprogramma, zoals omschreven in het WUR-spoedadvies4, vormgegeven. Zo snel mogelijk zal gestart worden met eerste metingen om de effectiviteit van kansrijke maatregelen vast te stellen en/of maatregelen toepasbaar te maken. Het vervolgonderzoek heeft een doorlooptijd van circa 3 jaar.
Daarnaast loopt een gesprek met de sector over de invulling van mogelijke vrijwillige no-regret-maatregelen. Dit zijn maatregelen die emissies van micro-organismen, fijnstof en endotoxinen mogelijk kunnen verminderen, niet ingrijpend of kostbaar zijn en snel zouden kunnen worden toegepast.
Monitoring gezondheidseffect
De epidemiologische studies, die eerder zijn uitgevoerd in het kader van het onderzoeksprogramma Veehouderij en Gezondheid Omwonenden (VGO) naar het voorkomen van longontstekingen vastgesteld door huisartsen, zullen opnieuw worden uitgevoerd voor de periode 2023-2025. Dit wordt bezien als een nulmeting en zal worden herhaald nadat het maatregelenpakket is ingevoerd.
Planning
De vormgeving van het maatregelenpakket verloopt in nauwe afstemming met
medeoverheden. Op 12 mei jl. hebben wij hierover gesproken met het
Interprovinciaal Overleg (IPO) en de Vereniging van Nederlandse
Gemeenten (VNG). De planning is erop gericht om vóór het zomerreces te
komen met een verdere uitwerking van de diverse componenten van de
aanpak.
Hoogachtend,
de minister van Volksgezondheid, de staatssecretaris van Landbouw,
Welzijn en Sport, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur,
Sophie Hermans S.P.A. Erkens
Kamerstukken II 2025/2026, 28 973, nr. 287.↩︎
Kamerstukken II 2025/2026, 28 973, nr. 289.↩︎
Een ideale maatregel zou volgens WUR “emissies van bioaerosolen in hoge mate verminderen, breed inpasbaar zijn in huidige bedrijven, geen ongewenste neveneffecten geven of zelfs extra voordelen geven, een grote mate van acceptatie hebben, faalongevoelig zijn en weinig kosten”.↩︎
Bijlage bij Kamerstukken II 2024/2025, 28 973, nr. 268.↩︎