Geannoteerde agenda Eurogroep en Ecofinraad van 11 en 12 juni 2026
Raad voor Economische en Financiële Zaken
Brief regering
Nummer: 2026D27261, datum: 2026-06-04, bijgewerkt: 2026-08-19 14:36, versie: 3 (versie 1, versie 2)
Directe link naar document (.pdf), link naar officiele pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (kst-21501-07-2196).
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: E. Heinen, minister van Financiën (Ooit VVD kamerlid)
- Geannoteerde agenda Eurogroep en Ecofinraad van 11 en 12 juni 2026
- Gezamenlijke inbreng E6 kapitaalmarktintegratie en toezichtcentralisatiepakket
- Beslisnota bij Kamerbrief Geannoteerde agenda Eurogroep en Ecofinraad van 11 en 12 juni 2026
Onderdeel van kamerstukdossier 21501 07-2196 Raad voor Economische en Financiële Zaken.
Onderdeel van zaak 2026Z11998:
- Volgcommissie: vaste commissie voor Europese Zaken
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Financiën
- Stemmingen en besluiten:
- 2026-09-03 14:19 ⇒ Afgevoerd van de stand der werkzaamheden. (Besluit)
- 2026-06-18 10:00 ⇒ Behandeld in het op 9 juni 2026 gehouden commissiedebat Eurogroep/Ecofinraad d.d. 11 en 12 juni 2026. (Besluit)
- 2026-06-09 16:30 ⇒ Behandeld. (Besluit)
- 2026-06-09 16:20 ⇒ Rondgezonden en gepubliceerd. (Besluit)
- 2026-06-09 16:20: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2026-06-09 16:30: Eurogroep/Ecofinraad d.d. 11 en 12 juni 2026 (Commissiedebat), vaste commissie voor Financiën
- 2026-06-18 10:00: Procedurevergadering Financiën (Procedurevergadering), vaste commissie voor Financiën
- 2026-09-03 14:19: Aanvang middagvergadering: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
Preview document (🔗 origineel)
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2 |
| Vergaderjaar 2025-2026 |
21 501-07 Raad voor Economische en Financiële Zaken
Nr. 2196 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 4 juni 2026
Hierbij zend ik u de geannoteerde agenda van de vergaderingen van de Eurogroep en Ecofinraad van 11 en 12 juni a.s. Ik ben voornemens deel te nemen aan deze vergaderingen.
De agenda’s van de Eurogroep en Ecofinraad worden bepaald op basis van het Eurogroep-werkprogramma en een vooruitblik van het voorzitterschap van de Raad. De agenda’s worden kort voor de start van de Eurogroep en Ecofinraad vastgesteld. Op 27 mei hebben we de laatste indicatie van de agenda’s ontvangen en op basis daarvan is deze geannoteerde agenda samengesteld. Het is mogelijk dat nog punten worden toegevoegd aan de agenda of dat bepaalde onderwerpen worden afgevoerd of worden uitgesteld tot de volgende vergadering.
Tevens informeer ik uw Kamer hierbij over een brief van de Ministers van Financiën van Duitsland, Frankrijk, Italië, Spanje, Nederland en Polen aan het Cypriotische Raadsvoorzitterschap over een gezamenlijke inbreng voor de Raadsonderhandelingen over het kapitaalmarktintegratie- en toezichtcentralisatiepakket, waarover ik op 28 mei jl. in Berlijn met deze vijf landen sprak.
De Minister van Financiën,
E. Heinen
Geannoteerde agenda Eurogroep en Ecofinraad 11 en 12 juni 2026
Eurogroep
Agendaonderwerp: Macro-economische en begrotingsontwikkelingen in de Eurozone
Document: N.v.t.
Aard bespreking: Gedachtewisseling
Besluitvormingsprocedure: N.v.t.
Toelichting:
De Eurogroep zal van gedachten wisselen over recente macro-economische ontwikkelingen. Naar verwachting zal de Eurogroep dieper ingaan op de uitkomsten van de Lenteraming die op 21 mei jl. door de Commissie is gepubliceerd.1 Tijdens de Eurogroep van 22 mei jl. is deze raming al kort gepresenteerd.
In de Lenteraming voorziet de Commissie een economische groei in de EU van 1,1% bbp in 2026 en 1,4% bbp in 2027. Daarmee is de verwachting voor 2026 met 0,3%-punt naar beneden bijgesteld. Voor de eurozone verwacht de Commissie in 2026 en 2027 respectievelijke groei van 0,9% en 1,2% bbp. Wat betreft inflatie raamt de Commissie 3,1% in 2026 en 2,5% in 2027. De Commissie verwacht een gemiddeld begrotingstekort in de EU van 3,5% in 2026 en 3,6% in 2027.
De Commissie wijst in haar raming ook op neerwaartse risico’s door geopolitieke onzekerheid en scenario’s waardoor energieprijzen verder kunnen stijgen, economische groei beperkter kan zijn en begrotingstekorten kunnen oplopen. Daarbij geeft de Commissie aan dat het van belang is dat energiesteunmaatregelen gericht zijn op kwetsbare huishoudens en bedrijven, beperkte begrotingsruimte innemen en verduurzamingsprikkels niet verstoren.
Het kabinet onderschrijft het belang van schuldhoudbaarheid, structurele hervormingen en duurzame investeringen. Daarbij deelt het kabinet de mening dat eventuele maatregelen om kwetsbare bedrijven en huishouden te beschermen tegen prijsschokken tijdelijk, gericht en zoveel mogelijk gecoördineerd moeten zijn.
Agendaonderwerp: IMF-review van eurozone-beleid
Document: N.v.t.
Aard bespreking: Gedachtewisseling
Besluitvormingsprocedure: N.v.t.
Toelichting:
Tijdens de Eurogroep zal het IMF zijn bevindingen over de eurozone presenteren in het kader van het zogenaamde Artikel IV rapport. In deze Artikel IV rapporten analyseert het IMF de financieel-economische situatie in een land of regio en stelt het op basis daarvan beleidsadviezen op. Op het moment van schrijven is er geen document beschikbaar. Het rapport van het IMF zal naar verwachting enige tijd na de vergadering worden gepubliceerd. Het kabinet zal de presentatie van het IMF aanhoren.
Inclusive format
Agendaonderwerp Economische- en energieveiligheid in de EU: bespreking met het IMF
Document: N.v.t.
Aard bespreking: Gedachtewisseling
Besluitvormingsprocedure: N.v.t.
Toelichting:
De Raad zal spreken over economische- en energieveiligheid in de EU. Het IMF is uitgenodigd om hierop te reflecteren. Op het moment van schrijven zijn er nog geen voorbereidende stukken gedeeld.
Naar verwachting zal een groot deel van de discussie zich richten op energie, mogelijk in relatie tot de oorlog in het Midden-Oosten, aangezien dit gevolgen heeft voor zowel de economische- als energieveiligheid van de EU.
Het kabinet hecht veel belang aan het versterken van de energiezekerheid van de EU. Het versnellen van de transitie moet, juist in de context van de toenemende onzekerheid en beperking in aanbod van fossiele energie uit het Midden-Oosten, ook als economisch veiligheidsvraagstuk gezien worden. Hetzelfde geldt voor het vergroten van onze energie-efficiëntie en het verbeteren van de interconnectie van energie-infrastructuur tussen EU-lidstaten. Dit vraagt ook om terughoudendheid van lidstaten ten aanzien van het nemen van steunmaatregelen op energieterrein die vraag verhogend werken.
In bredere zin ziet het kabinet dat het geopolitiek verhardende krachtenveld het belang van het versterken van economische veiligheid vergroot. Het kabinet wijst daarbij op het vergroten van het groeipotentieel van de Europese economieën, een belangrijke randvoorwaarde voor een weerbare economie en samenleving. Tevens is het in deze geopolitieke context extra van belang onze economische banden met gelijkgezinde derde landen te versterken. Verder zet het kabinet erop in om risicovolle, strategische afhankelijkheden te verminderen om zo geopolitiek minder kwetsbaar te zijn.
Agendaonderwerp: Technologische soevereiniteit
Document: N.v.t.
Aard bespreking: Gedachtewisseling
Besluitvormingsprocedure: N.v.t.
Toelichting:
In de Eurogroep zal gesproken worden over technologische soevereiniteit met gastspreker David Eaves, universitair hoofddocent Digitale Overheid en mede-plaatsvervangend directeur van het Institute for Innovation and Public Purpose aan University College London (UCL). Verwant hieraan is de verwachte publicatie van het Commissievoorstel het Tech Sovereignty Package op 3 juni 2026. Dit voorstel bestaat uit een strategische routekaart voor digitalisering en AI in energie, communicatie over Europese technologische soevereiniteit, wet op cloud- en AI-ontwikkeling en de Chipswet 2.
Het kabinet kijkt uit naar dit voorstel en ziet dit als een kans om als Europese Unie een meer samenhangend antwoord te geven op hoog-risico strategische afhankelijkheden in kritieke digitale technologieën. Het kabinet onderschrijft het belang van het vermogen om zelfstandig te kiezen en te handelen op het wereldtoneel, en tegelijkertijd zoveel mogelijk de vruchten te plukken van samenwerking met wereldwijde partners.
Ecofin
Agendaonderwerp: Tabaksbelastingpakket
Document: 9122/26 en 8736/26, beschikbaar op Delegates Portal.
Aard bespreking: Besluitvorming
Besluitvormingsprocedure: Unanimiteit
Toelichting:
Het Cypriotische voorzitterschap streeft ernaar om tijdens de Ecofinraad een akkoord te bereiken op de voorstellen voor de herziening van de Richtlijn tabaksaccijns en de Horizontale accijnsrichtlijn. De rechtsbasis van dit voorstel betreft artikel 113 van het VWEU. Besluitvorming ten aanzien van het voorstel vereist unanimiteit (met raadpleging van het Europees Parlement).
In de huidige Richtlijn tabaksaccijns (2011/64/EU) zijn Europese regels voor de heffing van accijns op tabaksfabricaten geharmoniseerd. De huidige Richtlijn tabaksaccijns dateert echter uit 2011 en is daarmee niet meer in lijn met marktontwikkelingen. Zo vallen nieuwe tabaks- en tabaksgerelateerde producten zoals vapes niet binnen de reikwijdte van de huidige richtlijn en zijn de bestaande Europese minimumtarieven ontoereikend om het goed functioneren van de interne markt te waarborgen. De huidige Richtlijn tabaksaccijns is daarmee verouderd en biedt onvoldoende gezondheidsbescherming, leidt tot een ongelijk speelveld op de interne markt en draagt onvoldoende bij aan het tegengaan van illegale handel en belastingfraude.
De Commissie heeft op 16 juli 2025, mede na herhaalde oproepen van Nederland en 14 andere lidstaten, een herzieningsvoorstel gepubliceerd. In dit voorstel doet de Commissie voorstellen om de bovenstaande problemen te adresseren. De Nederlandse inzet voor de herziening van de Richtlijn tabaksaccijns is opgenomen in het BNC-fiche.2
Zoals beschreven in het BNC-fiche bevatten de herzieningsvoorstellen van de Commissie in brede zin vier aanpassingen: 1) aanpassing van de tariefstructuur en invoering mechanisme voor inflatiecorrectie, 2) uitbreiding van de definitie van tabaksproducten en verhogen van de minimumtarieven voor deze producten, en 3) uitbreiding van de reikwijdte van de richtlijn naar tabaksgerelateerde producten en ruwe tabak. 4) aanpassing van enkele artikelen in de horizontale accijnsrichtlijn voor de producten die door herziening van de TTD (Tobacco Taxation Directive) binnen de reikwijdte van de accijnsverplichtingen komen te vallen. Nederland heeft gedurende de onderhandelingen ingezet op een forse verhoging van de EU-minimumtarieven en een toekomstbestendige uitbreiding van de reikwijdte van de richtlijn naar nieuwe tabaks- en nicotineproducten. Met betrekking tot de Europese minimumtarieven heeft het kabinet specifieker ingezet op producten als vapes, sigaretten, verhitte tabak en fijne tabak voor het rollen van sigaretten, omdat deze producten substituten van elkaar zijn en breder worden gebruikt, onder andere door jongeren. Daarnaast heeft Nederland ingezet op het aanscherpen van definities, het periodiek indexeren voor inflatie van de EU-minimumtarieven om deze op langere termijn up-to-date te houden, een effectieve koopkrachtpariteit zodat rekening wordt gehouden met economische omstandigheden van de lidstaten en een versterkte monitoring op ruwe tabak om beter te kunnen voorkomen dat deze grondstof op de illegale markt terecht komt.
Met de hierboven beschreven inzet behoort Nederland tot een van de meest ambitieuze lidstaten op dit beleidsterrein. De meerderheid van de lidstaten is terughoudender. Deze lidstaten leggen in veel gevallen prioriteit bij het uitbreiden van de reikwijdte naar nieuwe producten en hechten minder belang aan bijvoorbeeld het verhogen en actueel houden van de EU-minimumtarieven. Een aantal lidstaten heeft daarbij structureel gepleit voor het inperken van het ambitieniveau ten opzichte van het oorspronkelijke voorstel van de Europese Commissie. Het kabinet acht het positief dat er een brede consensus is binnen de Raad om de reikwijdte toekomstbestendig uit te breiden naar nieuwe producten. Tegelijkertijd zijn er ten aanzien van de verhoging van de Europese minimumtarieven en daaraan gerelateerde indexatie en koopkrachtpariteit door zowel ambitieuze als terughoudende lidstaten concessies gedaan. Dit heeft, op het moment van schrijven, geresulteerd in een compromisvoorstel waarin de verhoging van de Europese minimumtarieven de indexatiebepaling en de koopkrachtpariteit zijn afgezwakt ten opzichte van het Commissievoorstel. Tegelijkertijd bevat het nu voorliggende compromisvoorstel relevante stappen voorwaarts ten opzichte van de huidige situatie, waaronder het opnemen van nieuwe producten zoals vapes in de reikwijdte en verhoging van de EU-minimumtarieven. Dit compromisvoorstel draagt daarmee onder andere bij aan sterker ontmoedigingsbeleid en gezondheidsbescherming, het beter functioneren van de interne markt, het tegengaan van illegale handel en productie van tabaks- en nicotineproducten en het verkleint de prikkel om tabak over de grens te kopen. Het Europees Parlement (EP) heeft nog geen formeel standpunt ingenomen met betrekking tot deze voorstellen. Het EP heeft eerder aangegeven voorstander te zijn van herziening van de Richtlijn tabaksaccijns. Daarbij zijn onderwerpen genoemd als het versterken van de interne markt, beschermen van volksgezondheid, tegengaan van illegale handel en rekenschap geven aan economische omstandigheden.
Indien de teksten die voor akkoord worden voorgelegd in de Ecofinraad voldoen aan het bovenstaande is Nederland voornemens in te stemmen met het compromis voor de wijziging van de Richtlijn van de Raad (2011/64/EU) betreffende de structuur en de tarieven van de accijns op tabak en aan tabak verwante producten en de wijziging van Richtlijn (2020/262/EU) van de Raad van 19 december 2019 houdende een algemene regeling inzake accijns, ten aanzien van tabak en aan tabak verwante producten.
Agendaonderwerp: Verordening betreffende de uitbreiding van de reikwijdte van het CBAM met downstreamgoederen3 en anti-ontwijkingsmaatregelen
Document: op dit moment nog niet beschikbaar. Het document wordt voorafgaand aan de vergadering op het Delegates Portal geplaatst onder de titel «Regulation on the extension of the scope of CBAM to downstream goods and on anti-circumvention measures.»
Aard bespreking: besluitvorming
Besluitvormingsprocedure: gekwalificeerde meerderheid
Toelichting:
De Ecofinraad zal spreken over de compromistekst van de Verordening betreffende de uitbreiding van de reikwijdte van het Carbon Border Adjustment Mechanism (hierna: CBAM) met downstreamgoederen en betreffende anti-ontwijkingsmaatregelen, teneinde een akkoord te bereiken. De rechtsbasis is art. 192, lid 1 VWEU. De besluitvorming ten aanzien van het voorstel is gekwalificeerde meerderheid (met medebeslissing van het Europees Parlement).
Op 17 december 2025 heeft de Commissie een voorstel gepubliceerd ter herziening van de CBAM-verordening. Het doel van het voorstel is de effectiviteit en integriteit van het CBAM verder te versterken en daarmee het risico op koolstoflekkage te verminderen. Dit doet het voorstel voornamelijk door de reikwijdte van het CBAM uit te breiden, ontwijking aan te pakken en technische verbeteringen aan te brengen.
Het kabinet verwelkomt het voorstel om het CBAM verder te versterken in het licht van de Europese klimaatdoelstellingen en de transitie naar een concurrerende en duurzame industrie.
Het kabinet is positief over de uitbreiding van de reikwijdte van het CBAM, de introductie van betere anti-ontwijkingsmaatregelen, de aangepaste regels rond elektriciteit en de operationele verbeteringen. De Nederlandse inzet tijdens de onderhandelingen was gericht op de balans tussen enerzijds klimaatambitie en anderzijds het voorkomen van mogelijke marktverstoring, de handhaafbaarheid en de uitvoerbaarheid voorbedrijven en overheden. Ten tijde van het schrijven van deze geannoteerde agenda aan de Kamer is de laatste compromistekst nog niet door het Cypriotisch voorzitterschap gedeeld.
Het kabinet is tevreden over veel van de wijzigingen in de eerdere compromisteksten. Hierin is onder andere naar aanleiding van het Nederlandse non paper over simplified and robust global default values een vereenvoudiging van standaardwaarden voor complexe downstreamgoederen opgenomen.4 Ook is de verwijzing naar internationale kredieten verwijderd. Dit is belangrijk, omdat internationale kredieten geen rol spelen in het ETS en een gelijke behandeling van installaties binnen en buiten de EU van belang is voor een gelijk speelveld.
Nederland zal in de laatste fase van de onderhandelingen blijven inzetten dat eventuele toevoeging van extra goederencodes aan de reikwijdte (ten opzichte van het aanvankelijke Commissievoorstel) gebeurt aan de hand van objectieve en kwantitatieve criteria. Daarnaast blijft de inzet erop gericht dat de noodmaatregel waarmee de Commissie een goed van het CBAM kan uitzonderen met voldoende voorwaarden is omkleed of volledig wordt geschrapt.
In de basis steunen alle lidstaten het voorstel en willen zij zo snel mogelijk tot een akkoord komen. Een deel van de lidstaten wil net als Nederland alleen dat extra goederencodes worden toegevoegd op basis van objectieve en kwantitatieve criteria. Hiertegenover staan lidstaten die veel meer goederencodes willen toevoegen. Met betrekking tot de noodmaatregel bestaat er eveneens verdeeldheid in standpunten. Een deel van de lidstaten wil net als Nederland inperking of schrapping van de noodmaatregel. Een andere groep lidstaten wil de noodmaatregel behouden en minder inperken. Om een balans te vinden heeft het Cypriotische voorzitterschap in de meest recente compromistekst de noodmaatregel laten staan, maar voor het gebruik ervan met strengere voorwaarden omkleed. Het is op dit moment onduidelijk of er aan beide zijden een gekwalificeerde meerderheid zal zijn in de Ecofinraad. De EP-commissie zal de komende maanden een standpunt innemen. De plenaire stemming in het EP is op 14 september 2026 voorzien.
Agendaonderwerp Spaar- en Investeringsunie: kapitaalmarktintegratie- en toezichtcentralisatiepakket
Document: N.v.t.
Aard bespreking: Gedachtewisseling
Besluitvormingsprocedure: N.v.t.
Toelichting:
De Ecofinraad zal spreken over het kapitaalmarktintegratie- en toezichtcentralisatiepakket dat op 4 december jl. door de Europese Commissie is gepubliceerd. Het kabinet verwelkomt dit pakket en is uitgesproken voorstander van voorstellen die barrières op de interne markt wegnemen om de spaar- en investeringsunie te ontwikkelen, alsook het bij ESMA centraliseren van toezicht op handelsplatformen, centrale tegenpartijen, centrale effectenbewaarinstellingen en cryptoactivadienstverleners. Het kabinet vindt het van groot belang dat er voortgang gemaakt wordt op alle elementen van dit pakket, omdat alleen dan de geschetste baten worden gerealiseerd.
Momenteel wordt op technisch niveau binnen de Raad gesproken over belangrijke aspecten van het pakket, waaronder over de voorgestelde reikwijdte van het toezicht door ESMA en de voorgestelde herziene bestuursstructuur van ESMA. Het kabinet zet erop in dat de Ecofinraad politieke sturing aan de onderhandelingen geeft, zodat er voor de zomer een Raadsakkoord op hoofdlijnen kan worden bereikt. Daarom werkt de Minister van Financiën nauw samen met zijn collega Ministers van de zes grote Europese economieën en roept het kabinet lidstaten op om over hun nationale schaduw heen te stappen.
Agendaonderwerp: Economische en financiële impact van de Russische agressie tegen Oekraïne
Document: N.v.t.
Aard bespreking: Gedachtewisseling
Besluitvormingsprocedure: N.v.t.
Toelichting:
De Ecofinraad zal spreken over de economische en financiële impact van de Russische agressie tegen Oekraïne en over Europese steunmaatregelen. Dit is een regulier terugkerend agendaonderwerp op de Ecofinraad. Er vindt geen besluitvorming plaats.
Oekraïne ontvangt sinds februari 2024 steun uit de Oekraïne-faciliteit die een totale omvang van EUR 50 mld. heeft voor de periode 2024–2027, waarvan ca. EUR 38 mld. begrotingssteun. Op 22 december jl. heeft de uitbetaling van tranche zes, van EUR 2,3 mld. plaatsgevonden. Oekraïne heeft in april jl. een uitbetalingsverzoek voor de zevende tranche ingediend. Deze uitbetaling is afhankelijk van het vervolmaken van hervormingsstappen door Oekraïne. De Raad heeft ingestemd met het oordeel van de Commissie dat Oekraïne (gedeeltelijk) heeft voldaan aan achttien hervormingsstappen, onder meer op het gebied rechtsstatelijkheid en begrotingsbeheer. Naar aanleiding hiervan verwacht de Commissie in juni ca. EUR 2,8 mld. uit te betalen. Ook heeft Oekraïne sinds maart 2023 een programma bij het IMF, dat in februari 2026 is hernieuwd.
Tijdens de Europese Raad op 18 december jl. is een akkoord bereikt om Oekraïne in de komende twee jaar te ondersteunen met EUR 90 mld. aan leningen. De Kamer is op 19 december jl. over het voorstel voor de Ukraine Support Loan geïnformeerd en is met de kabinetsappreciatie van 6 februari jl. nader geïnformeerd over het akkoord.5 Op 23 april jl. stemde de Raad in met de amendering van de MFK-verordening, waarmee ook het formele akkoord is bereikt.6 Daarnaast heeft de Raad op 23 april jl. ingestemd met het Raadsuitvoeringsbesluit ter goedkeuring van de Oekraïense financieringsstrategie. Met het Raadsuitvoeringsbesluit ter goedkeuring van de Oekraïense financieringsstrategie voor 2026 is de hoogte van de steun voor 2026 vastgesteld op EUR 45 mld., waarvan EUR 16,7 mld. beschikbaar wordt gesteld voor begrotingssteun en EUR 28,3 mld. voor steun aan defensie-industriële capaciteiten. Daarnaast is met het Raadsuitvoeringsbesluit vastgesteld dat het verstrekken van EUR 8,35 mld. aan begrotingssteun via de Oekraïne faciliteit zal lopen en EUR 8,35 mld. in de vorm van macro-financiële bijstand. Het vrijmaken van macro-financiële bijstand op korte termijn is gekoppeld aan beleidsvoorwaarden voor Oekraïne waarbij de focus ligt op het versterken van de overheidsfinanciën. Deze beleidsvoorwaarden zijn vastgelegd in een Memorandum of Understanding (MoU) waar de deelnemende lidstaten op 18 mei jl. mee hebben ingestemd en welke op 20 mei jl. is ondertekend door de Europese Commissie.7 De MoU en een leenovereenkomst tussen de Commissie en Oekraïne dienen geratificeerd te worden in het Oekraïense parlement, voordat uitbetaling kan plaatsvinden. Afhankelijk van de voortgang op de relevante hervormingen zal naar verwachting de eerste uitbetaling ter hoogte van EUR 3,2 mld. begin juni aan Oekraïne worden uitbetaald. Voor steun vanuit de Oekraïne faciliteit geldt dat uitbetaling voorwaardelijk is aan het doorvoeren van hervormingsstappen uit de bestaande hervormingsagenda voor 2024–2027 uit het Oekraïneplan. Naar verwachting zal op korte termijn de hervormingsagenda van de Oekraïne-faciliteit worden aangepast, waarbij Nederland eerder aandacht heeft gevraagd voor het belang van hervormingsstappen op het gebied van rechtsstaat en corruptiebestrijding. Na publicatie van het concept-Raadsuitvoeringsbesluit beslist de Raad binnen een maand hierover.
Oekraïne heeft in september 2025 bij het IMF een aanvraag ingediend voor een nieuw IMF-programma met een omvang van USD 8,1 mld., welke op 26 februari 2026 werd goedgekeurd door de Raad van Bewind van het IMF. Het programma kon pas worden goedgekeurd wanneer het financieringstekort voor het eerste jaar van het programma gedekt zou zijn. Met de toezegging van de Europese Raad van 18 december was dit het geval. Daarnaast hebben lidstaten van het IMF, waaronder Nederland, financing assurances afgegeven. Daarmee zeggen zij toe Oekraïne financieel te zullen blijven steunen en zorg te zullen dragen voor de schuldhoudbaarheid van Oekraïne.8 Ook werkt het kabinet via de Group of Creditors of Ukraine (GCU) mee aan het herstructureren van de onhoudbare overheidsschuld van Oekraïne. Dit houdt in eerste instantie in dat de betalingsstop op bilaterale claims wordt verlengd tot eind 2029 (parallel aan de looptijd van het nieuwe IMF-programma).9
De Ukraine Support Loan van EUR 90 mld. dekt volgens de Europese Commissie twee derde van de macro-financiële en militaire noden van Oekraïne voor de komende twee jaar, uitgaande van de situatie in september 2025. Het resterende tekort – dat momenteel op EUR 30 mld. wordt geschat – dient volgens de Commissie gedekt te worden door andere internationale donoren. De noodzaak van aanvullende steun is afhankelijk van het verloop van de oorlog tegen Oekraïne, aangezien huidige aannames ervan uitgaan dat de oorlog eind 2026 eindigt. Voor de macro-financiële noden zijn bovenstaande schattingen gebaseerd op cijfers van het IMF. Het IMF publiceert elk kwartaal een review van het IMF-programma met nieuwe cijfers over het financieringstekort van Oekraïne. De herstel- en wederopbouwnoden van Oekraïne zijn nog niet in dit tekort meegenomen en worden in de meest recente Recovery and Reconstruction Needs Assessment (RDNA5) van de Wereldbank geschat op USD 588 mld. (EUR 500 mld.) in de komende tien jaar. Ten slotte heeft de Europese Commissie voor de periode 2027–2034 een niet-militair steunpakket van EUR 100 mld. voorgesteld als onderdeel van het nieuwe MFK.
Agendaonderwerp: Uitvoeringsbesluiten van de Raad onder de Herstel- en Veerkrachtfaciliteit
(HVF)
Document: Voorafgaand aan het overleg gepubliceerd op eur-lex.Europa.eu
Aard bespreking: Aanname uitvoeringsbesluiten van de Raad
Besluitvormingsprocedure: Gekwalificeerde meerderheid
Toelichting:
Tijdens de Ecofinraad zal worden stilgestaan bij de stand van zaken ten aanzien van de Herstel- en Veerkrachtfaciliteit (HVF). Daarnaast zal de Raad uitvoeringsbesluiten aannemen waarmee wijzigingen van de herstel- en veerkrachtplannen (HVP) die lidstaten hebben opgesteld in het kader van de HVF, formeel worden goedgekeurd. Lidstaten kunnen, op basis van artikel 21 van de HVF-verordening, gebruik maken van de mogelijkheid om hun HVP aan te passen op grond van objectieve omstandigheden die relevant zijn voor de eerder overeengekomen mijlpalen en doelstellingen of wanneer daar een beter alternatief voor wordt voorgesteld waarbij het oorspronkelijke ambitieniveau van de maatregel onveranderd blijft. De Commissie beoordeelt of de redenen die lidstaten aandragen een wijziging van de herstelplannen rechtvaardigen en of de herstelplannen na deze aanpassingen nog steeds voldoen aan alle eisen van de HVF-verordening.
Op het moment van schrijven liggen de wijzigingen van de HVPs van Slowakije, Spanje, Polen, Portugal en België voor in de Ecofinraad. De Commissie oordeelt dat de redenen die deze lidstaten voor de wijzigingen aandragen, een aanpassing van het HVP rechtvaardigen en dat de plannen ook na deze aanpassingen voldoen aan de eisen van de HVF-verordening. Het kabinet kan zich vinden in het oordeel van de Commissie. Het kabinet is daarom voornemens om in te stemmen met de voorstellen tot aanpassing van de uitvoeringsbesluiten van de Raad.
Agendaonderwerp: Europees Semester 2026 (lentepakket)
Document: Vanaf 3 juni beschikbaar op de website van de Europese Commissie.
Aard bespreking: Presentatie
Besluitvormingsprocedure: N.v.t.
Toelichting:
Op 3 juni publiceert de Commissie het lentepakket in het kader van het Europees Semester. Het Europees Semester is het jaarlijkse proces waarin EU-lidstaten hun economisch, arbeidsmarkt- en begrotingsbeleid coördineren. De oorsprong hiervan ligt in het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, in het bijzonder artikel 121(2), 126(3) en 148(4), en de afspraken die daarin zijn gemaakt over het economisch beleid en het werkgelegenheidsbeleid.
Ten tijde van het schrijven van deze geannoteerde agenda is dit pakket nog niet gepubliceerd. Het pakket bestaat uit verschillende onderdelen, waaronder: een overkoepelende mededeling (Spring Package Communication), het vaststellen door de Commissie van het bestaan van macro-economische onevenwichtigheden in de diepteonderzoeken onderzochte lidstaten in het kader van de macro-economische onevenwichtighedenprocedure (MEOP), 27 landenrapporten met de economische analyse van de Commissie over de individuele lidstaten (Country Reports), 27 Commissievoorstellen voor landenspecifieke aanbevelingen van de Raad aan de lidstaten (Commission Recommendations for Country Specific Recommendations), en een Commissievoorstel voor een Raadsbesluit over werkgelegenheidsrichtlijnen voor lidstaten (Commission Proposal for a Council Decision on Guidelines for the Employment Policies of Member States). Verder publiceren de Commissie en de ECB elke twee jaar convergentierapporten om te beoordelen of lidstaten kunnen toetreden tot de eurozone. Op dit moment zijn er geen lidstaten die direct kunnen toetreden. Daarnaast bevat het lentepakket onderdelen die zien op de implementatie van het Europese begrotingsraamwerk. Dit betreft onder meer de beoordeling van de aanwezigheid van buitensporige tekorten in lidstaten (het zogenaamde 126.3 rapport) en de beoordeling of lidstaten waarvoor al eerder een buitensporig tekort is vastgesteld effectief gevolg hebben gegeven aan de maatregelen ter correctie daarvan. Verder zal de Commissie de voortgangsrapportages van lidstaten beoordelen. Ook kunnen Raadsaanbevelingen voorliggen wanneer lidstaten een verzoek hebben ingediend tot activering van de nationale ontsnappingsclausule voor defensie-uitgaven. Spanje heeft in elk geval een dergelijk verzoek ingediend. Daarnaast is het mogelijk dat de Raadsaanbeveling over het herziene Nederlandse budgettair-structureel plan voor de middellange termijn voorligt.
In de Ecofinraad van 12 juni zal de Commissie een presentatie geven over de relevante onderdelen van het lentepakket. Het kabinet kan deze presentatie aanhoren. In verband met de publicatiedatum van het lentepakket ontvangt de Kamer een appreciatie van de relevante onderdelen met een nazending op deze geannoteerde agenda. Het Commissievoorstel voor een Raadsbesluit over werkgelegenheidsrichtlijnen voor lidstaten zal in de Raad Werkgelegenheid en Sociaal Beleid worden behandeld. De kabinetsappreciatie van dat onderdeel wordt opgenomen in de geannoteerde agenda voor de desbetreffende Raad.
Overig
Jaarvergadering Raad van Gouverneurs van het Europees Stabiliteitsmechanisme (ESM)
Op 11 juni 2026 zal en marge van de Eurogroep de jaarvergadering van de Raad van Gouverneurs van het Europees Stabiliteitsmechanisme (ESM) plaatsvinden. Op de agenda staan onder andere: het goedkeuren van het jaarverslag en de financiële rekeningen van het ESM over 2025, een bespreking van het rapport van het ESM-auditcomité over de financiële rekeningen, en de verklaring van de externe accountant. Ook wordt de Raad van Gouverneurs, zoals gebruikelijk, om goedkeuring gevraagd om het financiële resultaat van 2025 over te boeken naar het reservefonds van het ESM. Daarnaast wordt de Raad van Gouverneurs gevraagd om in te stemmen met de goedkeuring van de nieuwe externe accountant. Ook wordt de Raad van Gouverneurs gevraagd om in te stemmen met de wijziging van de prijsstellingsrichtsnoer. Tot slot zal de Raad van Gouverneurs, in gesprek met de managing director van het IMF, van gedachten wisselen over het omgaan met mondiale uitdagingen.
Net als in voorgaande jaren ontvangt de Kamer na de vergadering het jaarverslag, de financiële rekeningen en het jaarverslag van het ESM-auditcomité, samen met een verslag van de jaarvergadering. Daarbij ontvangt de Kamer dan ook de jaarrekeningen van de Europese Financiële Stabiliteitsfaciliteit (EFSF). Het kabinet is voornemens om het jaarverslag en de financiële rekeningen van het ESM over 2025 goed te keuren en net zoals in eerdere jaren in te stemmen met het overboeken van het resultaat over 2025 naar het reservefonds van het ESM. Zoals gebruikelijk zal in het verslag van de vergadering nader op de financiële rekeningen en deze besluiten worden ingegaan.
De externe accountant van het ESM is momenteel KPMG. Het mandaat van KPMG loopt af na voltooiing van de controle van de jaarrekeningen van 2025. Het ESM stelt voor om het mandaat van KPMG te verlengen tot en met 2028. KPMG blijft voldoen aan de toepasselijke geschiktheids- en onafhankelijkheidsvereisten die volgen uit het ESM-verdrag en de statuten. Er zijn geen omstandigheden vastgesteld die aanleiding zouden geven tot twijfel aan de geschiktheid van KPMG. Het kabinet is daarom voornemens om in te stemmen met het verlengen van het mandaat van KPMG als externe accountant van het ESM.
Conform artikel 20 van het ESM-verdrag streeft het ESM bij de toekenning van stabiliteitssteun aan lidstaten naar volledige dekking van de operationele en financieringskosten en wordt een passende prijsmarge gehanteerd. De ESM-prijsstellingsrichtsnoer legt vast hoe het ESM de prijs berekent van de financiële steun die het verleent aan begunstigde lidstaten. De voorgestelde wijzigingen zijn hoofdzakelijk technisch van aard en er is als onderdeel van de bredere ESM-verdragsonderhandelingen in 2019 al mee ingestemd door de lidstaten. Eén nieuwe aanpassing ziet op een nauwkeurigere bepaling van de berekening van de prijsmarge, door de inachtneming van tussentijdse aflossingen, annuleringen en opnames van leningen gedurende het jaar. Het kabinet is voornemens om in te stemmen met deze wijzigingen.
Ten aanzien van het laatste agendaonderwerp, een gedachtewisseling over het omgaan met mondiale uitdagingen, wordt voorafgaand aan de vergadering geen notitie gedeeld. Als in dit kader de inzet van het ESM-instrumentarium ter sprake komt, is het voor het kabinet van belang dat wordt vastgehouden aan de doelstelling van het ESM. In het ESM-verdrag is dit omschreven als: het verstrekken van stabiliteitssteun, onder stringente voorwaarden die passend zijn voor het gekozen financiële-bijstand instrument, ten gunste van ESM-leden die te maken hebben met of worden bedreigd door ernstige financieringsproblemen, indien zulks onontbeerlijk is om de financiële stabiliteit van de eurozone in haar geheel en van de lidstaten ervan te vrijwaren. Het kabinet kan in lijn met deze elementen deelnemen aan de gedachtewisseling.
Jaarvergadering Raad van Gouverneurs van Europese Investeringsbank (EIB)
Op vrijdag 12 juni 2026 zal de jaarvergadering van de Raad van Gouverneurs van de EIB plaatsvinden. Naar verwachting zullen de President en gouverneurs terugblikken op de activiteiten van de EIB-Groep van het afgelopen jaar en zal er specifiek worden stilgestaan bij activiteiten op het gebied van veiligheid en defensie. De voorzitter van het auditcomité zal ook een toelichting geven op de resultaten.
Het kabinet steunt de huidige koers van de EIB. Het kabinet waardeert de toegenomen inzet van de Bank in het financieren van technologische innovatie, defensie en veiligheid, strategische autonomie, energietransitie en kritieke grondstoffen om het Europees concurrentievermogen en de veiligheid en defensie van Europa te versterken. Een grotere rol van de EIB op deze terreinen hangt samen met bredere EU discussies over concurrentievermogen, kapitaalmarktunie, en veiligheid en defensie. Tegelijkertijd stuurt het kabinet op langdurige financiële houdbaarheid van de EIB, hetgeen betekent dat er ook een balans gevonden moet worden tussen de verschillende prioriteiten van de Bank.
Op de agenda staan een rapportage van EIB activiteiten in het afgelopen jaar met een specifieke focus op veiligheid en defensie, de jaarverslagen van het auditcomité voor 2025 met een reactie van het Management Comité (MC) van de EIB en het 2025 EIB Review and Evaluation Process Assessment Report met een reactie van het MC van de EIB. De Kamer zal na afloop van de jaarvergadering worden geïnformeerd over het financiële jaarverslag en de besproken onderwerpen.
Gezamenlijke inbreng E6 kapitaalmarktintegratie- en toezichtcentralisatiepakket
Verdieping en integratie van de Europese kapitaalmarkten is een prioriteit van het kabinet. Om dit te realiseren zet het kabinet in op sterker Europees toezicht, diverser aanbod van kapitaal en eenduidigere regels in de EU. Momenteel lopen er binnen de Raad verschillende onderhandelingen ter uitwerking van de door de Europese Commissie aangekondigde plannen voor de spaar- en investeringsunie.10 Het kapitaalmarktintegratie- en toezichtcentralisatiepakket (KTP) vormt een belangrijk onderdeel hiervan.
Op 28 mei jl. sprak ik in Berlijn over dit pakket met de Ministers van Financiën van Duitsland, Frankrijk, Italië, Spanje en Polen. Met deze EU-lidstaten voer ik periodiek overleg over belangrijke en urgente EU-dossiers, waarover ik uw Kamer eerder heb geïnformeerd. Het overleg van 28 mei jl. volgde op de gezamenlijke brief van maart jl. met onze prioriteiten voor de spaar- en investeringsunie.11 In Berlijn hebben we een belangrijke vervolgstap gezet en zijn we een gezamenlijke inbreng voor de Raadsonderhandelingen over het KTP overeengekomen. In de bijlage treft u een afschrift aan van de brief die wij samen aan het Cypriotische Raadsvoorzitterschap hebben gestuurd.
In lijn met de brief van maart jl. roepen de zes Ministers van Financiën op tot ambitie bij de uitwerking van het pakket, dat een hoeksteen vormt van de spaar- en investeringsunie. Op zes belangrijke elementen van het KTP doen wij concrete voorstellen voor de Raadsonderhandelingen:
1. Vereenvoudiging van de grensoverschrijdende distributie van beleggingsfondsen door het harmoniseren van nationaal uiteenlopende regelgeving en betere coördinatie van het toezicht door nationale autoriteiten door ESMA.
2. Vergroting van de transparantie van aandelenmarkten door een gelijker speelveld te creëren tussen de handel die plaatsvindt op handelsplatformen en bij banken die op eigen boek transacties afhandelen (systematische internalisatie).
3. Versterking van de kapitaalmarktinfrastructuur door het toezicht op significante en pan-Europese handelsplatformen, centrale tegenpartijen en centrale effectenbewaarinstellingen gefaseerd naar EU-niveau over te hevelen. Hiertoe pleiten wij voor een zo kort mogelijke transitieperiode, waarin kennis en ervaring van nationale toezichthouders naar ESMA kan gaan. We willen ook borgen dat het bestaande Europese regelgevend raamwerk voor crisismanagement van deze instellingen adequaat blijft.
4. Verbeteren van de markt voor cryptoactiva door het toezicht op significante cryptoactivadienstverleners over te brengen naar ESMA. Ook pleiten wij ervoor dat ESMA een stem heeft bij de vergunningverlening van niet-significante cryptoactivadienstverleners die onder nationaal toezicht blijven om de integriteit van de interne markt en beleggersbescherming in de Unie te borgen.
5. Facilitering van innovatieve financiële technologie door in aanvulling op de Commissievoorstellen het bestaande pilotregime voor toepassing van distributed ledger technology flexibeler te maken en grotere projecten per geval ruimte voor internationale concurrentie te verlenen. Ook stellen we voor om ESMA een innovatiemandaat te verlenen om regelgeving beter te laten aansluiten bij technologische ontwikkelingen.
6. Versterking van de bestuursstructuur van ESMA in het licht van uitbreiding van haar rol in het toezichtraamwerk. Hiertoe bepleiten we een duidelijke taakverdeling tussen ESMA en nationale toezichtautoriteiten om duplicatie van toezicht te voorkomen, een robuust toezichtkostenraamwerk om de kosten voor marktpartijen te beperken en een effectieve balans tussen het uitvoerend bestuur en de raad van toezichthouders voor een daadkrachtig ESMA.
Met deze gezamenlijke inbreng hebben de Ministers van Financiën van de zes grootste economieën van de EU een belangrijke stap gezet ten behoeve van de voortgang van het KTP en ontwikkeling van de spaar- en investeringsunie. De komende tijd blijft Nederland, samen met de andere vijf lidstaten, zich constructief opstellen bij de onderhandelingen over het KTP in de Raad. Hiertoe zal Nederland ook met andere lidstaten in gesprek treden om tot ambitieuze compromissen te komen en om de onderhandelingen over het KTP nog dit jaar af te kunnen ronden. Uw Kamer zal via de geannoteerde agenda’s en verslagen van de Eurogroep en Ecofinraad doorlopend worden geïnformeerd over de ontwikkelingen.
Spring 2026 Economic Forecast: Slowdown in growth as energy shock drives up inflation – Economy and Finance↩︎
Kamerstukken II, 2025/26, 22 112, nr. 4170.↩︎
Goederen lager in de waardeketen.↩︎
Het non paper is als bijlage toegevoegd aan Kamerstukken II, 2025–2026, 22 112, nr. 4341.↩︎
Kamerstukken II, 2025–2026, 21 501–20, nr. 2361; kamerstuk 36 045, nr. 267↩︎
https://www.consilium.Europa.eu/en/press/press-releases/2026/04/23/council-finalises-90-billion-support-loan-to-ukraine/↩︎
https://ec.Europa.eu/commission/presscorner/detail/en/mex_26_1114↩︎
Kamerstukken II, 2025–2026, 21 501-07, nr. 2158; Kamerstukken II, 2025–2026, 21 501-07, nr. 2163↩︎
Geannoteerde agenda Eurogroep en Ecofinraad 16 en 17 februari 2026 | Vergaderstuk | rijksoverheid.nl↩︎
Kamerstukken II, 2024–2025, 22 112, nr. 4043↩︎
Kamerstukken II, 2025–2026, 22 112, nr. 4293.↩︎