Antwoord op vragen van het lid Vliegenthart over de positie van vrouwenrechten en reproductieve rechten binnen het kabinet
Antwoord schriftelijke vragen
Nummer: 2026D32675, datum: 2026-06-25, bijgewerkt: 2026-06-25 14:27, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: S.T.M. Hermans, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (Ooit VVD kamerlid)
Onderdeel van zaak 2026Z11826:
- Gericht aan: S.T.M. Hermans, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (đ origineel)
AH 2364
Antwoord van minister Hermans (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) (ontvangen 25 juni 2026)
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht 'SGP eist lagere abortuscijfers in ruil voor steun aan kabinetsplannen'?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Hoe reflecteert u op de oproep om de afschaffing van de verplichte bedenktijd bij abortuszorg en de mogelijkheid voor huisartsen om abortusmedicatie voor te schrijven, terug te draaien? Deelt u de mening dat dergelijke stappen een inperking zouden zijn van de lichamelijke autonomie van vrouwen?
Antwoord 2
Het kabinet staat pal voor kwalitatieve en toegankelijke abortuszorg. De abortuszorg die abortusartsen en huisartsen bieden - zonder verplichte minimale beraadtermijn voor vrouwen - is zorgvuldig en van hoge kwaliteit. Dat is een groot goed. Het kabinet is niet van plan om de verplichte minimale beraadtermijn opnieuw in te voeren of om het voorschrijven van abortusmedicatie door huisartsen te verbieden.
Vraag 3
Kunt u toezeggen dat u als minister geen stappen zult zetten die de reproductieve rechten en rechten van vrouwen inperken, zoals het terugbrengen van de verplichte bedenktijd en het afschaffen van de mogelijkheid voor huisartsen om abortusmedicatie voor te schrijven? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 3
Het kabinet is niet van plan om de verplichte minimale beraadtermijn opnieuw in te voeren of om het voorschrijven van abortusmedicatie door huisartsen te verbieden.
Vraag 4
Vindt u dat het verlagen van het abortuscijfer een doel op zich moet
zijn, zoals de SGP in het artikel stelt? Of deelt u de mening van de
indiener dat toegang tot kwalitatieve en veilige abortuszorg het
hoofddoel moet zijn?
Antwoord 4
Voor het kabinet staan niet het aantal zwangerschapsafbrekingen, maar de zorgvuldigheid, kwaliteit en toegankelijkheid van abortuszorg centraal. Het is voor het kabinet geen doel op zich om het aantal abortussen te verlagen. Het kabinetsbeleid richt zich op het behouden van goede en toegankelijke abortuszorg
en op het versterken van de regie van mensen op hun kinderwens. In de Aanpak onbedoelde en/of ongewenste zwangerschap staan verschillende activiteiten om deze regie te versterken.2
Vraag 5
In hoeverre bent u bereid mee te gaan met de bezwaren van conservatieve partijen die ten kosten gaan van reproductieve rechten en waar trekt u de grens?
Antwoord 5
Zoals aangegeven in het antwoord op vraag 3, is het kabinet niet van plan om de verplichte minimale beraadtermijn opnieuw in te voeren of om het voorschrijven van abortusmedicatie door huisartsen te verbieden.
Vraag 6
Kunt u deze vragen ieder afzonderlijk van elkaar beantwoorden voorafgaand aan het wetgevingsoverleg over het VWS jaarverslag, d.d. 25 juni 2026?
Antwoord 6
Ja.
AD, 30 mei 2026, 'SGP eist lagere abortuscijfers in ruil voor steun aan kabinetsplannen' (https://www.ad.nl/politiek/sgp-eist-lagere-abortuscijfers-in-ruil-voor-steun-aan-kabinetsplannen~ad102a4f/?referrer=https%3A%2F%2Fwww.google.com%2F)âŠī¸
Kamerstukken II 2025/26, 32 279, nr. 268, Bijlage Infographic Aanpak onbedoelde en/of ongewenste zwangerschapâŠī¸