Tweesporenbeleid ‘AI-Decision Support System
Defensienota 2026 - Samen voorwaarts!
Brief regering
Nummer: 2026D33525, datum: 2026-06-29, bijgewerkt: 2026-07-27 16:14, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar officiele pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: D.G. Boswijk, staatssecretaris van Defensie (Ooit CDA kamerlid)
Onderdeel van kamerstukdossier 36975 -2 Defensienota 2026 - Samen voorwaarts!.
Onderdeel van zaak 2026Z14936:
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Defensie
- Stemmingen en besluiten:
- 2026-09-01 15:10 ⇒ Rondgezonden en gepubliceerd. (Besluit)
- 2026-07-02 10:45 ⇒ Agenderen voor nader te plannen commissiedebat IT & Defensie. (Besluit)
- 2026-07-02 10:45: Procedurevergadering Defensie (Procedurevergadering), vaste commissie voor Defensie
- 2026-09-01 15:10: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2026-10-27 17:00: IT Defensie (Commissiedebat), vaste commissie voor Defensie
Preview document (🔗 origineel)
36 975 Defensienota 2026 - Samen voorwaarts!
26 643 Informatie- en communicatietechnologie (ICT)
Nr. 2 Brief van de staatssecretaris van Defensie
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 29 juni 2026
Tijdens het mondelinge vragenuur van dinsdag 2 juni jl. heb ik toegezegd uw Kamer voor het zomerreces nader te informeren over het tweesporenbeleid ten aanzien van AI-Decision Support Systems (AI-DSS). Met deze brief bied ik u de gevraagde toelichting en plaats ik dit in de context van de Defensienota die op 29 juni 2026 aan uw Kamer is gepresenteerd (Kamerstuk 36975, nr. 1).
Het belang van digitalisering
De geopolitieke situatie vereist dat de krijgsmacht zich snel moet aanpassen aan de veranderende aard van de dreigingsomgeving. Deze adaptatie betreft niet alleen het personeels- en materieelbeleid, maar strekt zich eveneens uit tot het digitale domein. Door digitalisering ondergaat de oorlogsvoering een fundamentele transformatie. Traditionele command-and-control-structuren maken plaats voor datagedreven besluitvorming, autonome systemen en kunstmatige intelligentie. Om die reden krijgt het digitale aspect van oorlogsvoering en de bijbehorende transformaties een prominente plaats in de Defensienota 2026.
Datagedreven commandovoering
Moderne militaire operaties steunen steeds meer op data en vragen om een snelle, betrouwbare en veilige uitwisseling van informatiestromen. AI-DSS vormen de ruggengraat van elke missie. Het vermogen om grote hoeveelheden data razendsnel te verwerken levert een beslissende voorsprong op tegenstanders. Het inzetten van AI-DSS is daarmee een operationele noodzaak.
Tweesporenbeleid
De huidige markt voor AI‑DSS wordt gedomineerd door de technologie van het bedrijf Palantir. Soevereiniteit is een belangrijk aandachtspunt wanneer sprake is van afhankelijkheid van een leverancier. Om digitale soevereiniteit te waarborgen implementeert Defensie een tweesporenbeleid waarbij belangrijke uitgangspunten onder meer juridische soevereiniteit, open standaarden en data soevereiniteit zijn. Enerzijds wordt geïnvesteerd in de ontwikkeling en inbedding van een soevereine Europese AI‑DSS‑infrastructuur die op termijn operationele onafhankelijkheid kan garanderen, anderzijds blijven de bestaande Palantir‑implementaties op korte termijn in gebruik (inclusief bijbehorende waarborgen).
Spoor 1 – Primaire spoor (soevereine Europese AI-DSS)
Spoor 1 richt zich op de realisatie van een Europees AI‑DSS. De verwachting is dat de basis medio 2028 operationeel is, waarna het gebruik van Palantir software kan worden afgebouwd. De benodigde investeringen voor dit systeem worden momenteel nader in kaart gebracht en binnen de Defensiebegroting ingepast.
Defensie bevindt zich momenteel in de eerste fase van spoor 1. In deze fase worden de fundamentele technische bouwblokken van het AI‑DSS uitgewerkt en wordt onderzoek naar Europese alternatieven uitgevoerd. De technische volwassenheid van mogelijke oplossingen wordt hierbij beoordeeld. Op 2 juni heb ik u aangegeven dat wij samen met andere Europese landen aan een Europees alternatief werken. Ik heb inmiddels gesprekken gevoerd met mijn collega’s uit Duitsland en Frankrijk. Naar aanleiding van deze gesprekken heb ik beide uitgenodigd om Nederland te bezoeken zodat hier gezamenlijk concrete vervolgafspraken over gemaakt kunnen worden. Op ambtelijk niveau vinden op dit moment gesprekken plaats met, naast Duitsland en Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en Noorwegen om tot een gezamenlijke ontwikkelagenda te komen.
Met onze partnerlanden maken we niet alleen concrete afspraken, maar delen we ook ervaringen om daarvan te leren. Daarnaast wordt contact gezocht met Europese technologiebedrijven die een sleutelrol kunnen spelen in de ontwikkeling, levering en het onderhoud van een Europees AI-DSS.
In een latere fase wordt een speciale integratie‑capaciteit opgericht, die verantwoordelijk is voor de implementatie, de testfase en de uiteindelijke operationele ingebruikname van het Europese AI‑DSS. Zodra de basis medio 2028 naar verwachting operationeel is, kunnen de resterende Palantir‑implementaties geleidelijk worden afgebouwd.
Spoor 2 – Continuïteit operationeel gebruik
Het blijven toepassen van Palantir-technologie is cruciaal, omdat het de krijgsmacht op zowel tactische als strategische gebieden van een substantiële operationele meerwaarde voorziet. Dit levert een duidelijk voordeel ten opzichte van potentiële tegenstanders. Desondanks wordt deze technologie slechts tijdelijk toegepast, totdat het door Spoor 1 ontwikkelde Europese AI-DSS operationeel is. Om in deze periode Palantir op verantwoorde wijze te gebruiken, heeft Defensie drie waarborgen ingevoerd.
Ten eerste mogen uitsluitend Palantir‑medewerkers met Nederlandse nationaliteit en die over de vereiste screening beschikken, toegang krijgen tot het netwerk. Ten tweede blijven alle gegevens onder volledige Nederlandse controle en worden zij opgeslagen in een eigen private‑cloud‑omgeving, zodat geen data naar een datacentrum buiten Nederland verplaatst. Ten derde neemt Palantir‑personeel geen deel aan operationele processen of oefeningen en heeft uitsluitend toegang tot metadata (catalogusinformatie, lineage‑data en gebruiksstatistieken).
Deze waarborgen verzekeren de noodzakelijke operationele capaciteit, beperken de operationele risico’s en maken een gecontroleerde afbouw van de afhankelijkheid mogelijk, zodat de overgang naar een Europese AI‑DSS veilig en gecontroleerd kan worden voltooid.
De staatssecretaris van Defensie,
D.G. Boswijk