Update Taskforce Toekomstige Welvaart en Vestigingsklimaat
Brede Welvaart
Brief regering
Nummer: 2026D36386, datum: 2026-07-10, bijgewerkt: 2026-08-14 09:27, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: H.G. Herbert, minister van Economische Zaken en Klimaat
- Kabinetsreactie op het rapport van Peter Wennink
- De tweede productiviteitsagenda
- Beslisnota bij voortgangsbrief Taskforce Toekomstige Welvaart en Vestigingsklimaat
Onderdeel van kamerstukdossier 36630 -3 Brede Welvaart.
Onderdeel van zaak 2026Z16086:
- Volgcommissie: vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- Volgcommissie: vaste commissie voor Binnenlandse Zaken
- Volgcommissie: vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Economische Zaken
- 2026-09-01 15:00: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2026-09-01 16:45: Procedurevergadering commissie Economische Zaken (Procedurevergadering), vaste commissie voor Economische Zaken
Preview document (🔗 origineel)
36630 Brede Welvaart
Nr. 3 Brief van de minister van Economische Zaken en Klimaat
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 10 juli 2026
Een Nederland waarin het goed leven is. Met toonaangevende zorg, sterk onderwijs en hoogstaande voorzieningen. Waarin het goed werken en ondernemen is. Dat is het Nederland met brede welvaart dat we hebben gebouwd op de kracht van onze concurrerende en innovatieve economie. Maar die economie en daarmee die brede welvaart is niet vanzelfsprekend. Er zijn duidelijke keuzes en er is groot onderhoud nodig om onze economie structureel met 1,5% per jaar te laten groeien en zo onze welvaart te borgen.
Nederland heeft grote kwaliteiten die maken dat we dit kunnen. Ons vermogen om samen te werken en bruggen te bouwen. Open en wederkerig. Tussen belangen, talenten, perspectieven en kwaliteiten. Van de kennisinstellingen en het onderwijs tot het bedrijfsleven en andere maatschappelijke organisaties. Samen bouwen aan sterke ecosystemen in plaats van oppervlakkige egosystemen.
Maar Nederland kent ook grote uitdagingen. Mede door vergrijzing is de rek uit de arbeidsmarkt, de geopolitieke druk op economische relaties neemt toe, technologische ontwikkelingen vergen dat we meeveranderen om niet achterop te raken en voor concurrentiekracht moeten we slimmer in plaats van harder werken. We moeten kiezen voor wat ons sterk maakt. En beschermen wat waardevol is.
Deze noodzaak hoort u niet alleen bij mij en het huidige kabinet. Enrico Letta, Mario Draghi, Peter Wennink en de toonaangevende experts uit de Staatscommissie Demografische Ontwikkelingen 2050 laten zien dat we er voor onze toekomstige welvaart niet komen door te doen wat we deden. We moeten keuzes maken, waarmee we nu en voor de lange termijn onze productiviteit versterken en economische groei verhogen. We moeten benutten wat Nederland in haar mars heeft, van onze kennisinstellingen van wereldkwaliteit en innovatieve bedrijven, tot onze goed opgeleide mensen en diepgewortelde ondernemerszin. Daarbij zijn we zuinig op onze toonaangevende bedrijven en houden we heel Nederland aantrekkelijk om te ondernemen en te investeren.
Het vraagt dat we ons talent voor samenwerking, door sectoren en perspectieven heen, een stap dieper durven benutten. Door deze krachten te verbinden met duidelijke prioriteiten, gerichte investeringen en betere randvoorwaarden voor ondernemers kan Nederland opnieuw vooroplopen. Door doortastend en integraal oplossingen te vinden voor problemen die al te lang een rem zetten op onze economie en samenleving. Door onze krachtige samenwerking in regionale innovatie-ecosystemen van wereldklasse optimaal te benutten, versterken en uit te bouwen. Dit is de opdracht voor de Taskforce Toekomstige Welvaart en Vestigingsklimaat (hierna: Taskforce) die het kabinet met haar partners is aangegaan.
Met de Taskforce maken we de keuzes en bouwen we aan de randvoorwaarden die nodig zijn voor 1,5% structurele economische groei. Door te innoveren, te verduurzamen en te investeren. Door belangrijke stappen te zetten voor onze toekomstige welvaart op precies die plekken en momenten waar die het hardst nodig zijn. Een Taskforce van resultaten in plaats van eindeloos overleggen.
In deze brief neem ik u mee in wat deze Taskforce heeft gedaan en hoe zij aan haar ambities werkt. Ik neem u op hoofdlijnen mee in het proces, de voorbereidingen die zijn getroffen1 en het eerste tastbare resultaat. In de bijlage stuur ik u ook de Kabinetsappreciatie op het Rapport Wennink2 en de Tweede Productiviteitsagenda om uw Kamer in samenhang te informeren, alsook separaat de Talentstrategie als concreet resultaat van deze Taskforce. In september zal het kabinet een breed pakket presenteren met daarin de acties voor de Nationale Investeringsinstelling, het Nationaal Agentschap Disruptieve Innovatie en het Nationaal Groeifonds. De verdere uitwerking van de in de brief genoemde acties vindt plaats binnen de beschikbare budgettaire ruimte, mede afhankelijk van de augustusbesluitvorming.
Wat doet de Taskforce?
De Taskforce gaat investeringen aanjagen, belemmeringen wegnemen en kansrijke interventies uitvoeren én opschalen in bestaande en nieuwe ecosystemen. Nadrukkelijk samen met bedrijven, kennisinstellingen, publieke organisaties, medeoverheden en financiers. Daarbij werken verschillende bewindspersonen en hun departementen in nauwe verbondenheid met elkaar samen. In de samenhang en de interdepartementale samenwerking zit de kracht van de Taskforce om doorbraken te realiseren.
De focus van de Taskforce ligt op de vier domeinen die, in lijn met het coalitieakkoord en de bestaande inzet op het industriebeleid, essentieel zijn voor onze toekomstige economie en maatschappelijk welzijn. Deze domeinen zijn door zowel de Europese Commissie als in het Rapport Wennink geïdentificeerd als de grote transities van deze eeuw en zijn daarmee van groot maatschappelijk belang. Het opbouwen en onderhouden van technologische nicheposities binnen deze domeinen draagt bij aan regionale ontwikkeling, biedt ons economische groei en staat ons toe strategisch relevant te blijven binnen Europa en in de rest van de wereld. De vier domeinen zijn:
Digitalisering & AI,
Veiligheid & weerbaarheid,
Energie- & klimaattechnologie en
Life sciences & biotechnologie.
Dit zijn domeinen waar Nederland een sterke positie heeft op het gebied van onderzoek en ontwikkeling, en waar we onze strategische autonomie willen versterken. Deze domeinen zijn cruciaal voor onze toekomstige welvaart en zijn in toenemende mate bepalend voor de machtsverhoudingen in de wereld. Het kabinet sluit hiermee aan bij de strategische ambities van de Europese Unie. De domeinen zijn bovendien cruciaal voor de uitdagingen van deze tijd, zoals klimaatverandering, digitalisering en gezond ouder worden.
Waar staan we nu?
Na installatie is het kabinet voortvarend gestart met de uitwerking van de Taskforce.
Hieronder neem ik u mee in de stand van zaken langs de lijnen van de vier opdrachten uit de opdrachtbrief.3 Daarbij begin ik bij de opdracht voor strategisch industriebeleid van de Taskforce omdat het realiseren van de gerichte interventies binnen deze opdracht de kern is van hetgeen ik met de Taskforce wil bereiken. De andere drie opdrachten kunnen deze opdracht in belangrijke mate ondersteunen door de randvoorwaarden in Nederland rondom het aanjagen van investeringen, beschikbaarheid van talent, ondernemerschap en het vestigingsklimaat te verbeteren.
Strategisch industriebeleid
Doel: Versterken van Nederlandse technologische nicheposities in de vier domeinen door investeringen aan te jagen en belemmeringen weg te nemen.
In het coalitieakkoord is vastgelegd dat we binnen de vier domeinen gericht inzetten op het opbouwen van technologische nicheposities, in lijn met de bestaande focus op het industriebeleid. We stimuleren dus zes hoogtechnologische markten binnen de vier domeinen: Digitale diensten & AI, Semicon, Biotechnologie, Machinebouw, Defensie gerelateerde toepassingen en Innovatieve Chemie.4 De focus op deze markten stelt ons in staat ecosystemen te bouwen door gericht te interveniëren en economische activiteit te stimuleren. De markten zijn gekozen op basis van hun vermogen om bij te dragen aan (i) onze maatschappelijke uitdagingen, (ii) ons toekomstig verdienvermogen en (iii) onze economische weerbaarheid. Daarbij hebben we gekeken waar Nederland al goed in is en waar we een goede kans hebben om leidend te zijn.
Voor elke markt werken we aan een programma met een samenhangend pakket van interventies zoals passende regelgeving, (internationale) marktcreatie en investeringen.5 Een integrale benadering in de vorm van een ecosysteemaanpak met het bedrijfsleven en andere (kennis)partners is onmisbaar voor succes, zoals de halfgeleideraanpak eerder heeft geïllustreerd.6 We werken de interventies verder uit en bekijken steeds welke aanpak het beste werkt om belemmeringen weg te nemen en gerichte stimulering mogelijk te maken.7 De Taskforce helpt doorbraken te forceren waar nodig.
Figuur 1. Samenhang vier domeinen en zes strategische markten
Investeren en innoveren
Doel: Mobiliseren van kapitaal en innovatie om meer R&D, opschaling en technologische doorbraken in Nederland te realiseren.
Op gebied van het aanjagen van investeringen en innovatie richt de Taskforce zich in het bijzonder op drie initiatieven: de Nationale Investeringsinstelling (NII), het Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie (NADI) en het Nationaal Groeifonds (NGF). Tezamen vormen deze drie instrumenten een samenhangende aanpak: het NGF bouwt de ecosystemen waarin innovatie ontstaat, NADI zet innovatiekracht om in maatschappelijke doorbraken, en de NII zorgt dat veelbelovende bedrijven de financiering vinden om door te groeien. De Taskforce werkt momenteel aan een breed pakket. Hierover wordt u in september 2026 uitgebreider geïnformeerd.
Deze initiatieven worden hieronder kort toegelicht:
Nationale Investeringsinstelling
Het kabinet werkt op dit moment het doel en de scope van de NII uit. Bij het ontwerp zijn stakeholders betrokken, zodat de NII zo effectief mogelijk kan worden ingericht als vehikel voor het mobiliseren van privaat kapitaal. Dan volgt een analyse op het samenbrengen van bestaande publieke financieringsinstrumenten, zoals Invest-NL en Invest International, en enkele EZK-financieringsregelingen die bij RVO zijn ondergebracht. Dit vergt een zorgvuldige weging. Er is toegezegd om vóór de zomer een brief te sturen over de NII, maar het kabinet kiest ervoor om deze brief later te versturen om een zo compleet mogelijk plan te presenteren aan de Kamer.
Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie
Het coalitieakkoord kondigt de oprichting van een Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie (NADI) aan. Het is mijn ambitie de oprichting van NADI uiterlijk in de eerste helft van 2028 te voltooien. Na de zomer presenteer ik in het bredere pakket een routekaart waarmee ik uw Kamer informeer over de stappen die daarvoor nodig zijn. Bij de vormgeving van NADI is het ontwerpvoorstel dat in februari met uw Kamer is gedeeld leidend.8 Tegelijkertijd laat het ontwerpvoorstel nog ruimte voor verdere uitwerking. In de routekaart zal ik daarom ook ingaan op een aantal kritieke ontwerpkeuzes, zoals de samenwerking met de Defensie innovatie- en opschalingsautoriteit, die tevens is geïnspireerd op het Amerikaanse DARPA, en de rechtsvorm van NADI.
Gezien de urgentie om meer in innovatie te investeren binnen de vier domeinen uit het coalitieakkoord wil ik voorafgaand aan de formele oprichting in 2028 alvast stappen zetten. Daarom verken ik onder andere de mogelijkheid om in de opbouwfase van NADI vanuit Nederland te participeren in een innovatie challenge van de Duitse zusterorganisatie SPRIN-D. Dat biedt kansen om in de praktijk te tonen hoe NADI kan opereren en wordt er tegelijkertijd ervaring opgedaan met deze werkwijze.
Het Nationaal Groeifonds
Het NGF investeert in 50 grootschalige projecten die bijdragen aan het duurzaam verdienvermogen van Nederland. Het betreft onder meer projecten op het gebied van groene waterstof, de verduurzaming van de landbouw, het bestrijden van laaggeletterdheid en sleuteltechnologieën als quantum en kunstmatige intelligentie. Daarmee is een bedrag van € 11 miljard gemoeid. In juli informeer ik u in een aparte brief over de voortgang van het NGF. Na de zomer wordt u in het bredere pakket geïnformeerd over de acties van NGF onder de Taskforce.
Talentstrategie
Doel: Zorgen dat er voldoende talent met de juiste vaardigheden beschikbaar is voor de economische en maatschappelijke opgaven van Nederland.
Doordat we mede door demografische veranderingen steeds meer werk moeten doen met relatief minder mensen staat onze toekomstige welvaart en verdienvermogen onder druk. Bovendien is er sprake van een mismatch tussen gevraagde en beschikbare vaardigheden en blijft de vraag naar technisch en digitaal talent hoog. De afgelopen maanden heeft de Taskforce gezamenlijk gewerkt aan de opzet en contouren van de Talentstrategie. De Kamerbrief over de Talentstrategie wordt gelijktijdig met deze brief met uw Kamer gedeeld.
Met deze Talentstrategie wil het kabinet zich de komende jaren -samen met medeoverheden, werkgevers, werknemers, onderwijsinstellingen en ons talent van de toekomst- inzetten om meer talent op te leiden en te begeleiden naar de opgaven die cruciaal zijn voor onze toekomstige welvaart. Tegelijkertijd willen we hiermee werken aan blijvende inzetbaarheid van en waardevol werk voor mensen.
Daarvoor zetten we ten eerste in op slimmer werken, innovatie en anders organiseren: in alle sectoren willen we de arbeidsproductiviteit verhogen. Ten tweede nemen we een aantal gerichte maatregelen om een beperkt aantal opgaven extra te stimuleren. Dat betreft de in deze brief genoemde domeinen en een aantal afgebakende onderdelen van randvoorwaardelijke maatschappelijke opgaven, namelijk van de zorg, onderwijs, kinderopvang en woningbouw.
De strategie die uw Kamer nu ontvangt, is de koers voor de komende jaren. Gedurende de rest van dit jaar werkt het kabinet deze strategie verder uit. Dit kan het kabinet niet alleen. De komende periode willen we de ingezette dialoog met verschillende partijen graag voortzetten en verbreden. Voor het einde van het jaar ontvangt uw Kamer een voortgangsbrief voor de Talentstrategie inclusief de verdere uitwerking van de koers en maatregelen.
Ondernemerschap en vestigingsklimaat
Doel: Verbeteren van de randvoorwaarden voor investeren, ondernemen en groeien in Nederland.
Het fundament voor ondernemerschap en een aantrekkelijk vestigingsklimaat staat onder toenemende druk. Het kabinet richt zich met deze opdracht op het verstevigen van het ondernemings- en vestigingsklimaat binnen de vier gekozen domeinen. Dit doen we door te werken aan fiscaliteit, versterken van de interne marktpositie, versterken van vrouwelijk ondernemerschap, het vergroten van het aantal startups en scale-ups en te investeren in regionale innovatieclusters.
Een goed en voorspelbaar fiscaal klimaat is een belangrijke factor voor het aantrekken van investeringen en behoud van bedrijvigheid. Het kabinet streeft naar een stabiel en competitief stelsel en de uitvoering van een aantal in het coalitieakkoord benoemde fiscale opdrachten.
Om het aantal start- en scale-ups te vergroten en doorgroei te bevorderen bouwt het kabinet voort op de actieagenda startups en scale-ups die vorig jaar is gepresenteerd. Ook blijft het voortdurend inzetten op het integraal verbeteren van een op technologie gedreven ecosysteem waar startups en scale-ups deel van uitmaken. Daarnaast is het bevorderen van de start en doorgroei van startups op basis van publieke kennis (valorisatie) een prioriteit voor dit kabinet.
Verder is de interne markt het fundament van onze concurrentiekracht, maar het functioneert nog niet optimaal. In de Taskforce wordt op een aantal concrete interne markt prioriteiten doorgepakt om zo te werken naar een interne-marktversterkende positie in Nederland. De Taskforce zet zich ook in op het versterken van vrouwelijk ondernemerschap en heeft als doel dat vrouwelijke ondernemers in 2030 relatief net zoveel financiering ophalen als mannelijke ondernemers.
We zetten in op economische groei. Daarvoor is ook ruimte voor bedrijven nodig. Het kabinet werkt daarom aan een interbestuurlijke aanpak met provincies en gemeenten via een gezamenlijke uitvoeringsagenda Ruimte voor Economie gericht op het realiseren van voldoende ruimte voor bedrijventerreinen. Daarnaast wil het kabinet met een programmatische aanpak in partnerschap met de provincies regionale innovatieclusters versterken.
Samen bouwen aan het vervolg
Deze brief markeert de beweging die de Taskforce in samenwerking met het bedrijfsleven, werknemers, kennisinstellingen, medeoverheden en andere maatschappelijke partners inzet. Samenwerken, ook over kabinetsgrenzen heen. In de afgelopen periode hebben wij actief gewerkt aan het verbeteren en aanjagen van de samenwerking. Dit zullen wij blijven doen, ook in het vervolgtraject van de Taskforce.
Onze economische groei wordt gedreven door bedrijven die unieke kennis, technologie en ondernemerschap weten te vertalen naar waardevolle oplossingen, die zij vervolgens kunnen opschalen. Daarom richten wij onze blik nadrukkelijk op het creëren van de randvoorwaarden die bedrijven nodig hebben om te doen waar zij goed in zijn: ondernemen, investeren, innoveren en groeien.
Op 16 juni jl. heeft een Catshuissessie plaatsgevonden waarin de leden van de Taskforce, onder voorzitterschap van de minister-president, in gesprek zijn gegaan met ondernemers, consortia, VNO-NCW en MKB-Nederland. Daarnaast is met meerdere stakeholders gesproken over de zes strategische markten. Komend najaar vindt een bredere bijeenkomst van de Taskforce plaats. Alle gesprekken met en input vanuit stakeholders helpen ons scherp te krijgen welke kansen, knelpunten en randvoorwaarden bepalend zijn voor bedrijven. De Taskforce neemt die inzichten mee om te komen tot goede maatregelen die leiden tot behoud van welvaart en relevantie van Nederland.
De opname van diverse thema’s in de opdracht van deze Taskforce betekent niet dat andere urgente thema’s uit het oog worden verloren. In de komende periode gaan we ook verder met het uitwerken van het thema infrastructuur binnen de opdracht over ondernemerschap en vestigingsklimaat in deze Taskforce als belangrijke randvoorwaarde voor toekomstige welvaart. Thema’s als regeldruk, netcongestie en stikstof zijn minstens even bepalend en staan hoog in het vaandel van dit kabinet. Deze thema’s zijn belegd bij andere Taskforces en gremia, en vallen daarmee buiten de directe scope van deze Taskforce.
Tot slot
In deze brief heb ik u deelgenoot willen maken van de opgave, de urgentie en de voortgang van de Taskforce. Maar het succes van deze Taskforce zal worden afgemeten aan de resultaten die zij boekt. Daar zal ik uw Kamer over blijven informeren, maar ook vooral hard bij nodig hebben.
Want het belang van een sterke economie die structureel groeit en waarmee we onze brede welvaart borgen, delen we met elkaar. Dit kabinet, uw Kamer en alle partners waar we mee samenwerken. We hebben er vertrouwen in dat de Taskforce het verschil kan maken voor het investeringsklimaat en de economie van morgen. En ik zie uit naar onze samenwerking om dit vertrouwen en onze gedeelde ambitie om te zetten in de resultaten die Nederland verdient.
De minister van Economische Zaken en Klimaat,
H.G. Herbert
Hiermee wordt invulling gegeven aan de toezegging tijdens het commissiedebat Innovatie op 25 juni 2026.↩︎
Het rapport van dhr. Wennink vormt een belangrijke bron van inspiratie voor de opzet en opdracht van de Taskforce Toekomstige Welvaart & Vestigingsklimaat.↩︎
Voor eventuele publieke investeringen in deze interventies wordt in principe gekeken naar de mogelijkheden binnen bestaande middelen en de initiatieven uit opdracht 1 (NII, NADI en NGF), mits deze onafhankelijke initiatieven daartoe besluiten. Verdere budgettaire dekkingsvraagstukken zullen moeten worden gevonden binnen de rijksbegroting of het integraal budgettair afwegingsmoment in het voorjaar. Ook zullen we aansluiten bij Europese (co)financieringsmogelijkheden waar mogelijk.↩︎
Voor MedTech werken we aan een vergelijkbare aanpak. De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en ik werken aan een gezamenlijke beleidsagenda voor de Nederlandse MedTech sector die samen met het veld vormgeven wordt. Hiermee geef ik namens de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport invulling aan de motie van het lid Claassen op 11 juni 2026 (Kamerstuk 21501-31, nr. 827). We stellen vanuit onze departementale begrotingen € 102,5 mln beschikbaar om de MedTech beleidsagenda te financieren. Op 6 juli is uw kamer hierover geïnformeerd (2026Z15886&did=2026D35757">Kamerbrief: Appreciatie Groeiplan MedTech).↩︎
Concreet wordt er gekeken naar: legitimiteit van overheidsingrijpen, haalbaarheid, verwachte impact op verdienvermogen, economische weerbaarheid en maatschappelijke opgaven, financiële consequenties, looptijd en betrokken partijen↩︎
Ministerie van Economische Zaken (2026). Ontwerpvoorstel voor een Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie.↩︎