[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [consultaties]←NIEUW! [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn]
[open vragen] [toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [woo/oo] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is opentk.nl?]

Stand van zaken Actieagenda STOER en Vereenvoudigingsopgave Fysieke Leefomgeving en Volkshuisvesting

Integrale visie op de woningmarkt

Brief regering

Nummer: 2026D36466, datum: 2026-07-10, bijgewerkt: 2026-08-05 13:46, versie: 2 (versie 1)

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen: Bijlagen:

Onderdeel van kamerstukdossier 32847 -1499 Integrale visie op de woningmarkt.

Onderdeel van zaak 2026Z16107:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


32847 Integrale visie op de woningmarkt

Nr. 1499 Brief van de minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 10 juli 2026

Het kabinet wil een slagvaardige overheid zijn die uitvoerbaarheid centraal stelt en regels, processen en procedures vereenvoudigt waar dat kan. In een tijd waarin maatschappelijke opgaven groot en urgent zijn, mag onnodige complexiteit burgers, ondernemers en uitvoerende partijen niet in de weg staan. Vereenvoudiging is daarom een uitgangspunt van het kabinet en een van de noodzakelijke voorwaardes om resultaten sneller in de praktijk te realiseren.

De fysieke leefomgeving kent veel grote ruimtelijke opgaven. Hierbij draait het om balans en het maken van ruimte voor wonen, landbouw, water en bodem, natuur, energie, erfgoed en infrastructuur. Veel projecten binnen het fysieke domein lopen in de praktijk vertraging op door onder meer de stapeling van regelgeving op nationaal, regionaal en lokaal niveau, de stapeling van beleidsdoelen, lange procedures en onduidelijkheid in de uitvoering. Dat kost vaak tijd, capaciteit en geld. Samen met mijn collega’s uit het fysieke domein wil ik aan de slag met vereenvoudiging in het fysieke domein. Het gaat hier niet alleen om vereenvoudiging te borgen binnen specifieke dossiers, maar juist ook een integrale afweging kunnen maken en dit verankeren in beleid, wetgeving en uitvoering. Daarom zien we de urgentie van een gezamenlijke vereenvoudigingsagenda voor de komende jaren.

Met deze beweging wordt er aangesloten bij de ambities van het kabinet om regeldruk te verminderen, processen te versnellen en de uitvoerbaarheid te verbeteren. Zo draagt het bij aan slagvaardige overheid, waarvoor ook een Taskforce is ingericht.1 Vereenvoudigingsvoorstellen die een expliciete focus hebben op vereenvoudiging t.b.v. de woningbouw kunnen de actieagenda van de Taskforce Versnelling Woningbouw volgen.2 In de brief over de actieagenda zal de verhouding tussen deze vereenvoudigingsaanpak en de taskforce verder worden toegelicht.

Vanuit de opgave voor vereenvoudiging van regelgeving voor de woningbouwopgave heeft mijn voorganger het programma STOER gestart. Dit programma heeft geleid tot meer dan honderd voorstellen om de woningbouw te versnellen door regels te schrappen, te vereenvoudigen of beter uitvoerbaar te maken. In eerdere Kamerbrieven heeft het vorige kabinet aangegeven met een groot deel van deze adviezen aan de slag te gaan. Ik zet deze lijn voort onder de Actieagenda STOER.3 De resultaten van STOER tellen voor een deel ook mee voor de regeldrukaanpak onder regie van het ministerie van EZK. Uw Kamer wordt separaat over de voortgang van die aanpak geïnformeerd.

Met deze brief breng ik uw Kamer op de hoogte van de actuele stand van zaken van de Actieagenda STOER en ga ik verder in op de vereenvoudigingsopgave.

Actieagenda STOER

Met de afspraak van de Woontop 2024 is het programma STOER (Schrappen, Tegenstrijdige en Overbodige Eisen en Regelgeving) gestart. Dit programma was gericht op het opsporen en schrappen van onnodige en tegenstrijdige regels, maar ook op het beter benutten van bestaande wettelijke ruimte en het versterken van samenwerking tussen overheden en marktpartijen. Een externe adviesgroep onder leiding van Friso de Zeeuw heeft op 10 juli 2025 een eindrapport opgeleverd.4

Zoals toegezegd tijdens het Commissiedebat ‘Staat van de Volkshuisvestiging’ op 11 maart 2026 ga ik door met het uitvoeren van programma STOER onder de Actieagenda STOER5. In de Actieagenda STOER zijn alle overgenomen adviezen opgenomen uit de Kamerbrief6 waarbij wordt gevolgd welke maatregelen al in gang zijn gezet, welke resultaten worden bereikt en waar aanvullende inzet nodig is om deze acties daadwerkelijk te realiseren.

In deze brief licht ik een aantal lopende acties uit. Een volledig stand van zaken van alle acties is in de bijlage van deze brief meegestuurd. Sinds de start van STOER is ook een aantal acties zoals benoemd in de Kamerbrief van het najaar afgerond. Hiermee zijn de eerste stappen gezet die bijdragen aan versnelling van woningbouw en vermindering van regeldruk:

  • Zo zijn de in het Besluit bouwwerken leefomgeving aangewezen NEN-normen kosteloos digitaal beschikbaar gesteld. Hiermee zijn kosten verlaagd en is regelgeving toegankelijker gemaakt voor initiatiefnemers en bouwpartijen.

  • De Staatssecretaris van IenW heeft besloten tot een grootschalige verlaging van geluidproductieplafonds bij spoorwegen. Met dit besluit kan eenvoudiger en goedkopere woningbouw worden ontwikkeld in de buurt van spoorwegen.

  • Ook is er in het kader van Woontop afspraak 12 het meldpunt bovenwettelijke en vertragende regels gelanceerd. Hier kunnen partijen melding maken van bovenwettelijke bouweisen of andere lokale regels die de woningbouw vertragen nadat het besproken is op de lokale of regionale versnellingstafel.7

  • Tot slot zijn op het terrein van digitalisering stappen gezet, waaronder de verdere ontwikkeling van systemen voor gegevensuitwisseling en ontsluiting van informatie binnen de fysieke leefomgeving. 8 Daarnaast zijn natuurdata beter beschikbaar gemaakt.

Stand van zaken lopende acties

  1. Sneller bouwen

Binnen STOER is een aantal acties gericht op het sneller bouwen door middel van het versnellen van procedures en het beperken van vertraging. Zo wordt er gewerkt om de geldigheidsduur van onderzoeken te verlengen van drie naar vijf jaar, om zo de noodzaak voor een nieuw onderzoek te voorkomen. De komende tijd wordt onderzocht voor welke onderzoeken een geldigheidsduur van vijf jaar niet geschikt is. De geplande wijziging zal mogelijk worden meegenomen in de tweede editie van de Vereenvoudigingswet.

Daarnaast wordt er in het wijzigingsbesluit van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) een verruiming opgenomen van het (technisch) vergunningsvrij bouwen en een wijziging die het mogelijk maakt te werken met landelijk erkende maatregelen. Dit wijzigingsbesluit wordt met de wijziging van de technische eisen na de zomer in consultatie gebracht.

Ook voert het kabinet gesprekken met financiële instellingen en verzekeraars om te kijken onder welke voorwaarden woningbouwprojecten eerder gefinancierd kunnen worden, voordat een vergunning onherroepelijk is. Dit speelt bij woningbouwprojecten die lang stilliggen in afwachting van een uitspraak van de bestuursrechter, terwijl het ingediende beroep slechts een zeer geringe kans van slagen heeft. Dit kan vertraging tussen vergunningverlening en start bouw verminderen.

  1. Meer bouwen mogelijk maken

Om meer locaties geschikt te maken voor woningbouw wordt er gewerkt aan oplossingen op het gebied van milieu, water, natuur en ruimtegebruik. Zo werkt de Staatssecretaris van IenW samen met bestuurlijke partners aan een alternatieve methode voor de beoordeling van cumulatie van geluid, zodat beter wordt aangesloten bij de hinderbeleving. Dit traject wordt verder uitgewerkt voor besluitvorming na de zomer van 2026.

De minister van OCW werkt samen met de VNG en het IPO aan betere archeologische waardenkaarten en ondersteuning voor gemeenten als onderdeel van het Programma Erfgoed & Overheid. Er zijn middelen beschikbaar gesteld waarmee gemeenten ondersteuning kunnen aanvragen voor het actualiseren van deze waardenkaarten.

Verder wordt gewerkt aan een landelijke norm voor wateroverlast en een aan landelijke norm nazetting bij nieuwbouw om voorspelbaarheid te vergroten en een gelijk beschermingsniveau te bieden.

  1. Goedkoper en eenvoudiger bouwen

Tot slot is een aantal acties gericht op het goedkoper maken van de woningbouw. Zo worden er aanpassingen van technische eisen in het Bbl voorbereid, onder meer rond trappen, plafondhoogte, geluid, daglicht en administratieve verplichtingen. Het wijzigingsbesluit is afgelopen herfst geconsulteerd en zal na de zomer ter consultatie worden gebracht.9

Vereenvoudigingsopgave Fysieke Leefomgeving en Volkshuisvesting

De ervaringen met STOER laten zien dat vereenvoudiging niet vanzelf tot stand komt. Opgaven overstijgen grenzen tussen departementen en bestuurslagen en achter iedere regel zit een belang. Dit vraagt om een gezamenlijk aanpak. Vanuit mijn coördinerende rol als stelselverantwoordelijke voor de Omgevingswet ga ik samen met andere departementen in het fysieke domein aan de slag met de Vereenvoudigingsopgave voor de Fysieke Leefomgeving en Volkshuisvesting. Zo creëren wij de versnelling van opgaven in de fysieke leefomgeving en volkshuisvesting. Hierbij richt ik mij vooral op de ruimtelijke ordening, woningbouw en verduurzaming van de gebouwde omgeving.

Vereenvoudiging moet uiteindelijk leiden tot oplossingen die (ook) op de lange termijn goede leefbaarheid en gezondheid opleveren voor de inwoners en een goede balans tussen beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving.

Vereenvoudiging bevat het schrappen van overbodige eisen en wet- en regelgeving, het beter benutten van bestaande ruimte en het verbeteren van uitvoering en samenwerking. Ook begrijpelijke uitleg en praktische toepasbaarheid zijn essentieel voor het versnellen van opgaven binnen de fysieke leefomgeving en volkshuisvesting. Tot slot kan vereenvoudiging ook betekenen dat er soms extra (landelijke) regelgeving nodig is om versnelling teweeg te brengen, bijvoorbeeld als het gaat om het versnellen van procedures (Wetsvoorstel versterking regie volkshuisvesting).

Uiteindelijk betekent deze vereenvoudigingsopgave dat iedereen binnen de fysieke leefomgeving dient te bepalen welke bijdrage hij of zij kan leveren aan vereenvoudiging. Daarom ga ik de komende tijd samen met departementen, medeoverheden, marktpartijen, coöperaties en kennisinstellingen uit het fysieke domein aan de slag om de Vereenvoudigingsopgave Fysieke Leefomgeving en Volkshuisvestiging verder te ontwikkelen. Hierbij richten wij ons op het inventariseren en stimuleren van vereenvoudigingsvoorstellen, het borgen van de samenhang en de voortgang van de vereenvoudiging. De opbrengsten van deze gezamenlijke aanpak dragen bij aan de doelen van de Taskforce Slagvaardige Overheid van de minister van BZK, inclusief de jaarlijkse Vereenvoudigingswet10. Vereenvoudigingsvoorstellen die een expliciete focus hebben op vereenvoudiging en versnelling t.b.v. de woningbouw dragen bij aan het actieplan van de Taskforce Versnelling Woningbouw.

We betrekken ook het beter naleven en handhaven van bestaande regelgeving en het uitvoeren van voorstellen voor vereenvoudiging, zoals de implementatie van STOER en signalen uit de implementatieondersteuning van de Omgevingswet door gemeenten, provincies en waterschappen. Ook het ophalen van nieuwe voorstellen voor vereenvoudiging bij medeoverheden, marktpartijen, coöperaties en kennisinstellingen binnen het fysieke domein zal onder de aanpak vallen.

Daarnaast wordt er binnen de EU ook vereenvoudigd via de omnibussen. Met de andere departementen zal gewerkt worden aan het creëren van kansen om Europese regelgeving op het gebied van fysiek leefomgeving en volkshuisvestiging beter uitvoerbaar te maken. Uw Kamer wordt hierover via de BNC-fiches geïnformeerd. Onlangs heeft het kabinet een reeks voorstellen die op Europees niveau zijn verzameld m.b.t. regelgeving die impact heeft op huisvesting, beoordeeld vanuit het Nederlands perspectief.11

Tot slot

Alleen door gezamenlijk op te trekken, kunnen we de noodzakelijke vereenvoudiging, samenhang en versnelling in het fysieke domein realiseren. Dit is essentieel om te komen tot regels en processen die in de praktijk beter uitvoerbaar, uitlegbaar en toepasbaar zijn. Samen met mijn collega’s wil ik dan ook de urgentie van vereenvoudiging in de fysieke leefomgeving benadrukken. Ik zal uw Kamer daarom na de zomer informeren over de definitieve aanpak en concrete vereenvoudigingsvoorstellen.

De minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening,

E. Boekholt-O'Sullivan


  1. Afschrift opdrachtbrief Ministeriële Taskforce Slagvaardige Overheid | Rijksoverheid.nl↩︎

  2. Met de Vereenvoudigingsagenda en op te stellen vereenvoudigingsaanpak Fysieke Leefomgeving geef ik uitvoering aan de motie Flach/Nobel die de regering verzoekt om specifiek voor woningbouw meer in te zetten op het schrappen en verruiming van regelgeving (Kamerstukken 2025-2026, 32 847, nr. 1468)↩︎

  3. Kamerstukken 2025-2026, 32 847, nr. 1383↩︎

  4. https://www.volkshuisvestingnederland.nl/documenten/2025/07/10/eindrapport-adviesgroep-stoer↩︎

  5. Commissiedebat ‘Staat van de Volkshuisvesting’, 11 maart 2026↩︎

  6. Kamerstukken 2025-2026, 32 847, nr. 1383↩︎

  7. https://www.volkshuisvestingnederland.nl/onderwerpen/aanpak-woningnood/versnellingstafels/contactformulier-landelijke-versnellingstafel↩︎

  8. Kamerstukken 2025-2026, 36 800-XXII, nr. 47↩︎

  9. Kamerstukken 2025-2026, 28 325, nr. 308↩︎

  10. Uw Kamer wordt hierover na het zomerreces 2026 geïnformeerd.↩︎

  11. . Deze inbreng is begin juni met de Commissie gedeeld en is terug te vinden op www.volkshuisvestingnederland.nl. Hiermee geef ik ook uitvoering aan de motie van Lid Claasens (Kamerstukken 2025-2026, 32 847, nr. 1465)↩︎