[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [consultaties]←NIEUW! [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn]
[open vragen] [toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [woo/oo] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is opentk.nl?]

Lesmethoden op islamitische scholen waarin homoseksualiteit wordt afgewezen

Schriftelijke vragen

Nummer: 2026D37862, datum: 2026-08-04, bijgewerkt: 2026-08-04 13:58, versie: 1

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Krijg melding als deze vragen beantwoord worden:

Gerelateerde personen:

Onderdeel van zaak 2026Z16663:

Preview document (🔗 origineel)


2026Z16663

(ingezonden 4 augustus 2026)

Vragen van het lid Clemminck (JA21) aan de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over lesmethoden op islamitische scholen waarin homoseksualiteit wordt afgewezen

Bent u bekend met de uitzending van Nieuwsuur over de rol van de islam bij geweld en vijandigheid tegen homoseksuelen en met het opinieonderzoek van EenVandaag naar de ervaringen van lhbti’ers in Nederland? [1] [2]

Heeft u kennisgenomen van de in de uitzending getoonde islamitische lesmaterialen waarin kinderen onder meer leren dat Allah een volk vernietigde vanwege homoseksuele relaties, dieren een lhbti-vlag in het vuur gooien en het homohuwelijk in verband wordt gebracht met de “ontwrichting van de samenleving” en “ernstige ziektes”? Zo ja, wat is uw reactie op deze lesmaterialen?

Acht u het aanvaardbaar dat dergelijke lesmaterialen worden gebruikt op scholen die door de Nederlandse overheid worden bekostigd? Zo ja, waarom? Zo nee, welke consequenties verbindt u hieraan?

Klopt het dat de Inspectie van het Onderwijs deze specifieke lesmaterialen heeft beoordeeld en heeft geconcludeerd dat het gebruik hiervan binnen de geldende wettelijke kaders is toegestaan? Zo ja, op welke wettelijke bepalingen en inhoudelijke afwegingen is deze conclusie gebaseerd?

Heeft de Inspectie van het Onderwijs volledig zicht op de lesmethoden, leesboekjes en aanvullende religieuze leermiddelen die op islamitische scholen worden gebruikt? Zo nee, hoe kan de Inspectie dan vaststellen of het onderwijs voldoet aan de burgerschapsopdracht en of sprake is van een sociaal veilige leeromgeving?

Op welke wijze controleert de Inspectie of religieuze lesmaterialen niet alleen afzonderlijk, maar ook in hun onderlinge samenhang bijdragen aan een schoolcultuur die in overeenstemming is met de basiswaarden van de democratische rechtsstaat?

Is bij u en de Inspectie bekend door welke personen, organisaties, uitgeverijen of religieuze instellingen de in de uitzending getoonde lesmethoden zijn ontwikkeld en verspreid? Zo ja, kunt u uiteenzetten welke partijen hierbij betrokken zijn?

Is bekend hoe de ontwikkeling, productie, aanschaf en verspreiding van deze lesmaterialen zijn gefinancierd, waaronder eventuele financiering door Nederlandse overheden, schoolbesturen, religieuze organisaties of buitenlandse personen, organisaties of overheden? Zo nee, bent u bereid dit te onderzoeken?

Worden deze lesmethoden centraal ingekocht of aanbevolen door samenwerkingsverbanden, koepelorganisaties of andere organisaties binnen het islamitisch onderwijs? Zo ja, welke organisaties betreft dit en op hoeveel scholen worden deze materialen gebruikt?

Welke wettelijke taken, bevoegdheden en mogelijkheden hebben gemeenten om toezicht te houden of in te grijpen wanneer binnen hun gemeente islamitische scholen worden opgericht of uitgebreid en er zorgen bestaan over de gebruikte lesmaterialen, de invulling van de burgerschapsopdracht of de sociale veiligheid van leerlingen? Acht u de huidige positie en het instrumentarium van gemeenten hierbij toereikend? Zo nee, bent u bereid gemeenten meer mogelijkheden te geven om dergelijke zorgen bij de Inspectie en het ministerie af te dwingen en opvolging daarvan te verlangen?

Hoe verhoudt het gebruik van de genoemde lesmaterialen zich volgens u tot de wettelijke burgerschapsopdracht, waaronder het bevorderen van respect voor de basiswaarden van de democratische rechtsstaat en het creëren van een schoolcultuur die daarmee in overeenstemming is?

Deelt u de opvatting dat de vrijheid van onderwijs geen vrijbrief kan zijn om kinderen met publiek geld les te geven uit materialen die homoseksuele relaties stigmatiseren of in verband brengen met ziekte, vernietiging en maatschappelijke ontwrichting?

Welke mogelijkheden hebben de Inspectie en de staatssecretaris op dit moment om in te grijpen wanneer een school dergelijke lesmethoden gebruikt, maar volgens de huidige uitleg nog niet aantoonbaar de wettelijke ondergrens overschrijdt? Acht u dit instrumentarium toereikend?

Kunt u de zogenoemde escalatieladder uiteenzetten waarnaar u in de uitzending van Goedenavond Nederland van 28 juli 2026 verwees, inclusief de verschillende interventies, de voorwaarden voor toepassing daarvan en de gemiddelde tijd die verstrijkt voordat tot een bekostigingssanctie of sluiting kan worden overgegaan? [3]

Deelt u de opvatting dat de huidige escalatieladder mogelijk onvoldoende mogelijkheden biedt om snel en effectief in te grijpen wanneer scholen structureel gebruikmaken van lesmateriaal dat homoseksuelen en homoseksuele relaties stigmatiseert?

Bent u bereid de escalatieladder en de onderliggende wet- en regelgeving te herzien, zodat scholen die structureel dergelijke lesmethoden gebruiken sneller een aanwijzing, bekostigingssanctie of, als ultimum remedium, sluiting tegemoet kunnen zien?

Uit onderzoek van het EenVandaag Opiniepanel blijkt dat 70 procent van de ondervraagde lhbti’ers het als een probleem ervaart om de eigen seksuele oriëntatie of genderidentiteit in het openbaar te tonen en dat zij weerstand vooral ervaren vanuit religieuze en extreemrechtse hoek, waarbij met name de islam wordt genoemd. [4] Hoe beoordeelt u deze uitkomsten?

Deelt u de zorg dat onderwijs waarin homoseksualiteit expliciet negatief of bedreigend wordt voorgesteld, kan bijdragen aan het maatschappelijke klimaat waarin lhbti’ers aangeven hun gedrag, kleding en uitingen aan te passen uit angst voor negatieve reacties?

Bent u bereid de Inspectie van het Onderwijs opdracht te geven gericht onderzoek te doen naar de aard, omvang en inhoud van lesmaterialen over homoseksualiteit, relaties en het homohuwelijk binnen het islamitisch onderwijs, en de Kamer over de uitkomsten daarvan te informeren?

Kunt u vaststellen hoeveel scholen deze lesmethoden gebruiken of in het verleden hebben gebruikt, gedurende welke periode dit is gebeurd en hoeveel leerlingen naar schatting reeds met deze materialen in aanraking zijn gekomen?

Deelt u de opvatting dat leerlingen die onderwijs hebben ontvangen waarin homoseksuele relaties worden voorgesteld als ziekmakend, maatschappelijk ontwrichtend of aanleiding voor goddelijke bestraffing, mogelijk onvoldoende onderwijs hebben gekregen in overeenstemming met de wettelijke burgerschapsopdracht?

Bent u bereid maatregelen te treffen om eventuele schade bij deze leerlingen te herstellen, bijvoorbeeld door de betrokken scholen te verplichten aanvullend burgerschapsonderwijs aan te bieden over gelijkwaardigheid, het discriminatieverbod, seksuele diversiteit en de grondrechten van lhbti’ers?

Zo ja, hoe wordt gecontroleerd dat dit aanvullende onderwijs daadwerkelijk wordt aangeboden en inhoudelijk voldoet aan de basiswaarden van de democratische rechtsstaat? Zo nee, waarom acht u herstelmaatregelen niet noodzakelijk?

Bent u tevens bereid om, in afwachting van dat onderzoek, met de betrokken schoolbesturen in gesprek te gaan over het onmiddellijk uitfaseren van lesmaterialen waarin homoseksuele relaties in verband worden gebracht met ziekte, goddelijke bestraffing of maatschappelijke ontwrichting?

Kunt u deze vragen een voor een beantwoorden?

[1] NOS Nieuwsuur, “Heeft links te weinig oog voor rol islam bij geweld tegen homo’s?”, uitzending van 27 juli 2026 (https://nos.nl/nieuwsuur/video/2624666-heeft-links-te-weinig-oog-voor-rol-islam-bij-geweld-tegen-homo-s)

[2] EenVandaag Opiniepanel, “7 op 10 lhbti’ers denken dat het een probleem is om hun geaardheid in openbaar te tonen: ‘Ik word dagelijks nageroepen’”, 27 juli 2026 (https://eenvandaag.avrotros.nl/opiniepanel/uitslagen/7-op-10-lhbtiers-denken-dat-het-een-probleem-is-om-hun-geaardheid-in-openbaar-te-tonen-ik-word-dagelijks-nageroepen-164335)

[3] WNL, Goedenavond Nederland, uitzending van 28 juli 2026.

[4] EenVandaag Opiniepanel, “7 op 10 lhbti’ers denken dat het een probleem is om hun geaardheid in openbaar te tonen: ‘Ik word dagelijks nageroepen’”, 27 juli 2026 (https://eenvandaag.avrotros.nl/opiniepanel/uitslagen/7-op-10-lhbtiers-denken-dat-het-een-probleem-is-om-hun-geaardheid-in-openbaar-te-tonen-ik-word-dagelijks-nageroepen-164335)