[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [consultaties]←NIEUW! [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn]
[open vragen] [toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [woo/oo] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is opentk.nl?]

Antwoord op vragen van het lid Teunissen over de aangifte van seksueel geweld door Nederlandse opvarenden van de Gaza Freedom Flotilla

Antwoord schriftelijke vragen

Nummer: 2026D40048, datum: 2026-09-01, bijgewerkt: 2026-09-01 11:41, versie: 2 (versie 1)

Directe link naar document (.docx), link naar officiele pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen:

Onderdeel van zaak 2026Z15830:

Preview document (🔗 origineel)


AH 2900

2026Z15830

Antwoord van minister Van Weel (Justitie en Veiligheid), mede namens de minister van Buitenlandse Zaken (ontvangen 1 september 2026)

Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025-2026, nr. 2612

Vraag 1

Heeft u kennisgenomen van de berichtgeving dat Nederlandse opvarenden van de Gaza Freedom Flotilla aangifte hebben gedaan van seksueel geweld door Israëlische militairen? 1) Zo ja, hoe beoordeelt u dit bericht?

Antwoord op vraag 1

Ja, ik heb kennis genomen van de berichtgeving over de aangekondigde aangifte. Als er aangifte wordt gedaan, is het aan het Openbaar Ministerie om te beoordelen of het opportuun is een strafrechtelijk onderzoek en eventueel vervolging in te stellen.

Vraag 2

Heeft het kabinet inmiddels contact gehad met de Nederlandse opvarenden of hun advocaat naar aanleiding van deze aangifte? Zo ja, welke ondersteuning is daarbij aangeboden?

Antwoord op vraag 2

Zoals bekend, heeft het ministerie van Buitenlandse Zaken de Nederlandse deelnemers aan de Global Sumud Flotilla die daar om verzochten consulair bijgestaan rondom de onderscheppingen van de Flotilla door de Israëlische autoriteiten in april en mei jongstleden. Het ging onder meer om het faciliteren van contact met familieleden en het op weg helpen bij de zelfstandige doorreis vanuit Griekenland en Turkije, via de posten ter plaatse. Ook stond het ministerie van Buitenlandse Zaken in contact met familieleden en naasten van betrokken Nederlanders.

Vraag 3

In Frankrijk en Italië lopen inmiddels strafrechtelijke onderzoeken naar de behandeling van opvarenden van de Gaza Freedom Flotilla. Ziet het kabinet aanleiding vergelijkbare stappen in Nederland te zetten? 2) Zo nee, waarom niet?

Antwoord op vraag 3

Zoals in antwoord 1 is aangegeven, is het – als er aangifte wordt gedaan – aan het Openbaar Ministerie om te beoordelen of het opportuun is een strafrechtelijk onderzoek en eventueel vervolging in te stellen.

Vraag 4

Is het kabinet bereid zich ervoor in te spannen dat de Nederlandse aangiften worden betrokken bij internationale strafrechtelijke onderzoeken naar de behandeling van de opvarenden? Zo nee, waarom niet?

Antwoord op vraag 4

Indien er een strafrechtelijk onderzoek en eventueel (vervolgens) vervolging wordt ingesteld is het aan het Openbaar Ministerie om al dan niet internationale afstemming te zoeken.

Vraag 5

Welke medische, psychologische en juridische ondersteuning wordt aan de Nederlandse slachtoffers aangeboden sinds ze weer terug zijn in Nederland? Zo nee, waarom niet en bent u bereid te inventariseren of daar alsnog behoefte aan is?

Antwoord op vraag 5

Zowel Slachtofferhulp Nederland (hierna: SHN) als het Centrum voor Seksueel Geweld (hierna: CSG) gaan, in verband met de privacy van betrokkenen, niet in op individuele zaken. In zijn algemeenheid kan ik melden dat herstel van autonomie van slachtoffers voorop staat, waarbij zij zelf regie hebben over de gewenste hulp, en dus ook over of, hoe en aan wie zij over hun ervaringen vertellen.

SHN is altijd beschikbaar voor alle slachtoffers indien daar behoefte aan is. Met slachtoffers die in Nederland aangifte doen van seksueel geweld wordt, indien zij toestemming verlenen om de gegevens met SHN te delen, binnen drie dagen contact opgenomen door SHN. In dit eerste contact worden de impact en behoefte geïnventariseerd, en wordt uitleg gegeven over welke psychosociale en juridische ondersteuning geboden kan worden. De ondersteuning is altijd maatwerk, in aansluiting op de noden en behoeften van het slachtoffer. Als opvarenden van de Flotilla seksueel geweld hebben meegemaakt en twijfelen over of zij hulp nodig hebben, nodigt het CSG hen uit om contact op te nemen. Het is aan henzelf om te beslissen wat zij wel of niet willen delen. Dit kan telefonisch, per chat of in Amsterdam en Rotterdam op inloop.

Vraag 6

Bent u bereid zich er bij de Israëlische autoriteiten voor in te zetten dat volledige medewerking wordt verleend aan onderzoeken naar de aangiften van seksueel geweld en andere ernstige misdrijven tegen de opvarenden?

Antwoord op vraag 6

Zoals bekend heeft het kabinet de oproep van de Canadese minister-president richting de Israëlische autoriteiten tot een onafhankelijk onderzoek naar de behandeling van de aangehouden Flotilla-opvarenden gesteund.1

Vraag 7

Kunt u deze vragen afzonderlijk beantwoorden?

Antwoord op vraag 7

Overeenkomstig uw verzoek zijn de vragen afzonderlijk beantwoord.

1) NOS. (2026, 2 juli). Nederlandse activisten doen aangifte van seksueel geweld door Israëlische militairen.https://nos.nl/artikel/2621313-nederlandse-activisten-doen-aangifte-van-seksueel-geweld-door-israelischemilitairen

2) NRC. (2026, 9 juni). Na Frankrijk stelt ook Italië een onderzoek in naar extreemrechtse Israëlischeminister Ben-Gvir wegens vermeende marteling van flotilla-activisten.

https://www.nrc.nl/nieuws/2026/06/09/na-frankrijk-stelt-ook-italie-een-onderzoek-in-naar-extreem-rechtseisraelische-minister-ben-gvir-wegens-vermeende-marteling-flotilla-activisten-a4929675


  1. Zie onder meer Aanhangsel Handelingen II 2025/2026, nr. 2220.↩︎