Doel(en)
|
Goede samenwerking tussen alle betrokken zorgverleners in de
geboortezorg is essentieel om toegankelijke, kwalitatief goede en
doelmatige zorg te kunnen leveren. In de integrale geboortezorg werken
verschillende professionals samen: eerstelijnsverloskundigen,
kraamverzorgenden, klinisch verloskundigen, gynaecologen en
kinderartsen. Verloskundige samenwerkingsverbanden (VSV’s) vormen het
fundament van deze samenwerking en het organiserend vermogen van de
regio: hier wordt bepaald hoe zorgverleners gezamenlijk
verantwoordelijkheid nemen voor passende zorg rond zwangerschap en
geboorte in de regio.
De Federatie van VSV’s heeft een basiskader
opgesteld, gebaseerd op de Zorgstandaard integrale geboortezorg. Dit
kader beschrijft de kerntaken van VSV’s, waaronder het organiseren en
beheren van het regionaal samenwerkingsverband, coördinatie van zorg
uitgaande van de zorgstandaard als minimum, informatievoorziening en
communicatie en structureren van gezamenlijke kwaliteitsverbetering.
|
Beleidsinstrument(en)
|
De VSV’s zullen worden gefinancierd vanuit de Zvw. Zorgverzekeraars
gaan de omschreven activiteiten van het basiskader inkopen. Er is een
aanwijzing naar de NZa verstuurd om per 2027 in de regelgeving een
prestatiebeschrijving op te nemen. Dit voornemen is per brief op 1 april
jl. aan de Kamer gecommuniceerd. De
beleidsregel is begin juni gepubliceerd.
|
Financiële gevolgen voor het Rijk
|
De kosten voor de uitvoering, landelijke gegevensuitwisseling en de
contributie VSV’s komen neer op structureel € 24 miljoen. Als gevolg van
de activiteiten van de VSV’s worden op termijn in de medisch
specialistische zorg besparingen verwacht. In de eerstelijns verloskunde
en de kraamzorg zal juist sprake zijn van een lichte stijging door
verschuiving van zorg van de tweede naar de eerste lijn.
Dit leidt tot een netto-kosteneffect van structureel € 15 mln.
|
Financiële gevolgen voor maatschappelijke
sectoren
|
Niet van toepassing.
|
Nagestreefde doeltreffendheid
|
De betrokken zorgverleners worden door het VSV ondersteund bij het
werk dat zij doen. Daarnaast is het VSV een aanspreekbare partner in de
regio, waarmee afspraken gemaakt kunnen worden. Dit draagt bij aan de
samenwerking en de kwaliteit en toegankelijkheid van de
geboortezorg.
|
Nagestreefde doelmatigheid
|
VSV’s hebben de afgelopen twee jaar gewerkt aan de implementatie van
het basiskader. Door middel van structurele bekostiging kunnen zij dit
verder onderhouden. Door het versterken van de samenwerking binnen het
VSV wordt ook verwacht dat dit uiteindelijk leidt tot verschuiving van
zorg van de tweede naar de eerste lijn. Hiervoor is een businesscase
opgesteld. Deze businesscase is met de brief van 1 april openbaar
gemaakt.
|
Evaluatieparagraaf
|
Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) heeft de
opdracht gekregen om de bekostiging van VSV’s te monitoren. Dit werkt
het RIVM in 2026, samen met het veld verder uit.
|