Nieuwe misstanden met massadonatie
Schriftelijke vragen
Nummer: 2026D40477, datum: 2026-09-02, bijgewerkt: 2026-09-02 13:49, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar officiele pagina op de Tweede Kamer site.
Krijg melding als deze vragen beantwoord worden:
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: L. Vliegenthart, Tweede Kamerlid (PRO)
- Mede ondertekenaar: H. Wendel, Tweede Kamerlid (VVD)
Onderdeel van zaak 2026Z17712:
- Gericht aan: S.T.M. Hermans, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
(ingezonden 2 september 2026)
Vragen van de leden Vliegenthart (PRO) en Wendel (VVD) aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over nieuwe misstanden met massadonatie
Vraag 1
Bent u bekend met de uitzending van Undercover in Nederland, d.d. 1 september 2026, over de misstanden met massadonor Simon? 1)
Vraag 2
Klopt het dat het ministerie van Volksgezondheid al in augustus 2017 op de hoogte was van het feit dat Simon een massadonor was? Zo nee, sinds wanneer is het ministerie er dan wel van op de hoogte?
Vraag 3
Wanneer is er voor het eerst een melding gedaan of signaal gegeven bij het ministerie van Volksgezondheid over deze massadonor? Op welke wijze is deze melding destijds afgehandeld?
Vraag 4
Wanneer is er voor het eerst een melding gedaan of signaal gegeven bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) over deze massadonor? Op welke wijze is deze melding destijds geregistreerd, onderzocht en afgehandeld? Welke eventuele maatregelen zijn er genomen naar aanleiding van de melding?
Vraag 5
Hoe verklaart u dat deze massadonor, die al bekend was bij het ministerie, desondanks deelnam aan een commissie die namens de overheid de donorwet evalueerde? Welke controle heeft voorafgaand aan zijn benoeming plaatsgevonden?
Vraag 6
Op welke wijze wordt gescreend wie er deelneemt aan dergelijke wetsevaluerende commissies en ziet u reden om naar aanleiding van deze casus, het toezicht daarop te verscherpen? Zo nee, waarom niet?
Vraag 7
Hoeveel kinderen en gezinnen zijn (mogelijk) geraakt door het handelen van deze massadonor? Is inmiddels in kaart gebracht hoeveel klinieken, spermabanken en andere instellingen met deze donor hebben gewerkt of nog steeds werken? Zo nee, bent u bereid om dit met spoed in kaart te brengen en de Kamer hierover te informeren?
Vraag 8
Op welke wijze worden de ouders en kinderen die mogelijk door deze casus zijn geraakt geïdentificeerd en actief op de hoogte gebracht? Welke ondersteuning, begeleiding en eventuele psychosociale hulp kunnen zij ontvangen?
Vraag 9
Wie draagt de verantwoordelijkheid voor het actief informeren van mogelijk betrokken donorkinderen en ouders wanneer er sprake is van een (ernstige) misstand rond donorconceptie?
Vraag 10
Kunt u garanderen dat betrokkenen niet zelf afhankelijk zijn van het toevallig ontdekken van de misstand of van berichtgeving in de media? Zo ja, op welke wijze is dit geborgd? Zo nee, welke concrete maatregelen gaat u nemen om dit te verbeteren?
Vraag 11
Herkent u het beeld dat ouders jarenlang en via langdurige procedures hebben moeten proberen om een einde te kunnen maken aan het handelen van deze massadonor, terwijl hij tussentijds door kon blijven gaan? Wat gaat u concreet doen voor de ouders die zich jarenlang niet gehoord of onvoldoende beschermd hebben gevoeld? Bent u bereid om met hen in gesprek te gaan over hun ervaringen en over wat zij nodig hebben?
Vraag 12
Welke mogelijkheden hebben ouders en donorkinderen om informatie te krijgen over de omvang van het aantal nakomelingen van deze donor en over de instellingen waar het donorzaad gebruikt is? Zijn deze mogelijkheden volgens u op dit moment toereikend?
Vraag 13
Kunt u nader toelichten of er in de afgelopen jaren vaker signalen of meldingen zijn geweest over donoren die de limieten voor het aantal donorkinderen hebben overschreden? Zo ja, om hoeveel gevallen gaat het en welke maatregelen zijn naar aanleiding daarvan genomen?
Vraag 14
Hoe kan het dat na de misstanden rond massadonor Jonathan nu opnieuw een casus aan het licht is gekomen waarin een massadonor jarenlang zijn gang heeft kunnen gaan? Welke lessen zijn er door u en uw voorgangers sinds de casus van massadonor Jonathan getrokken? Waarom hebben die lessen deze nieuwe situatie niet kunnen voorkomen?
Vraag 15
Welke concrete maatregelen gaat u nemen om te voorkomen dat donoren de afgesproken grenzen voor het aantal donorkinderen overschrijden en om ervoor te zorgen dat bij signalen van een massadonor sneller wordt ingegrepen? Welke mogelijkheden ziet u voor uzelf als minister om ervoor te zorgen dat er sneller kan worden ingegrepen?
Vraag 16Ziet u mogelijkheden om massadonoren bij thuisinseminaties strafbaar te stellen, als zij het maximumaantal verwekte kinderen onder de Wet donorgegevens kunstmatige bevruchtings (Wdkb) overschrijden? Zo nee, waarom niet?
Vraag 17
Ziet u mogelijkheden om het voor een donor bij thuisinseminaties wettelijk verplicht te maken om wensouders kenbaar te maken hoeveel kinderen hij al verwerkt heeft? Zo nee, waarom niet?
Vraag 18
Deelt u de opvatting dat een tekort aan donoren via Nederlandse donorbanken ertoe kan leiden dat wensouders genoodzaakt zijn om uit te wijken naar buitenlandse commerciële donorbanken of naar donoren die zich via online platforms aanbieden, en dat hierdoor relatief veel ruimte kan ontstaan voor misstanden zoals massadonoren? Zo nee, waarom niet?
Vraag 19
Hoe kijkt u naar een niet-commerciele en centraal georganiseerde Nederlandse donorbank, waarin registratie, screening en het bewaken en handhaven van wettelijke kaders beter kunnen worden geborgd? Kunt u reageren op de adviezen van de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG) en andere deskundigen omtrent de oprichting van een dergelijke donorbank? Welke rol ziet u voor uzelf als minister hierin? En ziet u gelet de nieuwe misstanden een grotere urgentie voor deze oproep?
Vraag 20
Bent u bereid onafhankelijk te laten onderzoeken wat er vanaf het moment van de eerste melding over deze massadonor met de beschikbare signalen is gebeurd, welke partijen daarvan op de hoogte waren en waarom niet eerder is ingegrepen? Zo nee, waarom niet?
Vraag 21
Aanvullend op vraag 20, kunt u daarbij expliciet laten onderzoeken of en op welke momenten het ministerie, de IGJ, donorbanken, fertiliteitsklinieken en andere betrokken organisaties informatie met elkaar hebben gedeeld en waar eventuele tekortkomingen in de informatie-uitwisseling hebben gezeten?
Vraag 22
Deelt u onze zienswijze dat signalen over massadonoren automatisch met alle in Nederland actieve donorbanken, fertiliteitsklinieken en ziekenhuizen die behandelingen doen met spermadonoren, gedeeld moeten kunnen worden? Zo ja, op welke manier denkt u dit te kunnen regelen?
Vraag 23
Kunt u een tijdspad schetsen voor de uitvoering van de reeds aangenomen motie-Vliegenthart over onafhankelijk onderzoek naar misstanden bij donorconceptie? 2)
Vraag 24
Bent u bereid de Kamer vóór de start van het onderzoek naar aanleiding van motie-Vliegenthart te informeren over de onderzoeksopdracht, de onafhankelijkheidswaarborgen en de wijze waarop donorkinderen, ouders, donoren en andere betrokken bij het onderzoek worden betrokken? Zo nee, waarom niet?
2) Undercover in Nederland, Seizoen 23, 1 september 2026, aflevering 9, (https://www.kijk.nl/programmas/undercover-in-nederland/2OtMVea63m1)
2) Kamerstukken 36 677, nr. 23