Verslag van de 33ste jaarvergadering van de Parlementaire Assemblee van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE PA), Den Haag 4 tot en met 8 juli 2026
OVSE-Assemblée
Verslag van een bijeenkomst
Nummer: 2026D40761, datum: 2026-09-03, bijgewerkt: 2026-09-03 14:30, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar officiele pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: M. Christiaanse, adjunct-griffier
Onderdeel van kamerstukdossier 22718 -63 OVSE-Assemblée.
Onderdeel van zaak 2026Z17856:
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Buitenlandse Zaken
Preview document (🔗 origineel)
Staten-Generaal AP 1 / 2
Vergaderjaar 2025-2026
22 718 OVSE-Assemblée
Nr. 63 VERSLAG VAN DE 33STE JAARLIJKSE ZITTING
Vastgesteld 3 september 2026
Inleiding
Van 4 tot en met 8 juli 2026 was een Kamerdelegatie aanwezig bij de 33ste jaarvergadering van de Parlementaire Assemblee van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE PA) in het World Forum in Den Haag, georganiseerd door het Nederlands parlement. De tien Nederlandse delegatieleden waren de Eerste Kamerleden Karimi (delegatieleider) en Fiers (beiden GroenLinks-PvdA), Vogels (VVD), Van Toorenburg (CDA), Dittrich (D66) en Van Hattem (PVV) en de Tweede Kamerleden Bamenga (D66), Abdi (PRO), Maes (VVD) en Van Ark (CDA). Daarnaast waren de Eerste Kamerleden Jansen-van Helvoort en Kluit (beiden GroenLinks-PvdA) Talsma (CU), Moonen (D66), Van Visseren-Ramakers (Fractie-Visseren-Ramakers), Marquart Scholtz, Van Langen-Visbeek en Panman (allen BBB), Petersen (VVD) en Theo Bovens (CDA) bij onderdelen van de conferentie aanwezig. Ongeveer 250 parlementsleden uit 52 deelnemende staten van de OVSE waren afgereisd naar Den Haag om te spreken over het centrale thema Internationaal recht en gedeelde principes: fundering voor veiligheid en samenwerking in het OVSE-gebied.
De Voorzitters van de Eerste Kamer, Mei Li Vos, en van de Tweede Kamer, Thom van Campen, premier Rob Jetten, Farah Karimi, delegatieleider van de Nederlandse OVSE PA-delegatie, OVSE PA President Pere Pons en de voorzitter van de OVSE in 2026, Ignazio Cassis uit Zwitserland spraken tijdens de openingssessie op 4 juli. Als gastvrouw en initiator verwelkomde Karimi de parlementsleden in Den Haag. In haar toespraak ging zij in op het werk van de Assemblee. “Hier speelt de parlementaire diplomatie een unieke rol. Zelfs wanneer regeringen het oneens zijn, kunnen parlementariërs een rol blijven spelen. Door middel van dialogen, verkiezingswaarneming, commissiewerk en samenwerking over de politieke scheidslijnen heen houden we communicatiekanalen open en bouwen we vertrouwen op.” Ook was er een videotoespraak van de Oekraïense president Volodomyr Zelensky, waarin hij de leden aanspoorde de druk op te voeren om de grootschalige invasie van de Russische Federatie een halt toe te roepen voordat deze tot nog meer verwoesting in zijn land leidt. Zelensky riep op tot een grotere inzet voor de verdediging van Oekraïne en tot het ten volle benutten van de instrumenten van de OVSE om vrede te bereiken. Voorts spraken de Minister van Buitenlandse Zaken, Tom Berendsen en de secretaris-generaal van de OVSE, ambassadeur Feridun H. Sinirlioğlu, de Assemblee toe.
Op 8 juli nam de Assemblee de Verklaring van Den Haag aan, met aanbevelingen binnen de drie OVSE-dimensies: politieke zaken, economische aangelegenheden en mensenrechten evenals veertien zogenaamde Supplementary Items – resoluties waarin specifieke aandacht wordt gevraagd voor onder meer het aanpakken van online radicalisering van jongeren, internationaal recht, humanitair recht en mensenrechten als fundament voor duurzame vrede en veiligheid in de OVSE-regio, de situatie in Belarus, verkiezingsintegriteit en fundamentele vrijheden in Georgië en het vrijlaten van oorlogs- en civiele gevangenen door Rusland1. De Georgische delegatie die het niet eens was met de tekst van het Supplementary Item over Georgië verliet voor het aannemen van de Verklaring de zaal. En marge van de bijeenkomst sprak de Nederlandse delegatie met Permanent Vertegenwoordiger bij de OVSE, ambassadeur Monique de Ruijter. De volgende Annual Session vindt plaats in Belgrado, Servië.
Vergadering Standing Committee
Op 4 juli 2026 vond de vergadering van het Standing Committee plaats. Dit is een bijeenkomst van delegatieleiders waar iedere sessie van de OVSE PA traditioneel mee begint. Vanuit de Nederlandse delegatie nam Karimi deel. Het Standing Committee heeft onder andere de taak om de ingediende Supplementary Items toe te delen aan de drie vakcommissies. Van de vijftien voorgestelde items werden er twee naar de plenaire vergadering gestuurd, drie aan de Eerste Commissie, vier aan de Tweede Commissie en vijf aan de Derde Commissie. Besloten werd om het Supplementary Item “Upholding HR and International Law in Palestine” niet in behandeling te nemen.
President Pons gaf een terugblik op zijn werkzaamheden van het afgelopen jaar en bedankte Nederland voor het organiseren van de jaarlijkse zitting. Verder sprak hij de wens uit om de invloed van de OVSE PA tijdens zijn voorzitterschap verder te vergroten en kansen te benutten om het comparatieve voordeel ervan te versterken.
Penningmeester Johan Büser (Zweden) presenteerde het financieel verslag en de begrotingsvoorstellen, waarin aanvullende middelen voor belangrijke activiteiten zoals verkiezingswaarnemingen waren opgenomen. De Standing Committee keurde op 4 juli een verhoging van 4,5% van de begroting voor 2026-2027 goed.
De secretaris-generaal van de OVSE PA, Roberto Montella, gaf een overzicht van de prioriteiten en activiteiten van de Assemblee, waarbij hij opmerkte dat de nadruk sterk op Oekraïne is blijven liggen en gaf bijzondere aandacht aan het werk van het Parlementair Ondersteuningsteam voor Oekraïne, evenals de activiteiten van de speciale vertegenwoordigers die in verschillende regio’s werkzaam zijn.
Commissie I: Political Affairs and Security
Bij de opening van de vergadering op maandag 5 juli merkte commissievoorzitter Marc Veasey (Verenigde Staten) op dat de Assemblee bijeenkomt op een cruciaal moment voor de OVSE-regio, waarbij hij benadrukte dat de beslissingen van de OVSE-deelnemende staten in de komende maanden van invloed zullen zijn op de toekomst van de kernbeginselen van de Europese veiligheid voor de komende generaties.
Rapporteur Tobias Winkler (Duitsland) presenteerde zijn rapport en ontwerpresolutie. Het OVSE-gebied heeft nog steeds te maken met een onzekere en onstabiele veiligheidssituatie, waarbij Winkler de oorlog in Oekraïne als de belangrijkste uitdaging aanmerkte. Ook wees hij op toenemende risico’s in het Noordpoolgebied en het Hoge Noorden, instabiliteit in het Midden-Oosten, bedreigingen voor kritieke infrastructuur, inmenging in verkiezingen en kwetsbaarheden in energie- en toeleveringsketens.
Tijdens de bijeenkomst van deze commissie op 6 juli sprak minister van Buitenlandse Zaken, Tom Berendsen, de Assemblee toe. Hij benadrukte de blijvende relevantie van de Helsinki-beginselen tegen de achtergrond van toenemende geopolitieke spanningen, democratische achteruitgang, hybride dreigingen en afbrokkelend vertrouwen. Verder sprak Berendsen over de cruciale rol van de OVSE bij dialoog, conflictpreventie en de ondersteuning van democratische instellingen. Tot slot riep hij op tot onwankelbare steun voor Oekraïne tegen de Russische agressie, strengere sancties, verantwoordingsplicht voor oorlogsmisdaden en de vrijlating van de drie OVSE-functionarissen in Russische gevangenschap.
In deze commissie werden drie Supplementary Items behandeld:
Countering the Online Radicalization of Youth (Kamil Aydin,Turkije)
Strengthening a Comprehensive, Co-operative and People-Centred Approach to Combatting Drug Trafficking and Drug Use and Fighting Organized Crime and All Forms of Mafia in the OSCE Area (Eugenio Zoffili, Italië)
Ukraine as an Indispensable Security Provider (Roger Wicker, Verenigde Staten)
Al deze resoluties kregen voldoende steun van de leden in de politieke commissie.
Voor het komende jaar werd Joe Wilson (Verenigde Staten) gekozen als voorzitter. Herkozen werden Jevrosima Pejović (Montenegro) als vicevoorzitter en Thomas Winkler (Duitsland) als rapporteur.
Commissie II: Economic Affairs, Science, Technology and Environment
Bij de opening van de commissievergadering op 5 juli merkte voorzitter Azay Guliyev (Azerbeidzjan) op dat de oorlog in Oekraïne gekenmerkt wordt door dagelijkse aanvallen op civiele infrastructuur, vernietiging van energiesystemen en verstrekkende gevolgen voor de voedselzekerheid, het milieu en de wederopbouw. Ondertussen laten verstoringen in de Straat van Hormuz zien hoe regionale conflicten in korte tijd een bedreiging vormen voor de mondiale energiemarkten, toeleveringsketens en voedselzekerheid. Beide conflicten, zo zei hij, laten het belang zien van het waarborgen van veerkrachtige connectiviteit.
Rapporteur Paula Cardoso (Portugal) presenteerde haar ontwerpresolutie en benadrukte dat de OVSE wordt geconfronteerd met toenemende uitdagingen die 50 jaar aan verworvenheden op losse schroeven zetten. Zij merkte op dat de OVSE haar beginselen moet vernieuwen met meer financiële middelen en politieke wil, en benadrukte de toenemende concurrentie om toegang tot essentiële hulpbronnen en grondstoffen, waarbij zij opmerkte dat economisch en veiligheidsbeleid steeds sterker met elkaar verweven raken. Hoewel veel leden de concept resolutie van Cardoso prezen als uitgebreid en toekomstgericht uitte Van Hattem kritiek op verschillende onderdelen van de ontwerpresolutie. Hij verwierp de positieve benadering van migratie en stelde dat grootschalige migratie leidt tot onder meer woningtekorten, een grotere druk op sociale voorzieningen en meer criminaliteit. Daarnaast sprak hij zich uit tegen de klimaatparagrafen en gaf hij de voorkeur aan energiezekerheid en kernenergie boven wind- en zonne-energie.
In deze commissie werden behalve de aangenomen resolutie van de rapporteur vier Supplementary Items besproken en aangenomen:
Keeping Youth at the Centre: Strengthening Democracy, Security and Human Capital in the OSCE Region amid Demographic Change (Gudrun Kugler, Oostenrijk)
Countering Transnational Financial Repression and the Weaponization of Interpol Executive Management, AMLL/ CFT, and Cybersecurity (Mauro Del Barba, Italië)
Advancing Co-operation in the Governance of Artificial Intelligence within the OSCE Region (Federica Onori, Italië)
Youth Perspectives on Af fordable Housing as a Pillar of Youth, Peace and Security Agenda in the OSCE Region (Lucija Tacer Perlin, Slovenië)
In deze commissie werd Azay Guliyev (Azerbaijan) herkozen als voorzitter, Artur Gerasymov (Oekraïne) als vicevoorzitter en Paula Cardoso (Portugal) als rapporteur.
Commissie III: Democracy, Human Rights and Humanitarian Questions
In de derde commissie inzake democratie, mensenrechten en humanitaire kwesties opende voorzitter Sargis Khandanyan (Armenië) de vergadering op 5 juli met een toelichting op de uitdagingen op het gebied van de menselijke dimensie. Hij noemde met name de menselijke tol van de oorlog tegen Oekraïne, de humanitaire situatie in het Midden-Oosten en de achteruitgang van de democratie in de OVSE-regio.
Bij de presentatie van haar verslag en ontwerpresolutie merkte rapporteur Carina Ödebrink (Zweden) op dat de menselijke dimensie niet losstaat van veiligheid, maar juist een van de essentiële pijlers ervan vormt. In dit verband richt haar ontwerpresolutie zich op prioriteiten zoals de toestand van de democratie, de fundamentele vrijheden, de groeiende invloed van opkomende technologieën en de bescherming van burgers in gewapende conflicten. Tijdens de behandeling van het Supplementary Item ‘Ongoing warcrimes against mediaworkers and violations of their rights during Russia’s war of aggression against Ukraine’ benadrukte Bamenga de rol van journalisten. Hij stelde dat wanneer hen het zwijgen wordt opgelegd, niet alleen hun veiligheid in gevaar komt, maar ook onze democratie, de persvrijheid en het recht op waarheid. “Als de democratie in duisternis ten onder gaat, zijn het de journalisten die het licht brandend houden,” aldus Bamenga.
Naast de resolutie werden de volgende Supplementary Items behandeld en aangenomen:
Human Trafficking and Modern Slavery: Fostering Dialogue and Deepening Co-operation Across OSCE Participating States (Baroness Rosie Winterton, Verenigd Koninkrijk)
Upholding Election Integrity and Fundamental Freedoms in Georgia (Joe Wilson, Verenigde Staten)
Ongoing War Crimes Against Media Workers and Violations of Their Rights During the Russian Federation’s War of Aggression Against Ukraine (Pascal Allizard, Frankrijk)
The Situation in Belarus in the Context of Regional Security, Transnational Repression and Human Rights (Bjorn Soder, Zweden)
The Situation of National Minorities and Indigenous Peoples in the Russian Federation (Ruslanas Baranovas, Litouwen)
De derde commissie herkoos Sargis Khandanyan (Armenië) als voorzitter en Barones Christine Blower (Verenigd Koninkrijk) als vicevoorzitter. Mpanzu Bamenga (Nederland) werd gekozen als rapporteur.
Plenaire vergadering
Bij de opening van de jaarlijkse zitting van de Parlementaire Assemblee van de OVSE op 4 juli stond het thema Internationaal recht en gemeenschappelijke beginselen: grondslagen voor veiligheid en samenwerking in het OSCE-gebied centraal. Minister-president Jetten benadrukte in zijn toespraak de symbolische betekenis van Den Haag als internationale stad van vrede en recht voor de bijeenkomst van de OVSE Parlementaire Assemblee. Hij wees erop dat Den Haag internationale instituties huisvest die zijn opgericht om conflicten te voorkomen, geschillen op te lossen en degenen die verantwoordelijk zijn voor de ernstigste misdaden ter verantwoording te roepen. Volgens Jetten is dit ook de kern van de OVSE. “De OVSE is opgericht vanuit het uitgangspunt dat veiligheid niet kan worden bereikt door middel van geweld, maar moet berusten op democratie, eerbiediging van de mensenrechten en een op regels gebaseerde internationale orde,” aldus Jetten. In zijn bijdrage vroeg Jetten aandacht voor de drie OVSE-functionarissen die al in 2022 door Rusland gevangen werden genomen en veroordeeld tot lange gevangenisstraffen. “We moeten er alles aan doen om Vadym Golda, Maxim Petrov en Dmytro Shabanov zo snel mogelijk vrij te krijgen,” sprak hij.
De Voorzitter van de Eerste Kamer Mei Li Vos schetste hoe de stad, mede dankzij het werk van Hugo de Groot (Grotius), aan de basis heeft gestaan van de ontwikkeling van het moderne internationale recht met zijn boek Over het recht van oorlog en vrede met daarin de fundamenten voor regels over oorlog, vrede en internationale samenwerking. Vos verwees naar de Eerste Haagse Vredesconferentie in 1899, waar landen voor het eerst gezamenlijk afspraken maakten over ontwapening, internationaal recht en vreedzame geschillenbeslechting wat uiteindelijk resulteerde in de vestiging van talrijke organisaties zoals het Vredespaleis waarin het Permanent Hof van Arbitrage, het Internationaal Gerechtshof van de Verenigde Naties en de Haagse Academie voor Internationaal Recht zijn gevestigd en Den Haag als zetel van het Internationaal Strafhof. “Het handhaven van het internationaal recht is onze beste kans om vrede te waarborgen. Conflicten kunnen worden voorkomen door de omstandigheden te scheppen voor een vrij en democratisch debat,” zei Vos. De Voorzitter van de Tweede Kamer, Thom van Campen, verwees naar de Nederlandse jurist en Nobelprijswinnaar Tobias Asser als voorbeeld van het belang van internationale samenwerking. Volgens Van Campen besefte Asser dat vrede niet alleen steunt op juridische beginselen, maar ook op sterke internationale instituties waar landen, juist wanneer meningsverschillen bestaan, met elkaar in gesprek blijven en samenwerken. “Het internationaal recht en sterke instellingen zijn onmisbare pijlers van vrede en veiligheid,” aldus Van Campen. Hij benadrukte dat parlementariërs dagelijks samenwerken met mensen die uiteenlopende belangen, overtuigingen en standpunten vertegenwoordigen. Volgens hem is het niet alleen hun taak om die verschillen zichtbaar te maken, maar ook om te zoeken naar gemeenschappelijke oplossingen. Die ervaring uit de nationale parlementen vormt volgens hem ook de basis voor het werk binnen de OVSE Parlementaire Assemblee. “Wat we elke dag in elk van onze nationale parlementen leren, moeten we hier tijdens de vergadering van de Parlementaire Assemblee van de OVSE in de praktijk brengen.” Farah Karimi heette als delegatieleider van de Nederlandse delegatie haar collega’s welkom in Den Haag en benadrukte de unieke rol van parlementaire diplomatie in deze uitdagende tijden. “Zelfs wanneer regeringen het oneens zijn, kunnen parlementariërs de dialoog blijven voeren,” aldus Karimi. “Door middel van dialoog, verkiezingswaarneming, commissiewerk en samenwerking over politieke scheidslijnen heen houden we de communicatiekanalen open en bouwen we vertrouwen op.” OVSE PA President Pons benadrukte in zijn bijdrage de noodzaak om de kernbeginselen te verdedigen. Pons merkte op dat, een halve eeuw na de Slotakte van Helsinki, de beginselen die ooit de basis vormden voor de veiligheid nu openlijk ter discussie worden gesteld en daarom krachtig moeten worden verdedigd. “We zien het in de aanhoudende agressieoorlog tegen Oekraïne,” zei Pons. “We zien het in Gaza, waar burgers blijven lijden. We zien het overal waar geweld de plaats inneemt van dialoog en het internationaal recht selectief of helemaal niet wordt toegepast. Er mag geen hiërarchie van beginselen bestaan. Wat we in Oekraïne verdedigen, moeten we overal verdedigen. Zonder consistentie verzwakken we de op regels gebaseerde orde.” Voorzitter van de OVSE, Ignazio Cassis, onderstreepte de cruciale rol van parlementsleden bij het in stand houden van de dialoog over politieke scheidslijnen heen en het herstellen van vertrouwen te midden van toenemend institutioneel wantrouwen. “In het licht van de toenemende politieke spanningen, waarbij het wantrouwen naar instellingen en politieke besluitvormers toeneemt, is het werk van parlementsleden van cruciaal belang als directe schakel met de bevolking,” aldus Cassis. Hierna besprak de plenaire vergadering het Supplementary Item ‘Crimes against Humanity and War Crimes Committed by the Russian Federation: The Need to Release Prisoners of War and Civilian Detainees and Ensure the Return of Ukrainian Children’ ingediend door Mykyta Poturaiev (Oekraïne) wat met één amendment werd aangenomen.
Op 7 juli vond het plenaire debat plaats over het thema Internationaal recht en gedeelde beginselen: fundamenten voor veiligheid en samenwerking in het OSCE-gebied. Het debat werd ingeleid met toespraken van Tomoko Akane, voorzitter van het Internationaal Strafhof, en Boštjan Škrlec, voorzitter van de Raad voor Betrekkingen met Partners van het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van strafrecht, ook bekend als Eurojust. In haar toespraak merkte ICC-voorzitter Akane op dat alle staten gebonden zijn aan regels en wettelijke verplichtingen die zij vrijwillig zijn overeengekomen na te leven, waarbij zij benadrukte dat de kracht van de internationale rechtsstaat uiteindelijk afhangt van de bereidheid van staten om deze te eerbiedigen en te verdedigen. Zij onderstreepte zij de unieke verantwoordelijkheid van parlementariërs om deze beginselen hoog te houden. “Uw steun voor internationale verdragen, uw inzet om internationale verplichtingen in nationaal recht om te zetten en uw betrokkenheid bij multilaterale instellingen dragen allemaal bij aan een sterkere en effectievere internationale rechtsorde,” zei ze. “In een tijd waarin de geopolitieke spanningen toenemen en internationale normen onder druk staan, is uw leiderschap belangrijker dan ooit,” sloot Akane af. In zijn toespraak gaf Škrlec een overzicht van het werk van Eurojust, dat hij omschreef als een instelling waar openbare aanklagers, rechercheurs en rechters uit tal van verschillende landen bijeenkomen om samenwerking te bespreken – zowel op strategisch vlak als in concrete zaken. Dit draagt volgens hem bij aan de handhaving van het internationaal recht en de rechtsstaat, en zorgt ervoor dat gerechtigheid wordt bereikt. “In de 21e eeuw kan geen enkele staat of instelling misdrijven in zijn eentje aanpakken. Dit kan niet langer in isolatie gebeuren,” aldus Škrlec, “Alleen door partnerschappen te versterken kunnen we de beginselen van het internationaal recht waaraan we ons allen houden, effectief beschermen.” Hij benadrukte dat Eurojust hierin een cruciale rol speelt, waarbij hij in het bijzonder wees op het belang ervan voor de ondersteuning van nationale onderzoeken naar het misdrijf van agressie in verband met de oorlog van de Russische Federatie tegen Oekraïne. Als speciale gast was Margaryta Shabanova, de echtgenote van Dmytro Shabanov één van de drie OVSE-functionarissen die al meer dan vier jaar onrechtmatig door Rusland worden vastgehouden, aanwezig bij de jaarvergadering. Om de gevolgen van het internationaal recht voor mensen te benadrukken, beschreef Margaryta Shabanova de gevangenschap van haar man als een schending van het internationaal humanitair recht. Zij deed een beroep op de Assemblee om hulp bij het bewerkstelligen van de vrijlating van haar echtgenoot en zijn twee medegevangenen, Vadym Golda en Maksym Petrov. Aansluitend stemde de plenaire vergadering in met het Supplementary Item ‘International Justice, Humanitarian Law and Human Rights as the Foundations of Lasting Peace and Security in the OSCE Region’ van Pere Pons (Spanje).
Op 8 juli hield de secretaris-generaal van de OVSE Feridun Sinirlioğlu een toespraak waarin hij benadrukte dat, in een tijd van verhoogde geopolitieke spanningen en toenemende polarisatie, de rol van de OVSE als platform voor dialoog, transparantie en vertrouwensopbouw belangrijker is dan ooit. Hij hield een pleidooi voor het openhouden van communicatiekanalen. “In gesprek gaan met degenen met wie we het oneens zijn, is geen concessie, maar een verantwoordelijkheid. Zonder die dialoog nemen misverstanden toe, evenals het risico op verkeerde inschattingen. Daarom is het openhouden van communicatiekanalen – en het heropenen van kanalen die zijn gesloten – essentieel om een veilige toekomst voor iedereen op te bouwen”, aldus secretaris-generaal Sinirlioğlu. Hierna volgden de verslagen van de verkiezingswaarnemingsmissies en de ad hoc commissies. Karimi bracht als speciaal coördinator en leider van de kort termijn-waarnemingsmissie verslag uit van de verkiezingswaarnemingsmissie naar Armenië op 7 juni. Ook gaf Karimi in haar hoedanigheid als voorzitter van de ad-hoc Commissie Migratie een terugkoppeling van de werkzaamheden van het afgelopen jaar gericht op drie prioriteiten: de implementatie van het EU-Migratie- en Asielpact, de rol van lokale overheden bij migratie en de relatie tussen migratie en economische ontwikkeling. De commissie pleitte voor een zorgvuldige uitvoering van het EU-Migratie- en Asielpact, met bijzondere aandacht voor de bescherming van de grondrechten van asielzoekers en andere migranten. Karimi sprak ook over de ervaringen van lokale overheden, waaronder in Nederland, waar zowel positieve lokale initiatieven als uitdagingen rond opvang, huisvesting, gezinshereniging en maatschappelijke polarisatie. Tot slot wil de commissie haar geografische blik verbreden en zich meer richten op de bijdrage van arbeidsmigratie aan economische ontwikkeling door onder meer tijdens een voorgenomen bezoek aan Oezbekistan te onderzoeken hoe arbeidsmigranten uit Centraal-Azië bijdragen aan de economische ontwikkeling van de ontvangende landen door arbeid, ondernemerschap en kennisoverdracht.
Met het aannemen van de Verklaring van Den Haag die het belang van internationaal recht en gedeelde waarden benadrukt, en die onder meer ingaat op respect voor soevereine gelijkheid, het afzien van dreiging met of gebruik van geweld, de onschendbaarheid van grenzen en respect voor mensenrechten en fundamentele vrijheden, kwam een einde aan het inhoudelijke deel van de jaarvergadering.
Overige bijeenkomsten
Ook op de agenda stonden vergaderingen van de ad-hoc commissies van de OVSE PA die zich bezighouden met migratiekwesties, terrorismebestrijding en parlementaire steun voor Oekraïne, evenals de jaarlijkse werklunch over genderkwesties. Als speciaal rapporteur van de Parlementaire Ondersteuningsgroep voor Oekraïne (PSTU) organiseerde Boris Dittrich op 5 juli een side event over de situatie van de drie OVSE-functionarissen die sinds 2022 in Rusland gevangen zitten, Dmytro Shabanov, Maksym Petrov en Vadym Golda. In aanwezigheid van de leden Maes en Van Ark werd tijdens het side evenement teruggeblikt op eerder genomen maatregelen en gevoerde campagnes, en werden de resterende belangrijke uitdagingen besproken om verder te pleiten voor en aan te dringen op hun vrijlating. Sprekers waren Dmytro Ponomarenko (Oekraïne), speciaal gezant voor de vrijlating van gevangenen en burgers; Andriy Kostin, ambassadeur van Oekraïne in het Koninkrijk der Nederlanden, Ievgeniia Kapalinka, advocaat van de familieleden van de drie gevangengenomen OVSE-medewerkers en Margaryta Shabanova, echtgenote van Dmytro Shabanov. Zij spraken over de noodzaak om aandacht te blijven vragen in de nationale parlementen voor hun vrijlating ongeacht de diplomatieke en regeringsinspanningen.
Karimi was op 4 juli aanwezig bij een overleg van de Silk Road Group, een informeel orgaan binnen de OVSE PA, onder leiding van Azay Guliyev (Azerbeidzjan) waar Edwin van Scherreburg, programmadirecteur van Deltalinqs sprak over de positie van de Rotterdamse haven en de uitdagingen waarmee mondiale transportcorridors en toeleveringsketens momenteel worden geconfronteerd en over de kansen voor het versterken van internationale connectiviteit en het concurrentievermogen van het Europese bedrijfsleven.
Karimi, Vogels en Fiers namen op 5 juli deel aan de Genderlunch georganiseerd door de Canadese en Nederlandse delegatie, waarin bijzondere aandacht voor de specifieke uitdagingen waar jongens en mannen mee worden geconfronteerd. Bijdragen werden geleverd door Hedy Fry (Canada) en Farah Karimi en Bas Zwiers, Programma Manager van Emancipator. Tijdens de interactieve lunch werd onderzocht hoe regeringen en parlementen op deze kloof kunnen reageren en gezonde normen voor mannelijkheid kunnen ondersteunen als onderdeel van een alomvattende aanpak van gendergelijkheid.
Bamenga nam deel aan het side event ‘Upholding international law in Palestine’. Karimi en Bamenga brachten met de ad hoc commissie migratie op 5 juli een bezoek aan het migratiemuseum Fenix in Rotterdam. Van Toorenburg en Fiers waren bij de vergadering van de ad hoc commissie Countering Terrorism en Dittrich nam deel aan de vergadering van de Parliamentary Support Team for Ukraine over de culturele genocide in Oekraïne, waarbij de Rusland alles wat verbonden is met de Oekraïense cultuur vernietigd. Op 6 juli waren alle leden aanwezig bij een door de Nederlandse delegatie georganiseerde bijeenkomst over internationaal recht voorgezeten door Elles van Ark. Tijdens dit side event spraken prof. dr. Machiko Kanetake, voorzitter van de raad van bestuur en academisch directeur van het Asser Instituut, Garth Schofield, adjunct-secretaris-generaal van het Permanent Hof van Arbitrage en Mame Mandiaye Niang, plaatsvervangend aanklager bij het Internationaal Strafhof in op de rol van het internationaal recht bij vreedzame geschillenbeslechting, internationale samenwerking en de berechting van de ernstigste internationale misdrijven. Het tweede deel van het side event van de Nederlandse delegatie bestond uit een bezoek aan het ICC of aan het Vredespaleis op 7 juli. Bamenga nam deel aan het panel van het side event ‘Making Youth, Peace and Security Work: Institutional Mechanisms for Co-ordination, Participation and Accountability’ georganiseerd door het Netwerk van Jonge parlementariërs.
En marge van de jaarvergadering waren er bilaterale gesprekken met de delegaties van Turkije, Azerbeidzjan, Oekraïne en had de delegatie een ontmoeting met Monique de Ruijter, permanent vertegenwoordiger bij de OVSE in Wenen.
Aangenomen teksten
Alle teksten die tijdens deze vergadering zijn aangenomen vindt u hier.
De voorzitter van de delegatie,
Karimi
De griffiers van de delegatie,
Bakker-de Jong
Christiaanse
De Verklaring van Den Haag is als bijlage toegevoegd.↩︎