Amendement van het lid Van den Berg over het groeipad bevriezen bij een buy-outaandeel van meer dan tien procent
Wijziging van de Wet milieubeheer en de Wet op de economische delicten in verband met het verhogen van het aandeel van gas uit hernieuwbare bronnen in de totale leveringen van gas aan afnemers (Wet bijmengverplichting groen gas)
Amendement
Nummer: 2026D40888, datum: 2026-09-03, bijgewerkt: 2026-09-03 18:11, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar officiele pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: D.J. van den Berg, Tweede Kamerlid (JA21)
Onderdeel van kamerstukdossier 36947 -11 Wijziging van de Wet milieubeheer en de Wet op de economische delicten in verband met het verhogen van het aandeel van gas uit hernieuwbare bronnen in de totale leveringen van gas aan afnemers (Wet bijmengverplichting groen gas) .
Onderdeel van zaak 2026Z17920:
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
| TWEEDE KAMER DER STATEN-GENERAAL | 2 | |
| Vergaderjaar 2025-2026 | ||
| 36 947 | Wijziging van de Wet milieubeheer en de Wet op de economische delicten in verband met het verhogen van het aandeel van gas uit hernieuwbare bronnen in de totale leveringen van gas aan afnemers (Wet bijmengverplichting groen gas) | |
| Nr. 11 | AMENDEMENT VAN HET LID van den berg | |
| Ontvangen 3 september 2026 | ||
| De ondergetekende stelt het volgende amendement voor: | ||
In artikel I, onderdeel B, wordt aan het voorgestelde artikel 9.9.2.1 een lid toegevoegd, luidende:
3. Indien voor een kalenderjaar ontheffing als bedoeld in artikel 9.9.2.6 is verkregen voor meer dan tien procent van de hoogte van de jaarverplichting groengaseenheden van de leverancier aan afnemers over dat kalenderjaar, wordt de hoeveelheid broeikasgasemissiereductie in de keten tot afnemer voor het tweede daaropvolgende kalenderjaar niet hoger vastgesteld dan de hoeveelheid voor het direct daaraan voorafgaande kalenderjaar.
Toelichting
Dit amendement voorkomt dat het groeipad verder stijgt wanneer de markt in een voorafgaand jaar voor een substantieel deel gebruik heeft moeten maken van de buy-out. Een buy-outaandeel van meer dan tien procent is een objectief signaal dat onvoldoende betaalbare en voor de verplichting geschikte groengaseenheden beschikbaar waren. Het verder verhogen van de verplichting zou het tekort en de kosten dan vergroten, zonder zekerheid over extra fysieke productie of emissiereductie.
Het definitieve buy-outaandeel is pas bekend na de jaarlijkse afrekening. Daarom grijpt de rem aan op het tweede kalenderjaar na het jaar waarop de ontheffing betrekking heeft. De verplichting wordt niet automatisch verlaagd; alleen een volgende verhoging wordt bevroren. Een lagere hoeveelheid kan op grond van artikel 9.9.2.1 nog steeds bij algemene maatregel van bestuur worden vastgesteld.
Van den Berg