De gezinshereniging van een verdachte met 114 politieregistraties
Schriftelijke vragen
Nummer: 2026D42098, datum: 2026-09-09, bijgewerkt: 2026-09-09 12:49, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar officiele pagina op de Tweede Kamer site.
Krijg melding als deze vragen beantwoord worden:
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: S. Ceulemans, Tweede Kamerlid (JA21)
- Mede ondertekenaar: D.T. Boomsma, Tweede Kamerlid (JA21)
Onderdeel van zaak 2026Z18386:
- Gericht aan: G. van den Brink, minister van Asiel en Migratie
- Gericht aan: D.M. van Weel, minister van Justitie en Veiligheid
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
(ingezonden 9 september 2026)
Vragen van de leden Ceulemans en Boomsma (beiden JA21) aan de ministers van Asiel en Migratie en van Justitie en Veiligheid over de gezinshereniging van een verdachte met 114 politieregistraties
Bent u bekend met de berichtgeving over de 18-jarige Syrische
verdachte van een gewelddadige woningoverval in Amsterdam-Oost, die
sinds zijn komst naar Nederland op veertienjarige leeftijd volgens het
Openbaar Ministerie en de berichtgeving 114 politieregistraties heeft
opgebouwd, en wiens ouders en broertjes desondanks naar Nederland zouden
mogen komen in het kader van gezinshereniging? 1)
Klopt het dat de rechtbank overwoog dat de “samenleving er beroerd
van zou zijn” als de hechtenis van deze persoon zou worden
geschorst?
Klopt het dat deze verdachte rechtmatig verblijf in Nederland heeft?
Zo ja, op grond van welke verblijfstitel, sinds wanneer beschikt hij
daarover en op welke datum is deze verblijfstitel voor het laatst door
de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) beoordeeld of
verlengd?
Klopt het dat op naam van deze verdachte 114 politieregistraties
staan? Zo ja, over welke periode zijn deze opgebouwd, op hoeveel
afzonderlijke incidenten hebben deze betrekking, om welke categorieën
strafbare feiten gaat het en hoeveel daarvan hebben geleid tot
respectievelijk een sepot, strafbeschikking, veroordeling of nog lopende
strafzaak?
Op welk moment is de IND voor het eerst geïnformeerd over
strafrechtelijke antecedenten of politieregistraties van deze
vreemdeling? Hoe vaak heeft sindsdien informatie-uitwisseling tussen
politie, Openbaar Ministerie en IND over betrokkene
plaatsgevonden?
Is naar aanleiding van deze registraties, vervolgingen of eventuele
veroordelingen onderzocht of zijn verblijfsrecht kon worden ingetrokken
of niet verlengd wegens gevaar voor de openbare orde? Zo ja, wanneer en
met welke uitkomst? Zo nee, waarom niet?
Zijn er volgens u wettelijke, Unierechtelijke of verdragsrechtelijke
bepalingen die verhinderen dat bij een vreemdeling die in vier jaar tijd
zoveel politieregistraties heeft opgebouwd, eerder wordt beoordeeld of
voortzetting van zijn verblijf verenigbaar is met de bescherming van de
openbare orde?
Klopt het dat deze verdachte als referent optreedt of heeft
opgetreden voor de gezinshereniging van zijn ouders en broertjes? Zo ja,
wanneer is deze aanvraag ingediend, wanneer is daarop beslist en op
welke juridische grondslag is de gezinshereniging toegestaan?
Was de IND bij de behandeling van die nareisaanvraag op de hoogte van
de politieregistraties, strafrechtelijke antecedenten en/of lopende
strafzaken van de referent? Zo ja, welke betekenis is daaraan bij de
beslissing gegeven? Zo nee, hoe is het mogelijk dat dergelijke
informatie de IND niet heeft bereikt?
Klopt het dat bij de openbare-ordetoets in een nareisprocedure in
beginsel wordt beoordeeld of de nareizende gezinsleden zelf een gevaar
vormen voor de openbare orde, maar dat ernstig of stelselmatig crimineel
gedrag van de in Nederland verblijvende referent op dit moment niet
zonder meer een grond vormt om de gezinshereniging te weigeren?
Zo ja, acht u het wenselijk dat iemand die in Nederland in korte tijd
een zeer groot aantal politieregistraties heeft opgebouwd en wordt
verdacht van een ernstig geweldsmisdrijf, desondanks aanspraak kan
blijven maken op facilitering door de Nederlandse staat van de overkomst
van zijn gezin?
Welke mogelijkheden biedt het huidige nationale, Europese en
internationale recht om een aanvraag voor gezinshereniging af te wijzen,
aan te houden of opnieuw te beoordelen wanneer de referent een ernstig
gevaar voor de openbare orde vormt of wordt verdacht van ernstige
strafbare feiten?
Bestaat er op dit moment überhaupt een grens aan het aantal of de
ernst van de strafbare feiten dat een referent kan plegen voordat zijn
gedrag gevolgen heeft voor een lopende of reeds toegewezen aanvraag voor
gezinshereniging? Zo ja, waar ligt die grens precies? Zo nee, acht u dat
verdedigbaar?
Deelt u de opvatting dat het maatschappelijk niet uit te leggen is
wanneer de Staat enerzijds een vreemdeling wegens een lange reeks
strafbare gedragingen als gevaar voor de samenleving beschouwt, maar
anderzijds tegelijkertijd actief zijn gezinshereniging
faciliteert?
Bent u bereid het beleid en, indien noodzakelijk, de Vreemdelingenwet
zodanig aan te passen dat stelselmatig crimineel gedrag van een referent
uitdrukkelijk kan worden betrokken bij de beoordeling van een aanvraag
voor gezinshereniging? Zo nee, welke concrete bepaling van Europees of
internationaal recht verhindert dit?
Hoeveel vreemdelingen met rechtmatig verblijf in Nederland hebben op
dit moment respectievelijk meer dan 10, meer dan 50 en meer dan
100 politieregistraties op hun naam staan, en bij hoeveel van hen is
naar aanleiding daarvan een verblijfsrechtelijke maatregel onderzocht of
genomen?
Kunt u deze vragen afzonderlijk en één voor één beantwoorden?
1) Het Parool, 3 september 2026, 'Rechtbank houdt drie verdachten gewelddadige overval in Amsterdam-Oost in voorarrest', https://www.parool.nl/amsterdam/rechtbank-houdt-drie-verdachten-gewelddadige-overval-in-amsterdam-oost-in-voorarrest~b30c4703/