[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [consultaties]←NIEUW! [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn]
[open vragen] [toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [woo/oo] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is opentk.nl?]

Antwoord op vragen van de leden Inge van Dijk en Van den Brink over het bericht "Sterke toename cryptobetalingen voor aankoop online kinderporno"

Antwoord schriftelijke vragen

Nummer: 2026D46421, datum: 2026-09-25, bijgewerkt: 2026-09-25 16:45, versie: 2 (versie 1)

Directe link naar document (.docx), link naar officiele pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen:

Onderdeel van zaak 2026Z13645:

Preview document (🔗 origineel)


AH 117

2026Z13645

Antwoord van minister Van Weel (Justitie en Veiligheid), mede namens de minister van Financiën (ontvangen 25 september 2026)

Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025-2026, nr. 2517

Vraag 1

Heeft u kennisgenomen van de bevindingen van de Financial Intelligence Unit Nederland (FIU-Nederland) dat het aantal en volume van cryptobetalingen voor online kinderporno toenemen? 1) Hoe beoordeelt u deze ontwikkeling?

Antwoord op vraag 1

Ja, ik heb kennisgenomen van het jaaroverzicht 2025 van de Financial Intelligence Unit Nederland (FIU-Nederland), dat ik ook aan uw heb Kamer aangeboden.1 Ik heb kennisgenomen van de toename van het aantal meldingen bij de FIU-Nederland over aankopen van beeldmateriaal van seksueel kindermisbruik via cryptovaluta. Dat we hier meer zicht op krijgen is een goede ontwikkeling; het gebruik van cryptobetalingen voor beeldmateriaal van seksueel kindermisbruik is zorgelijk en financiële geldstromen rondom misbruikbeelden van kinderen worden gezien als witwassen en kunnen dus leiden tot strafrechtelijke vervolging. De redenen voor de toename worden nader geschetst in het antwoord op vraag 2.

Vraag 2

Kunt u aangeven hoe het aantal meldingen, onderzoeken en veroordelingen die voortkomen uit signalen over cryptobetalingen voor online kinderporno zich de afgelopen vijf jaar heeft ontwikkeld?

Antwoord op vraag 2

FIU-Nederland signaleert in haar jaaroverzicht dat het aantal meldingen over aankopen van beeldmateriaal van seksueel kindermisbruik via cryptovaluta het afgelopen jaar aanzienlijk is gestegen. Het aantal meldingen van ongebruikelijke transacties dat de FIU-Nederland ontvangt wordt beïnvloed door diverse factoren. Denk hierbij aan de wijze van melden door meldingsplichtige instellingen of gegeven aanwijzingen door toezichthouders. In dit geval geldt dat het onderwerp meer prioriteit heeft gekregen bij aanbieders van blockchain-analysetools, die zelf ook analyses uitvoeren op de blockchain. In samenwerking met de Internet Watch Foundation labelen zij cryptoadressen die gelinkt zijn aan beeldmateriaal van seksueel kindermisbruik. De betreffende cryptodienstverleners ontvangen van deze aanbieders van blockchain-analysetools een melding dat hun klant cryptovaluta heeft verstuurd naar een cryptoadres dat gelabeld is als child sex abuse material (CSAM). De cryptodienstverleners melden dat op hun beurt weer als ongebruikelijke transactie bij FIU-Nederland. Indien de FIU-Nederland een ongebruikelijke transactie verdacht verklaart, wordt die verstrekt aan diverse (bijzondere) opsporingsdiensten en inlichtingen- en veiligheidsdiensten. Door de instanties die betrokken zijn bij de strafrechtelijke opsporing en vervolging van misdrijven, waaronder beeldmateriaal van seksueel kindermisbruik, wordt vervolgens op uiteenlopende wijze gebruik gemaakt van de ontvangen gegevens. Onder meer als sturingsinformatie, als (onderdeel van) startinformatie voor een strafzaak of als onderdeel van bewijs in een strafzaak.

De opsporing van beeldmateriaal van seksueel kindermisbruik is binnen de politie belegd bij de Teams Bestrijding Kinderpornografie en Kindersekstoerisme (TBKK’s). In 2025 hebben er bij de TBKK’s tien onderzoeken naar online beeldmateriaal van seksueel kindermisbruik gelopen, die voortkwamen uit signalen over cryptobetalingen. De afgelopen jaren zijn het aantal meldingen vanuit FIU-Nederland richting TBKK en het aantal gerichte spontane verstrekkingen vanuit cryptodienstverleners toegenomen. Het is echter complex om inzichtelijk te krijgen om hoeveel meldingen het precies gaat omdat een melding vaak bestaat uit meerdere transacties, die niet allemaal gerelateerd zijn aan hetzelfde account.

Vraag 3

Deelt u de zorg dat de groei van cryptobetalingen voor online seksueel kindermisbruik laat zien dat criminelen steeds vaker gebruikmaken van internationale cryptonetwerken en aanbieders buiten het bereik van Europese toezichthouders en opsporingsdiensten?

Antwoord op vraag 3

Online seksueel kindermisbruik en het gebruik van cryptovaluta daarvoor is een zorgelijk en mondiaal fenomeen. Een effectieve inzet vraagt daarom – naast de inspanningen in eigen land – ook een mondiale aanpak en samenwerking. De internationale Financial Action Taskforce (FATF), waar landen uit de hele wereld bij zijn aangesloten, richt zich daarom ook op het aanpakken van online seksuele uitbuiting van kinderen. Nederland draagt actief bij aan deze inzet.

Vraag 4

Acht u de huidige capaciteit van de FIU, politie, Fiscale inlichtingen- en opsporingsdienst (FIOD) en het Team Bestrijding Kinderpornografie en Kindersekstoerisme voldoende om de toenemende stroom van cryptogerelateerde signalen te analyseren en op te volgen?

Antwoord op vraag 4

De snelle opkomst van nieuwe technologieën en toenemende digitalisering brengt als schaduwzijde met zich mee dat hier ook nieuwe vormen van criminaliteit uit voortkomen. Opsporingsinstanties hebben al jaren te maken met een enorme toename van beeldmateriaal van seksueel kindermisbruik dat online beschikbaar komt en wordt verspreid. Ook criminele geldstromen via onder meer cryptovaluta nemen in omvang en complexiteit toe. Dit vergroot de complexiteit voor de opsporing.

Voor beide fenomenen geldt dat ze hoog op de agenda staan binnen de opsporing, zowel bij politie als het Openbaar Ministerie. De aanpak van online seksueel kindermisbruik is als geprioriteerd thema opgenomen in de huidige Veiligheidsagenda en zal ook deel uitmaken van de Veiligheidsagenda 2027-2030. In de beleidsreactie ondergronds bankieren, heb ik aangegeven me onder meer te focussen op het bestrijden van crimineel gebruik van cryptovaluta in de aanpak van ondergronds bankieren.2

De afgelopen jaren zijn diverse investeringen gedaan in de aanpak van online seksueel kindermisbruik waarmee de formatie van de TBKK’s met 26 fte is uitgebreid tot een totale formatie van 186 fte medio 2026. Hoewel de politie voortdurend werkt aan zowel de werving en selectie van politiemedewerkers als het behoud van politiepersoneel, is er sprake van een structurele onderbezetting binnen deze teams van ongeveer 20%.

De aard van het werk van de TBKK’s maakt dat het voor de politie een uitdaging is om mensen te werven en te behouden. Oorzaken hiervoor liggen in de zware mentale belasting van het werk, de strikte selectie die de politie hanteert, de hoge ICT-eisen die van deze medewerkers gevraagd wordt en het bredere capaciteitstekort binnen de politie waardoor interne doorstroom vanuit de basispolitiezorg naar specialistische opleidingen beperkt is.

Ondanks reeds genomen versterkingen zal de hoeveelheid beeldmateriaal de beschikbare capaciteit naar verwachting blijven overstijgen, waardoor prioritering in de opsporingscapaciteit noodzakelijk is en blijft.

Vraag 5

Herkent u het beeld dat de FIU schetst dat sinds de invoering van het Europese vergunningenstelsel voor cryptodienstverleners minder informatie rechtstreeks in Nederland beschikbaar komt, en welke gevolgen heeft dit voor toezicht, opsporing en handhaving?

Antwoord op vraag 5

Sinds de Markten in Crypto-Activa verordening (MiCAR) in de Europese Unie van kracht is hoeven cryptoactivadienstverleners (CASPs) niet langer in elk land waar zij actief zijn een registratie of vergunning aan te vragen. Op basis van enkele in de EU uitgegeven vergunning, hebben zij het recht om hun diensten door de gehele EU aan te bieden. Hiervoor hoeven ze toezichthouder van de andere lidstaat alleen maar voor te notificeren. CASPs blijven verplicht ongebruikelijke transacties te melden bij de FIU-Nederland. Zij hoeven echter alleen te melden aan de FIU-Nederland in het land waar zij hun vergunning hebben gekregen en niet langer in alle landen waar zij actief zijn. Via de uitwisseling van operationele gegevens met buitenlandse FIU’s blijft de informatie beschikbaar voor de FIU-Nederland.

TBKK ontvangt nog altijd meldingen van verdachte crypto-transacties, ook sinds de invoering van het EU-vergunningstelsel. Wel geldt in het algemeen dat wanneer informatie niet rechtstreeks bij de opsporingsinstanties in Nederland beschikbaar komt, het een grotere tijdsinvestering vraagt om gegevens te vorderen bij de in het buitenland gevestigde instellingen.

Vraag 6

Welke lacunes of beperkingen zijn er in de huidige Europese regelgeving waardoor crypto-aanbieders nog steeds relatief eenvoudig diensten kunnen verlenen aan criminelen?

Antwoord op vraag 6

Met de implementatie van de vijfde antiwitwasrichtlijn (AMLD5) in 2020 en de implementatie van de Verordening bij geldovermakingen en overdrachten van cryptoactiva te voegen informatie (TFR) in 2025 zijn CASPs onder de reikwijde van de Wwft komen te vallen. Zij zijn daardoor verplicht cliëntenonderzoek uit te voeren en ongebruikelijke transacties te melden aan de FIU-Nederland. AMLD5 wordt in juli 2027 vervangen door de zesde antiwitwasrichtlijn (AMLD6) en de antiwitwasverordening (AMLR), als onderdeel van het Europese antiwitwaspakket (AML-pakket). Daarmee wordt een meer Europees geharmoniseerd kader ingevoerd. Aan de implementatie van de AMLD6 en AMLR wordt op dit moment gewerkt.

Het raamwerk voor cryptoactiva(diensten) kent enkele factoren die beperkend werken bij het voorkomen en bestrijden van witwassen en daarom het risico op crimineel gebruik vergroten. Het gaat dan met name om diensten en activiteiten die niet gereguleerd zijn, zoals het verrichten van transacties zonder tussenkomst van een CASP of via aanbieders van cryptoactivadiensten die in het buitenland gevestigd zijn. Omdat deze transacties veelal decentraal plaatsvinden of buiten de Europese Unie zijn zij lastig te reguleren.
Het wisselen van cryptoactiva naar fiat-valuta is echter een gereguleerde dienst onder het Europese cryptoraamwerk MiCAR. Voor deze activiteit zijn de anti-witwasregels dus van toepassing. Dit is een belangrijke waarborg tegen witwassen.

Om witwasrisico’s te ondervangen moeten CASPs, net als andere meldingsplichtige entiteiten, risicogebaseerd beleid voeren in het onderzoek dat zij verrichten naar hun cliënten en het monitoren van hun transacties. Bij hogere risico’s moeten zij meer maatregelen ondernemen in het onderzoek naar hun cliënt of bij het vaststellen van ongebruikelijke transacties. Als een klant transacties via een buitenlandse CASP heeft laten verlopen of ongereguleerde transacties heeft verricht is dit bijvoorbeeld een indicatie van een hoog risico. Ook moeten CASPs bij transacties informatie over de identiteit van de verzender en begunstigde van een transactie uit wisselen, ook met instellingen die soortgelijke diensten aanbieden buiten de EU. Dit wordt ook wel de travel rule genoemd. Als buitenlandse aanbieders zich niet aan de travel rule houden moeten CASPs risicogebaseerde maatregelen treffen. De AFM ziet hierop toe.

Binnen de FATF blijft er tevens aandacht voor nieuwe ontwikkelingen en risico’s rondom cryptobetalingen. Zo wordt op dit moment verkend of er aanvullend werk en aanbevelingen nodig zijn op gebied van stablecoins en Decentralised Finance.

Vraag 7

Welke mogelijkheden ziet u om binnen de Europese Unie te komen tot een intensievere en meer structurele uitwisseling van gegevens over verdachte cryptotransacties, specifiek gericht op seksueel kindermisbruik, mensenhandel, terrorismefinanciering en georganiseerde criminaliteit?

Antwoord op vraag 7

In 2024 is er een nieuw Europese anti-witwaspakket vastgesteld (AML-pakket). Onderdeel van dat pakket is de oprichting van een nieuwe Europese anti-witwasautoriteit (AMLA). AMLA heeft onder meer als taak, het opzetten, coördineren, organiseren en faciliteren van door FIU’s uit te voeren gezamenlijke analyses via zogenaamde Joint Analysis Teams (JAT’s). Het uitvoeren van dergelijke gezamenlijke analyses is bestempeld als een van de prioriteiten van AMLA. Hiertoe wordt jaarlijks een lijst met prioritaire gebieden opgesteld voor de risico gebaseerde selectie van zaken. Ook zal de AMLA inzetten op het uniformeren van de wijze waarop de Europese FIU’s informatie uitwisselen. AMLA heeft de strategische doelstelling om witwas- en terrorismefinancieringsdreigingen te voorkomen en een gelijk speelveld in de hele EU te bevorderen, ook voor de cryptodienstensector. Crypto asset service providers (CASP’s) en het toezicht daarop spelen daarom een ​​prominente rol in het werkprogramma van AMLA. Binnen het AML-pakket wordt bovendien de noodzaak voor verdere samenwerkingen en informatie-uitwisseling benadrukt. Ook creëert het AML-pakket een grondslag voor het oprichten van partnerschappen voor informatie-uitwisseling.

Nederlands is via de FIU-Nederland en de anti-witwastoezichthouders nauw betrokken bij AMLA. Nederland draagt verder binnen de Coalitie van zeven Europese landen tegen georganiseerde criminaliteit (C7)3 bij aan kennisdeling en bewustwording over onder meer cryptovaluta.

Vraag 8

Bent u bereid zich in Europees verband in te zetten voor een gezamenlijke aanpak van cryptodienstverleners en wisselkantoren die onvoldoende meewerken aan het voorkomen, melden en opsporen van ernstige criminaliteit?

Antwoord op vraag 8

Ja, in Europees verband wordt door AMLA gewerkt aan een gezamenlijke aanpak voor CASPs. Het AML-pakket, dat per juli 2027 van kracht wordt, harmoniseert de regels voor het voorkomen en bestrijden van witwassen in grote mate. Dat geldt ook voor de handhavingsmogelijkheden van alle nationale toezichthouders. Het AML-pakket biedt ook nieuwe mogelijkheden voor Europese samenwerking. AMLA heeft vorig jaar in haar werkprogramma aangegeven in het bijzonder oog te hebben voor de risico’s van cryptoactiva. AMLA geeft aan dat zij van CASPs verwacht dat zij aan hoge eisen voldoen om witwassen via cryptoactiva te voorkomen. Om de aanpak van risico’s van cryptoactiva vorm te geven gaat AMLA samenwerken met de nationale toezichthouders en andere Europese autoriteiten. Daarnaast wil AMLA gezamenlijke analyses uitvoeren op informatie die tot hun beschikking staat om onder andere grens overschrijdende en opkomende risico’s met betrekking tot cryptoactiva te identificeren.

Vraag 9

Bent u bereid om met andere Europese lidstaten in gesprek te gaan om ervaringen uit te wisselen over de samenwerking met de FIU in het kader van onderscheppen van verdachte geldstromen?

Antwoord op vraag 9

Ja, een van de taken van de AMLA is om de Europese FIU’s bij elkaar te brengen en hun onderlinge ervaringen te delen en samenwerking te verbeteren. FIU-Nederland neemt hier ook actief aan deel, en ik steun deze ontwikkeling.

Vraag 10

Hoe beoordeelt u de mogelijkheden om informatie uit te wisselen tussen het strafrecht enerzijds en bestuursrecht anderzijds als het gaat om signalen die kunnen worden gekoppeld aan meldingen van seksueel geweld en kinderporno?

Antwoord op vraag 10

De afgelopen jaren heeft het kabinet benadrukt dat een effectieve aanpak van online seksueel kindermisbruik vraagt om een integrale benadering waarin strafrechtelijke, bestuursrechtelijke en preventieve instrumenten elkaar versterken. Zo is naast de strafrechtelijke aanpak ook gekozen voor een bestuursrechtelijke aanpak van online beeldmateriaal van seksueel kindermisbruik, onder meer via de Autoriteit online Terroristisch en Kinderpornografisch Materiaal (ATKM), die hostingbedrijven kan verplichten om materiaal van seksueel kindermisbruik te verwijderen.

Om die integrale benadering goed te kunnen vormgeven binnen de bestaande wettelijke kaders wordt reeds samengewerkt tussen opsporingsdiensten, toezichthouders en andere betrokken instanties. Daarbij speelt de Financial Intelligence Unit (FIU-Nederland) een belangrijke rol bij het ontvangen, analyseren en delen van meldingen van ongebruikelijke transacties. Signalen uit verschillende domeinen kunnen bijdragen aan het identificeren van patronen die wijzen op ernstige criminaliteit, waaronder online seksueel kindermisbruik en online seksueel geweld. Tegelijkertijd kennen financiële signalen ook beperkingen, onder meer doordat meldingen verspreid zijn over meerdere partijen in de betalingsketen en een wettelijke grondslag voor informatie-uitwisseling tussen meldingsplichtige instellingen op dit moment ontbreekt. De nieuwe Europese anti-witwasverordening die per 10 juli 2027 in werking treedt, creëert nieuwe mogelijkheden tot het delen van gegevens bij het uitvoeren van de verplichtingen uit die verordening.

Vraag 11

Herkent u de problemen waar de FIU op wijst bij het verkrijgen van informatie uit derde landen en jurisdicties waar cryptodienstverleners zijn gevestigd, en welke mogelijkheden ziet u om via de Europese Unie, de Financial Action Task Force (FATF) en andere internationale samenwerkingsverbanden de informatie-uitwisseling met deze landen te verbeteren.

Antwoord op vraag 11

Criminaliteit heeft vaak een grensoverschrijdend en internationaal karakter. Cryptovaluta spelen hierin ook een rol. Strafrechtelijke samenwerking met andere landen (ook buiten de EU) is essentieel om dergelijke criminaliteit te bestrijden. Ik herken het beeld dat daarin uitdagingen bestaan.

Bij die samenwerking in concrete zaken geldt dat Nederland afhankelijk is van de medewerking en welwillendheid van andere landen. De vraag of dergelijke samenwerking succesvol is, hangt af van diverse factoren. De precieze aanpak verschilt per fenomeen en per land, maar ik kan wel zeggen dat Nederland zich blijft inzetten voor het opbouwen en verder versterken van de relaties met andere landen, zowel in bilateraal als multilateraal verband. Daarover sta ik in nauw contact met de relevante partners binnen Nederland.

Verder heeft Nederland, net als andere EU lidstaten, de standaarden van de Financial Action Task Force (FATF) ten aanzien van CASPs en cryptoactiva geïmplementeerd. Nederland zet zich er via de FATF actief voor in dat andere derde landen buiten de EU deze standaarden ook implementeren om te voorkomen dat risico’s ontstaan door een internationaal ongelijke implementatie van regels. Ook zet Nederland zich er via de FATF actief voor in dat de witwasrisico’s op de cryptomarkten, die zich snel ontwikkelen, nauwkeurig worden gemonitord.

Vraag 12

Welke aanvullende maatregelen zijn volgens u in Nederland mogelijk, binnen de bestaande Europese regelgeving, om cryptobetalingen die verband houden met online seksueel kindermisbruik sneller te detecteren, te blokkeren en strafrechtelijk te onderzoeken?

Antwoord op vraag 12

Allereerst is het van belang dat er meer bewustzijn komt over welke mogelijke signalen kunnen wijzen op transactieverkeer dat verband houdt met online seksueel kindermisbruik. Dat begint bij cryptodienstverleners, maar geldt ook voor andere partijen in de financiële wereld, zoals banken en betaalplatformen. Om bewustwording en kennis in de financiële wereld over relevante financiële signalen die mogelijk verband houden met online seksueel kindermisbruik te vergroten, organiseerden TBKK en FIU-Nederland in 2025 een kennissessie voor banken, betaaldienstverleners en betaalplatformen.

Daarnaast ontbreekt er momenteel een wettelijke grondslag voor informatie-uitwisseling tussen poortwachters, waaronder aanbieders van cryptoactivadiensten. De nieuwe Europese anti-witwasverordening die per 10 juli 2027 in werking treedt, creëert nieuwe mogelijkheden tot het delen van gegevens bij het uitvoeren van de verplichtingen uit die verordening.

Verder is belangrijk dat er bij het detecteren, blokkeren en strafrechtelijk onderzoeken van cryptobetalingen die verband houden met online seksueel kindermisbruik tussen TBKK en FIU-Nederland goed wordt samengewerkt, onder andere door informatie te delen en te verrijken. TBKK en FIU-Nederland starten op dit moment met een verkenning naar technische mogelijkheden waarmee de informatie uit de twee databases aan elkaar gelinkt kan worden.

1) Financieele Dagblad, 17 juni 2026, ‘Sterke toename cryptobetalingen voor aankoop online kinderporno’ , https://fd.nl/samenleving/1600018/sterke-toename-cryptobetalingen-voor-aankoop-online-kinderporno


  1. Kamerstukken II, 2025/2026, 29 911, nr. 507↩︎

  2. Kamerstukken II, 2025/2026, 29 911, nr. 497↩︎

  3. Naast Nederland maken België, Duitsland, Frankrijk, Italië, Spanje en Zweden deel uit van deze coalitie.↩︎