[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [consultaties]←NIEUW! [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn]
[open vragen] [toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [woo/oo] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is opentk.nl?]

Geweld tegen journalisten tijdens de demonstratie op het Malieveld

Schriftelijke vragen

Nummer: 2026D47487, datum: 2026-09-30, bijgewerkt: 2026-10-09 08:01, versie: 2 (versie 1)

Directe link naar document (.pdf), link naar officiele pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (kv-tk-2026Z20526).

Krijg melding als deze vragen beantwoord worden:

Gerelateerde personen:

Onderdeel van zaak 2026Z20526:

Preview document (🔗 origineel)


Tweede Kamer der Staten-Generaal 2
Vergaderjaar 2026-2027 Vragen gesteld door de leden der Kamer

2026Z20526

Vragen van het lid Mathlouti (D66) aan de Minister van Justitie en Veiligheid over geweld tegen journalisten tijdens de demonstratie op het Malieveld (ingezonden 30 september 2026).

Vraag 1

Hoe beoordeelt u het feit dat journalisten tijdens deze demonstratie naar verluidt zijn bespuugd, uitgescholden, geduwd en bekogeld met onder meer stenen, vuurwerk en blikjes, terwijl zij herkenbaar als journalist aanwezig waren?

Vraag 2

Deelt u de opvatting dat journalisten hun werk bij demonstraties en andere situaties met een verhoogd veiligheidsrisico vrij en veilig moeten kunnen uitvoeren en dat geweld tegen journalisten niet alleen de betrokken journalisten raakt, maar ook de vrije nieuwsgaring en daarmee onze democratische rechtsstaat?

Vraag 3

Hoeveel aangiften zijn naar aanleiding van het geweld tegen journalisten op en rond het Malieveld gedaan? Hoeveel van deze incidenten worden momenteel door de politie onderzocht?

Vraag 4

Worden beschikbare camerabeelden, waaronder beelden van journalisten, omstanders, politie en gemeentelijke camera's, veiliggesteld en gebruikt om verdachten van geweld tegen journalisten te identificeren?

Vraag 5

Op welke wijze werken politie, Openbaar Ministerie en PersVeilig samen om ervoor te zorgen dat de daders van geweld tegen journalisten tijdens deze demonstratie worden opgespoord en, waar mogelijk, vervolgd? Op welke wijze wordt er op dit moment prioriteit gegeven aan meldingen en aangiften waarbij sprake is van geweld tegen journalisten door politie, het Openbaar Ministerie en PersVeilig? Kunt u bevestigen dat elke melding kan rekenen op opvolging?

Vraag 6

Hoe beoordeelt u de ontwikkeling dat PersVeilig dit jaar, met nog een aantal maanden te gaan, al 58 meldingen van fysiek geweld tegen journalisten heeft ontvangen, terwijl dat er in 2025 slechts 55 waren? Is PersVeilig voldoende toegerust om het toenemend aantal meldingen in behandeling te nemen?

Vraag 7

Heeft u voldoende zicht op de feitelijke omvang van geweld en agressie tegen journalisten, mede omdat incidenten niet altijd bij PersVeilig of de politie worden gemeld? Zo nee, hoe gaat u dit inzicht verbeteren?

Vraag 8

Welke concrete maatregelen worden nu genomen om journalisten beter te beschermen tijdens demonstraties waarbij vooraf een verhoogd risico op geweld of ongeregeldheden wordt voorzien? Acht u deze maatregelen voldoende?

Vraag 9

Welke instructies gelden voor politieagenten en de ME voor de omgang met herkenbare journalisten tijdens het beëindigen van een demonstratie of bij grootschalige openbare-ordehandhaving? Vindt er ook onderzoek dan wel een evaluatie plaats naar de veiligheid van journalisten tijdens demonstraties?

Vraag 10

Bent u bereid de gebeurtenissen op het Malieveld te betrekken bij de aanpak van agressie en geweld tegen journalisten en de Kamer te informeren over eventuele aanvullende maatregelen die naar aanleiding hiervan worden genomen?