[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [consultaties]←NIEUW! [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn]
[open vragen] [toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [woo/oo] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is opentk.nl?]

Kabinetsappreciatie EU-IDN Comprehensive Economic Partnership Agreement (CEPA) en Investment Protection Agreement (IPA)

Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie

Brief regering

Nummer: 2026D47818, datum: 2026-10-01, bijgewerkt: 2026-10-16 14:29, versie: 1

Directe link naar document (.docx), link naar officiele pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen: Bijlagen:

Onderdeel van kamerstukdossier 22112 -4449 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie.

Onderdeel van zaak 2026Z20739:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


Geachte voorzitter,

Met deze brief informeert het kabinet uw Kamer over de kabinetsappreciatie van zowel de Brede Economische Partnerschap Overeenkomst (Comprehensive Economic Partnership Agreement, hierna: CEPA) als de investeringsbeschermingsovereenkomst (Investment Protection Agreement, hierna: IPA) tussen de Europese Unie en Indonesië.

Op 29 juni jl. heeft de Commissie voorstellen voor Raadsbesluiten met de EU-lidstaten gedeeld. De voorgestelde besluiten zien op ondertekening en sluiting van de CEPA en IPA tussen de EU en Indonesië. Hoewel de voorstellen voor Raadsbesluiten tegelijkertijd aangeboden zijn, zijn de CEPA en IPA twee verschillende akkoorden die parallel aan elkaar onderhandeld zijn. In de CEPA worden afspraken gemaakt over handel en investeringen, het IPA richt zich op afspraken aangaande de bescherming van investeringen.

Het sluiten van beide akkoorden dient in de huidige geopolitieke context te worden geplaatst. Er is sprake van grote mondiale geopolitieke verschuivingen, waarbij machtspolitiek en conflicten niet uit de weg worden gegaan. De op regels gebaseerde multilaterale orde staat onder druk en handelspolitieke spanningen nemen toe. Dit wordt ook vastgesteld in het rapport van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR).1 Nederland moet zich verhouden tot deze veranderingen om onze waarden, welvaart en weerbaarheid te blijven waarborgen. Om internationaal de Nederlandse belangen beter te kunnen behartigen is het van belang het geopolitieke handelingsvermogen van de EU te versterken.2 Dit vereist brede economische samenwerking met derde landen en de CEPA tussen de EU en Indonesië is een manier om dat te realiseren.

Het partnerschap tussen de EU en Indonesië bouwt voort op de sterke economische, historische, sociale en culturele banden tussen de partijen. Indonesië en de EU delen belangrijke waarden zoals het belang van democratie, mensenrechten en de naleving van het internationaal recht. Daarnaast speelt Indonesië een belangrijke in de Indo-Pacific en daarbuiten.

Het kabinet zet in op het aangaan van brede strategische partnerschappen, zoals uitgeschreven in de Beleidsbrief Buitenlandse Zaken.3 Indonesië is daarin om meerdere redenen, waaronder onze gedeelde geschiedenis, een voor de hand liggende partner. Nederland werkt met Indonesië samen op een tal van onderwerpen van goed bestuur en de rechtstaat tot aan tuinbouw en water. Hiermee past de CEPA binnen de inzet om samen te werken met gelijkgestemde landen in verschillende samenstellingen om beleidsdoelen te behalen en om strategische partnerschappen aan te gaan met opkomende machten. Indonesië is in de Beleidsbrief Buitenlandse Zaken aangemerkt als land waarmee Nederland het bilaterale partnerschap wil verbreden en versterken. Vanaf 1 januari 2027 verliest Indonesië, vanwege zijn status als hogermiddeninkomensland, de toegang tot tariefpreferenties onder het Algemeen Preferentieel Stelsel. Het is daarom voor Indonesië van belang dat CEPA spoedig in werking treedt. Vanaf die datum kan Indonesië voor export naar de EU geen aanspraak meer maken op deze tariefpreferenties. Als CEPA dan in werking is, wordt voorkomen dat EU‑importeurs tijdelijk invoerheffingen moeten betalen. Conform moties Ceder4 zal het kabinet in gesprekken over de CEPA met de Europese Commissie en andere lidstaten bepleiten dat de mensenrechtensituatie in Indonesië, waaronder de Papoea provincies en de Molukken, waar mogelijk bespreekbaar wordt gemaakt.

Ook op het gebied van handel vindt al veel samenwerking plaats tussen Nederland en Indonesië. Indonesië is de grootste economie van Zuidoost-Azië en vormt voor Nederland een belangrijke handelspartner en investeringsbestemming in de Indo-Pacific-regio. Daarnaast is Nederland de grootste Europese investeerder in Indonesië en fungeert het als toegangspoort tot de Europese markt voor

Indonesische bedrijven. De economische relatie is breed en strekt zich uit van handel en investeringen tot samenwerking op het gebied van kennisontwikkeling en duurzame economische groei. Nederlandse en Indonesische bedrijven werken onder meer samen in de watersector, maritieme ontwikkeling, duurzame landbouw en voedselzekerheid, de energietransitie, circulaire economie en gezondheidszorg. Daarbij sluiten Nederlandse kennis en technologie goed aan op de Indonesische ambitie om de economie verder te versterken én te verduurzamen. De intensieve contacten tussen kennisinstellingen, bedrijven en overheden dragen bij aan een economisch partnerschap, dat ook wordt onderschreven door de ‘Mixed Economic Commission’, waarbij de Indonesische en Nederlandse overheden tweejaarlijks op hoog ambtelijk niveau samenkomen. Het kabinet ziet verdere verdieping van de economische samenwerking als kans om gezamenlijk bij te dragen aan weerbare waardeketens, duurzame groei en ter versterking van het internationale verdienvermogen van Nederland. Een voorspelbaar ondernemingsklimaat en een gelijk speelveld blijven daarbij belangrijke randvoorwaarden voor verdere intensivering van de handels- en investeringsrelatie. Op basis van de langdurige bilaterale relatie en gedeelde economische belangen beschikken Nederland en Indonesië over een stevig fundament om deze samenwerking de komende jaren verder uit te bouwen. CEPA en het mogelijk toekomstige OESO-lidmaatschap van Indonesië kunnen daarbij als belangrijke katalysators dienen.

Door de intensieve investeringsrelatie tussen Nederland en Indonesië hebben Nederlandse bedrijven in het bijzonder baat bij de IPA, die hun belangen beter beschermt en meer rechtszekerheid biedt. Volgens de Nederlandsche Bank (DNB) bedroegen in 2024 de Nederlandse investeringen in Indonesië ongeveer €6,7 miljard5, terwijl de Indonesische investeringen in Nederland €905 miljoen bedroegen.6 Nederland en Indonesië hadden een bilaterale investeringsbeschermingsovereenkomst, die in 2015 is beëindigd. De horizonclausule van deze overeenkomst loopt nog door tot 2030.

Het kabinet was om dit alles verheugd dat op 23 september 2025 Eurocommissaris Šefčovič en de Indonesische coördinerend minister voor Economische Zaken Airlangga Hartarto na ruim negen jaar onderhandelen aankondigden dat de EU en Indonesië tot een akkoord gekomen zijn.7 Op 29 juni jl. zijn de definitieve teksten van de CEPA en de IPA tussen de EU en Indonesië en de voorstellen voor Raadsbesluiten tot ondertekening en sluiting van deze akkoorden door de Europese Commissie voorgelegd aan de Raad. De Europese Commissie is voornemens zowel de CEPA als de IPA op basis van de Engelse tekst door te geleiden naar het Europees Parlement. De reden hiervoor is dat de vertaling van de akkoorden naar alle 24 officiële EU-talen in dit stadium van het proces kan worden overgeslagen. Hiermee zal aanzienlijke tijdswinst worden geboekt. De vertalingen zullen na inwerkingtreding alsnog plaatsvinden. Het kabinet heeft zich, conform de motie van het lid Verkuijlen (36 945-XVII, nr. 11), hier positief over uitgesproken. Hiermee is uitvoering gegeven aan de motie en is deze onderdeel van staand kabinetsbeleid. De motie kan daarmee als afgedaan worden beschouwd.

Het kabinet is voornemens in te stemmen met ondertekening en sluiting van beide akkoorden door de EU. Onderbouwing en verdere toelichting hierover vindt u in de bijgevoegde kabinetsappreciaties van beide akkoorden.

Besluitvormingsproces

De onderhandelingen tussen de Commissie en Indonesië over de CEPA en IPA zijn op 19 juli 2016 gestart en op 23 september 2025 afgerond.8 Op 29 juli jl. heeft de Commissie voorstellen voor Raadsbesluiten gedaan: 1) betreffende ondertekening van de CEPA9 en IPA10; en 2) betreffende sluiting van de CEPA11 en IPA.12 Beide akkoorden zijn zogeheten “EU-only akkoorden”. Dit zijn door de EU gesloten akkoorden waarbij de afzonderlijke lidstaten geen partij zijn. Voor de inwerkingtreding van het akkoord is er geen ratificatie door de lidstaten vereist. Voor specifiek de IPA gaat het om een ‘EU-only’ akkoord, mede vanwege het ontbreken van een investeerder-staat geschillenbeslechtingsmechanisme en portfolio-investeringen. Het akkoord treedt in werking nadat zowel Indonesië als de EU de interne procedures voor goedkeuring van het akkoord hebben doorlopen. Aan EU-zijde dient alleen de EU deze akkoorden te ondertekenen en sluiten.

Aan EU-zijde vindt besluitvorming over dit akkoord als volgt plaats. Op basis van het voorstel daartoe van de Commissie besluit de Raad eerst over de ondertekening van het akkoord namens de EU. Vervolgens worden de akkoorden ter goedkeuring voorgelegd aan het Europees Parlement, waarna de Raad met gekwalificeerde meerderheid besluit over de voorstellen tot sluiting van de akkoorden door de EU.

Uw Kamer heeft de gelegenheid om naar aanleiding van deze brief desgewenst in debat te gaan met het kabinet over deze akkoorden, mede met het oog op de Nederlandse positie in de besluitvorming door de Raad. Naar verwachting vindt besluitvorming over de ondertekening van deze akkoorden door de EU eind oktober plaats. Aangezien Indonesië per 1 januari 2027 als hogermiddeninkomensland niet meer gebruik kan maken van tariefpreferenties onder het Algemeen Preferentieel Stelsel, is het van belang dat het besluitvormingsproces tijdig wordt afgerond.

De minister van Buitenlandse Handel

en Ontwikkelingssamenwerking,

S.W. Sjoerdsma


  1. Kamerstuk 30 821, nr. 260↩︎

  2. Kamerstuk 30 821, nr. 260↩︎

  3. Kamerstuk 36 800-V, nr. 103↩︎

  4. Kamerstuk 21 501-02, nr. 3406, 21 501-02, nr. 3405↩︎

  5. Data zoeken - DNB | De Nederlandsche Bank↩︎

  6. Data zoeken - DNB | De Nederlandsche Bank↩︎

  7. Licensable picture: Indonesia-European Union Comprehensive Economic Partnership Agreement (IEU-CEPA), in Bali | Reuters Connect↩︎

  8. De Kamer is geïnformeerd over de voortgang van de onderhandelingen via de “Voortgangsrapportage handelsakkoorden”. De Voortgangsrapportage wordt als bijlage opgenomen bij de Geannoteerde Agenda voor een Raad Buitenlandse Zaken Handel.↩︎

  9. https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/HTML/?uri=CELEX:52026PC0341&qid=1787229869722↩︎

  10. https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/HTML/?uri=CELEX:52026PC0342&qid=1787229869722↩︎

  11. https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/HTML/?uri=CELEX:52026PC0340↩︎

  12. https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/HTML/?uri=CELEX:52026PC0343↩︎