Reactie op verzoek commissie over “Verzoek om hulp m.b.t. kwestie met ministerie van Financiën/Belastingdienst”
Brief regering
Nummer: 2021D02604, datum: 2021-01-21, bijgewerkt: 2024-02-19 10:56, versie: 4
Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (nds-tk-2021D02604).
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: J.A. Vijlbrief, staatssecretaris van Financiën (Ooit D66 kamerlid)
Onderdeel van zaak 2021Z01079:
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Financiën
- Stemmingen en besluiten:
- 2023-05-11 14:00 ⇒ Afgevoerd van de stand der werkzaamheden. (Besluit)
- 2021-02-03 14:30 ⇒ De staatssecretaris van Financiën verzoeken om de reactie van betrokkene van 21 januari 2021 op de brief van de staatssecretaris van 11 januari 2021 te (laten) betrekken bij het aangekondigde gesprek van de Belastingdienst met betrokkene. (Besluit)
- 2021-02-02 16:00 ⇒ Doorgezonden aan de betrokken commissie(s). (Besluit)
- 2021-01-27 12:45 ⇒ Deze brief wordt geagendeerd op de procedurevergadering van 3 februari 2021. (Besluit)
- 2021-01-27 12:45 ⇒ Niet controversieel verklaren. (Besluit)
- 2021-01-27 12:45: Extra procedurevergadering Financiën (groslijst controversieel verklaren) (via videoverbinding) (Procedurevergadering), vaste commissie voor Financiën
- 2021-02-02 16:00: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2021-02-03 14:30: Procedurevergadering Financiën (via videoverbinding) (Procedurevergadering), vaste commissie voor Financiën
- 2023-05-11 14:00: Aanvang middagvergadering: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
Preview document (🔗 origineel)
2021D02604 Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 21 januari 2021
Bij brief van 24 juni 2020 heeft de vaste commissie mij gevraagd om te reageren op de e-mail van H.M. ten C.-B. van 2 juni 2020 over «Verzoek om hulp m.b.t. kwestie met Ministerie van Financiën/Belastingdienst». Dank voor het doorzenden van de voornoemde e-mail. Vanwege het inwinnen van onder andere extern advies heeft de kwestie helaas langer op zich laten wachten, waarvoor mijn oprechte excuses. Thans kan ik u als volgt hierover berichten.
De onderhavige kwestie heeft betrekking op een individuele aangelegenheid van een oud-medewerker. Er is veelvuldig over de kwestie gecommuniceerd met belanghebbende en de zaakgemachtigde van belanghebbende, waarbij er tevens extra aandacht is geweest voor de individuele situatie van belanghebbende. In het verleden is de kwestie ook meerdere keren voorgelegd aan gerechtelijke instanties. Dit heeft niet geleid tot een heroverweging van de zaak. De kwestie is daarmee juridisch gezien afgehandeld in 2012, waarbij alle rechtsmiddelen inmiddels zijn uitgeput. Ook de brief bevat geen nieuwe feiten en/of omstandigheden ten opzichte van hetgeen is aangevoerd in de eerdere gerechtelijke procedures op basis waarvan juridisch een andere afweging wordt gemaakt.
Dat laat onverlet dat het ministerie uiteraard bereid is om nogmaals in gesprek te gaan en te onderzoeken hoe H.M ten C.-B. geholpen kan worden om verder te komen om deze kwestie definitief achter zich te kunnen laten.
Ik vraag de Belastingdienst om contact met betrokkene op te nemen om een gesprek te plannen.
De Staatssecretaris van Financiën,
J.A. Vijlbrief