Reactie op de brief van de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) over het openstellen van geestelijke verzorging binnen DJI en Defensie voor ongebonden professionals
Geestelijke gezondheidszorg
Brief regering
Nummer: 2025D09781, datum: 2025-03-07, bijgewerkt: 2025-03-13 09:28, versie: 3 (versie 1, versie 2)
Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (kst-25424-726).
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: I. Coenradie, staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
Onderdeel van kamerstukdossier 25424 -726 Geestelijke gezondheidszorg.
Onderdeel van zaak 2025Z04241:
- Indiener: I. Coenradie, staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
- Volgcommissie: vaste commissie voor Defensie
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Justitie en Veiligheid
- 2025-03-11 15:45: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2025-03-12 10:00: Gevangeniswezen (Commissiedebat), vaste commissie voor Justitie en Veiligheid
- 2025-03-13 13:45: Aanvang middagvergadering: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2025-03-27 12:00: Procedures en brieven (Procedurevergadering), vaste commissie voor Justitie en Veiligheid
Preview document (🔗 origineel)
Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2 |
Vergaderjaar 2024-2025 |
25 424 Geestelijke gezondheidszorg
24 587 Justitiële Inrichtingen
Nr. 726 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 7 maart 2025
Hierbij reageer ik op de brief van de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) van 14 februari jl. over het openstellen van geestelijke verzorging binnen DJI en Defensie voor ongebonden professionals. Ongebonden geestelijk verzorgers zijn zonder zending van een religieus of levensbeschouwelijk genootschap aan het werk als geestelijk verzorger. De RUG geeft in haar brief aan dat er bij Defensie en de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) geen ongebonden geestelijke verzorging beschikbaar is. Dit kan volgens de RUG opgelost worden door ook voor ongebonden geestelijk verzorgers het mogelijk te maken aan het werk te gaan bij Defensie en DJI. In deze brief licht ik het huidige aanbod van geestelijke verzorging door DJI toe en reageer ik op het voorstel van de RUG voor zover het DJI betreft. Voor wat betreft het Defensie-gedeelte zal de Staatssecretaris van Defensie separaat reageren.
De geestelijke verzorging bij DJI is ingericht volgens twee met elkaar verbonden staatsrechtelijke principes: enerzijds de vrijheid van godsdienst en levensovertuiging, anderzijds de scheiding tussen kerk en staat. Op grond van de beginselenwetten en bijbehorende regelgeving heeft een ingeslotene het recht om (in acht nemend de beperkingen in belang van orde en veiligheid) diens godsdienst of levensovertuiging – individueel of in gemeenschap met anderen – vrij te belijden en te beleven. Dit is voor het gevangeniswezen nader uitgewerkt in de Penitentiaire maatregel. Hierin is onder meer bepaald dat aan een inrichting geestelijk verzorgers van verschillende godsdiensten of levensovertuigingen zijn verbonden. Dit betreft in elk geval geestelijk verzorgers van boeddhistische, hindoeïstische, islamitische, joodse, protestantse en rooms-katholieke gezindte en geestelijk verzorgers van het humanistisch verbond.1 De geestelijk verzorgers zijn in dienst bij de Staat der Nederlanden. De wet- en regelgeving benoemt de ongebonden geestelijk verzorger niet. Wel is in de regelgeving bepaald dat de directeur ook aan andere geestelijk verzorgers toegang kan verlenen tot de inrichting en kan een gedetineerde bijvoorbeeld een verzoek doen om een ongebonden geestelijk verzorger te laten komen.2 De directeur draagt op basis van dit juridisch kader zorg dat in de inrichting geestelijke verzorging beschikbaar is die zoveel mogelijk aansluit bij de godsdienst of levensovertuiging van de gedetineerde. Vanuit de praktijk van DJI is niet gebleken dat er enige noodzaak is tot uitbreiding van de zendende instanties met ongebonden geestelijke verzorging. Daarom zie ik momenteel geen aanleiding om het huidige stelsel aan te passen en indien er behoefte is aan geestelijke verzorging buiten het reguliere aanbod kan een vestigingsdirecteur daar reeds toestemming voor geven.
De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,
I. Coenradie