[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is dit?]

Antwoord op vragen van het lid Beckerman over de brief ‘Uitnodiging bewonersonderzoek’

Antwoord schriftelijke vragen

Nummer: 2025D49097, datum: 2025-11-28, bijgewerkt: 2025-11-28 16:25, versie: 1

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen: Bijlagen:

Onderdeel van zaak 2025Z19065:

Preview document (🔗 origineel)


Geachte Voorzitter,

Hierbij zend ik u de antwoorden op de vragen van het lid Beckerman (SP) over de brief ‘Uitnodiging bewonersonderzoek’ (2025Z19065, ingezonden 17 oktober 2025).

Sophie Hermans

Minister van Klimaat en Groene Groei


2025Z19065

1

Waarom is ervoor gekozen deze enquête juist nu te versturen, terwijl er brede politieke en maatschappelijke weerstand bestaat in Groningen tegen de komst van een kerncentrale?

Antwoord
Het kabinet is zich zeer bewust van de weerstand die in Groningen bestaat tegen de komst van een kerncentrale. Eerder heeft het kabinet de Kamer laten weten dat Eemshaven uit de eerste beoordeling van de reacties op het Voornemen en voorstel voor participatie van 2 februari 2024 naar voren komt als gebied dat voldoet aan de kenmerken voor de vestiging van kerncentrales. Er is een (380kV) hoogspanningsnet, er is beschikbaarheid van koelwater, er zijn geen grote bevolkingsconcentraties in de directe omgeving en er zijn voldoende toegangswegen voor rampenbestrijding. Het voldoen aan deze (zuiver inhoudelijke) criteria betekent dat het kabinet formeel moet bezien of er ook binnen de Eemshaven locaties zijn die als kansrijk aangemerkt kunnen worden.1

Omdat het kabinet zich bewust is van de gevoeligheden in Groningen en de politieke en maatschappelijke wensen van zowel de Kamer, Provinciale Staten als de gemeenteraad van Het Hogeland kent, heeft het de Landsadvocaat gevraagd om te onderzoeken of de Eemshaven buiten het locatieonderzoek gehouden kan worden, zonder dat dit tot grote juridische risico's leidt. Het kabinet heeft op basis van het advies van de Landsadvocaat geconcludeerd dat het niet mogelijk is om het gebied Eemshaven op voorhand van de plan-MER uit te sluiten en daarbij tegelijkertijd tot een juridisch houdbaar besluit te komen2. Het niet onderzoeken van het gebied Eemshaven leidt tot een te groot juridisch risico waarbij het projectbesluit uiteindelijk door een proces bij de Raad van State kan worden vertraagd of zelfs worden vernietigd. Dit is onlangs nog aangegeven in de Kamerbrief van 16 mei 20253. Het kabinet heeft daarbij opgemerkt dat als het kabinet na het doorlopen van de projectprocedure een keuze heeft tussen geschikte locaties, het de voorkeur zal geven aan een locatie in Zeeland.

Het kabinet onderzoekt op dit moment als initiatiefnemer in vier gebieden mogelijke locaties voor nieuwe kerncentrales: Maasvlakte II, het Sloegebied en Terneuzen in Zeeland en de Eemshaven in Groningen4. In de onderzoeken worden verschillende zaken meegenomen, zoals de effecten op het milieu, wat er technisch mogelijk is en de impact op de omgeving. Op basis van alle onderzoeksresultaten wordt een Integrale Effectenanalyse opgesteld, die dient als beslisinformatie voor de voorkeursbeslissing. In de (ontwerp-)Voorkeursbeslissing wordt de gekozen locatie beschreven en gemotiveerd. De onderzoeken dienen gelijkwaardig te worden uitgevoerd in de vier gebieden.

Om een beeld te krijgen van de impact die wordt gevoeld in de omgeving, worden diverse gesprekken gevoerd met belanghebbenden (bewoners, maatschappelijke organisaties, bedrijven, decentrale overheden). Met het bewonersonderzoek wil het kabinet toetsen of dit beeld compleet is of nog moet worden aangevuld. Ook wil het kabinet een vergelijking kunnen maken tussen zorgen die leven of kansen die worden gezien in de verschillende gebieden. Het is van belang dat deze input in alle gebieden – dus ook Groningen – zorgvuldig wordt opgehaald en meegenomen. Andersom is het belangrijk dat de bewoners van Groningen niet de mogelijkheid wordt onthouden om hun vragen en zorgen kenbaar te maken.

2

Herinnert u zich dat de Tweede Kamer met brede steun een motie van het lid Beckerman heeft aangenomen waarin wordt uitgesproken dat er geen kerncentrale in Groningen moet komen? Waarom negeert u deze motie?

Antwoord

Ja, het kabinet is zich bewust van de motie Beckerman c.s.5 Als gevolg daarvan is Eemshaven als mogelijke waarborglocatie geschrapt uit het Programma Energiehoofdstructuur.6 Op 28 november is het Verzamelbesluit Omgevingswet LVVN en KGG 2026 gepubliceerd, waarin het vervallen van de locatie Eemshaven als waarborglocatie voor de vestiging van een kernenergiecentrale in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) is opgenomen.

Overigens betekent het schrappen van Eemshaven als waarborgingslocatie niet dat de Eemshaven ongeschikt is voor de vestiging van kerncentrales. Al eerder wees het kabinet erop7 dat het kabinet verplicht is om Eemshaven te beschouwen als mogelijke locatie voor de vestiging van twee nieuwe kerncentrales (zie ook het antwoord op vraag 1). Het waarborgingsbeleid voor kerncentrales is bedoeld om op aangewezen locaties ruimtelijke ontwikkelingen, die de komst van kerncentrales onmogelijk maken of ernstig belemmeren, te voorkomen. Bijvoorbeeld de bouw van kantoren of ziekenhuizen.

3

Kunt u uitleggen waarom de Eemshaven tóch is meegenomen in het onderzoek naar mogelijke locaties voor nieuwe kerncentrales, ondanks het herhaaldelijke en duidelijke “nee” van zowel de provincie Groningen als de gemeente Het Hogeland?

Antwoord
In de Kamerbrief van 11 september 20248 is aangegeven dat er binnen vier gebieden op zoek gegaan wordt naar mogelijke locaties voor de nieuwbouw van de eerste twee centrales: Sloegebied, Terneuzen, Maasvlakte I en Maasvlakte II. Ook is aangegeven dat alle binnengekomen reacties op het Voornemen en voorstel voor participatie worden bestudeerd. Op het Voornemen en voorstel voor participatie van 2 februari 2024 zijn in totaal 1.374 reacties ontvangen. Al deze reacties zijn inhoudelijk beoordeeld. Uit de beoordeling van de reacties op het Voornemen en voorstel voor Participatie is de Eemshaven naar voren gekomen als gebied dat voldoet aan de kernmerken voor de vestiging van kerncentrales (zie vraag 1).

Omdat het kabinet zich bewust is van de gevoeligheden in Groningen en de politieke en maatschappelijke wensen van zowel de Kamer, Provinciale Staten als de gemeenteraad van Het Hogeland kent, heeft het de Landsadvocaat gevraagd om te onderzoeken of de Eemshaven buiten het locatieonderzoek gehouden kan worden, zonder dat dit tot grote juridische risico's leidt. Het kabinet heeft op basis van het advies van de Landsadvocaat geconcludeerd dat het niet mogelijk is om het gebied Eemshaven op voorhand van de plan-MER uit te sluiten en daarbij tegelijkertijd tot een juridisch houdbaar besluit te komen9. Het niet onderzoeken van het gebied Eemshaven leidt tot een te groot juridisch risico waarbij het projectbesluit uiteindelijk door een proces bij de Raad van State kan worden vertraagd of zelfs worden vernietigd. Dit is onlangs nog aangegeven in de Kamerbrief van 16 mei 202510. Het kabinet heeft daarbij opgemerkt dat als het kabinet na het doorlopen van de projectprocedure een keuze heeft tussen geschikte locaties, het de voorkeur zal geven aan een locatie in Zeeland.

4

Hoeveel geld is er gemoeid met het opzetten en uitvoeren van deze enquête, en wie heeft de opdracht gegeven deze uit te voeren?

Antwoord

Het onderzoek wordt uitgevoerd in opdracht van het Ministerie van Klimaat en Groene Groei en kost € 56.240,- ex btw. Dit betreft de totale kosten voor de enquêtes in alle gebieden.

5

Begrijpt u dat het opnieuw aanwijzen van Groningen voor een zware energie-infrastructuur — na decennia van gaswinning, aardbevingen en schade — bij veel inwoners voelt als een nieuwe klap in het gezicht?

Antwoord

Het kabinet is zich bewust van de gevoeligheden in Groningen en is daarover uitvoerig in gesprek met diverse belanghebbenden. Zie ook het antwoord op vraag 3.

6

Deelt u de mening dat de Eemshaven, gezien de bevolkingsdichtheid, het aanwezige natuurgebied en de kwetsbare positie van het gebied, een slechte locatiekeuze is voor een kerncentrale?

Antwoord

Al deze zaken worden op dit moment onderzocht voor alle locaties en de resultaten worden beschreven in de Integrale Effectenanalyse. Het kabinet kan nog niet vooruitlopen op de onderzoeksresultaten. In de (ontwerp‑)Voorkeursbeslissing zal het kabinet de gekozen locatie beschrijven en motiveren.

7

Kunt u toezeggen dat de Eemshaven definitief wordt geschrapt als mogelijke locatie voor de bouw van (een) nieuwe kerncentrale(s)?

Antwoord

De Eemshaven wordt geschrapt als waarborgingslocatie voor de vestiging van kerncentrales. Dit betekent echter niet dat Eemshaven ongeschikt is voor de vestiging van kerncentrales. Het kabinet is nog steeds verplicht om Eemshaven te beschouwen als mogelijke locatie voor kerncentrales en mee te nemen in de plan-MER (zie vraag 2). Het kabinet heeft verder aangegeven dat als het kabinet na het doorlopen van de projectprocedure voor kerncentrale 1+2 een keuze heeft tussen geschikte locaties, het de voorkeur zal geven aan een locatie in Zeeland (zie vraag 3). Voor de ruimtelijke inpassing van kerncentrale 3+4 en kleine kerncentrales (SMR’s) volgt het kabinet een tweede spoor, via het Programma Energie Hoofdstructuur. In de scope van PEH II, waarin in de eerste fase alleen gebieden afvallen die niet voldoen aan de juridische criteria of die geen potentie voor koelwater hebben, valt Eemshaven niet bij voorbaat af.

8

Hoe denkt u het vertrouwen van Groningers te herstellen, nu opnieuw de indruk is gewekt dat hun stem niet serieus wordt genomen?

Antwoord

Om de stem van Groningen goed mee te kunnen nemen in de locatieafweging, moet het kabinet de stem van de Groningers juist onderzoeken. Dat wordt gedaan met dit bewonersonderzoek. Het kabinet is en blijft open en transparant in gesprek met Groningen, om zodoende te kunnen bouwen aan de relatie en het vertrouwen.


  1. Kamerstukken II 2024/25, 32 645, nr. 132.↩︎

  2. Kamerstukken II 2024/25, 32 645, nr. 138.↩︎

  3. Kamerstukken II 2024/25, 32 645, nr. 156.↩︎

  4. Kamerstukken II 2024/25, 32 645, nr. 156.↩︎

  5. Kamerstukken II 2020/21, 35 603, nr. 51.↩︎

  6. Bijlage 1129921, Kamerstukken II 2023/24, 31 239, nr. 388.↩︎

  7. Kamerstukken II 2024/25, 32 645 Kernenergie, nr. 138. ↩︎

  8. Kamerstukken II 2023/24, 32 645, nr. 131.↩︎

  9. Kamerstukken II 2024/25, 32 645, nr. 138.↩︎

  10. Kamerstukken II 2024/25, 32 645, nr. 156.↩︎