[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is dit?]

Voortgangsrapportage Uitkomstgerichte Zorg 2025

Patiënten- en cliëntenrechten

Brief regering

Nummer: 2026D00392, datum: 2026-01-08, bijgewerkt: 2026-01-09 08:27, versie: 1

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen: Bijlagen:

Onderdeel van kamerstukdossier 31476 -43 Patiënten- en cliëntenrechten.

Onderdeel van zaak 2026Z00164:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


Geachte voorzitter,

Met deze brief bied ik u de zesde voortgangsrapportage van het programma Uitkomstgerichte Zorg (UZ) Fase II aan. Het programma loopt van 2018 tot en met 2026. Sinds de start werkt het ministerie van VWS intensief samen met partijen in de medisch-specialistische zorg (MSZ) om uitkomstgericht werken (verder) te implementeren in de praktijk. In het afgelopen jaar zijn opnieuw belangrijke stappen gezet om samen beslissen, zowel met als zonder uitkomstinformatie, binnen instellingen te bevorderen.

Zoals mijn ambtsvoorgangers eerder aan uw Kamer hebben toegelicht, is het van groot belang om beter inzicht te krijgen in zorguitkomsten die voor patiënten van betekenis zijn. Het programma UZ heeft als doel om binnen de MSZ uitkomstgericht te werken. Daarbij staan samen beslissen met de patiënt, het continu leren en verbeteren door zorgprofessionals en ontwikkelen van bruikbare keuze-informatie voor de patiënt centraal. Uitkomstgericht werken gaat daarbij verder dan alleen klinische resultaten: het gaat om uitkomsten die er voor de patiënt toe doen en iets zeggen over de kwaliteit van leven na de behandeling (of misschien juist het afzien van een behandeling).

Inzicht in deze uitkomsten ondersteunt patiënten en zorgverleners bij het maken van een weloverwogen behandelkeuze. Daarnaast helpt uitkomstinformatie patiënten bij het kiezen van een zorgverlener en zorgtraject. Zorgverleners gebruiken de data die verzameld worden voor onderzoek en voor leren en verbeteren. Zorgverzekeraars en zorgaanbieders kunnen deze informatie benutten voor het maken van afspraken over de kwaliteit van de geleverde zorg. Deze ontwikkelingen dragen in belangrijke mate bij aan de beweging naar passende zorg.

Het programma UZ is gestart in 2018, met als een van de belangrijkste doelen het ontwikkelen van uitkomstensets. Een uitkomstenset bevat per aandoening de belangrijkste uitkomsten van een behandeling voor de patiënt en zorgverleners.

In Fase I van het programma zijn voor 33 aandoeningen uitkomstensets ontwikkeld. Het programma UZ heeft een vervolg gekregen met de komst van het Integraal Zorgakkoord (IZA). In deze Fase II kwam de focus te liggen op de implementatie van datgene wat in voorgaande jaren ontwikkeld was. In de loop van Fase II is echter gebleken dat het in gebruik nemen van de ontwikkelde sets complex is. Tussen instellingen is veel verschil in hoe (zorg)gegevens worden verzameld en worden geregistreerd. Daarnaast is er een aanzienlijk verschil in hoe ver instellingen zijn met het implementeren van de afgesproken standaarden, waaronder de Basisgegevensset Zorg (BgZ) en (andere) Zorginformatiebouwstenen (ZIB’s). Hierdoor is het vaak niet mogelijk om de gegevens, die nodig zijn voor de uitkomstensets, uit de systemen van alle instellingen te halen.

Omdat het in gebruik nemen van alle uitkomstensets lastig blijkt, is de focus iets verschoven en richt het programma UZ zich op de volgende pijlers:

  • Samen beslissen: met een digitale vragenlijst (WensenScan) is bij instellingen opgehaald wat de ondersteuningsbehoefte is om de eigen ambities ten aanzien van samen beslissen en het implementeren van uitkomstensets te realiseren. Het UZ-loket is opgericht om deze instellingen bij hun ambities te ondersteunen;

  • Gefaseerde implementatie van aandoeningsspecifieke uitkomstensets: er wordt gestart met 3 sets. Chronische nierschade, inflammatoire darmziekten en knie-heupartrose;

  • Doorontwikkeling van de ICT met als aandachtspunten dataregistratie en

    data-governance.

Resultaten 2025

De bijgevoegde voortgangsrapportage geeft een overzicht van de resultaten van het afgelopen jaar en de status van de lopende acties. Ik noem een aantal ontwikkelingen op hoofdlijnen:

  • Ruim 40% van de MSZ-instellingen heeft de WensenScan ingevuld. Met 73 instellingen zijn vervolggesprekken geweest. Alle instellingen passen samen beslissen toe (in verschillende vormen), maar vragen aanvullende ondersteuning. Vanuit het programma worden generieke producten ontwikkeld die voor alle instellingen beschikbaar worden en toepasbaar zijn. Een van deze producten is de verdiepende sessie ‘Samen beslissen in de praktijk’, die vanaf najaar 2025 wordt aangeboden. Een instelling kan deze sessie naar eigen wens en inzicht invullen.

  • Bij tien voorloper instellingen zijn fit-gap analyses uitgevoerd die inzicht geven in de huidige digitale situatie, de benodigde stappen voor implementatie van datasets en het uitwisselen van gegevens. De uitkomsten vormen de basis voor thema’s die tot eind 2026 worden uitgewerkt in het programma.

  • In 2025 is helderheid gecreëerd over het gPROM-beleid (patiënt vragenlijsten). MSZ-instellingen worstelden met twee beleidslijnen die elkaar tegenspraken. Het programma UZ heeft een nieuwe stip op de horizon vastgesteld. Dit biedt instellingen duidelijker richting voor verdere implementatie van uitkomstgericht werken. Met deze stip op de horizon is een handvat aan de instellingen gegeven bij het maken van keuzes over implementatie van datasets (generiek of specifiek). Dit sluit aan bij andere ontwikkelingen op het gebied van het verzamelen van datagegevens voor kwaliteitsverbetering, zoals de Wet Kwaliteitsregistraties Zorg.

  • Het UZ-loket ondersteunt instellingen bij samen beslissen en uitkomstgericht werken. Ook verzamelt het loket signalen over aanvullende materialen en activiteiten die nog ontbreken. Vanuit het programma wordt op deze signalen geanticipeerd en (waar mogelijk) nieuwe producten, handvatten of blauwdrukken ontwikkeld die een antwoord zijn op deze signalen. Iedere instelling die is aangesloten bij het UZ-loket heeft een implementatieadviseur die de schakel is tussen de praktijk en het programma.

    Samen beslissen betreft een continu proces van leren, verbeteren en aanpassen, waarbij kwalitatieve inzichten zwaarder wegen dan kwantitatieve scores. Er is door het Bestuurlijk Overleg Kwaliteit in Fase II van het programma gekozen om geen cijfermatige voortgang bij te houden van het programma. Dit sluit aan bij de afspraak dat samen beslissen geen vastomlijnd eindpunt kent waarop succes eenduidig kan worden gemeten. Het is een bewuste keuze om de focus te leggen op duurzame ontwikkeling in plaats van op momentopnames.

Volgende fase UZ

Voor het komende jaar staan verschillende activiteiten gepland. Op 29 januari 2026 vindt de conferentie Uitkomstgerichte Zorg en Transparantie plaats. Ik hoop 500 deelnemers te ontvangen. Tijdens deze conferentie worden praktijkvoorbeelden gedeeld en wordt de beschikbare ondersteuning voor MSZ-instellingen toegelicht. Ook wordt aandacht besteed aan het vergroten van de transparantie van zorguitkomsten en het verbeteren van keuze-informatie voor patiënten. Door dit platform aan te bieden op 29 januari wil ik zorgprofessionals met elkaar verbinden.

Eind 2026 loopt het programma Uitkomstgerichte Zorg af. Sinds 2018 heeft het programma zorginstellingen ondersteund bij het toepassen van uitkomstgericht werken. Vanaf 2026 start een nieuwe fase waarin instellingen zelfstandig verdergaan met het borgen en doorontwikkelen van deze manier van werken die passend is binnen de gemaakte afspraken in het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA). In het laatste program­majaar richt het programma UZ zich daarom op een duurzame verankering van uitkomstgericht werken binnen instellingen. Dit gebeurt onder meer door:

  • Het beschikbaar stellen van trainingsmaterialen na afloop van de leersessies ‘Samen beslissen in de praktijk’;

  • Het ontwikkelen van blauwdrukken die instellingen concrete handvatten bieden voor implementatie van bijvoorbeeld PROMs en dashboards;

  • Het blijvend online toegankelijk houden van alle producten die tijdens de programmaperiode zijn ontwikkeld.

In 2026 blijft het UZ-loket instellingen, die daar behoefte aan hebben, ondersteunen bij het opbouwen van een solide basis aan kennis en ervaring met uitkomstgericht werken. Met de praktische materialen, blauwdrukken en opgedane inzichten kunnen instellingen deze aanpak vervolgens zelfstandig (verder) implementeren.

Sinds de start van het programma wordt intensief samengewerkt met de betrokken partijen in de medisch-specialistische zorg. Ik wil deze partijen bedanken voor hun enthousiasme, inzet en betrokkenheid het afgelopen jaar. Dankzij hun inspanningen ontstaat steeds meer inzicht in uitkomsten van zorg die er voor patiënten daadwerkelijk toe doen. Deze inzichten leiden tot het verbeteren van de zorg en het versterken van samen beslissen in de praktijk.

Ik kijk ernaar uit om de samenwerking met de betrokken partijen in de komende periode voort te zetten. Voor het einde van 2026 zal ik u voor de laatste keer informeren over de afronding van het programma, de resultaten die behaald zijn en de gemaakte stappen richting de duurzame borging van Uitkomstgerichte Zorg in de praktijk.

Hoogachtend,

de minister van Volksgezondheid,

Welzijn en Sport,

Jan Anthonie Bruijn