Antwoord op vragen van het lid Van Duijvenvoorde over de brand in de Vondelkerk te Amsterdam en het aanstaande herstel daarvan
Antwoord schriftelijke vragen
Nummer: 2026D00952, datum: 2026-01-13, bijgewerkt: 2026-01-13 19:51, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: G. Moes, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
Onderdeel van zaak 2026Z00003:
- Gericht aan: G. Moes, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Indiener: P. van Duijvenvoorde, Tweede Kamerlid
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
AH 869
2026Z00003
Antwoord van minister Moes (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) (ontvangen 13 januari 2026)
Bent u bekend met de brand in de Vondelkerk te Amsterdam, een rijksmonument ontworpen door Pierre Cuypers?
Ja.
Klopt het dat bij deze brand de hoofdmuren van de kerk behouden zijn gebleven en dat ook een aanzienlijk deel van het historische glaswerk intact is gebleven, waardoor het gebouw als geheel constructief behouden is gebleven?
Ja, het klopt dat delen van de gevels en het glas nog aanwezig zijn, mede door het zorgvuldige bluswerk van de brandweer. Er wordt nu door de eigenaar, Stadsherstel Amsterdam, samen met een constructeur, gekeken hoe de gevels te stutten. Daarna worden de verbrande elementen uit de kerk verwijderd. Pas dan kan er een definitieve analyse gemaakt worden van de constructieve staat.
Is het kabinet bekend met het feit dat de Vondelkerk in 1904 reeds deels door brand is getroffen en dat de destijds beschadigde onderdelen historisch getrouw zijn hersteld, zonder moderniserende of interpretatieve ingrepen?
Dit is niet geheel juist. De Vondelkerk is inderdaad in 1904 eerder getroffen door brand. Daarbij is onder meer de toren verwoest. Deze is toen herbouwd volgens een gewijzigd plan. Ook in latere tijd is de kerk verbouwd. In het bijzonder toen de kerk in de jaren ’80 door Stadsherstel Amsterdam werd gerestaureerd en herbestemd voor maatschappelijk gebruik. Zoals veel historische gebouwen toont de Vondelkerk in zijn huidige staat het resultaat van een reeks van bouwfases.
Deelt u de opvatting dat dit eerdere herstel na de brand van 1904 een relevant precedent vormt voor de wijze waarop ook nu met de herbouw van dit rijksmonument dient te worden omgegaan?
Gebouwen (en andere objecten) zijn beschermd als rijksmonument vanwege hun bijzondere erfgoedwaarden. Uitgangspunt in de omgang daarmee is het in stand houden van deze erfgoedwaarden. Tegelijkertijd zijn de meeste gebouwen voor de eigenaar een gebruiksobject. Het doel van de monumentenzorg is om behoud en gebruik op zorgvuldige wijze te verenigen. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed heeft dit vastgelegd in de Uitgangspunten voor de adviespraktijk (laatste versie 2024, Uitgangspunten en overwegingen advisering gebouwde en groene rijksmonumenten | Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed).
Deelt u de opvatting dat bij rijksmonumenten die door calamiteiten zijn beschadigd, historische reconstructie op basis van beschikbare documentatie het uitgangspunt dient te zijn?
Wat er na een calamiteit met een rijksmonument gebeurt, is in de eerste plaats aan de eigenaar. Bij de Vondelkerk heeft de eigenaar al verklaard dat alles er op gericht is de kerk te herstellen. Bij de huidige eigenaar is alle kennis over de vorige restauratie nog aanwezig. Zie verder het antwoord op vraag 4.
Acht u het wenselijk dat bij de herbouw van de Vondelkerk wordt gekozen voor eigentijdse of interpretatieve ingrepen (zoals een moderne of glazen dakconstructie), indien een historisch getrouwe reconstructie technisch mogelijk is?
Het is nu te vroeg om daar een uitspraak over te doen. Eerst moet worden bekeken wat de schade precies is. Alle inspanningen zijn erop gericht de Vondelkerk te herstellen. Voor deze herstelwerkzaamheden zal door de eigenaar een vergunningaanvraag worden ingediend waarover de RCE advies zal uitbrengen aan de gemeente Amsterdam. Zie verder het antwoord op vraag 4.
Deelt u de mening dat van historische reconstructie uitsluitend mag worden afgeweken indien sprake is van aantoonbare technische of veiligheidsnoodzaak, en niet op basis van esthetische, beleidsmatige of functionele voorkeuren?
Zie het antwoord op vraag 4.
Welke rol ziet u voor de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) bij het vaststellen van de uitgangspunten voor de herbouw van de Vondelkerk, en bent u bereid deze uitgangspunten expliciet vast te leggen voordat ontwerptrajecten of architectenselecties plaatsvinden?
De RCE adviseert de Gemeente Amsterdam (vergunningverlener) en de eigenaar. Er is reeds intensief contact tussen de eigenaar, Stadsherstel Amsterdam, de gemeente en de RCE. Bij de vergunningverlening voor ingrijpende wijzigingen aan rijksmonumenten is een advies van de RCE noodzakelijk. Op die manier wordt bewaakt dat zoveel mogelijk erfgoedwaarden in stand blijven. Zie verder het antwoord op vraag 4.
In hoeverre acht u het van belang dat bij de herbouw recht wordt gedaan aan het oorspronkelijke ontwerp, de materiaalkeuze en het architectonisch silhouet van Pierre Cuypers, mede gezien de nationale betekenis van diens oeuvre?
De kerk is niet voor niets een rijksmonument. Voor nu is het uitgangspunt van alle betrokkenen om de kerk te herstellen, afhankelijk van de (technische) mogelijkheden en de financiering. Zie verder het antwoord op vraag 4.
Bent u bereid rijksmiddelen voor herstel of herbouw van de Vondelkerk te verbinden aan de voorwaarde van historisch getrouwe reconstructie conform het oorspronkelijke ontwerp, en zo ja, onder welke voorwaarden?
De financiering van het herstel van de Vondelkerk is in eerste instantie een zaak tussen de eigenaar en de verzekeraar.
Hoe voorkomt u dat bij de herbouw van rijksmonumenten na calamiteiten een precedent ontstaat waarbij ‘reconstructie’ in de praktijk leidt tot modernisering of herinterpretatie van monumentaal erfgoed?
Bij herstel van rijksmonumenten na calamiteiten staat het behoud van de monumentale waarden centraal. Advisering door de RCE aan de gemeente Amsterdam over herstel en eventuele reconstructie vindt plaats binnen de hierboven aangehaalde uitgangspunten, waarin zorgvuldigheid, terughoudendheid en het behoud van authenticiteit leidend zijn. Daarbij kan ook ruimte zijn voor bijvoorbeeld energiebesparende maatregelen, indien die ondersteunend zijn aan het behoud en de toekomstige instandhouding van het monument en geen afbreuk doen aan de monumentale waarden. De te nemen maatregelen worden uiteindelijk door de vergunningverlener, de gemeente Amsterdam, afzonderlijk en integraal afgewogen.
Kunt u toezeggen de Kamer te informeren over de door het kabinet en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed gehanteerde uitgangspunten voor de herbouw van de Vondelkerk, voordat onomkeerbare ontwerpkeuzes worden gemaakt?
De uitgangspunten die bij de advisering door de RCE worden gehanteerd zijn reeds openbaar. Zie het antwoord op vraag 4.