Antwoord op vragen van het lid Abdi over geheime detentiefaciliteiten
Antwoord schriftelijke vragen
Nummer: 2026D01649, datum: 2026-01-16, bijgewerkt: 2026-01-19 09:17, versie: 3 (versie 1, versie 2)
Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (ah-tk-20252026-885).
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: A.C.L. Rutte, staatssecretaris van Justitie en Veiligheid (Ooit VVD kamerlid)
Onderdeel van zaak 2025Z21296:
- Gericht aan: A.C.L. Rutte, staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
- Indiener: F. Abdi, Tweede Kamerlid
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2 |
| Vergaderjaar 2025-2026 | Aanhangsel van de Handelingen |
| Vragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door de regering gegeven antwoorden |
885
Vragen van het lid Abdi (GroenLinks-PvdA) aan de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid over geheime detentiefaciliteiten (ingezonden 5 december 2025).
Antwoord van Staatssecretaris Rutte (Justitie en Veiligheid) (ontvangen 16 januari 2026). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025–2026, nr. 776.
Vraag 1
Kent u het bericht1 over de mysterieuze gevangenhouding van een strafadvocaat? Zo ja, klopt dit bericht?
Antwoord 1
Ja, ik ben bekend met dit bericht.
Vraag 2
Wat vindt u ervan dat de Inspectie Justitie en Veiligheid als toezichthouder op het gevangeniswezen geen weet had van een detentielocatie, die pas «na héél lang aandringen» bezocht kon worden, waarvan onduidelijk is wie de eindverantwoordelijke locatiedirecteur is en waarvan niet helder is wie uitvoering aan de bewaring geeft?
Antwoord 2
Ik acht het van belang dat er onafhankelijk toezicht moet kunnen worden uitgeoefend op alle vormen van detentie, ook wanneer het om zeer uitzonderlijke situaties gaat en er sprake is van afgeschermde detentie. Ik vind dan ook dat de Inspectie van Justitie en Veiligheid (IJenV) op de hoogte had moeten zijn van het bestaan van de afgeschermde detentielocatie en van het moment dat deze in gebruik werd genomen. Bij andere vormen van detentie wordt de IJenV niet over een individuele plaatsing geïnformeerd. Gelet op de uitzonderlijkheid van het gebruik van de afgeschermde locatie had het voor de hand gelegen om de IJenV daarvan proactief op de hoogte te stellen. Gezien het feit dat het vanuit veiligheidsoverwegingen een afgeschermde locatie betreft, hadden hier aanvullende afspraken over gemaakt moeten worden tussen de partijen. Door de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) en de IJenV zijn eind 2024 werkafspraken gemaakt die onder andere zien op de wijze waarop een afgeschermde detentielocatie bezocht kan worden door de IJenV. Dergelijke afspraken lagen er op het moment dat de IJenV DJI verzocht de locatie te bezoeken nog niet. Voor een uitgebreidere toelichting verwijs ik u naar de eerdere Kamerbrieven van 7 april 2025 en 9 december 2025 en de beantwoording van de vragen van het lid van Nispen.2
Vraag 3
Klopt het dat er meermaals van alles aan gedaan is om informatie over deze mysterieuze geheime detentiefaciliteiten buiten de openbaarheid te houden? Zo nee, waaruit blijkt dat? Zo ja, waarom? Klopt het dat Dienst Justitiële Inrichtingen heeft geweigerd om vragen van de Inspectie Justitie en Veiligheid schriftelijk te beantwoorden? Zo ja, wat was hiervoor de reden en is dat een gebruikelijke gang van zaken?
Antwoord 3
De ingebruikname van een afgeschermde detentielocatie vindt enkel plaats in uitzonderlijke situaties. Voorbeelden hiervan zijn situaties waarbij het met het oog op de veiligheid en/of het welzijn van de gedetineerden, de veiligheid van de maatschappij, andere gedetineerden en/of DJI-medewerkers het niet gewenst is dat in de openbaarheid bekend is waar de gedetineerde zich in detentie bevindt. Voorafgaand aan de plaatsing in afgeschermde detentie vindt er een afweging door DJI plaats, op basis van de op dat moment beschikbare informatie van bijvoorbeeld het Openbaar Ministerie of de politie, omtrent de mate van afscherming. Ook gedurende de detentie wordt doorlopend bezien of plaatsing in afgeschermde detentie noodzakelijk is. Indien mogelijk wordt er afgeschaald.
Er gaat een groot belang uit van het niet bekend worden van locaties waar de afgeschermde detentie zich bevindt. Als dergelijke locaties van de afgeschermde detentie bekend raken, zijn deze locaties in beginsel niet meer inzetbaar als afgeschermde detentielocatie. Om deze reden heeft DJI de locatie voor afgeschermde detentie niet schriftelijk met andere partijen, waaronder de IJenV, gedeeld. Dit is een uitzondering, andere detentielocaties worden wel schriftelijk met de IJenV gedeeld. Door DJI is volledige medewerking verleend aan de IJenV. Indien vragen van de IJenV niet schriftelijke konden worden beantwoord heeft beantwoording mondeling plaatsgevonden. Zoals in het antwoord op vraag 2 is aangegeven zijn er werkafspraken gemaakt tussen de IJenV en DJI.
Vraag 4
Hoeveel tijd zat tussen het verzoek van de Inspectie ustitie en Veiligheid om de gewraakte locatie te bezoeken en het daadwerkelijke inspectieverzoek? Waarom wordt informatie daarover in de geopenbaarde documenten weggelakt? En waarom wordt geheimzinnig gedaan over wie precies de vestigingsdirecteur is?
Antwoord 4
Er zaten 17 dagen tussen het eerste gesprek dat heeft plaatsgevonden tussen de IJenV en DJI omtrent de afgeschermde detentie en het eerste fysieke bezoek aan de locatie. Omdat er op het moment van het eerste fysieke bezoek nog geen werkafspraken lagen tussen de IJenV en DJI dienden er aanvullende veiligheidsmaatregelen te worden getroffen. Aangezien er nu er werkafspraken liggen, is de verwachting dat een fysiek bezoek van de IJenV aan een afgeschermde detentielocatie in het vervolg binnen een korter tijdsbestek kan plaatsvinden. De veiligheid staat in alle gevallen voorop, voor gedetineerden, voor personeel en ook voor de inspecteurs. Dat kan er in resulteren dat bij verzoeken van de IJenV maatwerk wordt toegepast vanwege veiligheidsrisico’s. Zoals reeds aangegeven bij de beantwoording van vraag 3 wordt er enkel van afgeschermde detentie gebruik gemaakt in uitzonderlijke situaties wanneer er een veiligheidsbelang is dat niet op andere wijze gewaarborgd kan worden. In het kader van de veiligheid van de betrokken DJI-medewerkers (waaronder de vestigingsdirecteur) is het van belang dat niet bekend wordt waar de afgeschermde detentie daadwerkelijk plaatsvindt en wie daarbij zijn betrokken.
Vraag 5
Vindt u dat in dit geval voldaan wordt aan alle wettelijke en verdragsrechtelijke eisen die aan detentie moeten worden gesteld? Zo nee, waarom niet? Zo ja, bent u bereid om een nauwgezette weergave hoe deze detentierechten precies geëerbiedigd zijn? Zijn er andere gevallen waarin geheime detentie is toegepast?
Antwoord 5
Ook in de situatie van afgeschermde detentie moeten en kunnen gedetineerden erop vertrouwen dat hun detentie veilig, zorgvuldig en humaan ten uitvoer wordt gelegd met toepassing van geldende wet- en regelgeving. Zoals aangegeven in de brief van 9 december 2025 zijn inmiddels alle aanbevelingen van de IJenV omtrent afgeschermde detentie opgevolgd en wordt hiermee naar mijn oordeel voldaan aan de vereisten uit de Penitentiaire beginselenwet en het Internationaal Verdrag inzake de bescherming van alle personen tegen gedwongen verdwijning. Zo zijn er sinds eind 2024 werkafspraken met de IJenV zodat er onafhankelijk toezicht door hen kan worden gehouden op deze vorm van detentie. Naast deze werkafspraken is er ook een Commissie van Toezicht ingesteld voor afgeschermde detentie. Ook door hen kan onafhankelijk toezicht worden uitgeoefend. Tot slot zijn per 1 januari 2026 huisregels in werking getreden voor afgeschermde detentie. Hierdoor is het voor een gedetineerde in deze vorm van detentie inzichtelijk wat diens rechten en plichten zijn en op welke wijze er bijvoorbeeld een klacht kan worden ingediend. Afgeschermde detentie vindt enkel in uitzonderlijke situaties plaats. In de afgelopen decennia is er slechts een enkele keer sprake geweest van een dergelijke plaatsing.
Vraag 6
Bent u het met mij eens dat detentie in beginsel niet onder staatsgeheim geschaard mag worden? Zo nee, waarom niet? Zo ja, wat is hiervan de reden en hoe wordt voorzien in onafhankelijk toezicht om misbruik en excessen te voorkomen?
Antwoord 6
In beginsel dient detentie niet onder staatsgeheim geschaard te worden. Het kan in het kader van de nationale veiligheid echter noodzakelijk zijn dat informatie gerubriceerd kan worden als staatsgeheim. Dit kan in uitzonderlijke gevallen ook gelden voor informatie met betrekking tot detentie. Hiermee wordt gewaarborgd dat een locatie waar afgeschermde detentie plaats kan vinden geheim blijft, evenals degene die bij deze vorm van detentie betrokken zijn. Dit mag echter nooit ertoe leiden dat personen volledig afgesloten van de buitenwereld in detentie worden gehouden.
Ten aanzien van het toezicht dat gehouden wordt op afgeschermde detentie verwijs ik u naar de beantwoording van vraag 5.