Stand van zaken per regio
Bijlage
Nummer: 2026D04611, datum: 2026-01-30, bijgewerkt: 2026-01-30 15:20, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Bijlage bij: Voortgang Nationaal Programma Vitale Regio's (2026D04610)
Preview document (š origineel)
Bijlage Voortgangsbrief NPVR - Stand van Zaken per regio
Deze bijlage geeft een overzicht van de voortgang van het Plan voor de regio in de elf regioās die centraal staan binnen het Nationaal Programma Vitale Regioās (NPVR). Deze stand van zaken is gefocust op de samenwerking tussen rijk en regio binnen het NPVR. Daarnaast werken het rijk en de regioās ook samen via andere trajecten en programmaās aan het versterken van de leefbaarheid, zoals de Regio Deals, die in bijna alle elf regioās actief zijn. De voortgang hiervan is al eerder aan uw kamer gestuurd en is niet verwerkt in dit document.
Achterhoek
Het Plan voor de regio in de Achterhoek krijgt steeds meer vorm. Het
fungeert als verbindend kader voor bestaande initiatieven zoals
Achterhoek Toerisme en het Regionaal Programma Ondermijning &
Veiligheid, zonder koerswijziging maar als versterking van bestaande
samenwerking. De Achterhoek Visie vormt hierbij de basis. In december
2025 is de conceptlijn vastgesteld door de Achterhoek Board en Raad.
Hierin zijn samenwerking, hoofdinzet en ontwikkellijnen beschreven, als
basis voor verdere uitvoering. In het eerste kwartaal van 2026 volgt
verdieping in de regio en met betrokken departementen, met als doel een
gedragen concept Plan voor de Regio en vervolgens een gezamenlijke
uitvoeringsagenda in 2026. Demografische ontwikkeling is de meest
ingrijpende en doorsnijdende opgave voor de Achterhoek. De vergrijzing
en ontgroening beĆÆnvloeden vrijwel alle themaās; van arbeidsmarkt en
onderwijs tot zorg, de inrichting van onze regio en leefbaarheid.
Tegelijkertijd biedt de regio, juist door haar schaal,
samenwerkingskracht en innovatievermogen een plek waar we oplossingen
ontwikkelen die ook relevant zijn voor andere regioās in Nederland.
Regio Emmen (Zuid- en Oost-Drenthe)
De Regio Zuid- en Oost-Drenthe, bestaande uit de gemeenten
Borger-Odoorn, Coevorden, Emmen en Hoogeveen, noemt zichzelf inmiddels
Regio Emmen. Zo is duidelijk wat de centrumstad is, maar ook dat de
regio verder reikt dan het zuidoosten van Drenthe. Regio Emmen werkt toe
naar een koers van de regio als input voor het Plan voor de regio. Begin
2026 wordt deze koers in de regio vastgesteld waarna gesprekken met
stakeholders en departementen zullen plaatsvinden om gezamenlijk toe te
werken naar het Plan voor de regio. Medio 2026 wordt het Plan voor de
regio ter vaststelling voorgelegd aan rijk en regio waarna wordt verder
gewerkt aan een uitvoeringsagenda. De regio staat voor de opgaven:
gezondheid en veerkracht, economie en arbeidsmarkt, leefbaarheid en
mobiliteitsarmoede. Brede welvaart is het kompas, met focus op een
gezonde leefomgeving, ontwikkelkansen en een toekomstbestendige
economie. De regio zet in op drie onderling verbonden programmalijnen.
De programmalijn 'innoveert' heeft de ambitie de regio op het gebied van
economie, onderwijs en innovatie in 2050 koploper in de hightech
maakindustrie en groene chemie en energie te maken. De programmalijn
'verbindt' wil bewerkstelligen dat de regio wat betreft bereikbaarheid
en infrastructuur in 2050 fysiek optimaal en voor inwoners gezond,
veilig en sociaal verbonden is. De derde programmalijn 'leeft' zet in op
wonen en leefbaarheid onder meer door realisatie van 30.000 extra
woningen in groene, gezonde en verbonden buurten.
Noard-Fryslân
Noard-Fryslân werkt aan een concept Plan voor de regio, dat begin 2026
gereed is voor vaststelling door gemeenten, provincie, Rijk en
Wetterskip Fryslân. Noard-Fryslân staat voor grote opgaven op het gebied
van ruimte, leefbaarheid en economie. De druk op de schaarse ruimte door
energie, landbouw en defensie vraagt om zorgvuldige ruimtelijke
afstemming. Tegelijk verdwijnen basisvoorzieningen, wat de leefbaarheid
en sociale samenhang aantast. Het gebied moet ook aandacht hebben voor
de dijkversterking, verzilting en effecten van klimaatverandering. De
woningmarkt kent tekorten, vooral aan betaalbare en levensloopbestendige
woningen, terwijl verduurzaming lastig is voor lage inkomens. Ook de
zorg kampt met personeelstekorten en beperkte beschikbaarheid. Slechte
OV-bereikbaarheid leidt tot vervoersarmoede. De economie heeft behoefte
aan innovatie, jong talent en duurzame groei. In het onderwijs spelen
dalende leerlingaantallen, schoolsluitingen en onvoldoende aansluiting
op de arbeidsmarkt. Deze opgaven zijn geĆÆnventariseerd met betrokkenheid
van ambtenaren, experts en maatschappelijk partners. In de komende
periode wordt in een feedbackronde input opgehaald voor waar de regio
wil beginnen met het versterken van de leefbaarheid. Ook jongeren worden
hierbij betrokken en we sluiten aan bij de zogenaamde Tienskipdagen in
de regio. Hier gaan we in gesprek met jongeren van het voortgezet en
middelbaar beroepsonderwijs over hun blik op de toekomst. In lijn met
Elke Regio Telt! kiest Noard-Fryslân voor nabij bestuur, lokaal
maatwerk en handelingsgericht vertrouwen. Waarbij samenwerking, maatwerk
en investeringen in leefbare dorpen en duurzame ontwikkeling essentieel
zijn. Het Rijk wordt betrokken bij het vormgeven van een
toekomstbestendige aanpak.
Zuidoost-Fryslân
De regio Zuidoost-Fryslân heeft de afgelopen periode intensief gewerkt
aan het Plan voor de regio. Vanaf de start is gekozen voor een brede,
gezamenlijke aanpak waarin Rijk, regionale overheden, maatschappelijke
organisaties en Generatie Fryslân35 nauw hebben samengewerkt. Het
concept Regioplan is zo goed als klaar en wordt de komende periode
voorgelegd aan de betrokken organisaties voor aanscherping waarna begin
2026 de besluitvorming volgt. Het NPVR vormt het overkoepelende kader
waarin overheid, onderwijs, welzijn, maatschappelijke organisaties en
bedrijfsleven samenwerken aan een vitale toekomst. Het Regioplan
fungeert daarbij als kompas: het verbindt regionale opgaven met de
landelijke ambitie om brede welvaart te vergroten. Acht samenhangende
vraagstukken staan hierbij centraal: betaalbaar en passend wonen, een
duurzaam en toegankelijk landschap, een gezonde leefomgeving,
toegankelijke basisvoorzieningen, duurzame en toegankelijke mobiliteit,
een sterke en verbonden samenleving, onderwijs dat werkt voor de
toekomst en een duurzame en veerkrachtige economie.
Innovatie is de motor die deze beweging aanjaagt. Niet door telkens
opnieuw te beginnen, maar door bestaande initiatieven te versterken,
kennis te delen en vernieuwende oplossingen te ontwikkelen. Om dit
duurzaam te organiseren, wordt een Strategische Alliantie
Zuidoost-Fryslân opgericht: een gelijkwaardige samenwerking van
overheid, bedrijfsleven en maatschappelijke partners, ondersteund door
een jongerenboard.
Noord- en Oost-Groningen
Het NPVR in Noord- en Oost-Groningen kent een andere insteek dan in de
overige regioās, vanwege de ontwikkeling van Nij Begun. Met Nij Begun
hebben we feitelijk al een regio-agenda. Toch zien wij het NPVR als een
essentieel onderdeel van de aanpak die onze regio nodig heeft. Nij Begun
biedt herstel en perspectief, en investeert via verschillende agendaās
in de toekomst van onze regio. Deze agendaās zijn echter niet
allesomvattend en worden expliciet ingezet als āplus op de basisā. Met
het NPVR zetten we juist in op die basis, omdat we zien dat die nog
steeds onder druk staat. De Rijksuniversiteit Groningen analyseert ons
voorzieningenaanbod en de druk daarop. Dit doet ze in het licht van
ontwikkelingen die onze regio extra kwetsbaar maken, ontgroening en
vergrijzing voorop. Daarna richt het onderzoek zich op de mogelijke
oorzaken van die druk, zoals beleids- en financieringskeuzes, maar ook
de (veranderende) verantwoordelijkheden van overheden en organisaties en
hun onderlinge samenwerking. Het onderzoek, afgerond in het voorjaar van
2026, vormt de basis voor een nieuw handelingsperspectief met Rijk en
regio. Tijdens het proces wordt al gekeken naar directe acties, met
betrokkenheid van inwoners, ondernemers en organisaties. Met het NPVR
versterken we de basis, waardoor ook de effecten van Nij Begun op lange
termijn behouden blijven.
Noord-Limburg
De regio Noord-Limburg is met ingang van 1 januari 2026 een entiteit
conform WGR. De regio is druk bezig met de inrichting hiervan en met het
actualiseren van de regionale visie met als stip op de horizon 2045.
Deze nieuwe regiovisie dient als uitgangspunt voor het Plan voor de
regio. In januari 2026 is een regiodialoogsessie georganiseerd waarvoor
de diverse departementen, de provincie, maatschappelijke organisaties,
het bedrijfsleven en jongeren zijn uitgenodigd om op basis van de nieuwe
visie en een aantal opgaves met elkaar in discussie te gaan over de
ingrediƫnten van het Plan voor de regio. De uitkomsten van deze sessie
worden vervolgens nog aan een aantal gremia voorgelegd; zoals het
Economic Development Board en het Leer-ontwikkelnetwerk om te komen tot
scherpe keuzes. Dit vindt plaats in de maanden maart en april 2026. Het
concept regioplan wordt voorgelegd aan de deelnemende departementen en
het Algemeen Bestuur van de nieuwe entiteit van de regio. Vaststelling
van het regioplan is voorzien in juni 2026. In het najaar wordt
aansluitend de uitvoeringsagenda opgeleverd. Hoewel nog niet bepaald is
welke opgaven onderdeel zullen uitmaken van het Plan voor de regio
kunnen we op basis van eerdere Regio Deals en gegevens over onder andere
brede welvaart, arbeidsmarkt, economie etc. wel opgaven onderscheiden.
De arbeidsmarkt is structureel krap door vergrijzing, migratie van
jongeren, de aanzuigende werking van de regio Eindhoven en een lager
opleidingsniveau dan landelijk gemiddeld. Daarnaast is de
Noord-Limburger minder gezond dan gemiddeld en staat de leefbaarheid van
het platteland onder druk. De transitie in de agrarische sector, de
vitaliteit van gemeenschappen, circulariteit en het woon/ruimte dossier
vragen aandacht.
Midden-Limburg
In de zomer van 2025 is door de Samenwerking Midden Limburg een kopgroep
van 3 burgemeesters (Weert, Roermond en Maasgouw) aangesteld. Zij hebben
de opdracht gekregen om eind 2025 een plan van aanpak op te leveren voor
het maken van een Plan voor de regio Midden-Limburg. Het plan van aanpak
is besproken in de regio en wordt in het 1e kwartaal van 2026
vastgesteld in de 7 colleges van B&W. Op het moment van schrijven is
de verwachting dat het opstellen van het Plan voor Midden-Limburg een
doorlooptijd van een jaar kent. Vervolgens wordt gestart met het maken
van een uitvoeringsagenda tussen Rijk en Regio. Het Plan voor de regio
zal aansluiten bij de Regio Deal Midden-Limburg wat zich richt op
leefbaarheid, landschap, landschap en klimaat, economie, onderwijs en
arbeidsmarkt en verstevigen van de regionale samenwerking. Na een brede
verkenning worden hoofdopgaven gekozen waar Rijk en provincie sturing
kunnen bieden. Wanneer een eerste beeld is bij toekomstperspectief van
de regio, dan worden inwoners en stakeholders worden betrokken bij het
toekomstperspectief voor 2050, met de vraag: wat zou jij kunnen of
willen bijdragen aan dit toekomstperspectief?
Zuid-Limburg
Voor de regio Zuid- Limburg is afgesproken dat de āAgenda Zuid-Limburgā
wordt beschouwd als de basis voor het Plan voor de Regio Zuid-Limburg.
Om dit ook als zodanig in gang te zetten, werkt de regio aan een
kopnotitie en wordt gelijktijdig bekeken in welke mate de inhoud van de
3 programmalijnen voor het NPVR kan worden geconcretiseerd. De
belangrijkste opgaven en kansen in Zuid-Limburg zijn integraal
samengebracht in de kopnotitie en vervolgens programmatisch beschreven
in de lijnen (1) grensoverstijgende kenniseconomie, (2)
toekomstbestendig landschap en (3) aanpakken van onaanvaardbare
achterstanden. In lijn 1 gaat het in het bijzonder om het verder
uitgroeien van Zuid-Limburg tot een internationale, innovatieve
kenniseconomie, het versterken van de economische corridor die
Zuid-Limburg verbindt met andere economische regioās en het ontwikkelen
van de regio als een grensoverstijgende ā30-minuten-regioā. Lijn 2
vraagt om een samenhangende āgroenblauwe aanpakā. Lijn 3 betreft het
terugdringen van sociaaleconomische achterstanden en het creƫren van
sociale, gezonde en veilige leefomgevingen. De focus voor de
eerstkomende vier jaar wordt gelegd op het in beeld brengen van de
groeiopgave/-ambitie in Zuid-Limburg (Ontwerp Nota Ruimte) en de daarmee
samenhangende brede verstedelijkingsopgave van de regio, die
voornamelijk in de Verstedelijkingsstrategie Limburg Centraal zal worden
vormgegeven. Op korte termijn ligt de focus op de uitvoering van de
regio deals 6e tranche, die nadrukkelijk is vormgegeven vanuit de Agenda
Zuid-Limburg. Zo wordt, samen met stakeholders uit de regio zoals de
kennisinstellingen, gewerkt aan programmaās rondom talentrijke regio,
ruim baan voor ondernemerschap (MKB), aantrekkelijk vestigingsklimaat
(werklocaties) en circulaire economie. Ook wordt gewerkt aan een aantal
grote ontwikkelingen zoals de transitie van Chemelot, de
doorontwikkeling van de campussen, de Einstein Telscope, de AI
Gigafactory net over de grens en de transitie van het landelijk gebied.
Via de uitvoering van de Regio Deals worden ook jongeren en inwoners
betrokken in het proces.
Kop van Noord-Holland
De Kop van Noord- Holland wil met een brede regioalliantie van
gemeenten, bedrijven en maatschappelijke organisaties de vervolgstap
zetten naar het Plan voor de regio. Zij worden gevraagd om actief mee te
denken Ʃn mee te doen. Jongeren krijgen een belangrijke rol, want het
gaat tenslotte om hun toekomst in hun regio. In het plan wordt onder
andere aandacht gegeven aan de nationale opgaven waar de regio aan
bijdraagt; de energietransitie, de groei van Defensie in het maritieme
cluster, de ontwikkeling van nieuwe technologieƫn en producten voor
duurzame energie en nucleaire geneesmiddelen bij het Energy & Health
Campus in Petten en voedselzekerheid met innovaties in Agriport en Seed
Valley.Ā Met steun uit het NPVR zijn recent twee procesmanagers
aangesteld om het regioplan te realiseren. Het streven is om het plan
medio 2026 af te ronden, waarna een uitvoeringsagenda wordt opgesteld.
Ondertussen wordt er al volop ingezet op samenwerking tussen de vier
gemeenten in de Kop van Noord-Holland. De regio kent uitdagingen op het
gebied van onderwijs, zorg en inkomen. De regio kent grootstedelijke
opgaven die van generatie op generatie overgaan, terwijl in het
landelijk gebied leefbaarheid en bestaanszekerheid onder druk staan door
grote afstanden tot voorzieningen en werk. Jongeren vertrekken voor
opleiding, werk of een woning; ouderen blijven achter. Dit leidt tot
verschraling van voorzieningen zoals scholen, winkels en sportclubs.
Daarbovenop vormt de beperkte bereikbaarheid door lange afstanden en
beperkt openbaar vervoer een groeiend probleem. Een strategisch advies
over deze opgaven en de kansen van de regio, opgesteld aan de hand van
gesprekken met bestuurders, ondernemers en andere betrokkenen, vormt de
basis voor het Plan voor de regio.
Twente
Het NPVR wordt in Twente getrokken door de Twenteboard, de triple helix
organisatie. Alleen een integrale aanpak vanuit de drie O's (overheid,
ondernemers en onderwijs) zal de gewenste impact hebben op de opgaven.
De Young Twenteboard is het jongeren klankbord van de Twenteboard en de
regio. Zij zorgen ervoor dat het jongerenperspectief wordt gehoord in de
besluitvorming. Het Plan voor de Regio is in november besproken met de
ministeries en de inzet vanuit de regio is in december vastgesteld in de
Twente Board. Na afronding van de gesprekken met ministeries en hun
akkoord dat begin 2026 voorzien wordt, kunnen we starten met het
gezamenlijk opstellen van een uitvoeringsagenda voor de komende vier
jaren.
Omdat Twente kansrijk is om op lange termijn een grotere rol in het
ruimtelijk-economisch systeem van Nederland te gaan vervullen, richt het
plan zich op het realiseren van een schaalsprong voor de regio in lijn
met de conceptnota Ruimte en de lopende gesprekken over verstedelijking.
Vanuit de economische- en innovatiekracht van Twente, de basis onder de
brede welvaart van de regio, is er aandacht voor het versterken van de
sociale structuur, zodat iedereen mee kan doen en kan bijdragen aan en
profiteren van deze schaalsprong. Dit is hard nodig want Twente kent
grootstedelijke problematiek als ook de kenmerken en uitdagingen van een
grensregio. Het plan voor de regio bevat een 21-tal opgaven waaraan de
regio langjarig samen met het Rijk aan wil gaan werken. Centraal staat
de ambitie om een economische schaalsprong te realiseren met
bijbehorende groei van banen, woningen en voorzieningen (+ 100.000
inwoners tot 2050). Daarbij is de opgave om door te groeien als hightech
hotspot. Belangrijk is de samenwerking met Duitsland. Ook is van belang
om te investeren in een beter woonklimaat zodat Twente aantrekkelijker
wordt voor talent, zodat de kleinere kernen en dorpen vitaal blijven,
zodat inwoners langer en gezond zelfstandig kunnen wonen, en zodat
energie armoede niet meer voorkomt. Een optimaal aanbod van en de
bereikbaarheid van onderwijs op alle niveaus is cruciaal voor het
ontwikkelen van de (toekomstige) Twentse beroepsbevolking. Ieder talent
telt in Twente dus en daarom zetten we ook in op ongekend talent en
sociale achterstanden.
Zeeuws-Vlaanderen
Het Plan voor de regio in Zeeuws- Vlaanderen bouwt voort op de Strategische Regiovisie en de Regio Deals en sluit aan bij het toekomstperspectief Zeeland 2050. Maar er is meer nodig. De ambitie is groeien met 20.000 inwoners naar een regio van 125.000 inwoners om voorzieningen te behouden en economische kansen te benutten. Het Plan voor de regio zal in het voorjaar van 2026 worden vastgesteld waarna wordt verder gewerkt aan een uitvoeringsagenda. De Uitvoeringsagenda concretiseert de inzet, met aandacht voor maatschappelijke coalities, monitoring en samenwerking. Stakeholders en inwoners worden actief betrokken, met speciale aandacht voor jongeren als dragers van de toekomst. De regio verwacht de Uitvoeringsagenda medio 2026 gereed te hebben. De regio kent sterke sectoren zoals (chemische) industrie, havengebied North Sea Port, landbouw, zorg en toerisme. Hoewel landelijk de bevolking groeit, is het inwoneraantal in de regio achtergebleven. De regio kent een hoge vergrijzing en ontgroening. Jongeren vertrekken voor studie en keren niet terug, waardoor er een structurele krapte op de arbeidsmarkt ontstaat. Daarnaast zijn er sociale problemen zoals lage gezonde levensverwachting, eenzaamheid, overgewicht en psychische klachten. Ook onderwijsvoorzieningen staan onder druk door een weglek van leerlingen naar BelgiĆ«. De verschraling van voorzieningen en beperkte bereikbaarheid ā door grote afstanden, weinig openbaar vervoer en het ontbreken van een treinverbinding ā versterken deze uitdagingen. Zeeuws-Vlaanderen richt zich op het creĆ«ren van een goed vestigingsklimaat voor huidige en nieuwe inwoners door het creĆ«ren van een duurzaam en bereikbaar voorzieningenniveau.