Motie van de leden Van Houwelingen en Stoffer over rechtstreeks toezicht van de IGJ op pleeggezinnen en gezinshuizen
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (XVI) voor het jaar 2026
Motie (kabinetsappreciatie: Ontraden)
Nummer: 2026D04928, datum: 2026-02-02, bijgewerkt: 2026-02-03 11:44, versie: 3 (versie 1, versie 2)
Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (kst-36800-XVI-48).
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: P. van Houwelingen, Tweede Kamerlid (FVD)
- Mede ondertekenaar: C. Stoffer, Tweede Kamerlid (SGP)
Onderdeel van kamerstukdossier 36800 XVI-48 Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (XVI) voor het jaar 2026.
Onderdeel van zaak 2026Z02136:
- Indiener: P. van Houwelingen, Tweede Kamerlid
- Medeindiener: C. Stoffer, Tweede Kamerlid
- Voortouwcommissie: TK
- 2026-02-02 10:00: Begrotingsonderdeel Jeugd (Wetgevingsoverleg), vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- 2026-02-10 15:00: Stemmingen (Stemmingen), TK
Preview document (🔗 origineel)
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2 |
| Vergaderjaar 2025-2026 |
36 800 XVI Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (XVI) voor het jaar 2026
Nr. 48 MOTIE VAN DE LEDEN VAN HOUWELINGEN EN STOFFER
Voorgesteld tijdens het wetgevingsoverleg van 2 februari 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat gecertificeerde instellingen vaak onvoldoende «betekenisvol contact» kunnen onderhouden met pleeggezinnen en gezinshuizen waar ze verantwoordelijk voor zijn;
constaterende dat gecertificeerde instellingen er zelf belang bij hebben dat de pleeggezinnen en gezinshuizen waarvoor ze verantwoordelijk zijn door de inspectie goed beoordeeld worden;
constaterende dat de IGJ slechts toezicht houdt op de gecertificeerde instellingen en niet rechtstreeks op pleeggezinnen en gezinshuizen;
constaterende dat er de afgelopen jaren ernstige misstanden zijn geweest bij diverse pleeggezinnen en gezinshuizen;
overwegende dat de staat een speciale verantwoording heeft om kinderen te beschermen die door de staat (gedwongen) aan het natuurlijke gezin zijn onttrokken;
verzoekt de regering de IGJ te verzoeken rechtstreeks toezicht te gaan houden op pleeggezinnen en gezinshuizen, bijvoorbeeld door pleeggezinnen en gezinshuizen steekproefsgewijs te bezoeken, en de IGJ daarvoor de benodigde ondersteuning te geven,
en gaat over tot de orde van de dag.
Van Houwelingen
Stoffer