Motie van het lid Moinat c.s. over in beginsel jeugdigen voor jeugdhulp in Nederland plaatsen
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (XVI) voor het jaar 2026
Motie (kabinetsappreciatie: Oordeel Kamer)
Nummer: 2026D04937, datum: 2026-02-02, bijgewerkt: 2026-02-03 11:49, versie: 3 (versie 1, versie 2)
Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (kst-36800-XVI-56).
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: N. Moinat, Tweede Kamerlid (Groep Markuszower)
- Mede ondertekenaar: P. van Houwelingen, Tweede Kamerlid (FVD)
- Mede ondertekenaar: I. Coenradie, Tweede Kamerlid
- Mede ondertekenaar: C. Stoffer, Tweede Kamerlid (SGP)
Onderdeel van kamerstukdossier 36800 XVI-56 Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (XVI) voor het jaar 2026.
Onderdeel van zaak 2026Z02144:
- Indiener: N. Moinat, Tweede Kamerlid
- Medeindiener: I. Coenradie, Tweede Kamerlid
- Medeindiener: P. van Houwelingen, Tweede Kamerlid
- Medeindiener: C. Stoffer, Tweede Kamerlid
- Voortouwcommissie: TK
- 2026-02-02 10:00: Begrotingsonderdeel Jeugd (Wetgevingsoverleg), vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- 2026-02-10 15:00: Stemmingen (Stemmingen), TK
Preview document (🔗 origineel)
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2 |
| Vergaderjaar 2025-2026 |
36 800 XVI Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (XVI) voor het jaar 2026
Nr. 56 MOTIE VAN HET LID MOINAT C.S.
Voorgesteld tijdens het wetgevingsoverleg van 2 februari 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat kinderen voor jeugdhulp in het buitenland worden geplaatst, terwijl de IGJ geen toezicht kan uitoefenen in het buitenland;
overwegende dat recente ernstige misstanden bij buitenlandse jeugdhulpaanbieders aantonen dat toezicht tekort kan schieten;
overwegende dat jeugdhulp in beginsel dient plaats te vinden onder volledige Nederlandse jurisdictie en toezicht;
verzoekt de regering in beginsel jeugdigen in Nederland te plaatsen, tenzij plaatsing in het buitenland in het belang is van het kind, er geen passend alternatief in Nederland beschikbaar is en de plaatsingsprocedure verloopt via de regels van de Centrale autoriteit Internationale Kinderaangelegenheden en het Afsprakenkader Buitenlands Zorgaanbod Jeugd,
en gaat over tot de orde van de dag.
Moinat
Stoffer
Coenradie
Van Houwelingen