Antwoord op vragen van het lid Stultiens over het invoeren van een leegstandsheffing
Antwoord schriftelijke vragen
Nummer: 2026D07047, datum: 2026-02-12, bijgewerkt: 2026-02-12 15:46, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: E.H.J. Heijnen, staatssecretaris van Financiën ()
- Aanbiedingsbrief
- Beslisnota bij Antwoord op vragen van het lid Stultiens over het invoeren van een leegstandsheffing
Onderdeel van zaak 2026Z02958:
- Gericht aan: E.H.J. Heijnen, staatssecretaris van Financiën
- Indiener: L.C.J. Stultiens, Tweede Kamerlid
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
2026Z02958
Vragen van het lid Stultiens (GroenLinks-PvdA) aan de staatssecretaris van Financiën over het invoeren van een leegstandsheffing
Vraag 1
Bent u bekend met het feit dat een Kamermeerderheid op 23 september 2025 heeft ingestemd met het invoeren van een leegstandsheffing via het amendement 36735-18 op de Fiscale Verzamelwet 2026?
Antwoord op vraag 1
Ja, dit is mij bekend.
Vraag 2
Klopt het dat u op 22 januari jongstleden een Koninklijk Besluit heeft uitgevaardigd dat betrekking heeft op de inwerkingtreding van onderdelen van de Fiscale verzamelwet 2026, maar dat de leegstandsheffing daarin niet is meegenomen?
Vraag 3
Waarom heeft u hiervoor gekozen?
Antwoord op vragen 2 en 3
Het Koninklijk Besluit van 22 januari jl. heeft betrekking op de inwerkingtreding van artikelen van de wetsvoorstellen Overige fiscale maatregelen 2018 en de Fiscale verzamelwet 2026 die zien op de motorrijtuigenbelastingen. Dit valt onder mijn beleidsverantwoordelijkheid en staat los van het amendement over de leegstandsheffing. Het amendement voor de leegstandheffing is ingediend op de Fiscale verzamelwet 2026. Daarin zijn technische wijzigingen opgenomen van fiscale wetgeving, waarvan het wenselijk was dat deze per 1 januari 2026 in werking zouden treden. Het amendement wijzigt de Gemeentewet en staat daardoor los van de reguliere fiscale wetgeving. Voor dit amendement geldt dat de inwerkingtreding van het amendement op Koninklijk Besluit (KB) is gezet. De maatregel gaat in als de verantwoordelijke minister deze heeft geslagen. Het Koninklijk Besluit tot inwerkingtreding van het amendement is tot op heden om procedurele redenen nog niet genomen, wat de uitvoering van een leegstandbelasting door gemeenten overigens niet in de weg hoeft te staan aangezien er door gemeenten eerst nog een verordening moet worden opgesteld voordat het jaar leegstand gaat lopen. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten werkt ter ondersteuning hiervoor aan een modelverordening waarvan gemeenten gebruik kunnen maken.
Vraag 4
Hoe gaat u ervoor zorgen dat dit aangenomen amendement zo snel mogelijk wél wordt uitgevoerd, waardoor gemeenten aan de slag kunnen met het invoeren van een leegstandsheffing?
Antwoord op vraag 4
Het ministerie van Financiën is hierover in gesprek geweest met het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties als verantwoordelijke van de Gemeentewet en het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (beleidsverantwoordelijk). Het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening werkt nu aan het Koninklijk Besluit dat de inwerkingtreding van het amendement regelt. Daarna zal het Koninklijk Besluit worden geslagen waarmee het amendement zo snel mogelijk inwerking treedt.
Vraag 5
Kunt u deze vragen met spoed beantwoorden, uiterlijk vrijdag 13 februari 2026 om 12:00?
Antwoord op vraag 5
Ja.