[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is dit?]

Verslag van de informele Onderwijsraad van 29-30 januari 2026

Brief regering

Nummer: 2026D08143, datum: 2026-02-20, bijgewerkt: 2026-02-20 14:26, versie: 1

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen: Bijlagen:

Onderdeel van zaak 2026Z03568:

Preview document (🔗 origineel)


De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Postbus 20018

2500 EA DEN HAAG

Datum 20 februari 2026
Betreft Verslag informele Onderwijsraad 29-30 januari 2026, Nicosia/Cyprus

Internationaal Beleid

Rijnstraat 50

Den Haag

Postbus 16375

2500 BJ Den Haag

www.rijksoverheid.nl

Contactpersoon

Onze referentie

62124479

Bijlagen

Hierbij stuur ik u het verslag van de informele bijeenkomst van onderwijsministers van 29 tot 30 januari die plaatsvond in Nicosia, Cyprus, en werd georganiseerd door het Cypriotisch EU-voorzitterschap.

De staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

Koen Becking

VERSLAG INFORMELE ONDERWIJSRAAD 29-30 JANUARI 2026

Centraal tijdens deze informele bijeenkomst van onderwijsministers in Nicosia, Cyprus, stond het funderend onderwijs, met specifieke aandacht voor de professionalisering van het lerarenberoep en de rol van leraren in het tijdperk van AI. Informele bijeenkomsten worden door het Raadsvoorzitterschap zelf georganiseerd en hebben een laagdrempeligere opzet dan de formele Raden in Brussel. De onderwerpen worden gekozen door het voorzitterschap zelf.

Tijdens deze bijeenkomst werd door de EU-lidstaten het risico van een afnemende aantrekkelijkheid van het lerarenberoep benadrukt, als gevolg van het geheel aan arbeidsvoorwaarden en (te) beperkte ruimte voor leraren om zich professioneel te ontwikkelen. Er werd gepleit voor meer vertrouwen en erkenning voor leraren, evenals voor meer tijd om hun rol als co-creators van het leerproces te vervullen. De kwaliteit van lerarenopleidingen, het zorgvuldig begeleiden van startende leraren en het vergroten van de aantrekkelijkheid van het lerarenberoep als geheel werden gezien als essentiële factoren om het onderwijs in de EU te versterken.

Verder stond de Commissieaanbeveling over menselijk kapitaal als onderdeel van het Europees Semester op de agenda van de informele Onderwijsraad.

Professionalisering en leraren in het tijdperk van AI

Het agendapunt over de professionalisering van leraren en hun rol in het tijdperk van AI werd besproken in kleinere werkgroepen. De deelnemende lidstaten werden gevraagd te reflecteren op drie centrale vragen: hoe het lerarenberoep aantrekkelijker kan worden gemaakt, niet alleen door salaris, maar ook door beleidsmaatregelen die leraren gedurende hun hele loopbaan ondersteunen; hoe professionalisering, inclusief digitale vaardigheden, beter geïntegreerd kan worden in het dagelijks werk van leraren; en hoe de EU lidstaten het beste kan ondersteunen bij het aanpakken van deze uitdagingen, met aandacht voor het gebruik van AI in het onderwijs en de aangekondigde EU-agenda voor leraren en opleiders.

De deelnemende lidstaten benadrukten dat het belangrijk is met het oog op de kwaliteit van onderwijs, om een leraar gedurende zijn gehele loopbaan te ondersteunen zodat hij zich blijvend kan ontwikkelen. Er was brede overeenstemming over het belang van een sterke initiële opleiding, gekoppeld aan effectieve introductieprogramma's voor startende leraren. Mentoring en begeleiding werden als essentieel gezien voor de instroom van jonge leraren, en het creëren van duidelijke loopbaanpaden werd genoemd als een manier om motivatie en het behoud van leraren te bevorderen. Tegelijkertijd werd gewezen op de noodzaak om de werkomstandigheden van leraren te verbeteren, zoals het bieden van voldoende tijd voor voorbereiding en professionalisering. Ook werd het belang van schoolleiderschap onderstreept, aangezien sterke leiding cruciaal is voor het creëren van een positieve en ondersteunende werkomgeving.

Daarnaast werd de rol van technologie, en in het bijzonder kunstmatige intelligentie, besproken als een middel om leraren te ondersteunen, maar niet te vervangen. Er werd gepleit voor duidelijke richtlijnen voor het gebruik van AI in de klas, met aandacht voor pedagogische, ethische en privacy kwesties. Het versterken van de digitale geletterdheid van leraren werd als noodzakelijk beschouwd, maar er werd ook gewaarschuwd voor de risico’s van overladenheid van leraren. Om het lerarenberoep aantrekkelijker te maken, werd het belang van waardering voor het leraarschap benadrukt, evenals de noodzaak om leraren meer autonomie te geven en hen meer tijd te bieden voor onderzoek en leiderschap. Verder hebben de lidstaten gepleit voor Europese samenwerking en de inzet van initiatieven zoals Erasmus+ om de professionalisering van leraren en de aantrekkelijkheid van het lerarenberoep verder te versterken.

Commissieaanbeveling menselijk kapitaal

De Commissieaanbeveling over menselijk kapitaal als onderdeel van het Europees Semester is op de tweede dag van de Raad besproken. In deze Commissieaanbeveling wordt de noodzaak benadrukt om structurele uitdagingen op de arbeidsmarkt en het concurrentievermogen van de EU aan te pakken, vooral in het licht van het aanhoudende tekort aan arbeidskrachten en vaardigheden voor strategische sectoren. De aanbeveling richt zich op het investeren in onderwijs en vaardigheden in strategische sectoren zoals digitale technologie, schone energie, gezondheidszorg en defensie. Specifieke aandacht gaat uit naar het versterken van STEM-opleidingen (wetenschap, technologie, engineering en wiskunde) en het verbeteren van basisvaardigheden, waaronder bijvoorbeeld ook digitale en financiële geletterdheid. Dit moet bijdragen aan het waarborgen van een toekomstbestendige arbeidsmarkt die beter is voorbereid op de veranderingen die AI en digitale transformatie met zich meebrengen.

Tijdens de informele Raad werd de focus gelegd op de noodzaak om onderwijs en arbeidsmarkt beter met elkaar te verbinden, door een sterke nadruk op het verbeteren van de kwaliteit van onderwijs, het creëren van duidelijke loopbaanpaden en het bevorderen van gelijke kansen voor alle leerlingen, inclusief het aantrekken van meer vrouwen en meisjes voor technische opleidingen. Er werd tevens benadrukt dat de EU haar lidstaten moet ondersteunen bij het versterken van vaardigheden op nationaal niveau, waarbij mobiliteit van vaardigheden en het vergroten van het budget voor programma’s zoals Erasmus+ als belangrijke instrumenten werden genoemd. Er werd gepleit voor een strategische aanpak die de samenwerking tussen onderwijsinstellingen, werkgevers en overheden bevordert, en voor meer investeringen in digitale vaardigheden en AI.

Er was steun voor het verder ontwikkelen van het Europees Semester als kader voor beleidscoördinatie, maar veel lidstaten deelden het Nederlandse standpunt dat de focus van het Europees Semester primair op economisch, begrotings- en werkgelegenheidsbeleid moet blijven. Diverse lidstaten benadrukten dat nationale omstandigheden en behoeften gerespecteerd moeten worden, maar tegelijkertijd werd erkend dat een gezamenlijke aanpak via de EU cruciaal is voor het behalen van langetermijndoelen op het gebied van menselijk kapitaal en onderwijs. De deelnemende lidstaten hebben gepleit voor een geïntegreerde aanpak die zowel jongeren als volwassenen ondersteunt in hun loopbaanontwikkeling en vaardigheden, met focus op inclusie en gelijke kansen en het feit dat onderwijs niet alleen de arbeidsmarkt dient maar ook belang op zichzelf heeft voor de persoonlijke ontwikkeling en zelfontplooiing.