[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is dit?]

Antwoord op vragen van het lid Diederik van Dijk over financiële en personele tekorten voor bescherming tegen spionage en sabotage in de Noordzee

Antwoord schriftelijke vragen

Nummer: 2026D08172, datum: 2026-02-20, bijgewerkt: 2026-02-20 17:33, versie: 2 (versie 1)

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen:

Onderdeel van zaak 2026Z00592:

Preview document (🔗 origineel)


AH 1165

2026Z00592

Antwoord van minister Brekelmans (Defensie) en van minister Tieman (Infrastructuur en Waterstaat) (ontvangen 20 februari 2026)

Vraag 1

Bent u bekend met de recente berichtgeving waarin wordt gesteld dat financiële en personele tekorten bij de Nederlandse Kustwacht leiden tot verhoogde risico’s op sabotage en spionage? Hoe reflecteert u op deze verontrustende berichten?

Antwoord:

Ik ben bekend met de recente berichtgeving. De dreiging op de Noordzee is actueel, complex en vindt doelbewust plaats in het grijze gebied tussen oorlog en vrede. Nationale en internationale wetgeving dragen eraan bij, de aanpak complex is. In 2023 is door de opdrachtgevende departementen binnen het kustwachtsamenwerkingsverband besloten om de capaciteit bij de Kustwacht te vergroten met 43 FTE, waardoor de Kustwacht met deze additionele capaciteit in staat is om haar huidige taken dienstverlening, handhaving en maritime security naar behoren uit te voeren.

Vraag 2

Klopt het dat het tekort aan geld en personeel bij de Kustwacht zo nijpend is dat de dienst tot zeker 2027 niet kan worden ingezet om internet- en elektriciteitskabels, pijpleidingen en andere infrastructuur op de Noordzee te beschermen tegen sabotage en spionage?

Antwoord:

In 2018 heeft de Raad voor de Kustwacht besloten dat maritime security een aparte hoofdtaak voor de Kustwacht vormt. Deze nieuwe hoofdtaak bevat deeltaken zoals bijvoorbeeld crisiscommunicatie en informatievoorziening, security berichtgeving en pre-arrival analyses. Daarnaast is de Kustwacht sinds juli 2025 het meldpunt voor maritime security; mensen kunnen verdachte situaties melden bij de Kustwacht. Hierdoor kan de Kustwacht eerder adequaat reageren op mogelijke dreigingen. De meldkamer is 24/7 bezet voor het verwerken en uitlopen van deze meldingen. Voor een uitbreiding van taken in het kader van Maritime Security zullen aanvullende structurele middelen beschikbaar gesteld moeten worden. Het is aan een volgend kabinet om daar een besluit over te nemen.

Vraag 3

Kunt u aangeven of er een causale relatie bestaat tussen het capaciteitstekort bij de Kustwacht en concrete incidenten, zoals het Russische spionageschip Eagle S dat twee uur lang ongestoord boven onderzeese kabels bij Terschelling kon varen op 24 november 2023?

Antwoord:

De Kustwacht monitort de scheepvaart en verzamelt informatie om te weten wat er op de Noordzee gebeurt om de taken te kunnen uitvoeren. Over de inlichtingenpositie, werkwijze en activiteiten worden in het openbaar geen uitspraken gedaan, om te voorkomen dat tegenstanders en kwaadwillende inzage wordt gegeven in de modus operandi van de Kustwacht of de Koninklijke Marine.

Vraag 4

Welke acties onderneemt het kabinet om heel snel een einde te maken aan het gesteggel over geld tussen de departementen die betrokken zijn bij het Programma Bescherming Noordzee Infrastructuur (PBNI)?

Antwoord:

Onder coördinatie van IenW is in 2023 het interdepartementale Programma Bescherming Noordzee infrastructuur (PBNI) in het leven geroepen. Op dat moment is PBNI met IenW, DEF, JenV, EZ, KGG en BZ aan de slag gegaan met het maken van een Actieplan, analyses van dreigingen en het in kaart brengen van de meest kritieke infrastructuur in en op de Noordzee. PBNI heeft de afgelopen jaren diverse resultaten geboekt. Zo is er onder andere geïnvesteerd in versterkte beeldopbouw met onder meer een extra patrouilleschip, een verbetering van de communicatie op zee voor de Kustwacht, extra satellietcapaciteit, versterking van de publiek-private en de internationale samenwerking en is er een proeftuin gestart voor datafusie.

In deze proeftuin komt data van verschillende organisaties bij elkaar en wordt deze vervolgens gezamenlijk geanalyseerd om zo een betere beeldopbouw (Maritime Situational Awareness en Maritime Situational Understandig) te krijgen op en in de Noordzee. Daarnaast wordt nu intensief gewerkt aan meer handelingsopties om bijvoorbeeld de schaduwvloot aan te pakken. Ook wordt onderzocht hoe een mogelijk NMSC kan worden ingericht en welke verdeling van de verantwoordelijkheden tussen betrokken departementen (Defensie, JenV en IenW) het meest effectief is. Met deze informatie kan een nieuw kabinet een besluit nemen over het vervolg van PBNI vanaf 2026 en verder, inclusief bijbehorende financiering.

Vraag 5

Ziet het kabinet mogelijkheden om een deel van de financiële tekorten via Europese middelen te dekken, gelet op het feit dat Nederland een belangrijke Europese toegangspoort vormt voor trans-Atlantische datakabels?

Antwoord:

Momenteel wordt door PBNI onderzocht welke financiële mogelijkheden vanuit de Europese Unie mogelijk zijn, bijvoorbeeld via het EU Action Plan on Cable Security. Echter, dit is geen structurele oplossing voor de financiële middelen die de uitvoering van het Actieplan Strategie ter bescherming Noordzee infrastructuur nodig heeft. De Europese middelen kunnen als aanvulling worden gebruikt voor specifieke projecten, zoals de integratie van data of het gebruik van AI bij de analyse van scheepvaartbewegingen.

Vraag 6

Ziet het kabinet daarnaast een rol voor de NAVO bij het versterken van de bescherming van onderzeese datakabels en andere kritieke maritieme infrastructuur?

Antwoord:

Het kabinet heeft een goede en intensieve samenwerking met de NAVO voor de versterking van de bescherming van kritieke maritieme infrastructuur. Zo is op het NAVO-hoofdkwartier in Brussel een coördinatiecel ingericht om NAVO-initiatieven op dit gebied te versnellen en is een Critical Undersea Infrastructure Network opgericht om samenwerking en afstemming tussen bondgenoten, NAVO-partners en private partijen te bevorderen. Tevens is er een NATO Maritime Centre for the Security of Critical Undersea Infrastructure (NMCSCUI) bij het NATO Allied Maritime Command ingericht, dat in mei 2024 initial operational capable is verklaard. Wanneer het NMCSCUI gereed is, moet het in staat zijn om te voorzien in situationeel bewustzijn over het maritieme dreigingslandschap met betrekking tot kritieke maritieme infrastructuur. Tot slot patrouilleren beide noordelijke vlootverbanden van de NAVO geregeld in de Noordzee en Oostzee.