Reactie op verzoek commissie over toegang van hulporganisaties tot Gaza
Doen waar Nederland goed in is - Strategie voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
Brief regering
Nummer: 2026D08210, datum: 2026-02-20, bijgewerkt: 2026-03-10 15:59, versie: 3 (versie 1, versie 2)
Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiƫle HTML versie (kst-36180-197).
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: A. de Vries, staatssecretaris van Buitenlandse Zaken (Ooit VVD kamerlid)
- Mede ondertekenaar: D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken
Onderdeel van kamerstukdossier 36180 -197 Doen waar Nederland goed in is - Strategie voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking.
Onderdeel van zaak 2026Z03584:
- Volgcommissie: vaste commissie voor Buitenlandse Zaken
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
- Stemmingen en besluiten:
- 2026-04-01 10:00 ā Behandeling wordt voortgezet. (Besluit)
- 2026-03-12 14:30 ā Agenderen voor het commissiedebat Humanitaire hulp op 1 april 2026. (Besluit)
- 2026-02-25 14:35 ā Rondgezonden en gepubliceerd. (Besluit)
- 2026-02-25 14:35: Aanvang middagvergadering: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2026-03-12 14:30: Procedurevergadering Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking (Procedurevergadering), vaste commissie voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
- 2026-04-01 10:00: Humanitaire Hulp (voortzetting op 9 april 2026) (Commissiedebat), vaste commissie voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
- 2026-04-09 10:00: Humanitaire Hulp (voortzetting van 1 april jl.) (Commissiedebat), vaste commissie voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
Preview document (š origineel)
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2 |
| Vergaderjaar 2025-2026 |
36 180 Doen waar Nederland goed in is ā Strategie voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
23 432 De situatie in het Midden-Oosten
Nr. 197 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS EN MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Met deze brief gaan wij in op het verzoek van de vaste Kamercommissie Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp van 19 februari jl. met kenmerk 2026Z03492/2026D07963. Verschillende leden van het kabinet hebben zich de afgelopen tijd jegens IsraĆ«lische gesprekspartners uitgesproken over de herregistratieplicht voor internationale ngoās, en het daar uit volgende besluit van IsraĆ«l om diverse hulporganisaties te weren. Nederland heeft, naast de bilaterale gesprekken, ook in de EU aandacht gevraagd voor de negatieve gevolgen voor de hulpverlening in de bezette Palestijnse gebieden.
In het verslag van de Raad Buitenlandse Zaken van 29 januari jl. (Kamerstuk 21 501-02, nr. 3345) werd reeds toegelicht hoe uitvoering wordt gegeven aan motie-Bamenga c.s. (Kamerstuk 36 180, nr. 190). Nederland blijft consequent pleiten, zowel bilateraal en binnen de EU, voor meer en betere toegang voor de invoer en distributie van humanitaire hulp. Tijdens de Raad Buitenlandse Zaken van 29 januari jl. is aangegeven dat Nederland zich diplomatiek inzet IsraĆ«l op te roepen humanitaire hulp ongehinderd toe te laten en af te zien van de implementatie van de herregistratieplicht voor internationale ngoās.
Nederland zal zich ook tijdens de Raad Buitenlandse Zaken van 23 februari aanstaande hiervoor blijven inzetten, mede gelet op de naderende deadline van 28 februari, waarop de betreffende internationale ngoās van IsraĆ«l de Palestijnse gebieden moeten hebben verlaten.
De Staatssecretaris van Buitenlandse Zaken,
A. de Vries
De Minister van Buitenlandse Zaken,
D.M. van Weel