Antwoord op vragen van het lid Straatman over het artikel ‘Grote drukte bij notariskantoren: meer akten met minder notarissen’, de berichtgeving hierover in het Achtuurjournaal (11 januari 2026) en op NPO Radio 1
Antwoord schriftelijke vragen
Nummer: 2026D09704, datum: 2026-03-04, bijgewerkt: 2026-03-04 11:21, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: K.T. van Bruggen, staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
Onderdeel van zaak 2026Z00787:
- Gericht aan: F. van Oosten, minister van Justitie en Veiligheid
- Indiener: J.C.G. Straatman, Tweede Kamerlid
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
AH 1214
Antwoord van staatssecretaris Van Bruggen (Justitie en Veiligheid) (ontvangen 4 maart 2026)
Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025-2026, nr. 1056
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van het NOS-artikel ‘Grote drukte bij notariskantoren: meer akten met minder notarissen’1), waarin wordt beschreven dat de vraag naar notariële diensten sterk toeneemt terwijl het aantal notarissen achterblijft?
Antwoord op vraag 1
Ja.
Vraag 2
Herkent u het geschetste beeld dat notariskantoren te maken hebben met structurele drukte en personeelstekorten, en welke gevolgen ziet u hiervan voor burgers en ondernemers die afhankelijk zijn van tijdige notariële dienstverlening?
Antwoord op vraag 2
Ja, dit beeld herken ik. Uit de praktijk herken ik signalen dat
notariskantoren te maken hebben met toenemende drukte en
personeelstekort. Ik wil benadrukken dat een aantal producten in het
notariaat een sterke conjuncturele fluctuatie kennen. De voorzienbare
gevolgen van de structurele drukte, in combinatie met
personeelstekorten, zijn dat burgers en ondernemers te maken zullen
krijgen met langere wachttijden. Recent is het WODC-onderzoek ‘Staat van
het Notariaat II’ uitgevoerd. Dit rapport bied ik in Q1 aan uw Kamer
aan. Een inhoudelijke reactie hierop zal op een later moment aan uw
Kamer worden aangeboden.
Vraag 3
Welke risico’s ziet u voor de rechtszekerheid, toegankelijkheid en betaalbaarheid van notariële diensten als deze ontwikkeling zich de komende jaren doorzet?
Antwoord op vraag 3
Zoals aangegeven in het antwoord op vraag 2, zal het
WODC-onderzoek naar de staat van het notariaat op korte termijn aan uw
Kamer worden aangeboden. In dit rapport wordt gekeken naar de
ontwikkelingen van het aanbod in de notariële dienstverlening. Op basis
van deze informatie kan beter worden bezien in welke mate er sprake is
van risico’s voor de rechtszekerheid, toegankelijkheid en betaalbaarheid
van de notariële diensten. In algemene zin heb ik geen reden om aan te
nemen dat de kern van de notariële dienstverlening en rechtszekerheid
onder druk staat. Het is niet ondenkbaar dat, mede afhankelijk van de
conjuncturele ontwikkelingen in het werkveld, de wachttijd in
individuele gevallen op kan lopen. Dit kan met name gebeuren in verband
met de eindejaarsdrukte die zich jaarlijks in de notariële praktijk
voordoet. Ten aanzien van de betaalbaarheid van de notariële diensten,
blijft de marktwerking leidend. Voor particulieren met een lage
draagkracht bestaat tot slot ook de optie tot een wettelijke financiële
tegemoetkoming.1
Vraag 4
Deelt u de opvatting dat een verandering in de manier van werken binnen het notariaat noodzakelijk is en dat digitalisering daarbij een wezenlijk onderdeel van de oplossing kan zijn? Zo ja, hoe ziet u die rol van digitalisering concreet voor zich; zo niet, waarom niet?
Antwoord op vraag 4
Deze opvatting deel ik gedeeltelijk. Enerzijds dient het
notariaat, net zoals iedere beroepsgroep, mee te gaan met het
digitaliseren van werkprocessen. Anderzijds blijft de dienstverlening
van het notariaat gericht op het bieden van rechtszekerheid en wordt de
werkwijze grotendeels bepaald door regelgeving. Dat stelt hoge eisen aan
de digitale systemen die het notariaat gebruikt, zodat mensen met
vertrouwen hun zaken bij de notaris kunnen blijven regelen. Voor
dossierbehandeling maken notariskantoren volop gebruik van de
mogelijkheid digitaal gegevens te verifiëren (‘rechercheren’) en
digitaal gegevens uit te wisselen met onder meer het Kadaster en het
Handelsregister. Tegelijkertijd blijft het ook belangrijk voor
notariskantoren dat tijdens een persoonlijk gesprek met cliënten advies
en uitleg wordt gegeven. Een persoonlijke afspraak vormt een drempel ter
voorkoming van identiteitsfraude en stelt de notaris beter in staat de
poortwachtersrol uit te voeren. Ook kan de notaris tijdens een fysieke
afspraak de wilsbekwaamheid van cliënten beter beoordelen dan tijdens
online contact.
Vraag 5
Hoe beoordeelt u de conclusie dat verdere vertraging in de digitalisering van het notariaat de drukte bij notariskantoren zal verergeren en de toegang tot het recht onder druk zet?
Antwoord op vraag 5
Digitalisering kan, indien dit de werkprocessen effectiever
maakt, inderdaad bijdragen aan het verhogen van de arbeidsproductiviteit
en dat kan de druk op notariskantoren doen afnemen. De wijze waarop
notarissen dit doen verschilt door de ondernemerskeuzes die zij maken en
hun kantoor vormgeven, naar gelang hun mogelijkheden, de behoefte van
hun cliënten en de marktomstandigheden. Niet ieder kantoor hoeft op
dezelfde wijze te digitaliseren. Zo blijft er een divers aanbod van
notariële dienstverlening voor verschillende groepen cliënten.
Vraag 6
Welke concrete stappen heeft u sinds de toezegging in april 2022 gedaan door toenmalig minister Weerwind om het juridisch mogelijk te maken om meer typen notariële akten digitaal tot stand te laten komen? 4)
Antwoord op vraag 6
De afgelopen periode zijn met de KNB de wensen verkend op het
gebied van digitalisering en is besproken welke lessen wij kunnen leren
van de reeds opgedane ervaringen. Nu wordt verkend op welke wijze het
aantal digitale akten uit te breiden is. In de beleidsreactie op het
voormelde WODC-rapport zal nader worden ingegaan op de ambities die er
ten aanzien van het notariaat zijn voor de komende jaren.
Vraag 7
Kunt u toelichten welke typen notariële akten u op korte termijn geschikt acht voor digitaal passeren, en welke waarborgen daarbij noodzakelijk zijn voor identiteit, wilsbekwaamheid en rechtszekerheid?
Antwoord op vraag 7
Op dit moment kan die toelichting nog niet worden gegeven. Met
het notariaat wordt zoals reeds aangegeven verkend voor welke soorten
notariële akten het digitaal passeren geschikt zou zijn. Daarbij staat
voorop, dat het notariaat kan blijven voldoen aan de hoge eisen die nu
worden gesteld aan de rechtszekerheid, integriteit en
betrouwbaarheid.
Vraag 8
Dient er een voorstel tot wijziging van de Wet op het notarisambt te komen om digitaal passeren van (meer of alle) akten mogelijk te maken?
Antwoord op vraag 8
De akte van oprichting van een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (B.V.) kan op grond van de wet al digitaal worden opgericht. Als uit voormeld beleidstraject blijkt dat het wenselijk is voor méér of alle soorten akten het digitaal passeren mogelijk te maken, is wijziging van de Wet op het notarisambt noodzakelijk. Daarnaast zal ook andere wet- en regelgeving moeten worden aangepast.
Vraag 9
Wilt u de Kamer informeren over een concreet tijdpad waarbinnen verdere digitalisering van het notariaat wordt gefaciliteerd en geïmplementeerd?
Antwoord op vraag 9
Verdere digitalisering van het notariaat moet worden beschouwd
in samenhang met de digitaliseringstrajecten van andere organisaties
binnen het juridische domein en de implementatie van Europese
regelgeving, met name de Digitaliseringsverordening en de verordening
‘eIDAS 2.0’ 5). Uw Kamer is door middel van de BNC-fiches hierover reeds
geïnformeerd en wordt daarvan op de hoogte gehouden. Bij een
beleidsreactie op het voornoemde WODC-rapport zal ook nader worden
ingegaan op de ontwikkelingen in het notariaat. De aanbieding van deze
reactie kan naar verwachting nog in het tweede kwartaal
plaatsvinden.
Vraag 10
Op welke wijze betrekt u notarissen, beroepsorganisaties en gebruikers van notariële diensten bij de uitwerking van deze digitaliseringsslag, zodat deze bijdraagt aan zowel verlichting van de werkdruk als behoud van kwaliteit en vertrouwen?
Antwoord op vraag 10
Uiteraard is er vanuit het ministerie regulier contact met de
KNB als publiekrechtelijke beroepsorganisatie voor het notariaat. Hierin
wordt onder meer stilgestaan bij de wensen voor verdere digitalisering
en vormen de werkdruk en behoud van vertrouwen belangrijke
aandachtspunten. Ook is er, zoals onder 9 vermeld, contact met meerdere
organisaties in het juridische domein over digitalisering in het licht
van kwaliteit en vertrouwen in het rechtsverkeer.
NOS, 11 januari 2026; https://nos.nl/artikel/2597813-grote-drukte-bij-notariskantoren-meer-akten-met-minder-notarissen .
Verordening (EU) 2023/2844, PB L, 27.12.2023.
“Een sociaal notariaat? Toegankelijkheid notariële dienstverlening voor burgers en kleine bedrijven”, onderzoek van de Radboud Universiteit in 2024 uitgevoerd in opdracht van het WODC, p. 79-80.
Kamerstukken II 2021/22, 36085, nr. 3, p. 31.
Verordening (EU) 2023/2844, PB L, 27.12.2023 (digitaliseringsverordening) en Verordening (EU) 2024/1183, PB L, 30.4.2024.
Artikel 56 van de Wet op het notarisambt↩︎