[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [šŸ§‘mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [šŸ” uitgebreid zoeken] [wat is dit?]

Advies Afdeling advisering Raad van State van het Koninkrijk en Nader rapport

Regeling van grondslagen voor zelfstandige algemene maatregelen van rijksbestuur die hun gelding dienen te behouden (Rijkswet delegatiegrondslagen artikel 38, tweede lid, Statuut voor het Koninkrijk)

Advies Afdeling advisering Raad van State en Nader rapport

Nummer: 2026D11886, datum: 2026-03-16, bijgewerkt: 2026-03-17 14:17, versie: 2 (versie 1)

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen:

Onderdeel van kamerstukdossier 36910 (R2218)-4 Regeling van grondslagen voor zelfstandige algemene maatregelen van rijksbestuur die hun gelding dienen te behouden (Rijkswet delegatiegrondslagen artikel 38, tweede lid, Statuut voor het Koninkrijk) .

Onderdeel van zaak 2026Z05206:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (šŸ”— origineel)


TWEEDE KAMER DER STATEN-GENERAAL 2
Vergaderjaar 2025-2026
36 910 (R 2218) Regeling van grondslagen voor zelfstandige algemene maatregelen van rijksbestuur die hun gelding dienen te behouden (Rijkswet delegatiegrondslagen artikel 38, tweede lid, Statuut voor het Koninkrijk)
Nr. 4 ADVIES AFDELING ADVISERING RAAD VAN STATE VAN HET KONINKRIJK EN NADER RAPPORT
Hieronder zijn opgenomen het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State d.d. 12 november 2025 en het nader rapport d.d. 10 maart 2026, aangeboden aan de Koning door de staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, mede namens de ministers van Justitie en Veiligheid, van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, van Defensie en van Infrastructuur en Waterstaat. Het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State is cursief afgedrukt.

Blijkens de mededeling van de Directeur van Uw kabinet van 5 september 2025, nr. 2025001954, machtigde Uwe Majesteit de Afdeling advisering van de Raad van State van het Koninkrijk haar advies inzake het bovenvermelde voorstel van rijkswet rechtstreeks aan mij te doen toekomen. Dit advies, gedateerd 12 november 2025, nr. W04.25.00260/I/K, bied ik U hierbij aan.

De tekst van het advies treft u hieronder cursief aan, voorzien van mijn reactie.

Bij Kabinetsmissive van 5 september 2025, no.2025001954, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, mede namens de Minister van Justitie en Veiligheid, de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, de Minister van Defensie en de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, bij de Afdeling advisering van de Raad van State van het Koninkrijk ter overweging aanhangig gemaakt de voorstel van rijkswet houdende regeling van grondslagen voor zelfstandige algemene maatregelen van rijksbestuur die hun gelding dienen te behouden (Rijkswet delegatiegrondslagen artikel 38, tweede lid, Statuut voor het Koninkrijk), met memorie van toelichting.

De Afdeling advisering van de Raad van State van het Koninkrijk heeft geen opmerkingen over het voorstel van rijkswet en adviseert het voorstel in te dienen bij de Tweede Kamer der Staten-Generaal en over te leggen aan de Staten van Aruba, die van CuraƧao en die van Sint Maarten.

De waarnemend vice-president van de Raad van State van het Koninkrijk,

E. Helder

Het ontwerp geeft de Afdeling geen aanleiding tot het maken van inhoudelijke opmerkingen.

Van de gelegenheid is gebruik gemaakt om in de memorie van toelichting te verduidelijken dat alle thans nog geldende algemene maatregelen van rijksbestuur die niet op een wettelijke grondslag berusten hun gelding dienen te behouden. Ook wordt verduidelijkt dat indien een algemene maatregel van rijksbestuur geen voorschriften bevat die met het oog op het primaat van de rijkswetgever in een rijkswet opgenomen dienen te worden, kan worden volstaan met de voorgestelde regeling, waarbij reeds bestaande algemene maatregelen van rijksbestuur ongewijzigd worden gelaten, maar daarvoor in een rijkswet een wettelijke grondslag wordt gecreƫerd.

Ik verzoek U, mede namens de Minister van Justitie en Veiligheid, de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, de Minister van Defensie en de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, het hierbij gevoegde voorstel van rijkswet en de gewijzigde memorie van toelichting aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal, de Staten van Aruba, de Staten van CuraƧao, en de Staten van Sint Maarten te zenden.

De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

E. van der Burg